Verslag van een bijeenkomst : Verslag van de COSAC Voorzittersconferentie, gehouden in Nicosia, Cyprus van 11 tot 12 januari 2026
22 660 Conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden uit de parlementen van de lidstaten van de EU en van een delegatie uit het Europees Parlement
BY/ Nr. 94 VERSLAG
Vastgesteld 9 februari 2026
Van zondag 11 januari tot en met maandag 12 januari 2026 vond in Nicosia, Cyprus,
de bijeenkomst plaats van voorzitters van de commissies voor Europese aangelegenheden
van de parlementen van de Europese Unie, hierna aangeduid als de COSAC-voorzittersbijeenkomst.
Naast de genoemde delegaties namen ook delegaties van de nationale parlementen van
een aantal kandidaat-lidstaten van de Europese Unie deel als waarnemer, evenals een
delegatie van het Europees Parlement. De Nederlandse delegatie naar deze conferentie
bestond uit Jantine Zwinkels (CDA) namens de commissie Europese Zaken van de Tweede
Kamer, ondersteund door de griffier van de commissie Europese Zaken, Blom. De delegatie
brengt als volgt verslag uit.
Briefing Nederlandse ambassadeur Nicosia
De delegatie ontving op zondagmiddag een briefing van de ambassadeur in Nicosia, de
heer Wouter Plomp. Hij informeerde de delegatie over de prioriteiten van het Cypriotische
voorzitterschap en de relatie tussen Nederland en Cyprus.
Opening van de vergadering
Na een welkomstwoord door de heer Harris Georgiades, Voorzitter van de commissie Buitenlandse
en Europese Zaken van het Cypriotische Huis van Afgevaardigden, was het woord aan
mevrouw Annita Demetriou, voorzitter van het Cypriotische Huis van Afgevaardigden.
In haar bijdrage ging zij in op de bijzondere ligging van Cyprus op het Europees continent.
Deze positie biedt volgens mevrouw Demetriou kansen voor de Europese Unie, door actieve
betrokkenheid bij de Mediterrane regio. De focus van het Cypriotisch voorzitterschap
is autonomie. Zij benadrukte dat strategische autonomie een noodzaak is, geen wens,
om effectief te kunnen reageren op diverse crises in en buiten de EU. Tot slot bracht
mevrouw Demetriou bij de aanwezigen onder de aandacht dat Cyprus nog altijd het enige
bezette land is in de EU.
Procedurele zaken
Voorzitter Georgiades leidde de openingssessie. Hij begon met een toelichting op de
werkzaamheden van de trojka. Vervolgens werd de agenda van de conferentie zonder opmerkingen
vastgesteld, evenals de conceptagenda voor de LXXV plenaire COSAC, die van 15–17 maart
2026 zal plaatsvinden in Nicosia. Tijdens de plenaire COSAC staan vier onderwerpen
op de agenda, naast de prioriteiten van het voorzitterschap: het EU-Mediterrane partnerschap,
concurrentievermogen, het Meerjarig Financieel Kader (MFK) en een discussie over EU-uitbreiding
in een veranderende geopolitieke context. Tevens zal er een side-event plaatsvinden
van de groep-Med: een alliantie van negen Zuid-Europese EU-lidstaten.
Het tweede jaarlijkse verslag over de activiteiten van het COSAC-secretariaat, en
de opzet van het 45e tweejaarlijkse rapport van COSAC werden toegelicht. Bijdragen van de delegaties voor
het tweejaarlijkse rapport moeten uiterlijk 9 februari ontvangen zijn.
Tot slot zijn door het voorzitterschap brieven ontvangen van de parlementen van Noorwegen,
IJsland, Zwitserland en het Britse Hogerhuis met verzoek om deel te nemen aan de conferentie.
De trojka heeft op deze verzoeken positief gereageerd.
Sessie I: prioriteiten van het Cypriotisch voorzitterschap
De prioriteiten van het Voorzitterschap van de Europese Unie van Cyprus werden gepresenteerd
door mevrouw Marilena Raouna, plv. Minister voor Europese Zaken van de Republiek Cyprus.
Minister Raouna sprak over Europese integratie en het belang van nationale parlementen
daarbij. In haar bijdrage benadrukte zij het belang van Europese eenheid en droeg
zij uit dat Cyprus klaarstaat om te leiden, te coördineren, en te onderhandelen namens
de EU. Met een bijzondere positie in Europa en onder gedeeltelijke bezetting, weet
Cyprus wat het betekent wanneer territoriale integriteit en soevereiniteit worden
aangetast. Verder stipte zij de relatie met de Mediterrane regio aan, waarbij Cyprus
een belangrijke brugfunctie heeft tussen de EU en de Mediterrane regio.
