Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Wendel over het bericht dat werkgevers in de zorg twijfelachtige certificaten blijven accepteren bij zoektocht naar nieuw personeel aan de Tweede Kamer
Vragen van het lid Wendel (VVD) aan de Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport over het bericht dat werkgevers in de zorg twijfelachtige certificaten blijven accepteren bij zoektocht naar nieuw personeel (ingezonden 9 april 2026).
Antwoord van Minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) (ontvangen 24 april
2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «De zorg blijft twijfelachtige certificaten accepteren
bij zoektocht naar nieuw personeel»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Wat vindt u ervan dat in de zorg nog steeds actief gezocht wordt naar potentiële werknemers
met EVC-certificaten?
Antwoord 2
Het kabinet vindt het onwenselijk dat er nog steeds actief wordt gezocht naar werknemers
op basis van EVC-certificaten. De dringende oproep die ik samen met mijn collega bewindspersonen
heb gedaan is gebaseerd op verschillende signalen en onderzoeken waaruit blijkt dat
het huidige EVC-stelsel onvoldoende kwaliteitsborging kent en ruimte laat voor misbruik.
Een EVC-certificaat biedt daarom op dit moment geen betrouwbare garantie voor de vereiste
kennis en vaardigheden.
Vraag 3
Hoe rijmt u de dringende oproep vanuit vier collega bewindspersonen om geen gebruik
meer te maken van EVC-certificaten met het feit dat werkgevers in de zorg nog steeds
actief zoeken naar kandidaten met deze certificaten?
Antwoord 3
Het kabinet begrijpt het belang van het erkennen van leer- en werkervaring in brede
zin. Echter, in het geval van het erkennen van leer- en werkervaring op basis van
EVC-certificaten is gebleken dat dit in de praktijk vaak een «papieren exercitie»
is, waardoor de deur open wordt gezet voor fraude met deze certificaten. Dat is ook
de aanleiding geweest voor onze dringende oproep om geen gebruik meer te maken van
EVC-certificaten. Tegelijkertijd is het EVC-stelsel privaat en kunnen werkgevers er
daarom voor kiezen om hier toch gebruik van te maken. Maar het accepteren van een
EVC-certificaat neemt de verantwoordelijkheid van partijen niet weg om zelf te beoordelen
of iemand bekwaam en bevoegd is. Werkgevers en onderwijsinstellingen blijven verantwoordelijk
voor de inzet van deskundige medewerkers (in de zorg) en voor het verlenen van vrijstellingen.
Dit is ook nadrukkelijk onderdeel van onze oproep geweest.
Vraag 4
Wat vindt u ervan dat er hierdoor nog steeds personen zonder de vereiste kennis en
ervaring toegang krijgen tot functies, opleidingen en voorzieningen waarvoor zij onvoldoende
gekwalificeerd of bevoegd zijn?
Antwoord 4
Dat is zorgelijk. De geconstateerde fraudegevoeligheid in het EVC-stelsel maken dat
EVC-certificaten geen betrouwbare weergave zijn van iemands competenties. Het is daarom
onacceptabel dat personen hierdoor toegang krijgen tot functies of opleidingen waarvoor
zij niet voldoende zijn gekwalificeerd. Dit onderstreept de noodzaak om gehoor te
geven aan de oproep om geen gebruik meer te maken van EVC-certificaten en te kijken
naar andere mogelijkheden om leer- en werkervaring te erkennen. Ik benadruk nogmaals,
als werkgevers ervoor kiezen om gebruik te blijven maken van EVC-certificaten, dan
ontslaat dat hen niet van de verantwoordelijkheid om zelf te beoordelen dat hun personeel
bekwaam en bevoegd is. De verantwoordelijkheid om te borgen dat (potentiële) werknemers
over de kennis en vaardigheden beschikken om het werk uit te voeren blijft bij de
werkgever.
Vraag 5
Wat vindt u ervan dat volgens Trouw voor onder andere vacatures voor pedagogisch hulpverlener
(voor uithuisgeplaatste jongeren) en jeugdzorgwerker EVC-certificaten nog steeds worden
gebruikt terwijl deze medewerkers juist met kwetsbare jongeren werken?
Antwoord 5
De kwaliteit en veiligheid van kwetsbare jongeren die jeugdhulp ontvangen moeten zo
goed als mogelijk worden gewaarborgd. Als er nog werkgevers en jeugdhulpaanbieders
zijn die professionals werven op een EVC-certificaat, zonder te controleren of deze
echt bekwaam en bevoegd zijn, dan is dat zorgwekkend. Onze brief van februari 2026
over fraude met EVC-certificaten, is gebaseerd op onderzoeken van het Openbaar Ministerie,
de Inspectie van het Onderwijs en de Inspectie van Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).
De dringende oproep om niet langer te vertrouwen op EVC-certificaten is gericht aan
alle branches binnen de zorg, ook jeugdhulpaanbieders. Om de veiligheid, kwaliteit
en integriteit van zorg te waarborgen is de inzet van werkgevers nodig en dienen zij
zorgvuldig te beoordelen of iemand bekwaam en bevoegd is om zorg te verlenen.
Vraag 6
Hoe verhoudt het feit dat er jeugdzorgwerkers worden gezocht met EVC-certificaten
zich tot het voornemen van Jeugdzorg Nederland om niet langer gebruik te maken van
EVC-certificaten? Welke status heeft dit voornemen van de brancheorganisatie?
Antwoord 6
Uit afstemming met Jeugdzorg Nederland blijkt dat niet zonder meer is vast te stellen
of het de leden van Jeugdzorg Nederland zijn die nog professionals met EVC-certificaten
zoeken. Het standpunt van Jeugdzorg Nederland is dat zolang de kwaliteit van EVC-certificaten
niet betrouwbaar getoetst kan worden, men zeer terughoudend moet zijn in het aannemen/inzetten
van mensen met EVC-certificaten. Jeugdzorg Nederland heeft haar leden opgeroepen kandidaten
en hun dossiers met werkervaring en opleiding grondig te controleren. Jeugdzorg Nederland
blijft dit standpunt onderstrepen. Dat standpunt komt overeen met strekking van de
brief die in februari dit jaar door mij en mijn collega bewindspersonen is verzonden
aan veldpartijen.
Vraag 7
Deelt u de mening dat het onwenselijk is dat kwaadwillenden middels deze certificaten
dus nog steeds de mogelijkheid hebben om kwetsbare jongeren te ronselen voor criminele
activiteiten?
Antwoord 7
Ik deel de zorgen over fraude en de signalen over het ronselen van kwetsbare jongeren
binnen de jeugdhulp. Jongeren moeten kunnen vertrouwen op de kwaliteit van jeugdzorg
en de professionals die deze bieden. Het is onaanvaardbaar dat jongeren de dupe zijn
van fraude met certificaten en niet de zorg krijgen die zij nodig hebben. Op korte
termijn gaat een wetsvoorstel over de vergewisplicht in internetconsultatie. Door
deze in te voeren voor de Jeugdwet zullen jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen
verplicht zijn het arbeidsverleden van nieuw aangenomen professionals na te gaan.
De problematiek van fraude en zware georganiseerde criminaliteit gaat helaas veel
verder dan het zorgdomein en vraagt een brede integrale aanpak. Zo werk ik structureel
samen met andere departementen, toezichthouders, gemeenten en opsporingsdiensten.
Onderdeel daarvan is de brief van mij en mijn collega bewindspersonen van februari
dit jaar, waarin veldpartijen wordt opgeroepen terughoudend te zijn met de inzet van
professionals op basis van EVC-certificaten.
Vraag 8
Wat vindt u ervan dat verschillende zorgopleidingen nog steeds reclame maken voor
deze vorm van diplomering?
