Nieuws over de IPU

April 2026: Kamerleden bij 152e IPU Assemblee in Istanbul

IPU delegatie in Istanboel.

Van 14 tot en met 19 april 2026 kwam de Interparlementaire Unie bijeen voor de 152ste Assemblee-vergadering in Istanbul. Zo’n 720 parlementsleden uit 126 landen waren aanwezig, waarvan 37% vrouwen. Het centrale thema was het koesteren van hoop, vrede en rechtvaardigheid voor toekomstige generaties. De Assemblee stond stil bij het vijftigjarig bestaan van het Comité voor de Mensenrechten van Parlementsleden.

Namens Nederland namen de Eerste Kamerleden Daan Roovers (GroenLinks-PvdA), Hendrik-Jan Talsma (CU, delegatieleider), Andrea van Langen-Visbeek (BBB) en Martin van Rooijen (50Plus) en het Tweede Kamerlid Fatimazhra Belhirch (D66) deel aan de bijeenkomst. De delegatie sprak met de Nederlands consul-generaal Daan Huisinga en zijn team. Remco Nehmelman, Griffier van de Eerste Kamer, en Sander Duijmaer Van Twist, directeur Concernstaf en plaatsvervangend griffier van de Tweede Kamer, namen deel aan de vergadering van de wereldwijde vereniging van secretarissen-generaal (ASGP).

Eerste vrouwelijke secretaris-generaal

Met een overgrote meerderheid van stemmen werd de Roemeense Anda Filip verkozen tot nieuwe en eerste vrouwelijke secretaris-generaal van de IPU. Zij volgt Martin Chungong uit Kameroen op die deze positie sinds 2014 vervulde. Het aandeel van vrouwelijke politici wereldwijd was gedaald met 0,3% tot 27,5%.

Algemene debat

Van 20 tot en met 22 oktober vond het algemene debat plaats in de plenaire zaal, waarbij vertegenwoordigers van de nationale delegaties spraken over het overkoepelende thema: het koesteren van hoop, het waarborgen van vrede en het garanderen van rechtvaardigheid voor toekomstige generaties. 

Toekomstige generaties

In haar bijdrage sprak Daan Roovers over de verantwoordelijkheid van parlementariërs tegenover toekomstige generaties en het belang van een politiek die zich weer meer op de lange termijn richt. Roovers pleitte voor meer langetermijnpolitiek en het structureel betrekken van toekomstige generaties bij besluitvorming, onder meer via instrumenten als een generatietoets en burgerberaden.

Vrede en Internationale Veiligheid

Onder voorzitterschap van Fatimazhra Belhirch vergaderde de commissie Vrede en Internationale Veiligheid op 16, 17 en 18 april. Na intense en soms emotionele discussies is er gestemd over 159 amendementen op de resolutie ‘De rol van parlementen bij het opzetten van solide mechanismen voor conflictbeheersing na een conflict en het herstellen van een rechtvaardige en duurzame vrede’.

Wederopbouw na conflicten

Volgens Belhirch biedt de aangenomen resolutie een praktisch vijfdimensionaal instrument voor post-conflictsituaties. “Er ligt nu een verrijkte tekst waarin uiteenlopende conflictervaringen uit verschillende regio’s zijn verwerkt en een breed scala aan perspectieven wordt weerspiegeld. De resolutie vormt een kader voor parlementair handelen op het gebied van wederopbouw na conflicten”, aldus Belhirch. De inclusie van vrouwen en jongeren wordt expliciet genoemd als essentieel voor duurzame vrede. Rusland en Iran spraken zich uit tegen de resolutie.

Voor een toekomstige resolutie werd het onderwerp van de Verenigde Arabische Emiraten gekozen, namelijk het versterken van maritieme veiligheid en de bescherming van kritieke infrastructuur in tijden van conflict.

Duurzame ontwikkeling

Op 16 april besprak de commissie Duurzame Ontwikkeling circa 60 amendementen op de resolutie over een eerlijke en duurzame mondiale economie en de rol van parlementen daarbij. Het amendement van Van Langen-Visbeek, waarin wordt opgeroepen af te zien van handelsmaatregelen die de beschikbaarheid onevenredig beperken, werd aangenomen. Daarnaast stemde de commissie in met het onderwerp ‘Parlementair leiderschap bij de bescherming van berg- en oceaanecosystemen’ voor een nieuwe resolutie.

Democratie en mensenrechten

De commissie Democratie en Mensenrechten debatteerde op 17 april over inclusieve sociale ontwikkeling en de rechten en empowerment van mensen met een handicap, het thema van een volgende resolutie. Daarbij werd gewezen op het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, de SDG’s en de rol van parlementen bij het bevorderen van gelijke kansen.

Op 18 april sprak de commissie over de uitvoering van het parlementaire mandaat inzake kunstmatige intelligentie en nam zij de motie ‘Het stimuleren van parlementaire maatregelen op het gebied van kunstmatige intelligentie’ aan. Roovers woonde deze bijeenkomsten bij.

Urgentiedebat over ondersteunen vredesopbouw

Voor het gebruikelijke urgentiedebat waren drie zogeheten Emergency Items ingediend: een voorstel van Bahrein over de veroordeling van aanvallen door Iran op de Golfstaten en Jordanië, een voorstel van Qatar en mede-indieners over parlementaire inspanningen voor het handhaven van een staakt-het-vuren en het ondersteunen van vredesopbouw en een voorstel van Iran over de veroordeling van militaire agressie tegen het land door de Verenigde Staten en Israël. Nadat Iran zijn voorstel had ingetrokken en steun had uitgesproken voor het Qatarese voorstel, werd dit vrijwel unaniem aangenomen, ook met steun van de Nederlandse delegatie. Martin van Rooijen merkte op: “Vergaderingen van de IPU zijn vaak hyperactueel. Nu ging het volop over het Midden-Oosten; toen ik in 2022 aanwezig was bij de Assemblee in Rwanda, liepen de emoties hoog op over Oekraïne en ging de Russische delegatie voortijdig naar huis.”