Minister Raouna stelde dat de geopolitieke ontwikkelingen om meer autonomie vragen:
een Unie die open staat voor de wereld. Autonomie en onafhankelijkheid zijn meer dan
een slogan, het moment is aangebroken om betekenis en invulling te geven aan deze
begrippen. Dat doet Cyprus aan de hand van vijf prioriteiten. Deze prioriteiten zijn
als volgt geformuleerd:
1. Autonomie door veiligheid, defensie en paraatheid
2. Autonomie door concurrentievermogen
3. Een Unie die openstaat naar de wereld, autonoom
4. Een autonome Unie van waarden die niemand achterstelt
5. Een meerjarig budget voor een autonome unie (MFK)
Verschillende delegaties namen vervolgens het woord en spraken hun steun uit voor
de gepresenteerde prioriteiten. Daarbij werd breed erkend dat autonomie vele aspecten
kent: zowel economisch als op migratie en veiligheidsgebied. Er was veel aandacht
voor het belang van voortgang op het EU-toetredingsdossier, hoewel de meningen uiteen
liepen over de accenten die daarbij gelegd moeten worden. Zo benoemden verschillende
delegaties het belang van een eerlijk en «merit-based» proces, terwijl anderen de
nadruk legden op geopolitieke belangen. Ook spraken veel deelnemers hun steun uit
voor Oekraïne, en werd benoemd dat Oekraïne vecht voor de vrijheid van heel Europa.
Tot slot reageerde Minister Raouna op de inbreng van de delegaties. Zij stelde dat
de opgave duidelijk is, en dat het nu zaak is om te leveren en implementeren. Dat
is voor Cyprus het leidende principe tijdens het voorzitterschap. Volgens de Minister
brengt Cyprus een verbreding van het perspectief vanuit haar geografische positie.
Ook noemde zij dat het pad naar EU-toetreding niet altijd lineair is; en waar kandidaat-lidstaten
de afspraken nakomen, moet de EU dat ook doen.
Sessie II – Europese geopolitieke uitdagingen en kansen
De eerste spreker van de sessie over geopolitiek was de heer Yannis Maniatis, lid
van het Europees Parlement (Griekenland / S&D). De heer Maniatis deelde zijn reflectie
op de uitdagingen waar de EU voor staat. Hij ging daarbij in op de energietransitie
en kritieke grondstoffen. Ook betoogde hij dat de versterking van militaire capaciteiten
niet ten koste mag gaan van welvaart, de basis van de EU. Daarnaast gaf hij een pleidooi
voor het aangaan van gezamenlijke schulden. Volgens de heer Maniatis moet de EU duidelijke
rode lijnen stellen in de samenwerking met partnerlanden. De EU moet proactief en
gecoördineerd te werk gaan, aldus de spreker.
Vervolgens was het woord aan de heer Jean-François Rapin, voorzitter van de commissie
Europese Zaken van de Franse Senaat. In zijn bijdrage waarschuwde de heer Rapin voor
de opkomst van het autoritarianisme en de ondergang van het multilateralisme. Volgens
de heer Rapin moet binnen Europa meer gebruik worden gemaakt van coalities van bereidwillige
landen. Tot slot riep hij op tot het bewaken van de competenties van de lidstaten,
zodat de Europese Commissie haar bevoegdheden niet overschrijdt.
Na deze bijdragen namen verschillende delegaties het woord. Er werd brede steun uitgesproken
voor Groenland en Denemarken. Er was op dit punt geen overeenstemming over de positie
die de EU moet innemen ten opzichte van de VS: waar enkele delegaties pleitten voor
een stevige stellingname, vonden anderen dat de relatie tussen de VS en EU centraal
staat als het gaat om Europese veiligheid. Daarnaast vroegen diverse delegaties aandacht
voor de situatie in Iran en Venezuela. Tot slot werd EU-uitbreiding genoemd als geopolitieke
prioriteit.
Het lid Zwinkels lichtte in haar bijdrage toe dat in Nederland de kabinetsformatie gaande is. Zij
benadrukte het belang van samenwerken op onderwerpen als veiligheid, economie, klimaat
en migratie. Ook sprak zij uit dat Nederland Oekraïne blijft steunen, ook in het pad
naar EU-toetreding. Op dat laatste punt voegde zij toe dat Nederland een toetredingsproces
op basis van verdienste voorstaat, en daarbij graag de samenwerking zoekt met kandidaat-lidstaten.
Tot slot benoemde zij de zorgelijke situatie rondom Groenland, en sprak steun uit
voor Denemarken.
En marge van de conferentie had de Nederlandse delegatie een gesprek met de delegatie
uit Montenegro. Daarbij werd een uitnodiging overgebracht om Montenegro te bezoeken
en in gesprek te gaan over de kandidatuur van Montenegro voor toetreding tot de EU.
Na de inhoudelijke sessies sloot de voorzitter de bijeenkomst af.
Namens de delegatie,
De delegatieleider van de vaste commissie voor Europese Zaken van de Tweede Kamer, J. Zwinkels
Ondertekenaars
Jantine Zwinkels, Tweede Kamerlid