De Wet natuurbescherming, die per 2017 in werking is getreden, wordt met dit wetsvoorstel onderdeel van de Omgevingswet. Volgens de bewindslieden worden de normen en de instrumenten overgeheveld zonder afbreuk te doen aan het beschermingsniveau.

Natuur is een wezenlijk onderdeel van de leefomgeving, zegt minister Schouten, en wordt voortaan direct betrokken bij de opstelling van beleidsvisies en bij besluiten van gemeenten, provincies en Rijk.

Weverling (VVD) is blij met het wetsvoorstel, want met de overgang naar de Omgevingswet krijgen gemeenten en provincies meer verantwoordelijkheid voor de fysieke leefomgeving. Met Von Martels (CDA), De Groot (D66) en Bisschop (SGP) vraagt hij de ministers om de lagere overheden te steunen bij het delen van kennis en kunde, zodat zij hun taken goed kunnen uitoefenen.

Beleidsneutraal?

Minister Ollongren benadrukt de beleidsneutraliteit bij de overgang naar de Omgevingswet. De juridische vormgeving is anders, maar inhoudelijk zijn er geen wijzigingen, aldus de minister.

Bromet (GroenLinks) betwijfelt of de overgang wel beleidsneutraal is. Zij ziet meer vrijheid voor provincies en gemeenten. Bepaalde begrippen uit de Wet natuurbescherming moeten van haar terugkomen in de Omgevingswet zelf en niet in de besluiten ter uitwerking van die wet.

Om de bescherming van de natuur op gelijk niveau te houden, wil De Groot (D66) dat natuur net als water en lucht als omgevingswaarde in de Omgevingswet wordt opgenomen. Daarvoor kunnen volgens hem concrete normen worden opgesteld.

Van Gerven (SP) en Bromet (GroenLinks) vragen aandacht voor het Natuurnetwerk Nederland, het netwerk van natuurgebieden. De regels daarvoor worden volgens hen duidelijk afgezwakt. Daar is geen sprake van, reageert Ollongren. Aanwijzingen dat provincies het Natuurnetwerk Nederland niet goed zouden beschermen heeft zij niet.

Beschermen en benutten

In de Omgevingswet staat de balans tussen beschermen en benutten centraal, betoogt Ollongren. Dat is Van Kooten (PvdD) niet genoeg: we moeten onze omgang met de natuur fundamenteel herzien. Zij heeft er geen vertrouwen in dat de bescherming van natuur boven de benutting ervan zal worden gesteld.

Moorlag (PvdA) maakt zich zorgen over de voortdurende achteruitgang van natuur en biodiversiteit. Beleidskeuzes die daaraan schade toebrengen, moeten voortaan door overheden duidelijker worden gemotiveerd, vindt hij. Maar minister Schouten vindt een aparte motivatieplicht onnodig, want de wetgeving sluit aan op datgene wat Europees verplicht is.

In Nederland schieten we soms door met de bescherming van soorten en leefgebieden, meent Von Martels (CDA). Hij bepleit een betere balans tussen de belangen van natuur en van economie, en vraagt onder meer aandacht voor boeren die schade lijden door onvoldoende wildbeheer.

Madlener (PVV) legt de nadruk op het belang van natuur voor het geluk van mensen. Daarom wil hij geen windmolens en zonneparken in natuurgebieden, want die zijn een bedreiging voor vogels en vleermuizen en "verpesten de sfeer en beleving".

Jacht

Er moet een einde komen aan de plezierjacht, vindt Van Gerven (SP). Daar is Van Kooten (PvdD) het mee eens. Zij wil ook het jagen in het broed- en zoogseizoen verbieden. Minister Schouten zegt dat er gejaagd mag worden op soorten met een zogenoemde gunstige staat van instandhouding: haas, konijn, fazant, houtduif en wilde eend. De overgang naar de Omgevingswet verandert daar niets aan.

Bisschop (SGP) ziet verantwoorde jacht als een vorm van natuurbeheer om de wildstand op niveau te houden. Hij wil een betere aanpak van "ecoterreur". Dat is zijn omschrijving van de manier waarop jagers in Nederland soms worden bejegend.

Bij de enquĂȘte over de ervaringen met jacht, populatiebeheer en schadebestrijding moeten van Weverling (VVD), Von Martels (CDA) en Bisschop (SGP) ook terreinbeherende organisaties, particuliere grondbezitters, boeren, wildbeheereenheden en jagers worden betrokken.

De Kamer stemt op 2 juli over het wetsvoorstel en de ingediende moties.

Zie ook:

  • Het overzicht van de laatste debatten in het kort
  • De geredigeerde woordelijke verslagen van Kamervergaderingen (het stenogram). Deze zijn maximaal vier uur na het uitspreken beschikbaar.
  • Kijk debatten terug via Debat Gemist