Brief regering : Voortgangsrapportage Stationsagenda 2025
29 984 Spoor: vervoer- en beheerplan
23 645 Openbaar vervoer
Nr. 1275 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 februari 2026
Op 9 februari 2023 is de Stationsagenda aangeboden aan de Tweede Kamer.1 De Stationsagenda is een beleidsagenda met een toekomstvisie voor het treinstation
in 2040 en beoogt de kwaliteit van de bestaande treinstations te behouden en te verbeteren.
Het is een beleidsagenda die aanvullend is op de concessies die het Ministerie van
IenW heeft met ProRail en NS. Naast de Stationsagenda is ook een uitvoeringsagenda
met de Kamer gedeeld voor de jaren 2025 en 2026 die beschrijft welke stappen op korte
termijn worden gezet om de ambities op belangrijke publieke belangen, zoals veiligheid,
toegankelijkheid en duurzaamheid waar te maken.
Ook het afgelopen jaar heeft het Ministerie van IenW samen met ProRail, NS Stations
en andere belanghebbenden gewerkt aan de acties uit deze uitvoeringsagenda. Er is
bij de aanbieding van de Stationsagenda toegezegd de Kamer jaarlijks op de hoogte
te houden van de vorderingen hiervan. Hierbij bied ik u daarom de derde voortgangsrapportage
van de Stationsagenda aan.
De voortgangsrapportage beschrijft de voortgang die in 2025 is geboekt.
Oordeel van de reiziger
Een belangrijke graadmeter voor het functioneren van treinstations is het oordeel
van de treinreiziger. Dit oordeel wordt sinds 2014 gemeten met een steekproef onder
ruim 80.000 reizigers in de Stationsbelevingsmonitor. Het gemiddelde oordeel van de
reiziger in 2025 komt uit op een 7,2, in lijn met de resultaten uit de afgelopen jaren.
Resultaten en voortgang prioritaire thema’s
De voortgangsrapportage bevat naast een beschrijving van de algemene ontwikkeling
ook een overzicht van de voortgang rond 9 prioritaire thema’s. Een selectie van geboekte
resultaten in 2025:
– In 2025 is de subsidie aan ProRail verstrekt om acties te ondernemen op o.a. sociale
veiligheid. Er is budget om camera’s te plaatsen op 14 stations. De eerste 4 stations
zijn inmiddels voorzien van extra camera’s. In de eerste helft van 2026 zullen de
overige stations worden voorzien van extra camera’s. Daarnaast is er gewerkt aan concrete
verbetermogelijkheden en maatregelpakketten.
– Op meerdere stations zijn verbeteringen doorgevoerd wat betreft de toegankelijkheid.
Vijf nieuwe stations zijn op de correcte perronhoogte gebracht voor een zelfstandige
instap in het treinstel. Daarnaast zijn 390 van de 394 treinstations toegankelijk
door middel van een lift en/of een hellingbaan. Voor drie van de vier resterende stations
wordt er aan planvorming gewerkt voor het toegankelijk maken van het station. Op het
laatste resterende station zijn de werkzaamheden in 2025 gestart. In de verzamelbrief
OV en Taxi, die gelijktijdig met deze brief aan de Kamer wordt aangeboden, wordt meer
in algemene zin ingegaan op de voortgang bij het meer toegankelijk maken van het OV.
– In 2025 zijn veel nieuwe fietsenstallingen geopend, zoals in Geldermalsen, Schiedam
en Zandvoort. Andere fietsenstallingen zijn uitgebreid of verbeterd, zoals in Delft,
Utrecht en Zwolle. Daarnaast is het arrangement fietsparkeren ondertekend door ProRail,
NS Stations, IenW en VNG. In nauwe samenwerking met diverse gemeenten zijn hierin
afspraken rond kostenverdeling, BTW, aanbesteden en rollen en verantwoordelijkheden
voor bewaakte fietsenstallingen rondom bouw, exploitatie en beheer en onderhoud vastgelegd.
Dit met het doel om in het vervolg snellere besluitvorming en uniformiteit op fietsenstelling
te faciliteren. Zo blijven we werken aan de sterke fiets-treinverbinding.
– Op het thema duurzaamheid zijn opnieuw stappen gezet. De ambitie naar een Afvalvrij
Station is herijkt en deze ambitie zet zoden aan de dijk: 42% van het afval op stations
wordt gescheiden. Deze positieve ontwikkeling is mede ingezet door betere scheiding
van afval bij de bron.
Bovenstaande resultaten zijn een greep uit de bijgevoegde Voortgangsrapportage. In
2026 zet het Ministerie van IenW de realisatie van de uitvoeringsagenda 2025–206 voort
samen met ProRail, NS Stations en andere partijen.
Aandachtspunten
De Stationsbelevingsmonitor biedt de mogelijkheid om thema’s te identificeren die
meer aandacht vragen. Sociale veiligheid is ook dit jaar weer een belangrijke prioriteit.
Alhoewel het algemene oordeel over sociale veiligheid lijkt te stabiliseren met een
6,86 in 2025 ten opzichte van 6,91 in 2024, neemt het aantal onvoldoende scorende
stations op dit thema toe. Vorig jaar was dit ook het geval en het aantal veiligheidsincidenten
is toegenomen. Reizigers voelen zich voornamelijk onveilig op bepaalde momenten, zoals
’s avonds, en dit geldt in het bijzonder voor bepaalde groepen reizigers, met name
vrouwen en meisjes. Stations moeten veilige plekken zijn, een fijne plek voor zowel
reizigers als medewerkers. Daarom werk ik intensief samen met onze partners binnen
de Stationsagenda om dit dalende veiligheidsgevoel tegen te gaan. Eind 2025 is het
programma «Een veilig station; altijd voor iedereen» van start gegaan. Ik wil met
stationsdeals maatwerkafspraken maken om de sociale veiligheid te verbeteren op en
rond stations, passend bij de lokale situatie. Daarbij kijk ik breder dan alleen fysieke
maatregelen zoals het aanpakken van donkere hoeken, lege ruimtes, slechte verlichting
en weinig toezicht. Met deze acties doe ik de motie Veltman af om in de uitvoering
van de Stationsagenda 2024 veiligheid meer prioriteit te geven ten opzichte van andere
acties in de Stationsagenda.2
Voorgaande jaren was de wachttijdbeleving ook één van de minder goed beoordeelde thema’s.
In 2025 is dit thema beoordeeld met een 6,24, waar deze in 2024 een 6,22 betrof. Ook
dit cijfer lijkt dus te zijn gestabiliseerd. Om de wachttijdbeleving te verbeteren,
worden er onderzoeken uitgevoerd om voor slecht scorende (kleine) stations met maatwerk
te komen om de wachttijdbeleving te verbeteren. In 2027 worden de resultaten verwacht.
Vervolg
Dit is inmiddels de derde voortgangsrapportage van de Stationsagenda, waarmee de inzet
van het Ministerie van IenW, ProRail en NS Stations op een aantal prioritaire thema’s
in het stationsdomein in beeld wordt gebracht. Zo maken deze partijen gezamenlijk
inzichtelijk op welke manier we werken aan de publieke belangen op stations en hoe
belangrijke indicatoren zich meerjarig ontwikkelen.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, A.A. Aartsen
Ondertekenaars
A.A. Aartsen, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat