Plenair verslag

Tweede Kamer, 1e vergadering
Dinsdag 21 september 2021

  • Aanvang 15:00 uur
  • Sluiting 15:07 uur
  • Status Ongecorrigeerd

Opening

Voorzitter: Bergkamp

Aanwezig zijn 140 leden der Kamer, te weten:

Aartsen, Agema, Alkaya, Amhaouch, Arib, Azarkan, Van Baarle, Baudet, Becker, Beckerman, Belhaj, Van den Berg, Bergkamp, Van Beukering-Huijbregts, Bikker, Bisschop, Martin Bosma, Boswijk, Bouchallikh, Boucke, Boulakjar, Brekelmans, Bromet, Van Campen, Ceder, Dassen, Tony van Dijck, Gijs van Dijk, Inge van Dijk, Jasper van Dijk, Eerdmans, El Yassini, Ellemeet, Ellian, Ephraim, Eppink, Erkens, Van Esch, Fritsma, Geurts, Van Ginneken, Grinwis, Peter de Groot, Tjeerd de Groot, Gündoğan, Den Haan, Van Haga, Hagen, Hammelburg, Harbers, Rudmer Heerema, Pieter Heerma, Heinen, Hermans, Hijink, Van den Hil, Hoekstra, De Hoop, Van Houwelingen, Idsinga, Jansen, Jetten, Léon de Jong, Romke de Jong, Kaag, Kamminga, Kat, Kathmann, Keijzer, Van Kent, Kerseboom, Klaver, Klink, Koekkoek, Koerhuis, Kops, De Kort, Kuik, Kuiken, Kuzu, Kwint, Van der Laan, Van der Lee, Leijten, Maatoug, Madlener, Maeijer, Marijnissen, Markuszower, Van Meenen, Van Meijeren, Michon-Derkzen, Minhas, Agnes Mulder, Edgar Mulder, De Neef, Nijboer, Van Nispen, Omtzigt, Ouwehand, Palland, Paternotte, Paul, Paulusma, Peters, Piri, Ploumen, Podt, Pouw-Verweij, Van Raan, Raemakers, Rajkowski, De Roon, Schouten, Segers, Simons, Sjoerdsma, Smals, Sneller, Snels, Van der Staaij, Stoffer, Van Strien, Strolenberg, Tellegen, Teunissen, Thijssen, Tielen, Valstar, Verkuijlen, Vestering, Aukje de Vries, Wassenberg, Van Weerdenburg, Van der Werf, Werner, Westerveld, Van Wijngaarden, Van der Woude en Wuite,

en de heer Hoekstra, minister van Financiën.

De voorzitter:
Ik open de vergadering van de Tweede Kamer van dinsdag 21 september 2021.

Aanbieding Prinsjesdagstukken door de minister van Financiën

Aanbieding Prinsjesdagstukken door de minister van Financiën

Aan de orde is de aanbieding van de Prinsjesdagstukken door de minister van Financiën.

De voorzitter:
Beste Kamerleden, minister van Financiën, de mensen op de publieke tribune en de kijkers thuis, vandaag krijgen we als Tweede Kamer officieel de Miljoenennota en de rijksbegroting voor volgend jaar uitgereikt. Dit jaar is Prinsjesdag helaas anders dan we gewend zijn, onder andere door de coronaregels. We hebben dat net ook gezien. Zo is er minder publiek. Ik hoop dat we volgend jaar weer een normale Prinsjesdag kunnen hebben met veel mensen. Gelukkig kunnen mensen online, via de televisie en via Instagram wel alles volgen. Ik vind het daarom ook heel leuk dat Imane Valk vandaag aanwezig is. Ze zit in de loge. Een speciaal welkom. Haar grootste hobby is misschien wel politiek. Zij vertegenwoordigt jongeren en de betrokkenheid van jongeren bij de politiek. Via de hashtag Prinsjesdagreporter doet zij vandaag met drie andere jongeren verslag van deze bijzondere dag. Ik vind het heel leuk dat zo veel jongeren geïnteresseerd zijn in de politiek. Imane, heel fijn dat je er vandaag bij bent.

Vorige week mocht ik ook de Kindermiljoenennota in ontvangst nemen. Ik heb toen een bijzonder verzoek gekregen van de mensen die dat aan mij overhandigden, namelijk of de minister van Financiën ook een reactie kan geven op de Kindermiljoenennota, dus bij dezen.

Dan gaan we nu over naar de aanbieding van de begroting voor het jaar 2022. Ik geef het woord aan de minister van Financiën.

De heer Hoekstra (CDA):
Mevrouw de voorzitter, dank u wel. Iedereen die ooit een vak economie heeft gevolgd, kent wel het begrip "homo economicus". Dat gaat over de calculerende mens die rationele keuzes maakt en over een economie die transactioneel is, gericht op het maximaliseren van nut. Diezelfde economiestudent weet vast wel dat er over deze visie binnen en buiten de wetenschap al langer vragen worden gesteld, dat theorie en praktijk heel verschillend kunnen uitpakken en dat de economie niet voor niks — ik zeg dat met het grootst mogelijke respect voor alle economen die ons land rijk is — geen exacte wetenschap is.

Maar als er één periode is waarin we heel nadrukkelijk hebben gezien dat wij mensen niet sec als homo economicus door het leven gaan, dan is het de afgelopen anderhalf jaar. Tijdens de coronacrisis zagen we mensen die geen beslissingen namen uit eigenbelang, maar omdat ze er voor elkaar wilden zijn. We kennen de voorbeelden allemaal. Denk aan de psycholoog die een bel-me-welregister begon voor mensen die zich eenzaam voelden. Denk aan de Amsterdammer die laptops regelde voor kinderen die er thuis geen hadden, maar wel huiswerk moesten maken. Denk aan de vele vrijwilligers die naast een fulltimebaan 's avonds meehielpen in de zorg toen de druk daar het allerhoogst was. Denk aan de juf van groep 3 die tijdens de schoolsluiting bij al haar leerlingen langsfietste toen zij alle letters hadden geleerd. Zo kon ze met ieder van hen apart en op afstand toch het grote letterfeest vieren. En denk aan al die mensen die trouw bij hun favoriete restaurant afhaaldiners kochten en thuis opwarmden. Het haalt het natuurlijk niet bij uit eten gaan, maar Nederlanders deden het ook om iets anders: om hun eigen horeca te steunen. Het zijn allemaal voorbeelden die ver afstaan van de calculerende mens die bezig is met eigenbelang.

Dat deed me terugdenken aan een gesprek dat ik had met de theoloog Paul van Geest. Hij is een bijzondere samenwerking begonnen met de econoom Lans Bovenberg vanuit de gedachte dat de theologie en de economie elkaar wellicht iets kunnen leren. Deze hoogleraren stellen dat we niet, of niet uitzonderlijk of niet uitsluitend, als een homo economicus, maar ook als een homo cooperans door het leven gaan en dat onze economie in belangrijke mate niet transactioneel maar relationeel is. In het afgelopen anderhalf jaar was dat voor ons allen in Den Haag zichtbaarder dan voorheen. De plannen die wij hier in Den Haag maakten en accordeerden, hadden à la minute impact op het leven van heel veel Nederlanders. Cijfers op de begroting maakten dat ondernemers de winter door konden komen en dat mensen hun baan behielden. Ratio en emotie, beleid en praktijk: ze waren nog meer verbonden dan anders. We zagen het in de samenleving toen bleek hoezeer wij voor elkaar klaarstaan in moeilijke tijden. We zagen het in de voorbeelden die ik net noemde van de juf, de vrijwilligers, de psycholoog en al die anderen. Het zijn voorbeelden van mensen die elkaar helpen, die veerkrachtig zijn en die er in lastige omstandigheden het beste van maken, voorbeelden die vertrouwen bieden in de toekomst.

Mevrouw de voorzitter. Waar brengt ons nu die combinatie van veerkracht in de samenleving, van aanpassingsvermogen in het bedrijfsleven, van de steunpakketten van de overheid en van de samenwerking die we in het hele land hebben gezien? De begroting laat zien dat het ons in ieder geval brengt bij een nabije toekomst die er op economisch gebied opvallend goed uitziet. Als ik eerlijk ben, hadden we hier een jaar geleden blind voor getekend. Door het aanpassingsvermogen van ondernemers en van de samenleving als geheel, door de ongekende steunpakketten van in totaal ruim 80 miljard euro en doordat wij elkaar en noodlijdende bedrijven steunden in moeilijke tijden, zijn er meer vacatures dan werklozen, bleef het aantal faillissementen historisch laag, groeit de economie en staan ook de overheidsfinanciën er beter voor dan eerder voorzien.

Mevrouw de voorzitter. Tegelijkertijd zijn dat cijfers die niet altijd iets zeggen over de individuele levens van mensen. Mensen die door corona een naaste hebben verloren, die last hebben van de naweeën van de ziekte, die inkomsten zijn kwijtgeraakt of die worstelen met nog geldende maatregelen: voor hen is het oude normaal nog niet terug. Dat wij voor onze welvaart en ons welzijn van meer afhankelijk zijn dan alleen van de stand van de economie, heeft corona ons wel doen inzien. We zijn de afgelopen zomer ook op andere manieren allemaal met onze neus op de feiten gedrukt. Met de verschrikkelijke moord op Peter R. de Vries werd er ook een brute aanslag gepleegd op onze rechtsstaat. De opmars van de taliban in Afghanistan laat zien hoe snel de situatie in een land kan omslaan en dat dat enorme gevolgen heeft voor de inwoners. Er waren overstromingen in West-Europa en bosbranden in Zuid-Europa, de Verenigde Staten en Siberië. Hoewel die niet uniek zijn in onze tijd, is tegelijkertijd de conclusie onontkoombaar dat klimaatverandering geen probleem is van morgen, maar van vandaag.

Mevrouw de voorzitter. Al die ontwikkelingen tonen dat onze veiligheid niet vanzelfsprekend is en maken misschien ook wel onzeker over de toekomst. Hoewel een demissionair kabinet zich normaliter terughoudend opstelt, kan een aantal problemen wat het kabinet betreft niet wachten. Daarom doet het kabinet in deze Miljoenennota gerichte investeringen. Zo geven we onder meer geld uit om klimaatverandering verder tegen te gaan. We investeren in de aanpak van criminaliteit en in de bescherming van bedreigde personen. Vanwege de krapte op de woningmarkt vinden we het noodzakelijk om geld uit te geven voor de bouw van nieuwe woningen. Want voor al deze kwesties geldt: hoe langer je wacht, hoe groter het probleem.

Mevrouw de voorzitter. Het zijn dus zaken waar wij vandaag mee aan de slag moeten voor het land waarin we morgen willen leven. Ik hoop dat we daarbij kunnen vasthouden aan wat we allemaal hebben laten zien in coronatijd, namelijk een veerkrachtige samenleving waarin we samenwerken en omkijken naar de ander. Als we dat nou kunnen voortzetten, dan heb ik er alle vertrouwen in dat we de toekomstige uitdagingen samen aankunnen.

Mevrouw de voorzitter. Dan rest mij nog om hierbij de Miljoenennota 2022 aan te bieden. Dan ga ik de reactie, ook op de dingen die wij van de kinderen hebben gekregen, straks in de pers doen, met uw goedvinden. Dank u wel.

(De Miljoenennota 2022 en het Blauwe Boekje worden door de bode aan de Voorzitter overhandigd.)

De voorzitter:
Ik dank de minister van Financiën voor het aanbieden van de begroting voor het jaar 2022.

Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:
Ik heb nog een aantal mededelingen.

Ik stel voor als commissies bedoeld in artikel 7.19, tweede lid, en artikel 7.22, derde lid, van het Reglement van Orde aan te wijzen:

  • de commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten;
  • de commissie voor de Werkwijze;
  • de commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven;
  • de commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven.

Ik stel voor de Miljoenennota, de Najaarsnota en de Voorjaarsnota in handen te stellen van de vaste commissie voor Financiën.

Voorts stel ik voor de voorstellen van begrotingswetten, alsmede de ontwerpslotwetten met de rapporten bij de rekening van de Algemene Rekenkamer en de suppletoire begrotingsvoorstellen naar aanleiding van de Voorjaarsnota en de Najaarsnota in handen van de desbetreffende vaste commissies te stellen.

Ik stel voor dat:

  • de begrotingshoofdstukken I, IIA, IIB en IIIA tot en met C en de begrotingen van het Gemeentefonds en het Provinciefonds in handen worden gesteld van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken;
  • de begroting van het Infrastructuurfonds en van het Deltafonds in handen worden gesteld van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat;
  • de begroting van het Defensiematerieelfonds (K) in handen wordt gesteld van de vaste commissie voor Defensie.

Ten slotte stel ik voor de wetsvoorstellen samenhangende met het Belastingplan in handen te stellen van de vaste commissie voor Financiën.

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:
Zoals eerder besloten, start de Kamer morgen — ik kijk even — om 10.15 uur met de Algemene Politieke Beschouwingen. Ik zie iedereen, in ieder geval de woordvoerders, morgen terug in deze Kamer. Dank u wel voor uw aanwezigheid. Nogmaals dank aan de minister van Financiën, de mensen op de publieke tribune en de kijkers thuis.

Sluiting

Sluiting 15.07 uur.