Brief regering : Terugblik beheer staatsdeelnemingen 2025
28 165 Deelnemingenbeleid rijksoverheid
Nr. 476
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 8 juni 2026
In deze brief kijk ik terug op de wijze waarop in 2025 invulling is gegeven aan het
aandeelhouderschap in de staatsdeelnemingen. Daarbij sta ik ook stil bij de belangrijkste
ontwikkelingen van het afgelopen jaar op sectorniveau. Deze brief verstuur ik mede
namens de Staatssecretaris van Financiën en dient ter vervanging van het Jaarverslag
Beheer Staatsdeelnemingen. Eerder informeerde ik uw Kamer dat ik de publicatie van
het Jaarverslag, omwille van de taakstelling op apparaatskosten uit het regeerprogramma
van het vorige kabinet, niet meer aan uw Kamer doe toekomen1
In 2025 stonden de staatsdeelnemingen opnieuw voor uitdagende opgaven. Deelnemingen
zoals TenneT en Stedin werken aan het oplossen van de drukte op ons stroomnet. COVRA
en Urenco zijn cruciaal voor het verder ontwikkelen van de ambities van het kabinet
op het gebied van kernenergie. Op het gebied van innovatie en een weerbare economie
investeerden zowel Invest-NL als Invest International opnieuw in Nederlandse ondernemingen,
waarmee zij een concrete bijdrage leverden aan het versterken van het concurrentievermogen
en het Nederlandse vestigingsklimaat. Ten slotte blijven deelnemingen zoals KLM, Schiphol
en NS werken aan de (internationale) bereikbaarheid en daarmee aantrekkelijkheid van
Nederland.
1. Invulling aandeelhoudersbevoegdheden
Het deelnemingenbeleid kent drie verschillende doelen, waarbij de borging van het
publieke belang het primaire, centrale doel vormt. Er is sprake van een publiek belang
als de markt of samenleving zelf niet in staat is om het maatschappelijk belang voldoende
te borgen en de overheid reden ziet om in te grijpen. Verder heeft het deelnemingenbeleid
het doel het maatschappelijk vermogen te behouden. De financiële waarde die een deelneming
vertegenwoordigt moet behouden blijven voor toekomstige generaties. Ten slotte beoogt
de staat als aandeelhouder verschil te maken door te sturen op goed ondernemingsbestuur.
Door als aandeelhouder actief bij te dragen aan dit doel, wordt beoogd om het publiek
belang en lange termijn waardecreatie te bevorderen.
Hoe de staat de verschillende aandeelhoudersbevoegdheden inzet om deze doelen te bereiken
wordt beschreven in de Nota Deelnemingenbeleid rijksoverheid 2022 (hierna: de Nota
2022)2 en de verschillende handboeken.3 In deze brief beschrijf ik hoe ik in 2025 de verschillende aandeelhoudersbevoegdheden
heb ingevuld.
Het belang van de staat in ABN AMRO en ASN Bank wordt beheerd door NL Financial Investments
(NLFI), op afstand van het Ministerie van Financiën. Daarom zijn deze twee deelnemingen
geen onderdeel van onderstaande beschrijving.
a. Publiek aandeelhouderschap
Conform de Nota 2022 wordt het aandeelhouderschap in elke deelneming minimaal één
keer per zeven jaar geëvalueerd. In de evaluaties wordt onderzocht of het staatsaandeelhouderschap
nog steeds nodig is om de publieke belangen te borgen en of het staatsaandeelhouderschap
toegevoegde waarde heeft gehad. In 2025 zijn vijf aandeelhoudersevaluaties uitgevoerd:
COVRA, Thales, FMO, KLM en Air France-KLM (gezamenlijk uitgevoerd) en Schiphol. Over
de uitkomsten van de aandeelhoudersevaluaties van COVRA en Thales heb ik uw Kamer
in de Kamerbrief Ontwikkelingen Beheer Staatsdeelnemingen van 19 maart 2025 geïnformeerd.4 Voor FMO geldt dat uw Kamer hierover op 27 juni 2025 geïnformeerd is met het Jaarverslag
Staatdeelnemingen 2024.5 Over de uitkomsten van de evaluaties van Schiphol, KLM en Air France-KLM heb ik uw
Kamer geïnformeerd op 30 september 2025.6 Momenteel wordt het aandeelhouderschap in Gasunie en UCN geëvalueerd. Ik informeer
u naar verwachting na de zomer over de uitkomsten van deze evaluaties in een separate
brief.
b. Strategie
In 2025 en begin 2026 hebben COVRA, NS, Nederlandse Loterij, Invest-NL, Invest International,
Schiphol en TenneT hun bedrijfsstrategie herijkt. Om te waarborgen dat de strategie
van staatsdeelnemingen gericht is op het realiseren van publieke belangen, is vastgelegd
dat de staat wordt geconsulteerd bij het opstellen van de strategie van staatsdeelnemingen.
Ter afronding van de consultatiefase is aan iedere deelneming een slotbrief gestuurd.
Hieronder geef ik een samenvatting van de belangrijkste aandachtspunten die de aandeelhouder
hierbij heeft meegegeven voor de strategie.
COVRA
De kern van de gewijzigde strategie is dat COVRA zich richt op het toekomstbestendig
beheren en verwerken van radioactief afval, met aandacht voor de nucleaire transitie,
uitvoering van ontmantelingsactiviteiten en verduurzaming van de bedrijfsvoering.
Als aandeelhouder heb ik benadrukt dat COVRA moet investeren in het aantrekken van
gekwalificeerd personeel en kennisopbouw voor ontmanteling, en dat hogere kosten en
risico-opslagen adequaat verwerkt moeten worden in de tarieven. Daarnaast heb ik klimaatdoelstellingen
onder de aandacht gebracht. COVRA heeft deze aandachtspunten verwerkt door o.a. scenario’s
voor afvalstromen uit te werken en maatschappelijk verantwoord ondernemen integraal
onderdeel te maken van de strategie.
Invest-NL
Invest-NL richt zich in de gewijzigde strategie op de ontwikkeling tot een bredere
en slagkrachtigere nationale financierings- en ontwikkelingsinstelling, met een sterkere
focus op het oplossen van financieringsknelpunten, het mobiliseren van kapitaal van
private investeerders, technologische innovatie en weerbaarheid. Als aandeelhouder
heb ik meegegeven aandacht te houden voor de financieringsvraag van scale-ups, te
waken dat uitbreiding van taken op het terrein van bijvoorbeeld economische veiligheid
niet ten koste gaat van de kerntaken en het mandaat ruimer te benutten met grotere
investeringen per bedrijf. Invest-NL heeft deze aandachtspunten terug laten komen
in de gewijzigde strategie. Zo zijn accenten in nationale veiligheid en concurrentievermogen
in strategische doelstellingen vertaald en heb ik financiële doelstellingen afgesproken.
Invest International
In de nieuwe strategie zal Invest International zich richten op het financieren van
Nederlandse ondernemingen en projecten in het buitenland meer gaat richten op de weerbaarheid
van Nederland. Zo ziet Invest International voor zichzelf een grotere coördinerende
en ontwikkelende rol op het gebied van waardeketens, en gaat ze zich meer richten
op een integrale investeringsaanpak in plaats van individuele investeringen. Als aandeelhouder
heb ik meegegeven dat de dubbele doelstelling (bijdragen aan zowel het Nederlands
verdienvermogen als wereldwijde duurzame ontwikkeling) bij investeringen leidend moet
blijven en dat ik realistische prioriteiten, financiële haalbaarheid en winstgevendheid
van groot belang acht. Dit is meegenomen door de deelneming door de dubbele doelstelling
helder te verwoorden in de strategie en door de strategie door te rekenen in het bedrijfsplan.
Nederlandse Loterij
Nederlandse Loterij streeft er in de nieuwe strategie naar haar huidige productaanbod
verder te benutten en uit te bouwen. Als aandeelhouder heeft de Staatssecretaris van
Financiën de nadruk gelegd op het borgen van het publiek belang van het verantwoord
aanbieden van kansspelen. De Staatssecretaris ziet dit als de belangrijkste (strategische)
doelstelling van Nederlandse Loterij. In lijn hiermee ambieert Nederlandse Loterij
om de standaard voor verantwoord spelen neer te zetten. Dit komt terug in de strategie
doordat één van de strategische pijlers is om de toonaangevende aanbieder te zijn
op het gebied van zorgplicht en de standaard te zetten voor verantwoord spelen.
NS
De kern van de gewijzigde strategie van NS is het richten op een betrouwbare, betaalbare
en betrokken dienstverlening, met als centrale opgave het herstellen van de financiële
gezondheid en het borgen van het publieke belang van bereikbaarheid. Als aandeelhouder
heb ik de nadruk gelegd op het borgen van publieke belangen (bereikbaarheid, betaalbaarheid,
betrouwbaarheid, veiligheid en toegankelijkheid) en op het belang van een structureel
financieel gezond bedrijfsmodel. Daarnaast heb ik gewezen op het belang van een voldoende
ambitieus maar haalbaar strategisch profiel, waarin ook maatschappelijke verantwoordelijkheid
en langetermijnontwikkelingen worden meegenomen. Dit is door NS verwerkt door de publieke
belangen expliciet te verankeren in de strategische bouwstenen en door financiële
gezondheid als prioriteit te benoemen, naast een focus op operationele betrouwbaarheid
en betaalbaarheid.
Schiphol
Schiphol verlegt in haar strategie de focus van groei in aantal vluchten naar verbetering
van de kwaliteit. Als aandeelhouder heb ik meegegeven dat ik het belang van deze verschuiving
erken, en dat ik kwaliteit, arbeidsomstandigheden en een goede balans met de omgeving
belangrijk vind. Ook heb ik meegegeven dat Schiphol een aantrekkelijke luchthaven
moet blijven voor passagiers en luchtvaartmaatschappijen. Dit is meegenomen door de
deelneming door ambitieuze doelstellingen en concrete stappen te definiëren op gebied
van kwaliteit, geluidsoverlast, arbeidsomstandigheden en kostenreductie. Verder heb
ik benadrukt dat ik buitenlandse investeringsvoorstellen, zoals bekend en gebruikelijk,
kritisch zal beoordelen. Voor deze investeringen geldt dat ik verwacht dat deze meer
dan alleen financieel resultaat opleveren. Ze moeten ten minste indirect bijdragen
aan borging van het publieke belang in Nederland en gelieerd zijn aan de kernactiviteiten.
TenneT
De kern van de herijkte strategie van TenneT is het zo snel mogelijk vergroten van
de netcapaciteit door het net uit te breiden én het bestaande net beter te benutten.
Als aandeelhouder onderschrijf ik deze focus en heb ik daarnaast onder meer aandacht
gevraagd voor kostenbeheersing, aangezien de kosten die gemaakt worden voor het vergroten
van de netcapaciteit opgenomen worden in de nettarieven. Ook is samenwerking met alle
betrokken partijen cruciaal om netcongestie zo snel mogelijk op te lossen. TenneT
heeft de aandachtspunten van de aandeelhouder goed verwerkt in de geactualiseerde
strategie. Ook is een actieplan opgesteld naar aanleiding van de stijgende investeringsagenda.
Ik verwacht dat de acties die hieruit voortkomen worden geïmplementeerd en voortvarend
worden toegepast. De herijkte strategie is van toepassing op TenneT Nederland en TenneT
Duitsland.
c. Investeringen
In 2025 heeft de staat in totaal 60 investeringsvoorstellen van deelnemingen goedgekeurd.
Alle investeringen zijn beoordeeld langs de lijnen van het Handboek Investeringen.7 Hiervan waren 28 investeringen gerelateerd aan kernactiviteiten. De 32 goedgekeurde
buitenlandse investeringen betroffen uitsluitend investeringen van Gasunie en TenneT
in de Duitse energie-infrastructuur. Van alle goedgekeurde investeringen dragen er
50 direct bij aan de energietransitie. Van de 60 goedkeuringen hebben er 45 betrekking
op TenneT. Vanwege de grote investeringsopgave van TenneT is het aantal investeringsgoedkeuringen
de afgelopen jaren flink gestegen. Ik ben momenteel met TenneT in gesprek over een
andere invulling van het goedkeuringsrecht, die kan zorgen voor een lager aantal benodigde
goedkeuringen en tegelijkertijd de controle van de aandeelhouder op de investeringsagenda
kan borgen.
d. Benoemingen
De staat vindt het van belang dat de samenstelling van een raad van bestuur (rvb)
en een raad van commissarissen (rvc) divers en evenwichtig is. Twaalf van de veertien
deelnemingen voldeden eind 2025 aan de vereiste van ten minste één derde vrouwen en
één derde mannen in de rvb. Alle deelnemingen waar de staat doorslaggevende invloed
heeft op benoemingen, voldeden eind 2025 aan de vereiste van ten minste één derde
vrouwen en één derde mannen in de rvc. Daarnaast informeer ik u dat het Handboek benoemingen
is geactualiseerd. Het herziene handboek bevat de uitwerking en concretisering van
benoemingenbeleid op basis van praktijkervaringen en actuele ontwikkelingen. Daarnaast
bevat het handboek de uitgangspunten voor de algemene profielschets voor de rvb en
rvc.8
e. Financiële positie
De hoofddoelen van het beleid ten aanzien van de financiële positie zijn 1) het waarborgen
van de continuïteit van de deelneming en 2) het op lange termijn behouden van de financiële
waarde die de deelneming vertegenwoordigt. Sinds de Nota 2022 worden er indicatoren
geïntroduceerd om de financiële positie van de deelnemingen te monitoren. In 2025
en 2026 zijn nieuwe financiële indicatoren en doelstellingen afgesproken met NS, FMO,
Schiphol, Invest-NL en Nederlandse Loterij. Hiermee zijn indicatoren afgesproken met
tien van de vijftien deelnemingen waar de staat meerderheidsaandeelhouder is of voldoende
invloed heeft. In totaal behaalt 71% van de deelnemingen waarmee indicatoren zijn
afgesproken de meerderheid van de rendementsdoelstellingen. Bij de balans- en de operationele
doelstellingen geldt dat respectievelijk 100% en 17%9 van de deelnemingen de meerderheid van de doelstellingen heeft behaald. Het niet
behalen van de operationele doelstellingen kent per deelneming verschillende redenen,
zoals bijvoorbeeld een hoog ambitieniveau bij de gestelde doelstellingen. De resultaten
zijn voor de staat een handvat om het gesprek met de deelnemingen aan te gaan.
De staat ontvangt € 426 miljoen dividend van de niet-financiële staatsdeelnemingen
over de winsten die zijn behaald in 2025 en € 126 miljoen aan afdrachten van Nederlandse
Lotterij. De uitsplitsing per deelneming vindt u in de bijlage bij deze brief. Dit
is € 53 miljoen meer dan in 2024, voornamelijk omdat Schiphol over 2025 weer dividend
uitkeert, volgens het aangepaste dividendbeleid.
Voor Schiphol zijn in 2025 de dividendafspraken voor de periode 2025–2029 aangepast.10 Het uitkeringspercentage van de winst is voor deze periode bijgesteld van 60% naar
30%. Deze bijstelling draagt bij aan de financiële positie van Schiphol en daarmee
aan het mogelijk maken van de investeringsagenda van Schiphol. Schiphol wil in de
periode 2025–2034 ongeveer € 10 miljard investeren, waarvan een groot deel geïnvesteerd
wordt in noodzakelijk onderhoud en verbeteringen van de infrastructuur. Deze investeringsagenda
heeft gevolgen voor de kasstroom, waardoor een verlaging van het dividend bijdraagt
aan een robuuste financiële positie van Schiphol. De investeringen zijn essentieel
voor Schiphol om de hub-functie te behouden en bij te dragen aan de verbondenheid
van Nederland.
In 2025 zijn er ook nieuwe dividendafspraken gemaakt met Havenbedrijf Rotterdam voor
de periode 2025–2034. Deze afspraken zijn opgesteld om een toekomstbestendig dividendbeleid
te waarborgen, waarbij zowel het investeringsvermogen van het Havenbedrijf Rotterdam
als een passend dividend voor aandeelhouders centraal staan. De nieuwe afspraken zijn
marktconform en houden rekening met de noodzakelijke investeringen in haveninfrastructuur
en verduurzaming. Het Havenbedrijf Rotterdam en de aandeelhouders hebben de afspraak
gemaakt dat de dividendcapaciteit afhankelijk is van de voorziene investeringen en
de financiële positie van de organisatie. Als deze posities het toelaten, wordt de
komende jaren 70% van het nettoresultaat uitgekeerd. Dat is een toename ten opzichte
van voorgaande jaren, waarin het uitkeringspercentage lag tussen 50% en 55% van het
nettoresultaat.
f. Maatschappelijk verantwoord ondernemen
De reductie van CO2 is een randvoorwaarde voor het naleven van het Klimaatakkoord van Parijs. Van deelnemingen
wordt verwacht dat zij maatregelen nemen om hun nadelige milieueffecten te verminderen
of te compenseren. Vanaf dit jaar vraagt de staat deelnemingen naar hun bereikte doelstellingen
in relatie tot hun eigen afbouwpad. Uit data blijkt dat van de zeventien deelnemingen
er acht aangeven in 2025 op koers te zijn van hun eigen afbouwpad voor de reductie
van scope 1 broeikasgasemissies.11 Twee deelnemingen (Nederlandse Loterij en NWB Bank) geven aan meer broeikasgasemissies
te hebben gereduceerd dan waar zij in 2025 op koersten. Dit betekent dat zeven deelnemingen
niet op koers zijn, geen afbouwpad hebben of geen data hebben gedeeld. Soms is dit
uitlegbaar, bijvoorbeeld als de activiteiten van de deelneming sterk toenamen, maar
soms ook niet. De staat blijft hier in de gesprekken met deze deelnemingen kritisch
op doorvragen.
Deelnemingen hebben in 2025 ook geïnvesteerd in het verbeteren van arbeidsvoorwaarden
voor alle groepen op de arbeidsmarkt en hun arbeidsomstandighedenbeleid. De afgelopen
jaren hebben deelnemingen zich met name via het Nederlandse Charter Diversiteit van
de SER gecommitteerd aan een diverse en inclusieve werkvloer. De staat onderscheidt
op basis van het Charter vijf dimensies van diversiteit: arbeidsvermogen, etnisch-culturele
diversiteit, man-vrouwverhouding, leeftijd en LHBTI+. Vier deelnemingen (FMO, Havenbedrijf
Rotterdam, Stedin en Thales) hebben aangegeven een plan van aanpak op alle vijf deze
dimensies te hebben opgesteld en hun doelstellingen voor 2025 te hebben behaald. Er
zijn elf deelnemingen die hun doelen op minder dan vijf dimensies behaald hebben of
geen data hebben gedeeld. De staat blijft het belang van brede diversiteit op de werkvloer
benadrukken.
2. Deelnemingen onder de loep
a. Bereikbaarheid
Het kabinet heeft recentelijk een brief verzonden aan het bestuur van Air France-KLM
(bijlage 3). Aanleiding is dat Air France-KLM en KLM behoefte hadden aan een verduidelijking
van de beleidsinzet van het kabinet ten aanzien van de Nederlandse luchtvaartsector.
In deze brief benadrukt het kabinet het belang van de hubfunctie van Schiphol en het
netwerk van KLM voor de internationale bereikbaarheid en de Nederlandse economie,
in balans met het klimaat en de leefomgeving. Het kabinet geeft aan dat de luchtvaartsector
primair zelf verantwoordelijk is voor het borgen van haar concurrentiepositie, maar
benadrukt het belang van een voorspelbaar en transparant overheidskader om dit te
ondersteunen. In de brief worden diverse maatregelen in lijn met het Coalitieakkoord
genoemd.
b. Kansspelen
In 2023 is het aandeelhouderschap van de Staat in Nederlandse Loterij geëvalueerd.12 Vervolgens is eind 2023 een verkenningsrapport met uw Kamer gedeeld waar op hoofdlijnen
mogelijke privatiseringsvarianten voor de Nederlandse Loterij zijn geschetst.13 In mei 2025 heeft de Staatssecretaris van Financiën laten weten de status quo voor
Nederlandse Loterij te hanteren en op termijn opnieuw te kijken of staatsaandeelhouderschap
nog passend is.14
Het verkenningsrapport uit 2023 was een verkenning op hoofdlijnen. De Staatssecretaris
van Financiën wil vervolg geven aan die verkenning op hoofdlijnen en resterende openstaande
vraagstukken onderzoeken. Daarbij wil hij onder andere een verfijnder en concreter
beeld krijgen van privatiseringsmodaliteiten. Dit draagt bij aan de beoordeling van
de haalbaarheid en uitvoerbaarheid. Hij denkt hierbij aan het in kaart brengen van
verschillende governancemodellen die gehanteerd worden in de ons omringende landen
en die mogelijk kunnen bijdragen aan het wegnemen van zorgen over de borging van publieke
belangen.
Belangrijk voor het kabinet is dat er niet enkel gekeken wordt naar de haalbaarheid
en uitvoerbaarheid, maar ook naar de vraag of publieke belangen ten aanzien van kansspelen
voldoende kunnen worden geborgd. Hierin zullen ook morele overwegingen meegenomen
worden. Daarbij wil de Staatssecretaris van Financiën de passendheid en (maatschappelijke)
meerwaarde van het staatsaandeelhouderschap opnieuw bekijken en daarin de ontwikkelingen
van de afgelopen jaren op het gebied van (online) kansspelen en de uitgangspunten
van de visie op kansspelen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid betrekken.
Uitwerking van bovenstaande in een nadere verkenning is wat de Staatssecretaris van
Financiën betreft een logische vervolgstap. De uitkomsten kunnen een basis bieden
om hierover met uw Kamer een inhoudelijk gesprek te voeren. Het moment van deze nadere
verkenning en de exacte vormgeving ervan zal de Staatssecretaris van Financiën in
samenspraak met de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepalen. Daarbij is
van belang te vermelden dat het kabinet prioriteit heeft bij de uitvoering van de
in het coalitieakkoord opgenomen maatregelen voor kansspelen op afstand. Voor het
einde van het jaar wil de Staatssecretaris van Financiën u nader informeren.
Verder heeft de voorganger van de Staatssecretaris van Financiën in 2016 toegezegd
om in de rol als aandeelhouder van Nederlandse Loterij erop toe te zien dat de Staatsloterij
met gedupeerden van misleidende reclame op een goede manier tot een oplossing komt.15 In zijn rol als aandeelhouder van Nederlandse Loterij heeft de Staatssecretaris van
Financiën de afgelopen jaren nauw contact gehad over de wijze waarop Nederlandse Loterij
tot een oplossing kwam voor gedupeerden. Nederlandse Loterij heeft in 2017 met Stichting
Staatsloterijschadeclaim een akkoord bereikt in de vorm van een vergoeding, heeft
een bijzondere trekking georganiseerd waaraan alle toenmalige spelers mochten deelnemen
en daarnaast zijn er afspraken gemaakt over een betere bescherming van het klantbelang
in de toekomst. Op dit moment lopen er nog enkele juridische procedures tussen Nederlandse
Loterij en individuele gedupeerden. Hierin heeft de Staatssecretaris van Financiën
als aandeelhouder geen rol. Hij beschouwt deze toezegging daarmee als afgedaan.
c. Energietransitie en leveringszekerheid
In 2025 heb ik structurele oplossingen gevonden voor de kapitaalbehoefte van zowel
TenneT Nederland als TenneT Duitsland16. Voor TenneT Nederland heb ik gekozen voor een instellingsgarantie. Daarmee kan TenneT
Nederland zelfstandig schuld aantrekken voor de grote investeringsopgave, zonder dat
aanvullende kapitaalstortingen door de staat nog nodig zijn. Het garantieplafond wordt
jaarlijks herijkt en voorgelegd aan het parlement, waarmee sturing en toezicht behouden
blijven. Voor de kapitaalbehoefte van TenneT Duitsland zijn twee afzonderlijke overeenkomsten
gesloten. Ten eerste is met drie private investeerders (Norges Bank Investment Management,
APG en GIC) afgesproken dat zij via een onderhandse uitgifte gezamenlijk tot circa
46% van de aandelen zullen verkrijgen in ruil voor een kapitaalstorting tot € 9,5
miljard. Hiermee wordt de volledige kapitaalbehoefte afgedekt. Ten tweede is met de
Duitse staat overeenstemming bereikt over toetreding als aandeelhouder (25,1%). De
Duitse staat investeert onder dezelfde voorwaarden als de private partijen, wat leidt
tot zowel directe opbrengsten voor Nederland als een extra financiële buffer voor
toekomstige investeringen van TenneT. Beide transacties kunnen worden geïmplementeerd
zodra de benodigde goedkeuringen van de relevante toezichthouders zijn ontvangen,
naar verwachting nog in de eerste helft van 2026.
d. Financieren en investeren
Het kabinet werkt in het kader van de Taskforce Toekomstige Welvaart en Verdienvermogen
aan de oprichting van de nationale investeringsinstelling. Deze instelling heeft als
doel om de Nederlandse kapitaalmarkt en ons verdienvermogen op de lange termijn te
versterken. De instelling is er om financiering te verstrekken aan projecten en bedrijven
die deze financiering niet zelfstandig op de private financieringsmarkt kunnen ophalen.
De instelling zal overwegend marktconforme financiering verstrekken, die kan bestaan
uit eigen vermogen en verschillende typen leningen. Deze instelling kan bestaande
instrumenten integreren, is de Nederlandse partner van de Europese investeringsbank
en werkt op afstand van politiek en departementen. De investeringsinstelling is gericht
op private investeringen, verdringt privaat kapitaal niet en mobiliseert institutioneel
kapitaal. De instelling is er niet voor zelfstandige publieke taken. Die investeringen
lopen via de Rijksbegroting. Rond de zomer wordt uw Kamer verder geïnformeerd over
de inrichting van de instelling.
Conform artikel acht lid twee van de Machtigingswet oprichting Invest-NL heb ik ook
het Jaarverslag 2025 van Invest-NL als bijlage bijgevoegd. Daarnaast ontvangt u conform
artikel acht lid twee van de Machtigingswet oprichting Invest International ook het
Jaarverslag 2025 van Invest International.
e. Schikking SRH en de VEB
SRH (voorheen: SNS REAAL) was de moedermaatschappij van SNS Bank (nu: ASN Bank) en
verzekeraar REAAL (nu: Athora Netherlands). Op 1 februari 2013 is SNS REAAL genationaliseerd.
Sinds de verkoop van REAAL op 26 juli 2015 en de overdracht van SNS Bank aan de staat
op 30 september 2015 heeft SRH geen dochtervennootschappen en economische activiteiten
meer. SRH zet zich in om tot afwikkeling van de vennootschap te komen onder meer door
de werkzaamheden die verband houden met haar historie als houdster van aandelen in
financiële instellingen af te ronden.
In een brief van 14 maart 2023 heeft de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) SRH
aansprakelijk gesteld voor de door effectenbezitters vermeende geleden schade. Deze
aansprakelijkheid is door SRH als ongegrond van de hand gewezen, maar SRH is wel op
de uitnodiging van de VEB om in overleg te treden ingegaan. Na het voeren van meerdere
gesprekken is SRH, tezamen met ASN Bank en de voormalig accountant van deze vennootschappen,
tot een schikkingsafspraak met de VEB gekomen.
SRH, ASN Bank en de voormalig accountant van deze vennootschappen hebben bij de schikking
geen aansprakelijkheid of schuld erkend. Onderdeel van de afspraken is een betaling
van maximaal € 10,25 miljoen door SRH, ASN Bank en de voormalig accountant tezamen
aan de VEB. Voor een vergoeding uit hoofde van de schikking komen alleen leden van
de VEB in aanmerking die aandelen in SNS REAAL hadden in de periode vanaf 18 mei 2006
tot en met 1 februari 2013 (de datum van de nationalisatie) en die in die periode
per saldo koersverlies hebben geleden op hun aandelen. Met deze schikking wordt een
langdurige en kostbare juridische procedure met de VEB vermeden.
Conform de afspraken tussen SRH en de staat heeft SRH mij om goedkeuring gevraagd
voor de schikkingsafspraak. Ik heb hiermee ingestemd. Na afronding van de schikking
met de VEB zal de afwikkeling van SRH verder vorm krijgen en op termijn uiteindelijk
kunnen worden beëindigd.
Afsluiting
Tot slot wil ik mijn waardering uitspreken voor de inzet van de medewerkers, bestuurders
en commissarissen van de deelnemingen. Zij zetten zich elke dag met toewijding in
voor het publieke belang. Hiervoor wil ik hen hartelijk bedanken.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Indieners
E. Heinen, minister van Financiën