Commissie Midden-Oosten

Talsma, voorzitter van de IPU-commissie inzake vraagstukken met betrekking tot het Midden-Oosten, leidde de twee vergaderingen op 16 en 18 april. De commissie werd gebriefd door het Diakonia International Humanitarian Law Centre. De vertegenwoordiger benadrukte dat iedere staat het internationaal humanitair recht moet naleven om rechtvaardigheid voor toekomstige generaties te waarborgen.

Herstructurering van de commissie

Talsma informeerde de Governing Council over de herstructurering van deze commissie: “Het Israëlisch-Palestijnse vraagstuk blijft onze vaste prioriteit, en daarnaast zal tijdens elke Assemblee één andere crisis worden behandeld die onze aandacht vraagt. Daarnaast zal de commissie haar rol versterken via fact-findingmissies, nauwere samenwerking met IPU-organen en de VN, en intensievere betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld en regionale parlementariërs.”

Overdracht van het voorzitterschap

Vanwege het verstrijken van de maximale termijn van twee jaar droeg Talsma het voorzitterschap van deze commissie over aan Asuman Erdoğan uit Turkije.

Mensenrechten van parlementsleden

Het IPU-comité inzake de mensenrechten van parlementsleden behandelde 841 zaken uit 48 landen. Op de slotdag legde het comité situaties voor van schendingen in onder meer Bangladesh, Pakistan en Nicaragua. Ook zijn er meldingen van 109 gevangengenomen oppositieleden in Turkije onderzocht, waarbij tevens is gekeken naar de naleving door Turkije van de uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De commissie maakte ook melding van een aantal opgeloste zaken uit onder meer Congo, Madagaskar en Zambia, waar eerder gearresteerde oppositieleden inmiddels zijn vrijgelaten.

De Nederlandse delegatie

De Nederlandse delegatie nam deel aan alle bijeenkomsten van de 12+-Groep en diverse nevenactiviteiten rond de Assemblee. Roovers en Belhirch woonden het Forum van vrouwelijke parlementsleden bij en spraken met UNRWA. Van Langen-Visbeek nam deel aan workshops over mondiale methaanregels en over oceanen en klimaatverandering en Talsma aan een workshop over multistakeholder-benaderingen voor vrede en verzoening. Belhirch en Talsma waren aanwezig bij een speciale sessie over de tweestatenoplossing. Belhirch nam ook deel aan een panel over diversiteit in het parlement. Van Rooijen volgde de vergaderingen van de commissie over de Verenigde Naties. Daarnaast sprak de delegatie met Turkse parlementariërs over de arrestatie van de burgemeester van Istanbul, Ekrem İmamoğlu, en bracht zij een bezoek aan het Hrant Dink Memorial Centre.

Resultaten

De resultaten en het rapport van de 152e IPU Assemblee in Istanbul zijn te lezen op de website van de IPU.
 

Oktober 2025: Eerste Kamerleden bij 151e IPU Assemblee in Genève

Een groepfoto van de delegatie bij de Permanente Vertegenwoordiging van de Nederland bij de Verenigde Naties

Van 19 tot en met 23 oktober kwam de Interparlementaire Unie bijeen voor de151e Assemblee-vergadering in Genève. Er waren delegaties uit 136 landen aanwezig. Het centrale thema was het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire actie in tijden van crisis. Vanwege verkiezingen in Tanzania werd de voorzitter van de IPU, Dr. Tulia Ackson, tijdens de zitting vervangen door vicevoorzitter Gabriela Morawska-Stanecka uit Polen.

Namens Nederland namen de Eerste Kamerleden Hendrik-Jan Talsma (CU, delegatieleider), Andrea van Langen-Visbeek (BBB), Fatimazhra Belhirch (D66) en Cees van de Sanden (fractie-van de Sanden) deel aan de bijeenkomst. De delegatie werd ontvangen door de Nederlands Permanent Vertegenwoordiger bij VN, Erica Schouten, en haar team. Remco Nehmelman, Griffier van de Eerste Kamer, en Sander Duijmaer Van Twist, directeur Concernstaf en plaatsvervangend Griffier van de Tweede Kamer, namen deel aan de vergadering van de wereldwijde vereniging van secretarissen-generaal (ASGP).

Handhaven van humanitaire normen

Van 20 tot en met 22 oktober vond het algemene plenaire debat plaats met sprekers uit de nationale delegaties over het overkoepelende thema: het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire actie in tijden van crisis. 

Kunstmatige intelligentie in humanitaire actie

Van de Sanden benadrukte het belang van het beschermen van humanitaire normen in tijden van crisis, met speciale aandacht voor de rol van kunstmatige intelligentie in humanitaire actie. Hij stelde dat zelfs in oorlog, ramp of wanhoop er een grens moet blijven die we niet overschrijden: de grens van menselijke waardigheid. “Laten we ons niet afvragen wat technologie voor ons kan doen, maar wat wij samen kunnen doen, om ervoor te zorgen dat innovatie de waarden versterkt die ons verbinden. Laten we bouwen aan een toekomst waarin menselijke waardigheid en digitale vooruitgang hand in hand gaan, niet in conflict, maar in harmonie”, aldus Van de Sanden.

Voedselzekerheid en klimaatdoelen

Van Langen-Visbeek benadrukte in haar bijdrage dat voedselzekerheid en klimaatdoelen niet tegenover elkaar moeten staan, maar gelijktijdig nagestreefd moeten worden. Ze riep op om samen te werken aan een eerlijke en duurzame wereldeconomie, zonder dat vooruitgang op één terrein ten koste gaat van de meest kwetsbaren. "Het doel is niet om te kiezen, maar om tegelijkertijd aan voedsel en klimaat te werken", zei Van Langen-Visbeek.

Maatregelen tegen illegale adoptie

In de commissie Democratie en Mensenrechten werden op 20 oktober de ingediende amendementen besproken op de resolutie over ‘erkenning en ondersteuning van de slachtoffers van illegale internationale adoptie en het nemen van maatregelen ter voorkoming van deze praktijk’. Het door Van de Sanden ingediende en aangenomen amendement vraagt om onderzoek naar illegale adopties en de ontwikkeling van passende wetgeving die het belang van het kind centraal stelt, met aandacht voor preventie, erkenning van slachtoffers en ondersteuning bij het achterhalen van hun afkomst. Daarnaast moedigt het amendement internationale samenwerking en uitwisseling van goede praktijken aan, met respect voor culturele en juridische verschillen.

Het belang van onderzoek

Tijdens het forum van vrouwelijke parlementsleden op 19 oktober verwees Van Langen-Visbeek bij de bespreking van deze resolutie naar de illegale adoptiepraktijken in Nederland in de jaren zestig, waarbij tienermoeders onder druk werden hun kinderen af te staan. Zij benadrukte het belang van nader onderzoek, zoals verwoord in het ingediende amendement van Van de Sanden. Ook bij de verdere totstandkoming van de uiteindelijke resolutie, die door de Assemblee op 23 oktober werd aangenomen, speelde de Nederlandse delegatie een actieve rol.

Urgentiedebat hybride dreigingen

Voor het gebruikelijke urgentiedebat waren twee voorstellen, zogenaamde Emergency Items, ingediend: het ene ging over een oproep tot parlementaire solidariteit en gecoördineerde actie inzake Madagaskar, ingediend door Zuid-Afrika, en het andere ging over parlementaire actie tegen transnationale georganiseerde misdaad, cybercriminaliteit en hybride bedreigingen voor democratie en menselijke veiligheid van Thailand, Argentinië, Chili, Polen en Zweden met steun van de Latijns Amerikaanse geopolitieke groep en de 12+-Groep. Beide voorstellen behaalden de vereiste tweederdemeerderheid, waarbij het tweede voorstel meer stemmen kreeg en daardoor werd toegevoegd aan de agenda van de algemene vergadering.

In het urgentiedebat op 22 oktober over georganiseerde misdaad stelde Van de Sanden dat hybride aanvallen, desinformatiecampagnes en schendingen van het luchtruim een schending vormen van het VN-Handvest, en dat staten de volledige verantwoordelijkheid dragen voor dergelijke handelingen, ongeacht hoe zij deze trachten te benoemen.

Situatie in het Midden-Oosten

Talsma, voorzitter van het IPU-commissie inzake vraagstukken wat betreft het Midden-Oosten, leidde de twee vergaderingen van de commissie op 20 en 22 oktober. Tijdens deze bijeenkomsten was het Palestijnse ex officio-lid aanwezig; het Israëlische lid ontbrak, waardoor slechts één kant van de situatie in de regio werd belicht. Er werd gesproken over herstructurering van de commissie, met als doel meer inclusiviteit te waarborgen, waaronder gendergelijkheid en jongerenparticipatie, en het formuleren van een duidelijker mandaat, met specifieke aandacht voor het Israëlisch-Palestijns conflict en bredere regionale crises. De commissie besloot beide ex officio-leden te verzoeken hun betrokkenheid bij de commissie formeel te herbevestigen. Daarnaast werd een ontmoeting begin 2026 besproken.

Het belang van onderwijs

Tijdens de vergadering gaf David Fernández Puyana, vertegenwoordiger van de Universiteit voor Vrede van de Verenigde Naties (UPEACE), een toelichting op zijn recente bezoek aan Israël en Palestina. Hij benadrukte het belang van onderwijs als instrument voor vrede. UPEACE, gevestigd in Costa Rica, is opgericht door de Verenigde Naties met het specifieke mandaat om vrede te bevorderen via onderwijs en academische samenwerking.

Vrede en Internationale Veiligheid

In de commissie Vrede en Internationale Veiligheid vonden op 20 oktober twee paneldiscussies plaats: een over de wapenwedloop en een andere over het versterken van parlementair toezicht op defensie-uitgaven. Bij het laatste panel benadrukten de panelleden het belang van een verantwoord en transparant defensiebudget en het rekening houden met maatschappelijke belangen. 

Veiligheid van mensen

“Veiligheid gaat niet alleen over legers en wapens, het gaat er ook om of een kind veilig naar school kan, of een boer droogte kan overleven, en of mensen hun stem kunnen laten horen”, aldus Belhirch. Zij vroeg de panelleden hoe parlementsleden er het beste voor kunnen zorgen dat investeringen in preventie, inclusie en menselijke veiligheid niet op de achtergrond raken tijdens crisissituaties. 

Postconflictbeheer en vredesopbouw

Op 21 oktober organiseerde de commissie een deskundige hoorzitting ter voorbereiding van haar volgende resolutie over de rol van parlementen bij het opzetten van robuuste mechanismen voor postconflictbeheer en het herstel van een rechtvaardige en duurzame vrede. Belhirch, rapporteur voor deze resolutie, constateerde dat de ingebrachte ervaringen met bemiddeling, de geschetste kaders voor menselijke en gemeenschappelijke veiligheid, en voorbeelden van de parlementaire praktijk in fragiele en herstellende staten, zeer van pas komen bij de voorbereiding van de concepttekst voor de volgende IPU Assemblee. Zij benadrukte daarbij dat het van belang is om naar conflictpreventie en naar vredesopbouw te kijken en naar de reeds bestaande mechanismen.

