Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Ceulemans over personen die ten onrechte als gedupeerde zijn aangemerkt en gecompenseerd in het kader van de toeslagenaffaire
Vragen van het lid Ceulemans (JA21) aan de Staatssecretaris van Financiën over personen die ten onrechte als gedupeerde zijn aangemerkt en gecompenseerd in het kader van de toeslagenaffaire (ingezonden 2 december 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Palmen (Financiën) (ontvangen 11 december 2025).
Vraag 1 en 7
Welke concrete stappen zijn er tussen 26 maart van dit jaar – toen u de Kamer informeerde1 naar aanleiding van berichtgeving in NRC een dag eerder – en nu gezet om in kaart
te krijgen hoeveel personen ten onrechte als gedupeerde van de toeslagenaffaire zijn
aangemerkt en gecompenseerd en welk bedrag daarmee gaat gepaard?
Geldt het besluit zoals vermeld in uw brief van 26 maart om onterecht uitgekeerde
compensaties niet terug te vorderen voor alle gevallen? Zo nee, in welke gevallen
kan of zal hiertoe wel overgegaan worden?
Antwoord 1 en 7
Op 26 maart 2025 heb ik de Kamer geïnformeerd over de verzend- en ontvangstadministratie
van de massaal door Dienst Toeslagen verzonden brieven. Ik heb toen ook aangekondigd
dat de Auditdienst Rijk (ADR) is gevraagd de juistheid en volledigheid van de administratie
te onderzoeken. Zodra het onderzoek is afgerond zal ik de Kamer het onderzoeksrapport,
inclusief mijn reactie, doen toekomen.
Zoals ik al eerder aan de Kamer heb gemeld in de brief van 26 maart 2025, vind ik
het belangrijk om te benadrukken, ook richting de ouders, dat de gegevens die nu worden
onderzocht geen invloed zullen hebben op reeds door UHT genomen besluiten in de eerste
toets en integrale beoordeling. Bij ouders die in de eerste toets of integrale beoordeling
in de hersteloperatie zijn aangemerkt als gedupeerde vordert UHT uitgekeerde compensatie
niet terug. Het ouderverhaal is en blijft leidend. Dit is alleen anders in gevallen
van evidente fraude, maar daar ziet het onderzoek van de ADR niet op.
Vraag 2 en 3
Wat is de status van het onderzoek door de ADR, waarover in de Kamerbrief van 4 juli
2025 werd gemeld dat afronding voorzien was aan het einde van het derde kwartaal van
20252?
Wanneer gaan de uitkomsten van dit onderzoek met de Kamer gedeeld worden?
Antwoord 2 en 3
Het onderzoek bevindt zich op dit moment in de afrondende fase. Dit moment is later
dan voorzien in de brief van 4 juli 2025. Ik deel met de Kamer dat ik graag zo snel
mogelijk de uitkomsten ontvang. Echter acht ik het belangrijk dat de ADR de tijd krijgt
het onderzoek goed af te ronden. Als het onderzoek is afgerond zal ik de Kamer het
onderzoeksrapport, inclusief mijn reactie, doen toekomen.
Vraag 4
Wat bedoelde u met uw uitspraak in WNL op Zondag van 30 november 2025 dat u niet weet
hoeveel geld er ten onrechte is uitgekeerd en dat u zich daarmee ook niet gaat bezighouden3? Hoe verhoudt deze uitspraak zich tot het genoemde onderzoek dat hiernaar momenteel
wordt uitgevoerd?
Antwoord 4
Eerder in datzelfde interview heb ik benoemd dat aan de hand van de onderzochte administratie
niet gesteld kan worden dat mensen onterecht compensatie hebben ontvangen. Dit is
immers ook niet wat de ADR onderzoekt. De ADR onderzoekt momenteel enkel de juistheid
en volledigheid van de administratie. Ik kan nu niet vooruitlopen op de uitkomsten
van het onderzoek en de mogelijke gevolgen.
In algemene zin geldt dat rondom oneigenlijk gebruik en misbruik van herstelregelingen
een proces is ingericht voor het verzamelen, verwerken en beoordelen van signalen,
zoals ook gedeeld met uw Kamer4. Als achteraf blijkt dat een herstelbetaling door misbruik is verkregen wordt deze
teruggevorderd. De mogelijkheid daartoe is opgenomen in de Wet hersteloperatie toeslagen.
Vraag 5
Betekent uw uitspraak dat u op voorhand al besloten heeft dat de uitkomsten van het
onderzoek niet tot vervolgstappen zullen leiden? Zo ja, waarom?
Antwoord 5
Nee, ik kan niet vooruitlopen op de conclusies uit het onderzoek.
Vraag 6
Bent u, ongeacht de reikwijdte en uitkomsten van het lopende ADR-onderzoek, bereid
de Kamer te voorzien van een zo accuraat mogelijke inschatting van het aantal ten
onrechte gecompenseerde personen en de totale kosten die hiermee gemoeid zijn? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 6
De ADR onderzoekt niet of en zo ja, hoe veel ouders ten onrechte zijn gecompenseerd.
Echter wil ik de uitkomsten van het onderzoek wel afwachten voordat ik kan bepalen
wat de gevolgen zijn voor de hersteloperatie. Zodra het onderzoek is afgerond zal
ik de Kamer het onderzoeksrapport, inclusief mijn reactie, doen toekomen. Op dit moment
kan ik niet vooruitlopen op de conclusies uit het onderzoek.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.