Antwoord 8
Onderwijsinstellingen zijn door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)
in een brief op 19 juni 2025 geïnformeerd over het misbruik met EVC-certificaten in
de «onderwijsroute». Examencommissies zijn er met de brief extra op gewezen om alleen
een vrijstelling te verlenen als boven alle twijfel verheven is dat iemand geheel
voldoet aan de gestelde kwalificatie-eisen. Dit laat onverlet dat laagdrempelig om-
en bijscholen mogelijk moet blijven. Onderwijsinstellingen blijven de ruimte houden
om zelf betrouwbare valideringstrajecten in te zetten gericht op het (h)erkennen van
relevante eerder opgedane leer- en werkervaring en het bieden van maatwerktrajecten
aan zij-instromers die aansluiten op wat zij al kennen en kunnen. Ik blijf in nauw
overleg met de Minister van OCW over waar dit goed gaat en waar niet, waar we indien
nodig passende maatregelen treffen.
Vraag 9
Hoe wilt u uitvoering geven aan het amendement-Synhaeve/Wendel aangaande EVC fraude?
Antwoord 9
Middels het amendement Synhaeve/Wendel trek ik in 2026 elk geval 200.000 euro uit
voor het vervolgonderzoek naar onvolkomenheden in de onderliggende dossiers behorend
bij EVC-certificaten van professionals in de jeugdhulp. Momenteel ben ik in gesprek
met onder andere de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd om tot afspraken te komen over
de inzet van deze middelen.
Vraag 10
Hoe gaat u ervoor zorgen dat werknemers zich gemakkelijk kunnen bij- of omscholen
op een manier waarop dat wel vertrouwd is, nu u heeft opgeroepen om geen EVC-certificaten
meer te accepteren en we tegelijkertijd zien dat verschillende werkgevers dit nog
wel doen vanwege krapte op de arbeidsmarkt?
Antwoord 10
Ik vind het lovenswaardig om te zien hoe veldpartijen, zoals Jeugdzorg Nederland,
Actiz, VGN en de Nederlandse GGZ zich hebben verbonden om de fraude aan te pakken
en alternatieven te bedenken voor het erkennen van werkervaring, vaardigheden of competenties.
Hierbij vind ik het van belang dat een eventueel alternatief geen ruimte laat voor
fraude. Erkenning van werkervaring, competenties of vaardigheden is zowel voor onze
zorgverleners als ook voor de werkgevers belangrijk. Hierbij gaat het dan om status,
doorgroeimogelijkheden, salaris en ook behoud van mensen voor zorg en welzijn.
Ik zal veldpartijen faciliteren bij het vinden van betrouwbare alternatieven, bijvoorbeeld
door goede voorbeelden aan te reiken. In het kader van het Transformatieplan Limburg
wordt bijvoorbeeld ingezet op «bekwaam is inzetbaar». Hierbij wordt uitgegaan van
skillsgerichte inzet en verschuift de focus van diploma-eis naar beheersing van de
vaardigheden voor de taken waarvoor men wordt ingezet. De gemeente Nijmegen heeft
in het aanbestedingsproces de diploma-eis losgelaten en zij hebben hiermee positieve
resultaten voor wat betreft inzet en beschikbaarheid geboekt. In plaats van de diploma-eis
is gekeken wat wettelijk vereist is en is de verantwoordelijkheid voor goede kwaliteit
bij de opdrachtnemer gelegd. Die kan hierdoor taken toebedelen op basis van vakbekwaamheid
in combinatie met de aard en zwaarte van de hulpvraag. De gemeente Nijmegen is nu
een traject gestart om dit ook bij de Vereniging Nederlandse Gemeenten onder de aandacht
te brengen, met het doel dit verder uit te rollen. Ook heeft de overheid, met de landelijk
beschikbare skillstaal Competent NL een mooi instrument ontwikkeld dat partijen op
de arbeidsmarkt kan helpen om vak- en kennisvaardigheden eerder te herkennen. Onder
leiding van VNO-NCW/MKB wordt daarnaast door sociale partners gewerkt aan afspraken
over het valideren van skills. Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
wordt hiervan op de hoogte gehouden. Zoals ook door mijn voorgangers toegezegd zal
ik in nauw contact blijven met het veld en meedenken met alternatieven.
Vraag 11
Kunt u deze vragen ieder afzonderlijk van elkaar beantwoorden?
Antwoord 11
Ja.
Ondertekenaars
W.R.C. Sterk, minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.