Toename schending mensenrechten van parlementsleden

Het IPU-comité inzake de mensenrechten van parlementsleden legde aan de Assemblee op de slotdag situaties van schendingen voor in onder meer Algerije, Bangladesh, Irak, Israël, Myanmar en Turkije. Het aantal zaken van geschonden mensenrechten van parlementsleden was wederom toegenomen. De meest voorkomende schendingen zijn onrechtmatige schorsing en verlies van het parlementaire mandaat, schending van vrijheid van meningsuiting, gebrek aan een eerlijk proces en schending van de vrijheid van vergadering.

Turkije

Diverse leden uit de Turkse delegatie reageerden op de zaken uit hun land. Zo zou de documentatie van het comité niet kloppen en bestaat er in Turkije een functionerende rechtsstaat. Andere leden van de Turkse delegatie lichtten toe zelf in de casussen voor te komen op beschuldiging van terrorisme. In 2024 waren er zaken van 957 parlementsleden wereldwijd in 55 landen onder behandeling van dit comité, waarvan het bij 790 zaken leden van de oppositie betrof en bij 63 zaken onafhankelijke leden betrof.

De Nederlandse delegatie

De delegatie nam deel aan alle overleggen van de 12+-Groep voorafgaand en en marge van de Assemblee. Van Langen-Visbeek en Belhirch woonden het Forum van vrouwelijke parlementsleden bij op 19 oktober. Belhirch ontmoette op 20 oktober haar collega’s uit de Verenigde Arabische Emiraten en sprak met UNRWA en het Internationale Rode Kruis op 21 oktober. Van Langen-Visbeek bezocht op 20 oktober de workshop Breaking the hunger cycle: Addressing food security. Talsma was aanwezig bij het 12 Plus side event Protecting humanity in times of war: Strategies for strengthened political engagement op 20 oktober en bij de Interfaith workshop: Countering intolerance and fostering religious literacy for more inclusive and peaceful societies op 21 oktober. Van Langen-Visbeek en Van de Sanden volgden de workshop over AI op 21 oktober. Van Langen-Visbeek was ook aanwezig bij een skills building sessie over Implementing the IPU anti-harassment policy. Talsma onderhandelde namens de 12+-Groep op 22 oktober over het Emergency Item inzake georganiseerde misdaad. En Belhirch werd benoemd tot vicepresident van het bureau van de commissie voor Vrede en Internationale Veiligheid.

Overige zaken

Het aandeel van vrouwelijke politici wereldwijd was licht gestegen van 26,9% het jaar ervoor tot 27,2% in oktober 2025.

Brunei werd toegelaten als lid van de IPU en Niger keerde terug als lid van de IPU, nadat eerder het lidmaatschap was opgeschort vanwege de coup in 2023, waarmee het totaal aantal parlementen dat lid is van de IPU op 183 komt.

De Governing Council stemde in met de begroting voor 2026, inclusief een stijging van 3% ter compensatie van de inflatie.

Oktober 2025: G20-conferentie van parlementsvoorzitters in Zuid-Afrika

In een zaal op de rug gezien de deelnemers aan de conferentie.

De Nationale Assemblee van Zuid-Afrika (Lagerhuis) en de Nationale Raad van Provinciën (Hogerhuis) organiseerden vanwege het G20-voorzitterschap van Zuid-Afrika op 1 en 2 oktober de elfde G20-conferentie van parlementsvoorzitters, de P20, in Kleinmond, Zuid-Afrika.

Namens Nederland namen Eerste Kamer Ondervoorzitter Robert Croll en Tweede Kamer Ondervoorzitter Wytske Postma deel aan deze bijeenkomst.

De G20 en de P20

De G20 is een verzameling van twintig grote economieën in de wereld, inclusief de Europese Unie en sinds 2023 ook de Afrikaanse Unie. Nederland behoort niet tot de vaste leden van de G20, maar wordt vaak wel als gast uitgenodigd door de voorzitter, met uitzondering van 2024 toen Brazilië voorzitter was. Bij de parlementsvoorzittersconferentie waren vanuit Europa (vice)voorzitters uit het Verenigd Koninkrijk, Italië, Duitsland, Frankrijk, Spanje en het Europees Parlement aanwezig. Argentinië, Brazilië, Mexico en de Verenigde Staten hadden geen parlementaire afvaardiging gestuurd.

Deze P20 was gewijd aan het thema ‘Parlementaire diplomatie inzetten voor het realiseren van mondiale solidariteit, gelijkheid en duurzaamheid’. Tijdens de conferentie was er veel aandacht voor jongeren en vrouwen. Voor het eerst was er naast de gebruikelijke bijeenkomst van vrouwelijke parlementsleden een vergadering gehouden met jonge parlementariërs georganiseerd voorafgaande aan de P20.

Ontmoetingen

En marge van de conferentie spraken de beide ondervoorzitters met de ondervoorzitter van de Nationale Assemblee, dr. Annelie Lotriet. De delegatie werd ter plekke ondersteund door ambassadeur Joanne Doornewaard. Na afloop van de P20 ontmoette de delegatie op de residentie van de consul-generaal, Hélène Rekkers, de directeur van de Nederlandse school in Kaapstad, Florentien Wijsenbeek en prof. Jaap de Visser van de University of the Western Cape. Op 3 oktober bezocht de delegatie Pargo, een onderneming gerund door twee Nederlanders gericht op bezorging in townships, Damen Shipyards en het Kasteel de Goede Hoop. De Griffiers van de Eerste en Tweede Kamer, Remco Nehmelman en Peter Oskam, reisden mee.

Collectieve benadering

Bij de opening van de conferentie verwees de voorzitter van de Nationale Assemblee, Thoko Didiza, naar de huidige uitdagingen die de wereldorde verzwakken, zoals gewapende conflicten, ongelijkheden en bedreigingen op het gebied van cyberveiligheid. “Deze uitdagingen kennen geen grenzen en respecteren geen soevereiniteit. Ze vragen niet om terugtrekking of isolatie, maar om coördinatie en een collectieve benadering.” Didiza stelde dat het multilateralisme op een dieptepunt is beland en vroeg haar internationale collega’s om de realiteit van deze verzwakking onder ogen te zien. Zij wees erop dat geopolitieke fragmentatie ertoe heeft geleid dat grote mogendheden de gevestigde wereldorde en instellingen omzeilen, en dat toenemende nationalistische sentimenten het fundamentele vertrouwen ondermijnen dat nodig is voor handel en internationale economische samenwerking.

Parlementaire stem binnen de G20

Christel Schaldenmose, vicevoorzitter van het Europees Parlement, prees de invoering van een parlementaire stem binnen de G20. Zij is van mening dat die de transparantie en verantwoording binnen de organisatie zal versterken: “De parlementaire dimensie van mondiaal bestuur is belangrijker dan ooit. Het is een essentiële pijler van sterk multilateralisme. Door een parlementaire stem toe te voegen aan de G20 vergroten we de legitimiteit, transparantie en verantwoording.”

Monitoring en evaluatie

Gabriela Morawska-Stanecka, vicevoorzitter van de Interparlementaire Unie, steunde de oproep om monitoring- en evaluatie-instrumenten te ontwikkelen om de voortgang van landen bij de uitvoering van resoluties van internationale platforms te volgen. Zij zei: “Hoe zetten we onze gedeelde toezeggingen om in concrete actie? We moeten ervoor zorgen dat we verantwoording afleggen aan onze kiezers en aan elkaar.”

Parlementaire diplomatie

Sir Lindsay Hoyle, voorzitter van het Lagerhuis van het Verenigd Koninkrijk, sloot zich aan bij degenen die stellen dat parlementaire diplomatie kan bijdragen aan het oplossen van de mondiale uitdagingen. Hij benadrukte dat geen enkel land achtergelaten mag worden. Hij benoemde in zijn bijdrage de situatie in het Midden-Oosten, de gegijzelden in Gaza en Oekraïne, dat is binnengevallen door Rusland, met troepen afkomstig uit Noord-Korea.

Nederlandse bijdrage

Internationale dialoog

Robert Croll, ondervoorzitter van de Eerste Kamer, benadrukte in zijn speech bij de opening eveneens het belang van parlementaire diplomatie in het aanpakken van wereldwijde uitdagingen: “Door internationale dialoog en samenwerking kunnen parlementen bijdragen aan duurzame, democratische oplossingen en solidariteit tussen landen bevorderen.”

Principieel leiderschap

Wytske Postma, ondervoorzitter van de Tweede Kamer, stelde in haar bijdrage dat de uitdagingen van wereldwijde onzekerheid en gewapende conflicten – van de oorlog in Oekraïne, de aanhoudende oorlog tussen Israël en Hamas en de conflicten in Afrika – klimaatverstoringen en het verzwakken van de internationale orde vragen om principieel leiderschap, samenwerking en sterke democratische instellingen. “Voor Nederland is multilateralisme geen keuze, maar een noodzaak. Onze identiteit is geworteld in handel, innovatie en samenwerking”, aldus Postma.

Waterbeheer en rampenbestrijding

Op 1 oktober sprak Robert Croll sprak bij de werksessie over klimaatverandering. Hij verwees hierbij naar de eeuwenlange Nederlandse ervaring met waterbeheer en rampenbestrijding als fundament voor internationale samenwerking. Hij benadrukte dat landen en parlementen gezamenlijk moeten optreden om rampenrisico’s te verkleinen, kwetsbare groepen te beschermen en kennis te delen. “Zelfs in Nederland met al zijn dijken en stormvloedkeringen kan een ramp nog toeslaan, zoals bij de evacuatie van 250.000 mensen in 1995 en de overstromingen in Limburg in 2021. Deze gebeurtenissen onderstrepen hoe belangrijk het is dat landen samenwerken en kennis delen om voorbereid te zijn op grensoverschrijdende watergerelateerde rampen”, aldus Croll. 

Energietransitie

Bij de werksessie op 2 oktober over het mobiliseren van financiën voor een eerlijke en inclusieve energietransitie sprak Wytske Postma over het belang van internationale samenwerking. Zij benadrukte daarbij de rol van parlementaire betrokkenheid bij het realiseren van een rechtvaardige overstap naar duurzame energie. Zij gaf voorbeelden van Nederlandse samenwerkingen wereldwijd — van Afrika tot Azië en Latijns-Amerika — waarbij lokale kennis en innovatie worden gecombineerd met Nederlandse expertise om duurzame ontwikkeling en klimaatresistentie te bevorderen. Zo steunt Nederland in Zuid-Afrika de ontwikkeling van het Climate Smart Horticulture Centre in Grootvlei. Postma: “Een gezamenlijk initiatief om voormalige koleninfrastructuur te herbestemmen en duurzame werkgelegenheid te creëren — een krachtig voorbeeld van hoe internationale samenwerking bijdraagt aan een rechtvaardige energietransitie.”

April 2025: Kamerleden bij de IPU-Assemblee in Tasjkent

Op de foto in de zaal achter een tafel zitten namens Nederland de Tweede Kamerleden Judith Tielen (VVD) en Glimina Chakor (GroenLinks-PvdA) en de Eerste Kamerleden Hendrik-Jan Talsma (ChristenUnie, delegatieleider) en Fatimazhra Belhirch (D66)

Van 5 tot en met 9 april 2025 vond de 150ste Assemblee van de Interparlementaire Unie (IPU) voor het eerst plaats in Centraal Azië, in de Oezbeekse hoofdstad Tasjkent. Zo’n 740 parlementsleden uit 127 landen kwamen hier bijeen. De vergadering stond in het teken van parlementaire actie voor sociale ontwikkeling en rechtvaardigheid. De oorlog in Oekraïne en de situatie in het Midden-Oosten werden besproken, evenals de noodzaak tot dialoog. De Assemblee nam twee resoluties aan: één over de rol van parlementen bij het bevorderen van een tweestatenoplossing voor Palestina en één over de impact van conflicten op duurzame ontwikkeling.

Namens Nederland namen de Tweede Kamerleden Judith Tielen (VVD) en Glimina Chakor (GroenLinks-PvdA) en de Eerste Kamerleden Hendrik-Jan Talsma (ChristenUnie, delegatieleider) en Fatimazhra Belhirch (D66) deel aan de bijeenkomst. De Nederlandse delegatie ontmoette de ambassadeur voor Centraal-Azië, Nico Schermers. De beide Griffiers van de Eerste en Tweede Kamer namen deel aan de vergadering van de wereldwijde vereniging van secretarissen-generaal, de Association of Secretary Generals of Parliaments (ASGP).

12+-Groep

Voorafgaand aan en gedurende de Assemblee kwam de 12+-Groep bijeen, de Westerse groep van landen binnen de IPU waar Nederland ook lid van is, om de hoofdelementen van de vergadering voor te bespreken.

Sociale ontwikkeling en rechtvaardigheid

Tijdens het plenaire debat over het centrale thema over parlementaire diplomatie op 7 april sprak Judith Tielen over de rol van vrouwen bij het bevorderen van sociale ontwikkeling en de obstakels die met name vrouwen treffen: “Vrouwen lopen een hoger risico op armoede, een slechte gezondheid en onvoldoende zorg, en lopen een angstaanjagend hoog risico op huiselijk geweld en intimidatie.” Tielen uitte haar zorgen over de huidige ontwikkelingen, waar conservatieve, mannelijke krachten de kloof tussen mannen en vrouwen vergroten ten koste van vrouwen en hun basisrechten.

Economische veiligheid

Ook Glimina Chakor sprak in haar bijdrage tijdens het plenaire debat over de relatie tussen economische groei en sociale veiligheid. “In een samenleving waarin mensen zich economische veilig voelen, is ruimte voor creativiteit, innovatie en ondernemerschap. Het uitblijven van economische veiligheid biedt een voedingsbodem voor populisme, extremisme en wantrouwen in de democratische instellingen,” aldus Chakor.

Urgentiedebat

Er waren drie voorstellen ingediend voor een urgentiedebat, een belangrijk onderdeel van de IPU Assemblee. De onderwerpen varieerden van mondiale economische samenwerking, de humanitaire crisis in Myanmar, tot de recente schending van het staakt-het-vuren door Israël en conflicten in Congo en Sudan. Als meerdere voorstellen de benodigde tweederdemeerderheid behaalden, zouden ze als proef in het debat worden behandeld. Voorafgaand aan de stemming werd het voorstel van het Executive Committee om twee onderwerpen te behandelen betwist, omdat het in strijd was met de IPU-regels. IPU-president Tulia Ackson besloot daarom de proef niet door te zetten.

Geen van de voorstellen haalde de tweederdemeerderheid, waardoor er geen urgentiedebat werd gehouden. De Nederlandse delegatie stemde volledig voor het voorstel over de humanitaire ramp in Myanmar en gedeeltelijk voor het voorstel over mondiale economische samenwerking.

Commissie Vrede en Internationale Veiligheid

Bevorderen van een tweestatenoplossing

De vaste commissie inzake Vrede en Internationale veiligheid kwam op 6, 7 en 8 april bijeen om de conceptresolutie over de rol van parlementen bij het bevorderen van een tweestatenoplossing in Palestina te bespreken. Die was tot stand gekomen door afstemming tussen rapporteurs afkomstig uit alle zes geopolitieke groepen.

Na de behandeling van een groot aantal amendementen, was de strekking dusdanig verwijderd van de oorspronkelijke concepttekst dat er een compromis gevonden moest worden. De Palestijnse delegatie stelde voor om de oorspronkelijk tekst van de conceptresolutie naar de plenaire vergadering te brengen. Na overleg tussen de zes geopolitieke groepen nam de plenaire vergadering op 9 april de resolutie unaniem aan.

Mechanisme voor post-conflictbeheer

Daarnaast is besloten dat het onderwerp van de volgende resolutie ‘de rol van parlementen bij het opzetten van een robuust mechanisme voor post-conflictbeheer en het herstellen van rechtvaardige en duurzame vrede’ is. Belhirch is hiervoor benoemd als rapporteur. Daarnaast zal het door Belhirch aangedragen onderwerp over het versterken van de rol van parlementen bij toezicht op defensiebegrotingen ter bevordering van nationale veiligheid, preventie en vrede wordt behandeld tijdens het paneldebat van de commissie in oktober 2025. Ook was er een workshop over aanpak van massavernietigingswapens vanuit een menselijk perspectief, die door Belhirch werd voorgezeten.

Commissie Midden-Oostenvraagstukken

Hervormingen

De leden van de commissie Midden-Oostenvraagstukken hebben Hendrik-Jan Talsma herkozen als voorzitter voor een tweede periode van één jaar. De commissie sprak over hervormingen van de werkwijze en samenstelling van de commissie om te komen tot een betere afspiegeling van de IPU leden. Hoewel de commissie wil bijdragen aan een rechtvaardige en duurzame oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict, wil het ook andere conflicten in de regio, waaronder in Jemen, Sudan en Syrië, hoger op de agenda hebben.

Dialoog en inclusie bevorderen

Namens de Organisatie van de Verenigde Naties voor Hulpverlening aan Palestijnse Vluchtelingen in het Nabije Oosten (UNRWA) schetste Marta Lorenzo de gevolgen van het conflict voor burgers en humanitair personeel. Abdulla Al Manai, directeur van het King Hamad Global Centre for Coexistence and Tolerance, praatte de commissie bij over initiatieven om dialoog en inclusie te bevorderen middels onderwijs, betrokkenheid van belanghebbenden en wetgevende steun ter bevordering van vrede, de rechtsstaat en sociale cohesie.

Schending van rechten parlementsleden wereldwijd

Het speciale comité dat zich binnen de IPU bezighoudt met schendingen van mensenrechten van parlementsleden wereldwijd presenteerde op 9 april de casussen van 266 parlementariërs in twaalf landen, waaronder Brazilië, Chili, Myanmar, Israël, Turkije, Congo en Senegal, die te maken hebben met moord, gevangenschap, verdwijning, marteling en bedreiging. 

Senegal

Bijzonder was de bijdrage van premier Ousmane Sonko uit Senegal, die als oprichter van een politieke partij gevangen werd gezet en één van de casussen was van dit comité. Hij dankte de IPU, en het comité in het bijzonder, voor de blijvende aandacht en inzet voor zijn zaak: “Dit toont aan dat parlementaire solidariteit niet wordt begrensd door nationale grenzen of politieke context.” Zijn succes bij de verkiezing tot premier was volgens hem een overwinning van ons allen.

Vergadering van de ASGP

Gelijktijdig met de IPU Assemblee kwam de griffiersvereniging ASGP bijeen. Remco Nehmelman, Griffier van de Eerste Kamer en vicevoorzitter van de ASGP, sprak op 9 april over de rechtsstaat in Nederland. Peter Oskam, Griffier van de Tweede Kamer, hield op dezelfde dag een bijdrage over de invloed van sociale media op parlementen. 

Overige zaken

Op 6 april ontmoette de Nederlandse delegatie hun collega’s uit de Verenigde Arabische Emiraten. Ook was er een ontmoeting met UNRWA op 7 april over de situatie in Gaza. 

Tijdens de sessie van de commissie Democratie en Mensenrechten over internationale adoptie sprak Glimina Chakor over de maatregelen die in Nederland zijn genomen om handel in weeskinderen tegen te gaan. Op 8 april sprak deze commissie over de opvolging van de resolutie over de risico’s van het gebruik van AI. Chakor bracht daar in dat naast wetgeving ook steun nodig is voor de slachtoffers van door AI gegenereerde fakeberichten.

Judith Tielen verdedigde in de commissie Duurzame Ontwikkeling de namens Nederland ingediende amendementen. Zij werd tijdens de Governing Council op 9 april gekozen tot een van de 15 leden van het nieuw ingestelde Gezondheidscomité, de opvolger van de Adviesgroep Gezondheid.

Tielen, Chakor en Belhirch waren 6 april aanwezig bij de sessie van Women Parliamentarians, waarin de voorliggende resoluties werden besproken. Op 8 april namen Tielen en Chakor deel aan het Forum of Women Parliamentarians.

Resultaten

De Assemblee nam op 9 april de Tasjkentverklaring aan over parlementaire actie voor sociale ontwikkeling en rechtvaardigheid. Deze verklaring en andere documenten van de 150ste Assemblee van de Interparlementaire Unie in Tasjkent zijn te lezen op de website van de IPU.

Oktober 2024: Eerste Kamerleden bij 149e IPU Assemblee in Genève

Op de foto staat Eerste Kamerlid en delegatieleider de heer Hendrik-Jan Talsma. Hij spreekt vanachter ene katheder en op de voorgrond is een boeket bloemen zichtbaar.

De 149e Assemblee van de Interparlementaire Unie vond plaats van 12 tot en met 17 oktober 2024 in Genève, Zwitserland. Zo’n 1500 parlementsleden uit 130 landen kwamen bijeen. Het centrale thema was het inzetten van wetenschap, technologie en innovatie voor een vreedzamere en duurzamere toekomst. De vele conflicten in de wereld, zoals de situaties in het Midden-Oosten en Oekraïne, speelden een grote rol in de overleggen. De Assemblee nam een resolutie aan over de invloed van AI op democratie, mensenrechten en de rechtsstaat, evenals een handvest voor de ethiek van wetenschap en technologie.

Namens Nederland Eerste Kamerleden Hendrik-Jan Talsma (ChristenUnie, delegatieleider) en Fatimazhra Belhirch (D66) deel aan de bijeenkomst. De Griffier van de Eerste Kamer, Remco Nehmelman, nam deel aan de vergadering van de wereldwijde vereniging van secretarissen-generaal, Association of Secretary-Generals of Parliaments (ASGP).

Voorbespreking binnen de 12+-Groep

De dag voorafgaand aan en gedurende de Assemblee kwam de 12+-Groep bijeen, de Westerse groep van landen binnen de IPU waar ook Nederland lid van is, om de hoofdelementen van de vergadering voor te bespreken.

Democratisering van wetenschap en technologie

Fatimazhra Belhirch sprak namens de Nederlandse delegatie op 15 oktober in het algemene debat over het benutten van wetenschap, technologie en innovatie voor een vreedzamere toekomst. Ze wees op de naderende deadline in 2030 voor het behalen van de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s). Belhirch: “Het is inmiddels duidelijk dat het bereiken van de SDG's een nieuwe benadering van innovatie en ontwikkeling zal vereisen. Daarom is democratisering van wetenschap en technologie nodig voor ontplooiing evenals kennisdeling zonder grenzen en betere toegang. De weg die voor ons ligt, is moeilijk en de uitdagingen zijn enorm, maar de mogelijkheden zijn nog groter.”

