Rapporteurs commissie Binnenlandse Zaken

Kamercommissies kunnen leden benoemen tot rapporteur voor een bepaald onderwerp. Vaak is dat het geval bij wetgevingsdossiers, EU-dossiers, sommige thema’s op de kennisagenda en de begrotings- en verantwoordingscyclus. Een rapporteur verdiept zich in het onderwerp en adviseert de commissie over de behandeling. Meestal benoemt een commissie twee of meer leden tot rapporteur voor een onderwerp. De rapporteurs kunnen een beroep doen op ondersteuning door de ambtenaren bij de Tweede Kamer.

Wet modernisering en flexibilisering verlof- en vervangingsregeling politieke ambtsdragers

Tijdens de strategische procedurevergadering van donderdag 12 februari 2026 heeft de commissie de leden Rajkowski (VVD) en Tseggai (GroenLinks-PvdA) benoemd tot rapporteur.  

Het wetsvoorstel wordt in de zomer van 2026 verwacht. 

Voorstel tot wijziging van de Grondwet inzake de vervolging en berechting van ambtsdelicten die zijn begaan door leden van de Staten-Generaal, ministers en staatssecretarissen

Tijdens de procedurevergadering van donderdag 4 juni 2026 heeft de commissie de leden Tijs van den Brink (CDA) en Clemminck (JA21) benoemd tot rapporteur.  

Het wetsvoorstel is op 26 mei 2026 ingediend bij de Tweede Kamer.  

Wet bijstand bij discriminatie

Tijdens de strategische procedurevergadering van donderdag 12 februari 2026 heeft de commissie de leden Tseggai (GroenLinks-PvdA) en Bamenga (D66) benoemd tot rapporteur.  

Het wetsvoorstel is in internetconsultatie geweest tot 1 mei 2026. 

Jaarverslag en slotwet van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2025

Het lid Boelsma-Hoekstra (CDA) is door de commissie benoemd tot rapporteur voor dit wetsvoorstel. Hieronder worden ook behandeld de jaarverslagen en slotwetten van de overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad, het Gemeentefonds en het Provinciefonds. 

Over deze wetsvoorstellen staat een schriftelijk overleg gepland (16 juni 2026). De inbreng van rapporteur Boelsma-Hoekstra zal worden opgenomen in het verslag van het schriftelijk overleg. De commissie voor Binnenlandse Zaken stemde op 4 juni 2026 in met deze inbreng als rapporteur.

Evaluatieonderzoek op BiZa-terrein

Tijdens de strategische procedurevergadering van 12 februari 2026 besloot de commissie voor Binnenlandse Zaken meer aandacht te willen besteden aan de zogeheten Strategische Evaluatie Agenda. Aan de hand van een stafnotitie besloot de commissie tijdens de procedurevergadering van 2 april 2026 een voorbereidingsgroep in te stellen voor de verdere uitwerking, bestaande uit de leden Meulenkamp (VVD) en Sneller (D66).

In de procedurevergadering van 4 juni 2026 werden de leden Meulenkamp (VVD) en Sneller (D66) benoemd tot rapporteurs Evaluatieonderzoek op het terrein van Binnenlandse Zaken.

EU-rapporteurs

Richtlijn tot vaststelling van geharmoniseerde voorschriften voor de interne markt betreffende de transparantie van namens derde landen uitgevoerde belangvertegenwoordigingsactiviteiten

Glimina Chakor (GL-PvdA) 
Sander van Waveren (NSC)

De Europese Commissie stelt een richtlijn voor die meer transparantie moet brengen in lobbyactiviteiten namens derde landen binnen de EU. Vanuit Nederlands perspectief steunt de Tweede Kamer, na een eerder behandelvoorbehoud en informatie-afspraken met het kabinet, het doel van deze richtlijn: het tegengaan van ongewenste buitenlandse beïnvloeding van democratische processen. Tegelijkertijd benadrukken Kamerleden het belang van zorgvuldige afbakening van de regels: wanneer is er sprake van buitenlandse beïnvloeding, en hoe voorkomen we dat ook legitieme maatschappelijke organisaties hieronder vallen? 

In hun tussentijdse verslag wijzen de rapporteurs op het spanningsveld tussen Europese harmonisatie en nationale beleidsvrijheid. Ze pleiten voor ruimte om in Nederland zelf te bepalen hoe toezicht en uitvoering worden ingericht. Zo kan de Kamer grip houden op Brusselse besluitvorming en tegelijkertijd fundamentele vrijheden beschermen. De rapporteurs hebben tevens geconstateerd dat zij het op basis van de stand van zaken in juli 2025 niet noodzakelijk vinden om nationale besluitvorming afhankelijk te maken van het Europese traject. Het Europese traject was op dat moment nog onvoldoende richtinggevend voor nationale beleidskeuzes rondom transparantie en lobbyregulering. Gezien de onzekerheden in de Europese voortgang en het risico op tijdsverlies, kan Nederland volgens de rapporteurs, met inachtneming van de Europese ontwikkelingen, dan ook overwegen om zelfstandig verdere stappen te zetten. 

Europees Schild voor de Democratie (European Democracy Shield)

Sneller (D66)
Tseggai (GroenLinks-PvdA)
Van Houwelingen (FvD)

Op 12 november 2025 bracht de Europese Commissie het Europees Schild voor de Democratie (ESD) uit. Het is een voorstel dat bedoeld is om Europese democratieën weerbaarder te maken tegen buitenlandse beïnvloeding en desinformatie. Het voorstel bevat onder meer bepalingen over samenwerking tussen lidstaten, informatie-uitwisseling over dreigingen en betere bescherming van verkiezingsprocessen. Het is voor de Kamer belangrijk dat maatregelen zorgvuldig worden afgewogen tegen de bescherming van grondrechten zoals vrijheid van meningsuiting, persvrijheid en het recht op deelname aan democratisch debat. Ook moet worden voorkomen dat Europese maatregelen leiden tot ongewenste inmenging in nationale bevoegdheden of tot het onbedoeld beperken van kritische stemmen.

De Tweede Kamer heeft nog niet over het Europees Schild voor de Democratie gedebatteerd of positie ingenomen. Wel hebben zich drie rapporteurs in de Tweede Kamer gemeld ten aanzien van het ESD: de leden Sneller (D66), Tseggai (GL-PvdA), en Van Houwelingen (FvD).

Op maandag 13 april 2026 brachten de rapporteurs in dit kader een werkbezoek aan Brussel. In kamerstuk 22112, nr. 4384 is het verslag van de Rapporteurs over het werkbezoek terug te vinden. Met dit verslag eindigt het rapporteurschap op dit onderwerp.