In 2013 en 2014 loodsten Kamerleden van GroenLinks, PvdA en D66 het initiatiefwetsvoorstel om het correctief referendum in de Grondwet op te nemen door zowel de Tweede als de Eerste Kamer. Maar een grondwetswijziging moet altijd twee keer worden behandeld.

De partijen van de oorspronkelijke indieners denken ondertussen anders over het correctief referendum, vooral omdat hun leden er kritisch over zijn. Inmiddels heeft SP'er Van Raak bij de tweede lezing de rol van initiatiefnemer op zich genomen. Anders had minister Plasterk (Binnenlandse Zaken) het wetsvoorstel moeten verdedigen, terwijl die er eerder neutraal over had geadviseerd.

Kritiek op oorspronkelijke indieners

Waarom verdedigen D66, GroenLinks en PvdA hun initiatiefwetsvoorstel niet in tweede lezing? Leijten (SP) vindt dat deze fracties hun plicht verzaken. Ongeloofwaardig, is het oordeel van Baudet (FvD). Bosma (PVV) en Krol (50PLUS) beschuldigen ze van "demofobie": angst voor de mening van de burger.

Het is belangrijk dat burgers meer worden betrokken bij politieke besluitvorming, zegt Özütok (GroenLinks), maar het is onverstandig om met een simpel ja of nee een streep door een wetsvoorstel te zetten. De noodrem van het correctief referendum kan ervoor zorgen dat alles stil komt te staan.

De steun binnen de partij voor een correctief referendum is weggevallen, stelt PvdA'er Van Dijk vast: de fractie moet dat respecteren.

D66 is nog steeds voorstander van correctieve bindende referenda om burgers meer invloed te geven, benadrukt Jetten, maar dan wel onder bepaalde voorwaarden. Dat het initiatiefwetsvoorstel geen uitzondering maakt voor internationale verdragen, is voor zijn fractie reden om tegen te stemmen.

Minderheid vóór referendum

Het grote manco van de representatieve democratie is dat er compromissen worden gesloten waarin mensen zich niet meer herkennen, betoogt Leijten. Invoering van een correctief bindend referendum geeft burgers een instrument om de politiek bij te sturen. Het is daarom een goede aanvulling op de vertegenwoordigende democratie, zegt Van Raak. Bosma is het daarmee eens.

Het initiatiefwetsvoorstel is volgens Krol een goede stap op weg naar het Zwitserse model. Daar kunnen burgers zich vier keer per jaar uitspreken in referenda.

Baudet beschouwt invoering van het correctief referendum als een middel om de invloed van het partijkartel terug te dringen en de macht van de partijelites te doorbreken.

VVD, CDA en SGP blijven tegen

Een referendum doet geen recht aan de open democratie, de kiezer of aan het oplossen van problemen, zegt Koopmans (VVD). Volgens hem past het politici niet om moeilijke onderwerpen terug te geven aan de kiezers. Een referendum belemmert bovendien evenwichtige besluitvorming.

Bruins Slot (CDA) stelt dat het referendum niet past in de vertegenwoordigende democratie. Het is volgens haar aan volksvertegenwoordigers om een zorgvuldige afweging te maken. Een referendum leidt bovendien tot een simplificatie van de werkelijkheid.

Invoering van een referendum ondergraaft de representatieve democratie, betoogt Van der Staaij (SGP). De ervaringen met raadgevende referenda laten zien dat die het onbehagen over de politiek eerder versterken dan wegnemen.

De Kamer stemt na het aantreden van een nieuw kabinet over het initiatiefwetsvoorstel.

Zie ook:

  • Het overzicht van de laatste debatten in het kort

  • De geredigeerde woordelijke verslagen van Kamervergaderingen (het stenogram). Deze zijn maximaal vier uur na het uitspreken beschikbaar.

  • Kijk het debat terug via Debat Gemist