Brief regering : Publicatie Tijdelijke regeling werkloosheidsvoorziening BES
26 448 Structuur van de uitvoering werk en inkomen (SUWI)
Nr. 902
BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 9 juli 2026
Met deze brief informeer ik uw Kamer over de Tijdelijke regeling werkloosheidsvoorziening
BES (Tijdelijke regeling WV BES) waarmee een werkloosheidsuitkering wordt geïntroduceerd
voor burgers in Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Deze werkloosheidsregeling voor Caribisch
Nederland is op 8 juli 2026 gepubliceerd in de Staatscourant en treedt met ingang
van 1 januari 2027 in werking. Het doel van de Tijdelijke regeling WV BES is het bieden
van een kortdurend vangnet bij onvrijwillige werkloosheid, om acute inkomensgevolgen
van baanverlies op te vangen. Werknemers in Caribisch Nederland die buiten hun schuld
hun baan verliezen, kunnen aanspraak maken op een loongerelateerde uitkering gedurende
maximaal drie maanden. In deze brief neem ik uw Kamer mee in de overwegingen die ik
heb gemaakt bij het opstellen van deze ministeriële regeling.
Inleiding
Werknemers in Caribisch Nederland moeten in een periode van werkloosheid zelf financieel
zien rond te komen. Wanneer deze werknemers (gezins)inkomen en/of vermogen hebben,
komen zij niet altijd voor een uitkering op grond van het Besluit onderstand BES in
aanmerking. Voor de Centraal Dialoog Bonaire was dit aanleiding om in het «Akkoord
van Kralendijk» van 16 april 2021 een concreet voorstel voor een «werkloosheidswet
Caribisch Nederland» te doen. Mijn ambtsvoorganger, de toenmalige Minister voor Armoedebeleid,
Participatie en Pensioen, heeft invoering van een werkloosheidsregeling onder meer
aangekondigd in de Kamerbrief van 12 juli 20231 en betrokken bij bestuurlijke afspraken met de bestuurscolleges van Bonaire, Sint
Eustatius en Saba2. In de brief van 21 november 2025 aan uw Kamer van de voormalig Staatssecretaris
van mijn ministerie is eveneens aangekondigd dat de werkloosheidsregeling voor Caribisch
Nederland in het eerste kwartaal 2026 voor consultatie zou worden uitgezet.3
Comply of explain
De ambtelijke voorbereiding om een werkloosheidsuitkering voor Caribisch Nederland
te realiseren, heeft tijd gekost. Hierbij hebben meerdere factoren een rol gespeeld.
Ik wil uw Kamer graag schetsen hoe dat proces is verlopen en wat de achtergrond is
van de keuzes die zijn gemaakt bij het tot stand komen van deze tijdelijke ministeriële
regeling.
De Werkloosheidswet (WW), zoals die geldt in Europees Nederland, is het startpunt
geweest bij het nadenken over het vormgeven van een werkloosheidsuitkering voor burgers
in Caribisch Nederland. De WW is een complexe wet, niet alleen voor de burger, maar
ook voor de uitvoering.4 Om het recht op WW-uitkering van een werknemer vast te stellen en de duur van die
uitkering te berekenen, zijn meerdere gegevens nodig van de werknemer en het beëindigde
dienstverband. Zo speelt bij de WW het opgebouwde arbeidsverleden van de werknemer
een grote rol bij het bepalen van de duur van de uitkering.
Uitgangspunt Europees Nederlandse WW
Bij het verkennen van de mogelijkheden voor een werkloosheidswet voor Caribisch Nederland,
die in hoge mate overeenkomt met de Europees Nederlandse WW, bleken er meerdere (te)
grote uitdagingen. Zo is er in Caribisch Nederland (nog) geen database – zoals de
polisadministratie – waarin van alle werknemers in Europees Nederland informatie over
loon, uitkeringen en arbeidscontracten is opgenomen. Het ontbreken van zo’n register
in Caribisch Nederland maakt het lastig om een werkloosheidsuitkering, gelijk aan
de Europees Nederlandse WW, uit te voeren.
