Debat implementatie VN-verdrag rechten mensen met een beperking

22 december 2022, debat - De Kamer debatteert met minister Helder (Langdurige Zorg) over de implementatie van het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking.

Het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap uit 2006 geldt vanaf 2016 in Nederland. De bedoeling ervan is dat de positie van de naar schatting 2 miljoen Nederlanders met een beperking verbetert. Met het programma Onbeperkt meedoen! stimuleert de overheid dat deze groep meer en naar eigen wens en vermogen kan meedoen aan de samenleving.

Weinig vooruitgang?

De Kamer sprak op 19 december 2019 ook over de uitvoering van het VN-verdrag. Maar wat zijn we sinds die tijd opgeschoten? Hijink (SP) stelt vast dat er veel mooie woorden worden gesproken, maar dat er te weinig vooruitgang, soms zelfs achteruitgang valt te zien in de praktijk. Mensen met een beperking krijgen te maken met groeiende armoede en de toegang tot zorg is vaak onvoldoende.

Westerveld (GroenLinks) heeft in haar initiatiefnota Ons land is beperkt 71 concrete voorstellen gedaan om mensen met een beperking meer te laten meedoen in de samenleving. Maar regeringsmaatregelen, zoals inkomensafhankelijke bijdragen en het afzwakken van de re-integratieverplichting voor werkgevers, zorgen er volgens haar juist voor dat de positie van deze groep verslechtert.

Het beleid is vaag en heeft te weinig ambitie, vindt Van der Plas (BBB). Daarom pleit ze voor concrete cijfers, doelen en evaluaties. Ook oppert ze dat een ombudsman kan bijdragen aan verbetering van de positie van mensen met een beperking.

Minister Helder wil meer tempo gaan maken om de positie van mensen met een beperking te verbeteren. Daartoe heeft ze Guusje ter Horst aangesteld als bestuurlijk aanjager. Ook is er een spiegelgroep die bestaat uit ervaringsdeskundigen.

Toegankelijkheid

We moeten meer doen om de toegankelijkheid te vergroten, betoogt Raemakers (D66). Daarbij gaat het voor hem om de toegankelijkheid van het openbaar vervoer, maar ook van de communicatie van de overheid. Het gebruiken van begrijpelijke taal en pictogrammen kan mensen met een verstandelijke beperking helpen om overheidsinformatie goed te begrijpen.

Dat mensen met een beperking de kans moeten krijgen om hun talenten te ontwikkelen, was voor De Kort (VVD) een reden om de politiek in te gaan. De overheid moet volgens hem het goede voorbeeld geven, bijvoorbeeld met het op orde brengen van de toegankelijkheid bij nieuwbouw of renovatie van gebouwen.

We moeten niet alleen fysieke drempels slechten, zegt Van der Staaij (SGP), maar ook als samenleving mensen met een beperking het gevoel geven dat ze daar een volwaardig lid van zijn. Onze samenleving wordt er rijker van als iedereen, met welke beperking dan ook, erbij hoort en meedoet, zo sluit Bikker (ChristenUnie) zich daarbij aan.

Facultatief protocol en nationale strategie

Bij het VN-verdrag hoort een zogenaamd facultatief protocol, dat Nederland nog niet heeft geratificeerd. Dit regelt onder andere dat mensen het VN-comité in Geneve een uitspraak kunnen vragen over hun rechten.

Waarom heeft de regering nog niet de stap gezet om ook het facultatief protocol te ondertekenen? Mohandis (PvdA) denkt dat dit mensen met een beperking zou helpen om hun recht te halen. Het kabinet is hierover in gesprek, reageert Helder, en wil op korte termijn, uiterlijk in het voorjaar van 2023, besluiten over ratificatie.

Ook Werner (CDA) dringt aan op het snel ratificeren van het facultatief protocol. Daarnaast zou er volgens haar een meerjarige, nationale strategie moeten komen om de achterstelling en uitsluiting van mensen met een beperking op te heffen.

De minister reageert positief op het idee van een nationale strategie. Ze komt nog met een schriftelijke reactie, waarbij ze ook de initiatiefnota van Westerveld zal betrekken.

De Kamer stemt op 22 december over de tijdens het debat ingediende moties.

Zie ook:

Naar boven