Schriftelijke vragen : De strafrechtelijke vervolging van Tata Steel voor opzettelijke vervuiling en de gevolgen voor de maatwerkafspraken
Vragen van de leden van Oosterhout (PRO) en Zalinyan (PRO) aan de Minister van Klimaat en Groene Groei en Staatsecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over de strafrechtelijke vervolging van Tata Steel voor opzettelijke vervuiling en de gevolgen voor de maatwerkafspraken (ingezonden 9 juli 2026).
Vraag 1
Wanneer heeft u kennisgenomen van de in de berichtgeving genoemde feiten en omstandigheden,
en bent u hier van geschrokken of was dit verwacht?1
Vraag 2
In hoeverre zijn de in de berichtgeving beschreven feiten betrokken bij de onderhandelingen
over de maatwerkafspraken met Tata Steel?
Vraag 3
Welke consequenties heeft de vervolging van het Openbaar Ministerie (OM) voor de onderhandelingen
en het tijdspad van de maatwerkafspraken? Is in de onderhandelingen rekening gehouden
met dit scenario, inclusief mogelijke veroordeling en sancties?
Vraag 4
Welke financiële risico's loopt de Staat indien tijdens of na het sluiten van maatwerkafspraken
blijkt dat Tata Steel strafrechtelijk aansprakelijk wordt gehouden, bijvoorbeeld doordat
de uitvoering van de afspraken vertraging oploopt, niet kan plaatsvinden of significante
impact heeft op de financiële gezondheid van het bedrijf?
Vraag 5
Bevatten de voorgenomen maatwerkafspraken bepalingen die de Staat beschermen tegen
financiële schade of terugvordering van publieke middelen indien Tata Steel wordt
veroordeeld voor strafbare feiten? Zo nee, wordt hier nu in de onderhandelingen op
in gezet?
Vraag 6
Deelt u de opvatting dat naleving van wet- en regelgeving een randvoorwaarde moet
zijn voor het verstrekken van substantiële publieke steun?
Vraag 7
Welke gevolgen heeft de strafrechtelijke vervolging van Tata Steel voor het toezicht-
en handhavingsbeleid van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied? Acht u aanvullende
maatregelen noodzakelijk?
Vraag 8
Deelt u de opvatting dat een strafrechtelijke vervolging wegens opzettelijke milieuvervuiling
aanleiding moet zijn om kritisch te bezien of de huidige vergunningen, vergunningvoorschriften
en handhavingsinstrumenten toereikend zijn? Zo ja, welke stappen worden gezet?
Vraag 9
Bent u bereid te onderzoeken of de strafrechtelijke vervolging aanleiding geeft om
aanvullende emissiebeperkende maatregelen of aangescherpte vergunningvoorschriften
op te leggen aan Tata Steel?
Vraag 10
Hoe wordt geborgd dat de gezondheid van omwonenden gedurende de periode van de strafrechtelijke
procedure niet verder onder druk komt te staan? Welke extra maatregelen zijn de komende
periode mogelijk?
Vraag 11
Bent u van oordeel dat de strafrechtelijke vervolging aanleiding geeft om de uitvoering
van de aanbevelingen van de Expertgroep Gezondheid IJmond te versnellen en versterken,
in het bijzonder ten aanzien van continue emissiemonitoring, transparantie van meetgegevens
en gezondheidsbescherming? Zo nee, waarom niet?
Vraag 12
Welke gevolgen heeft de strafrechtelijke vervolging voor het vertrouwen dat de overheid
kan stellen in de naleving van vergunningvoorschriften door Tata Steelm, en hoe wordt
hieraan gewerkt?
Vraag 13
Kunt u reflecteren op het effect van deze ontwikkelingen op het vertrouwen van burgers
in de overheid en de maatwerkafspraken?
Vraag 14
Bent u bereid de Kamer te informeren over de gevolgen van deze berichtgeving voor
het verdere onderhandelingsproces? Wacht u de uitkomsten van het onderzoek van het
OM af voor de maatwerkafspraken worden ondertekend?
Indieners
-
Gericht aan
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei -
Gericht aan
A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Sjoukje van Oosterhout, Kamerlid -
Medeindiener
Ani Zalinyan, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.