Bij het ontvangen van een werkloosheidsuitkering is een activeringsplicht voor uitkeringsgerechtigden
en controle hierop gewenst. Het opleggen van een maatregel (een korting op de uitkering)
bij het niet nakomen van de sollicitatieplicht, maakt de uitvoering van de regeling
ingewikkeld. Het is de vraag of in de praktijk een dergelijke activeringsmaatregel
nodig is. Ik verwacht dat werknemers die hun baan zijn verloren, gericht zijn op het
vinden van een nieuwe baan.
Bij een werknemersverzekering hoort in beginsel premiebetaling, de kosten van de uitkering
voor werkloosheid wordt gedragen door werkgevers (en werknemers). Gezien de nog vrij
recente verhoging van het wettelijk minimumloon en de hoge kosten voor werkgevers
is door meerdere partijen in Caribisch Nederland aangegeven dat een verhoging van
de werkgeverspremie bezwaarlijk is.
Uitgangspunt eenvoud
Op basis hiervan is gekeken naar de vormgeving van een werkloosheidsregeling die binnen
relatief korte termijn haalbaar is. Het uitgangspunt is dat die werkloosheidsregeling
zo eenvoudig mogelijk moet zijn, niet alleen voor de burgers maar ook voor de uitvoering.
Gekozen is voor een tijdelijke regeling, op basis waarvan een kortdurende uitkering
kan worden gegeven aan werknemers die hun baan verliezen. Hiermee wordt voorkomen
dat werknemers die werkloos worden meteen in financiële problemen komen. Het is een
ministeriële regeling gebaseerd op de Kaderwet SZW-subsidies en wordt gefinancierd
uit algemene middelen.
De Tijdelijke regeling WV zal gelden tot uiterlijk 1 januari 2032. Daarna wordt deze
tijdelijke regeling volgens plan opgevolgd door een structurele wettelijke regeling.
Met deze structurele wet zal sprake zijn van een toegroeien naar het wettelijk kader
van de Europees Nederlandse WW, met oog vooraansluiting op de lokale arbeidsmarktomstandigheden
van de drie kleinere eilandeconomieën op Saba, Sint Eustatius en Bonaire.
Ik verwacht in 2028 te starten met de evaluatie van deze tijdelijke regeling en het
uitwerken van de randvoorwaarden voor de structurele regeling. Op deze manier is er
ruimte om de komende jaren in Caribisch Nederland ervaring op te doen met een werkloosheidsregeling.
Intussen kan verder gewerkt worden aan de condities die helpend zijn voor het kunnen
uitvoeren van een structurele regeling, zoals op het punt van arbeidsbemiddeling en
vaststelling van het arbeidsverleden. Het is de planning te beginnen met het conceptwetsvoorstel
per 2029. In de aanloop naar de beoogde invoeringsdatum heeft de uitvoering vanzelfsprekend
voldoende tijd nodig voor implementatie van het wetsvoorstel.
Korte inhoud Tijdelijke regeling WV BES
De basis voor de Tijdelijke regeling WV BES vormt de WW, zoals die geldt in Europees
Nederland, waarbij gekeken is op welke manier de regeling zo eenvoudig mogelijk blijft.
Hierbij hanteer ik de volgende uitgangspunten.
– Toegangsvoorwaarden voor het recht op uitkering zijn:
1) onvrijwillig baanverlies
2) de wekeneis: de werknemer heeft over een periode van 10 kalendermaanden in een periode
van ten minste 26 weken in loondienst gewerkt.
– De uitkering duurt maximaal drie maanden en bedraagt 75% van het «maandloon».5
– Inkomen uit een nieuwe baan (naast de uitkering) wordt in mindering gebracht op de
uitkering.
– De uitkering wordt betaald na afloop van de kalendermaand.
