Brief regering : Benelux non paper Voorstel voor een 28ste regime voor ondernemingen de EU Inc.
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4360
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 mei 2026
Hierbij zend ik uw Kamer ter informatie het non-paper van de Benelux-landen over het
voorstel van de Europese Commissie voor een Verordening betreffende het vennootschapsrechtelijk
kader van de 28e regeling – «EU Inc.» (hierna: het voorstel). Nederland zal dit non-paper samen met
België en Luxemburg aanbieden aan de andere lidstaten in het kader van de onderhandelingen
over het voorstel.
Het non-paper is in lijn met de Nederlandse positie zoals uiteengezet in het BNC-fiche
over het voorstel, dat op 24 april jl. aan uw Kamer is verzonden.1 De Benelux-landen spreken hierin hun steun uit voor de versterking van het concurrentievermogen
van de Europese Unie en de interne markt. Ook spreekt het non-paper de verwachting
uit dat het voorstel daarbij een betekenisvolle stap kan zijn. Tegelijkertijd wordt
door de Benelux-landen geconstateerd dat aanvullende waarborgen nodig zijn om fraude,
witwassen en misbruik door een EU Inc. te voorkomen. Ook wordt benadrukt dat bij gebruik
van een EU Inc. nationale werknemersrechten gewaarborgd moeten blijven. Verder wordt
aangegeven dat het voorstel nog ambitieuzer had kunnen zijn, door bijvoorbeeld te
voorzien in meer harmonisatie op het gebied van het ondernemingsrecht. De oproep tot
een meer ambitieuze inzet sluit aan op het coalitieakkoord waarin staat dat het kabinet
inzet op verdere harmonisatie van het vennootschapsrecht in Europees verband.
In het BNC-fiche is aangegeven dat gekeken kan worden naar de mogelijkheden die de
landen van de Benelux hebben om een voortrekkersrol te vervullen bij verdere harmonisatie
van het vennootschapsrecht.
Dit sluit tevens aan op de door uw Kamer aangenomen motie Lanschot/Dassen2 van januari jl. die opriep tot het betrekken van de Benelux om daadwerkelijk richtinggevend
te worden voor verdere ondernemingsrechtinitiatieven binnen het 28ste regime op Europees
niveau
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
K.T. van Bruggen
Indieners
K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid