Wetsvoorstel : Rijkswet delegatiegrondslagen artikel 38, tweede lid, Statuut voor het Koninkrijk
Dit wetsvoorstel creëert wettelijke grondslagen voor een aantal zelfstandige algemene maatregelen van rijksbestuur – of wel: algemene maatregelen van rijksbestuur die niet op een wettelijke grondslag berusten – die hun gelding dienen te behouden na de wijziging van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (hierna: Statuut) die de mogelijkheden inperkt voor het uitvaardigen van een algemene maatregel van rijksbestuur (hierna: AMvRB) zonder wettelijke grondslag.
Deze samenvatting is gebaseerd op het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zoals ingediend bij de Tweede Kamer.
Activiteiten
Wetgevingsproces
-
16 maart 2026
Het wetsvoorstel is ingediend
-
19 maart 2026
Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden
Regeling van werkzaamheden
Besluit: In handen gesteld van de vaste commissie voor Koninkrijksrelaties
- Download bestand: Advies Afdeling advisering Raad van State van het Koninkrijk en Nader rapport (36910-(R2218)-4) (PDF)
- Download bestand: Memorie van toelichting (36910-(R2218)-3) (PDF)
- Download bestand: Voorstel van Rijkswet (36910-(R2218)-2) (PDF)
- Download bestand: Koninklijke boodschap (36910-(R2218)-1) (PDF)
-
22 april 2026
Procedurevergadering Koninkrijksrelaties
Procedurevergadering
Besluit: Inbrengdatum voor het verslag vaststellen op 13 mei 2026.
-
13 mei 2026
Regeling van grondslagen voor zelfstandige algemene maatregelen van rijksbestuur die hun gelding dienen te behouden (Rijkswet delegatiegrondslagen artikel 38, tweede lid, Statuut voor het Koninkrijk)
Inbreng verslag (wetsvoorstel)