Daarnaast is gekeken welke onderdelen van andere regelingen voor Caribisch Nederland
overgenomen kunnen worden, zodat consistentie in de uitvoering en tussen de verschillende
regelingen wordt behouden. Dit is bijvoorbeeld de wijze van verrekening van het inkomen
van een nieuwe baan naast de uitkering en de regels omtrent verblijf buiten Caribisch
Nederland met behoud van uitkering.
Uitvoering in front- en backoffice
Naast de RCN-unit SZW in Caribisch Nederland verzorgt de directie Dienstverlening,
Samenwerkingsverbanden en Uitvoering, afdeling Uitvoering Van Beleid van het Ministerie
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (UVB/DSU) ook een deel van de uitvoering in Europees
Nederland. Bij de uitvoering zal nauw worden samengewerkt tussen de RCN-unit SZW en
UVB/DSU. Hierbij vervult de RCN-unit SZW de rol van de frontoffice. Dat gaat om de
contacten met aanvragers en uitkeringsgerechtigden op de kantoren in Bonaire, Saba
en Sint Eustatius. De UVB/DSU is verantwoordelijk voor de backoffice. Deze werkzaamheden
betreffen onder andere het nemen van een primair besluit, of de werknemer recht heeft
op een uitkering, en de betaling van de uitkering.
Begeleiding uitkeringsgerechtigden naar werk
Zoals hiervoor al is toegelicht is er bij deze kortdurende uitkering, om pragmatische
redenen, niet voor gekozen om een sollicitatieplicht in de regeling op te nemen. Wel
gaat de RCN-unit SZW werknemers, die bijvoorbeeld op Bonaire een aanvraag doen, informeren
en op vrijwillige basis doorverwijzen naar Plenchi di Trabou. Dit is ter ondersteuning
van uitkeringsgerechtigden om ze te helpen bij het vinden van een nieuwe baan.
Lokale context Caribisch Nederland
Bij de keuze voor de vormgeving van de Tijdelijke regeling WV BES speelt ook de lokale
context van Caribisch Nederland. De arbeidseconomie van de eilanden is klein. Het
is niet te voorspellen wat de komst van een werkloosheidsuitkering voor gevolgen heeft
voor de economie, de arbeidsmarkt en het gedrag van werkgevers en werknemers. Voor
werknemers is het ontvangen van een uitkering van drie maanden bij onvrijwillig baanverlies
in elk geval positief. Tijdens ambtelijke voorbereiding bleek dat in Caribisch Nederland
met name sprake is van frictiewerkloosheid. De basisuitkering van drie maanden zal
naar verwachting voor deze groep werknemers toereikend zijn. Welke andere effecten
er zijn van de introductie van een werkloosheidsuitkering moet de komende periode
blijken, zoals gevolgen in de (arbeidsrechtelijke) relatie tussen werkgever en werknemer.
Deze tijdelijke regeling op grond van de Kaderwet SZW-subsidies is een ministeriële
regeling. Als blijkt dat er op bepaalde onderdelen van de ministeriële regeling aanpassing
nodig is, kan ik dat snel effectueren.
Ter afsluiting
In deze brief heb ik mijn keuze voor een eenvoudige regeling toegelicht. Ik ga de
komende periode samen met de uitvoerders de effecten van deze regeling monitoren.
Die effecten breng ik in kaart en benut ik om toe te werken naar een wetsvoorstel
dat past bij de lokale omstandigheden van Caribisch Nederland. Ook geeft deze aanpak
ruimte om complexere onderwerpen, zoals premiebetaling en registratie van het arbeidsverleden
van werknemers uit te werken. Tevens zal ik bezien hoe eventuele toekomstige wijzigingen
in de Europees Nederlandse WW een plek kunnen krijgen in de structurele werkloosheidsregeling
voor Caribisch Nederland.
Ik ben ervan overtuigd dat hiermee een goede eerste stap is gezet om te komen tot
een structurele werkloosheidsregeling die passend is voor de inwoners van Caribisch
Nederland.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.A. Vijlbrief
Indieners
J.A. Vijlbrief, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid