Amendement : Amendement van de leden Van Eijk en Vermeer over het uitbreiden van de vrije ruimte in de werkkostenregeling
36 602 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2025)
Nr. 93
AMENDEMENT VAN DE LEDEN VAN EIJK EN VERMEER
Ontvangen 12 november 2024
De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:
I
In artikel I wordt na onderdeel L een onderdeel ingevoegd, luidende:
La
In artikel 5.13 wordt «€ 30.000» vervangen door «€ 26.000» en wordt «€ 60.000» vervangen
door «€ 52.000».
II
In artikel I wordt na onderdeel Q een onderdeel ingevoegd, luidende:
Qa
In artikel 8.19, tweede lid, wordt «0,7%» vervangen door «0,1%».
III
Aan artikel III worden twee onderdelen toegevoegd, luidende:
D
Afdeling 5.3 vervalt.
E
Artikel 8.19 vervalt.
IV
In artikel VIII, onderdeel E, wordt na onderdeel 1 een onderdeel ingevoegd, luidende:
1a. In het derde lid, onderdeel a, wordt «1,92%» vervangen door «2%».
V
Artikel X, onderdeel D, wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de aanduiding «2.» geplaatst en in de tekst wordt «artikel 31a,
achtste en negende lid,» vervangen door «het achtste en negende lid».
2. Voor onderdeel 2 (nieuw) worden een aanhef en een onderdeel ingevoegd, luidende:
Artikel 31a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het derde lid, onderdeel a, wordt «2%» vervangen door «2,16%».
Toelichting
Indieners zijn van mening dat werken meer moet lonen. Goed werkgeverschap is hierin
een belangrijke schakel. Met dit amendement krijgen werkgevers in het mkb meer fiscale
ruimte voor goed werkgeverschap. Door uitbreiding van de vrije ruimte in de Werkkostenregeling
kunnen mkb-werkgevers bijvoorbeeld makkelijker een gezonde lunch, sportabonnement
of thuiswerkvergoeding aanbieden. Indiener kiest voor een verhoging in de eerste schijf
van de Werkkostenregeling, tot een loonsom van € 400.000. Structureel leidt dit tot
een voordeel voor werkgevers van ongeveer € 960 per jaar, waarvan het voordeel voornamelijk
bij het mkb ligt.
Als dekking is gekozen voor het verlagen van de heffingskorting groen beleggen en
de vrijstelling groen beleggen in Box 3. Indiener is van mening dat dit past bij de
ambitie van dit kabinet om het aantal fiscale regelingen te verminderen.
Inhoudelijke toelichting
De werkkostenregeling (WKR) is de regeling in de loonbelasting voor de behandeling
van vergoedingen en verstrekkingen die door de werkgever aan de werknemer worden gegeven
in het kader van de dienstbetrekking. Werkgevers kunnen hierbij zelf bepalen in welke
mate en voor welke vergoedingen zij de vrije ruimte willen benutten, voor zover dit
gebruikelijk is.1 De vrije ruimte bedraagt op grond van artikel 31a, derde lid, van de Wet op de loonbelasting
1964 (Wet LB 1964) 1,92% van – kort gezegd – de fiscale loonsom tot en met € 400.000
plus 1,18% van het restant van die loonsom. Als de vrije ruimte wordt overschreden,
is de inhoudingsplichtige een eindheffing van 80% verschuldigd over deze overschrijding.
Deze berekening vindt plaats per inhoudingsplichtige, tenzij inhoudingsplichtigen
de concernregeling van artikel 32 Wet LB 1964 toepassen. Met dit amendement wordt
voorgesteld om per 1 januari 2025 het percentage van de eerste schijf van de vrije
ruimte te verhogen van 1,92% naar 2%. Daarnaast wordt voorgesteld om per 1 januari
2027 het percentage van de eerste schijf van de vrije ruimte te verhogen van 2% naar
2,16%.
Met dit amendement wordt ten tweede – als dekkingsmaatregel – voorgesteld zowel de
box 3-vrijstelling groene beleggingen als de heffingskorting groene beleggingen te
verlagen per 1 januari 2025 en zowel de vrijstelling als de heffingskorting te laten
vervallen per 1 januari 2027. Op dit moment zijn er twee regelingen voor particulieren
om groene beleggingen (groene spaartegoeden en andere groene bezittingen) te stimuleren,
namelijk een box 3-vrijstelling en een heffingskorting over het vrijgestelde deel
van de groene beleggingen. De heffingskorting groene beleggingen bedraagt 0,7% van
het op 1 januari van het betreffende belastingjaar in box 3 vrijgestelde bedrag aan
kwalificerende bezittingen van de belastingplichtige(n). Op grond van het amendement
Inge van Dijk/Erkens2 bij de Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2024 wordt de box 3-vrijstelling
groene beleggingen verlaagd tot € 30.000 (voor partners € 60.000) met ingang van 1 januari
2025. Dit bedrag wordt vervolgens per 1 januari 2025 geïndexeerd. Op grond van het
onderhavige amendement wordt met ingang van 1 januari 2025 de box 3-vrijstelling groene
beleggingen verder verlaagd met € 4.000 tot € 26.000 (voor partners € 52.000) (eveneens
voorafgaande aan indexatie) en wordt de heffingskorting groene beleggingen met 0,6%-punt
verlaagd tot 0,1% van het op 1 januari van het betreffende belastingjaar in box 3
vrijgestelde bedrag aan kwalificerende bezittingen van de belastingplichtige(n). Daarnaast
worden – zoals gezegd – op grond van dit amendement de box 3-vrijstelling groene beleggingen
en de heffingskorting groene beleggingen afgeschaft per 1 januari 2027.
Het kabinet wordt verzocht de verwijzingen naar groen beleggen in andere bepalingen
uiterlijk per 1 januari 2027 aan te passen.
Budgettaire gevolgen
Het verhogen van de eerste schijf van de vrije ruimte van de WKR van 1,92% naar 2%
per 2025 kost € 20 miljoen per jaar. Vanaf 2027 wordt met dit amendement het percentage
in de eerste schijf verder verhoogd tot 2,16%, wat leidt tot een totale budgettaire
derving van € 59 miljoen per jaar. Bij de raming van het verhogen van de eerste schijf
van de vrije ruimte wordt aangenomen dat werkgevers de arbeidsvoorwaarden zodanig
wijzigen dat de aanvullende vrije ruimte volledig wordt benut.
De wens van de indieners zowel de box 3-vrijstelling groene beleggingen als de heffingskorting
groene beleggingen te verlagen, levert zowel in 2025 als in 2026 € 20 miljoen op.
De afschaffing van zowel de box 3-vrijstelling groene beleggingen als de heffingskorting
groene beleggingen met ingang van 1 januari 2027 levert structureel € 59 miljoen op.
Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat zoals gebruikelijk geen rekening is gehouden
met mogelijke wijzigingen die voortvloeien uit een toekomstig stelsel.
Tabel: Budgettaire gevolgen (miljoen euro, + is saldoverbeterend/lastenverzwarend)
Maatregel
2025
2026
2027
Struc = 2027
Verlagen vrijstelling en heffingskorting groene beleggingen
20
20
59
59
Verhogen percentage eerste schijf vrije ruimte (WKR)
– 20
– 20
– 59
– 59
Totaal
0
0
0
0
Van Eijk Vermeer
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Wendy van Eijk, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Henk Vermeer, Tweede Kamerlid