Urgentiedebat

Op 14 oktober stemden de nationale delegaties hoofdelijk over de ingediende onderwerpen voor het urgentiedebat, de zogenaamde Emergency Items. De onderwerpen varieerden van de oproep aan Israël om de VN-resolutie van 18 september jl. uit te voeren, inzet voor multilateralisme voor wereldwijde vrede, de veiligheids- en humanitaire situatie in de Democratische Republiek Congo en de bescherming van kinderen in gewapende conflicten. Net voor de stemming trokken de Israëlische en Iraanse delegaties hun tekst in over respectievelijk de veroordeling van de aanvallen van Iran op Israël en de verslechterende humanitaire situatie in Gaza en Libanon.

Multilateralisme voor wereldwijde vrede

Het voorstel over het dringende verzoek van de secretaris-generaal van de VN om zich opnieuw in te zetten voor multilateralisme voor wereldwijde vrede, rechtvaardigheid en duurzaamheid, mede ingediend door Nederland, behaalde de benodigde tweederdemeerderheid van de uitgebrachte stemmen. De tekst waarover door leden uit alle geopolitieke groepen vervolgens is onderhandeld, werd op 17 oktober per acclamatie aangenomen.

Situatie in het Midden-Oosten

De commissie inzake Midden-Oostenvraagstukken kwam, onder voorzitterschap van Hendrik-Jan Talsma, op 14 en 16 oktober bijeen in aanwezigheid van de ex officio-leden uit Israël en Palestina. In zijn terugkoppeling aan de Governing Council op 17 oktober meldde Talsma dat de commissie de nadrukkelijke wens heeft om een zinvolle bijdrage te leveren aan het vredesproces, maar wordt geconfronteerd met aanzienlijke meningsverschillen tussen de strijdende partijen en een gebrek aan consensus binnen de internationale gemeenschap. Deze verschillen hebben ook hun weerslag hebben op het functioneren van de commissie. Een discussie over het mandaat, de rol en de taakopvatting van de commissie is dan ook van wezenlijk belang. Daarmee is een eerste begin gemaakt.

UNRWA en humanitaire hulp

Een vertegenwoordiger van UNRWA informeerde de commissie over de actuele situatie in het gebied en over de grote impact van ingediende wetsvoorstellen in de Knesset, het parlement van Israël, die het bestaan van UNRWA in gevaar brengen. “De Commissie Midden-Oostenvraagstukken doet een krachtige en dringende oproep aan alle leden van de Knesset om deze wetsvoorstellen niet aan te nemen en alles te doen wat in hun macht ligt om de levering van humanitaire hulp aan alle mensen in nood te verbeteren en om bij te dragen aan het herstel van wederzijds vertrouwen en samenwerking met UNRWA, een VN-orgaan met een unieke, onmisbare en onvervangbare positie om te leveren wat zo ontzettend nodig is voor zo velen”, aldus Talsma namens de commissie.

De rol van parlementariërs bij conflicten

Voorkomen van conflicten

De vaste commissie inzake Vrede en Internationale veiligheid kwam op 14 oktober bijeen voor twee paneldiscussies over de rol van parlementariërs bij respectievelijk het voorkomen van conflicten over natuurlijke hulpbronnen en het bevorderen van nucleaire veiligheid, ook in landen die geen kernwapens bezitten of nucleaire technologie gebruiken voor energie. Belhirch zat deze laatste paneldiscussie voor.

Bevorderen van een tweestatenoplossing

Op 16 oktober hield de commissie een hoorzitting met verschillende organisaties en experts over het bevorderen van een tweestatenoplossing. “De tweestatenoplossing, geworteld in internationale overeenkomsten en door de internationale gemeenschap onderschreven, erkent dat zowel Israëli's als Palestijnen hun eigen soevereine naties verdienen. Als parlementariërs moeten we pleiten voor een vredesproces dat de legitieme rechten van beide volkeren erkent, historische grieven aanpakt en ons op weg helpt naar een toekomst waarin vrede mogelijk is”, aldus Belhirch.

Schending van mensenrechten parlementsleden wereldwijd

Het comité dat zich binnen de IPU bezighoudt met schendingen van mensenrechten van parlementsleden wereldwijd had in 2024 de casussen van 769 parlementariërs uit 49 landen besproken. De meest gemelde schending was de onterechte ongeldigverklaring, intrekking of opschorting van het parlementaire mandaat. In het ergste geval ging het om moord. Besluiten over vijftien casussen van bedreigde parlementsleden uit Congo, Thailand, Venezuela, Filipijnen en Eswatini werden op 17 oktober aangenomen door de Governing Council.

Ontmoetingen en bijdragen

En marge van de conferentie ontmoette de delegatie de Permanent Vertegenwoordiger bij de VN in Genève, Paul Bekkers, en zijn staf. 

Ook bezocht de delegatie op 15 oktober het Internationale Rode Kruis (ICRC) waar het sprak met Pascal Hundt, adjunct-directeur Operatie, over het wereldwijde initiatief om politiek engagement voor internationaal humanitair recht (IHL) te stimuleren. Daarnaast sprak de delegatie met een vertegenwoordiger van het Global Fund to Fight Aids, TBC and Malaria en met Rogier Huizenga van het IPU-comité inzake mensenrechten voor parlementariërs. 

Op 16 oktober ontmoette Belhirch de directeur van Partnership for Maternal, Newborn and Child Health (PMNCH) en op 17 oktober sprak zij met een vertegenwoordiger van het Geneva Centre for Security Sector Governance (DCAF).

Talsma woonde op 15 oktober een vergadering bij van de commissie ter bevordering van het naleven van het internationaal humanitair recht. In dit overleg pleitte de Jordaanse prins Mired voor het universaliseren van het Verdrag inzake antipersoonsmijnen.

Talsma was op 16 oktober aanwezig bij het panel over de IPU Science for Peace Schools. 

Resultaten

De resultaten van de 149e IPU Assemblee in Genève zijn te lezen op de website van de IPU.