Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Huidekooper over het bericht over een recordaantal grote storingen op het spoor waarbij ProRail waarschuwt voor jarenlange hinder
Vragen van het lid Huidekooper (D66) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over het artikel «Recordaantal grote storingen op het spoor, ProRail waarschuwt voor jarenlange hinder» (ingezonden 19 november 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Aartsen (Infrastructuur en Waterstaat) (ontvangen 11 december
2025).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel waaruit blijkt dat er inmiddels 520 grote storingen
op het spoor zijn geweest, voor het eerst meer dan toegestaan, als gevolg van knelpunten
in het spooronderhoud, waaronder achterstallig onderhoud en ICT-problemen?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Kunt u aangeven welke factoren volgens u het meest bijdragen aan deze significante
toename van storingen?
Antwoord 2
De stijging heeft geen losstaande oorzaak, maar komt voort uit een samenspel van factoren.
In 2025 ontstaan storingen voornamelijk door technische oorzaken (wissels, treindetectie,
spoorligging en energievoorziening, 44%) en door derden (personen, verkeer en dieren
op het spoor, 42%). Procesoorzaken (uitloop en storingen na werkzaamheden, 10%) en
weersomstandigheden (storm, blikseminslag, gladde sporen en hitte/vorst, 4%) spelen
een kleinere rol.
Uit de eerste inzichten van ProRail lijkt het dat vooral een toename in het aantal
technische storingen zorgt voor de stijging. Hierbij wordt bijvoorbeeld de hogere
aanrijtijd van monteurs genoemd. Verder wacht ik de lopende analyse van ProRail af,
zodat helder wordt welke factoren de grootste rol spelen in de toename van het aantal
impactvolle verstoringen en welke maatregelen kunnen bijdragen aan het verminderen
van het aantal verstoringen.
Vraag 3
Welke concrete maatregelen heeft u, sinds het zichtbaar worden van deze trend in 2022,
genomen om de betrouwbaarheid van de spoorinfrastructuur te verbeteren?
Antwoord 3
Sinds 2022 zijn diverse maatregelen genomen om de betrouwbaarheid te verbeteren. Zo
hebben NS en ProRail via het programma onder de concessie Betrouwbaar Beter gewerkt aan het structureel verbeteren van de prestaties2. IenW heeft met het Basiskwaliteitsniveau spoor structureel voorzien in voldoende
financiële middelen om de instandhouding van de infrastructuur te borgen. Ook werkt
ProRail via het programma suïcidepreventie aan het verminderen van risico’s in de
spooromgeving. Daarnaast is een deel van de boete die IenW heeft opgelegd voor de
prestaties op de HSL-Zuid in 2023 ingezet voor het plaatsen van slimme camera’s op
een aantal locaties langs het spoor ten behoeve van suïcidepreventie.3
Vraag 4
In hoeverre belemmeren aanbestedingsregels ProRail om extra werk uit te voeren bij
nieuwe urgente risico’s, zoals verzakkingen? Zijn de huidige wettelijke kaders volgens
u voldoende om snel noodzakelijk onderhoud te kunnen uitvoeren of is extra flexibiliteit
volgens u nodig?
Antwoord 4
Aanbestedingsregels worden in belangrijke mate op Europees niveau bepaald. De Europese
Commissie heeft het afgelopen jaar een consultatietraject gedaan naar de Europese
aanbestedingsregels. Hierbij zijn de zaken ingebracht waar ProRail tegenaan loopt.
Nu is het aan de Europese Commissie om met eventuele aanpassingsvoorstellen te komen.
Na het voorstel van de Europese Commissie zal het voorstel door de Raad worden behandeld.
ProRail geeft aan dat de huidige, langlopende prestatiecontracten in de praktijk onvoldoende
flexibiliteit bieden om snel extra werk uit te voeren wanneer zich nieuwe urgente
risico’s voordoen, zoals verzakkingen. Vanwege de beperkte flexibiliteit van de contractvorm
ontwikkelt ProRail nieuwe, flexibelere contracten voor kleinschalig onderhoud. Dat
ProRail een nieuwe onderhoudsstrategie met meer regie en aanpassingsruimte ontwikkelt,
is in de ogen van het Ministerie van IenW een goede ontwikkeling.
Vraag 5
Herkent u het beeld dat een aanzienlijk deel van de storingen voortkomt uit technische
gebreken aan bijvoorbeeld bovenleiding, wissels, seinen en andere assets? Kunt u aangeven
in welke mate onderhoudsachterstanden een rol spelen bij het veroorzaken van storingen?
Antwoord 5
Ja, ProRail geeft aan dat een aanzienlijk deel van de impactvolle storingen voortkomt
uit technische oorzaken, ongeveer 44%. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om defecten aan
wissels, treindetectie en het seinsysteem, verslechterde spoorligging en problemen
in de energievoorziening, waaronder de bovenleiding. Deze technische systemen laten
de laatste jaren een toenemend aantal storingen zien, zoals ook uit de Staat van de
Infrastructuur4 blijkt.
Wat betreft specifieke oorzaken dient de lopende analyse van ProRail af te worden
gewacht, zodat helder wordt welke factoren de grootste rol spelen in de toename van
het aantal impactvolle verstoringen. Nadat de analyse van ProRail met het ministerie
gedeeld is, zal dit onderwerp betrokken worden in de gesprekken over mogelijke maatregelen.
Vraag 6
Herkent u het beeld dat een aanzienlijk deel van de storingen voortkomt uit ICT-problemen?
Welke mogelijkheden ziet de Staatssecretaris om te voorkomen dat problemen gerelateerd
aan achterstallig onderhoud van ICT tot onnodige hinder leiden?
Antwoord 6
Ik herken dit beeld niet. ICT-storingen spelen een rol, maar het aantal ICT-storingen
neemt al een aantal jaren af (50 in 2023, 25 in 2024 en 11 in de eerste helft van
2025). De daling komt door verbeteringen in ICT-infrastructuur, de softwaresystemen
en de bijbehorende procedures en werkwijzen. Daarbij wacht ik de definitieve analyse
van ProRail af, op basis waarvan gesprekken gevoerd worden over mogelijke maatregelen.
Vraag 7
Hoe beoordeelt u het tekort aan elektromonteurs dat projecten vertraagt, en welke
stappen zet u om dit op te vangen terwijl een pensioengolf nadert?
Antwoord 7
Het tekort aan technische vakmensen, waaronder elektromonteurs, is een breed maatschappelijk
probleem dat ook de spoorsector raakt. Het tekort aan technische vakmensen zorgt voor
langere aanrijtijden bij het oplossen van verstoringen in algemene zin. ProRail werkt
nu gericht samen met aannemers en onderwijsinstellingen aan opleidingstrajecten, zij-instroom
en behoud van personeel. Dit onderwerp wordt meegenomen in het bredere gesprek met
ProRail over de analyse van de toename in storingen.
Vraag 8
Wat is volgens u de rol van spoorlopers in het veroorzaken van storingen? Welke mogelijkheden
ziet u vanuit het Rijk om dit te verminderen?
Antwoord 8
Een aanzienlijk deel van de impactvolle verstoringen wordt veroorzaakt door derden
(42%). Binnen deze categorie spelen spoorlopers een grote rol, bijna 59% van de derdenstoringen
betreft (bijna-)aanrijdingen met personen.
ProRail neemt hiervoor al omvangrijke en effectieve maatregelen, zoals fysieke afscherming
van risicolocaties, uitbreiding van cameratoezicht en de inzet van slimme camera’s
die risicovol gedrag automatisch signaleren. Zo is, zoals bij vraag 2 toegelicht,
een deel van de boete die IenW heeft opgelegd voor de prestaties op de HSL in 2023
ingezet voor het plaatsen van slimme camera’s op een aantal locaties langs het spoor
ten behoeve van suïcidepreventie.
Daarnaast werkt ProRail intensief samen met 113 Zelfmoordpreventie, gemeenten, politie
en GGZ-instellingen om personen tijdig te bereiken en passende hulp te bieden. Eind
2025 start ProRail met maatregelen op nieuwe risicolocaties, waarmee wordt voortgebouwd
op het suïcidepreventieprogramma dat sinds 2010 loopt.
Verder wordt de lopende analyse van ProRail afgewacht, zodat helder wordt welke factoren
de grootste rol spelen in de toename van het aantal impactvolle verstoringen. ProRail
zal deze analyse voor het einde van het jaar delen. Daarna wordt besproken welke stappen
nodig zijn om zo snel mogelijk verbetering te bereiken.
Vraag 9
Is de huidige inzet van het departement Infrastructuur en Waterstaat volgens u voldoende
om de complexe huidige problemen die op het spoor spelen te tackelen?
Antwoord 9
De prestaties op het spoor laten een gemengd beeld zien. De afgelopen jaren is, mede
dankzij het gezamenlijke programma Betrouwbaar Beter, de punctualiteit op het hoofdrailnet juist aantoonbaar verbeterd. In 2025 zien we
dat treinen veelal op tijd rijden en dat de zitplaatskans boven de streefwaarden ligt.
Tegelijkertijd is de recente stijging van het aantal impactvolle storingen een punt
van zorg. IenW verwacht daarom van ProRail dat zij blijft inzetten op het borgen van
de basisconditie van de infrastructuur en op het verminderen van risico’s in de spooromgeving.
De lopende analyse van ProRail wordt afgewacht, zodat helder wordt welke factoren
de grootste rol spelen in de toename van het aantal impactvolle verstoringen. Op basis
van de analyse beoordeelt IenW samen met ProRail welke aanvullende maatregelen nodig
zijn om de stijging in storingen te keren.
Vraag 10
Kan de Staatssecretaris toezeggen dat hij, samen met ProRail, in overleg treedt met
als doel afspraken te maken om het aantal grote storingen binnen twee jaar terug te
brengen tot een acceptabel niveau?
Antwoord 10
Ja. Ik ben en blijf samen met ProRail in overleg om te komen tot afspraken gericht
op het terugdringen van het aantal grote storingen.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
A.A. Aartsen, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.