Nota van wijziging : Nota van wijziging
36 800 XIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2026
Nr. 10
NOTA VAN WIJZIGING
Ontvangen 19 november 2025
Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
A
De begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2026
komt te luiden:
Vastgestelde begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor
het jaar 2026 (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Totaal
4.561.793
3.104.669
467.043
Beleidsartikelen
4.230.415
2.773.291
438.278
1
Goed functionerende economie en markten
438.157
481.720
44.684
2
Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei
3.106.302
1.791.971
225.740
3
Toekomstfonds
685.956
499.600
167.854
Niet-beleidsartikelen
331.378
331.378
28.765
40
Apparaat
331.378
331.378
28.765
41
Nog onverdeeld
0
0
0
TOELICHTING
Algemeen
Met deze nota van wijziging op de EZ-ontwerpbegroting 2026 wordt de begrotingsstaat
van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) gewijzigd in verband met de budgetoverheveling
van het apparaatsbudget van KGG van de EZ-begroting naar de KGG-begroting als gevolg
van de splitsing van voormalig EZK in EZ en KGG.
Onderdeel A
Artikelsgewijze toelichting bij de begrotingsartikelen
De meerjarige doorwerking van verplichtingen, uitgaven en ontvangsten met betrekking
tot het gewijzigde beleidsartikel 40 Apparaat komt er als volgt uit te zien:
Tabel 1 Meerjarige doorwerking verplichtingen (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
2030
40
Apparaat
Stand vóór nota van wijziging
547.580
515.035
493.478
464.868
460.131
Eigen personeel
– 157.508
– 144.636
– 141.700
– 129.137
– 128.349
Inhuur externen
– 7.179
– 7.014
– 6.103
– 5.492
– 5.432
Overige personele uitgaven
– 2.268
– 440
– 5.374
– 5.782
– 5.658
ICT
– 6.710
– 9.055
– 4.429
– 4.947
– 5.087
Bijdrage aan SSO's
– 15.318
– 15.295
– 15.255
– 4.497
– 4.494
Bijdrage aan DICTU
– 15.269
– 15.259
– 15.265
– 2.605
– 2.599
Overige materiële uitgaven
– 11.950
– 9.027
– 9.318
– 30.400
– 29.924
Stand na nota van wijziging
331.378
314.309
296.034
282.008
278.588
Totaal
Ministerie van Economische Zaken
Stand vóór nota van wijziging
4.777.995
3.332.578
3.183.320
3.235.072
3.234.964
Mutatie artikel 40
– 216.202
– 200.726
– 197.444
– 182.860
– 181.543
Stand na nota van wijziging
4.561.793
3.131.852
2.985.876
3.052.212
3.053.421
Tabel 2 Meerjarige doorwerking uitgaven (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
2030
40
Apparaat
Stand vóór nota van wijziging
547.580
515.035
493.478
464.868
460.131
Eigen personeel
– 157.508
– 144.636
– 141.700
– 129.137
– 128.349
Inhuur externen
– 7.179
– 7.014
– 6.103
– 5.492
– 5.432
Overige personele uitgaven
– 2.268
– 440
– 5.374
– 5.782
– 5.658
ICT
– 6.710
– 9.055
– 4.429
– 4.947
– 5.087
Bijdrage aan SSO's
– 15.318
– 15.295
– 15.255
– 4.497
– 4.494
Bijdrage aan DICTU
– 15.269
– 15.259
– 15.265
– 2.605
– 2.599
Overige materiële uitgaven
– 11.950
– 9.027
– 9.318
– 30.400
– 29.924
Stand na nota van wijziging
331.378
314.309
296.034
282.008
278.588
Totaal
Ministerie van Economische Zaken
Stand vóór nota van wijziging
3.320.871
2.884.890
2.702.605
2.554.948
2.490.199
Mutatie artikel 40
– 216.202
– 200.726
– 197.444
– 182.860
– 181.543
Stand na nota van wijziging
3.104.669
2.684.164
2.505.161
2.372.088
2.308.656
Tabel 3 Meerjarige doorwerking ontvangsten (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
2030
40
Apparaat
Stand vóór nota van wijziging
34.042
33.234
33.802
30.981
30.257
Ontvangsten Kerndepartement
– 3.927
– 3.507
– 3.802
– 2.335
– 1.959
Ontvangsten SodM
– 1.350
– 1.350
– 1.350
– 1.350
– 1.350
Stand na nota van wijziging
28.765
28.377
28.650
27.296
26.948
Totaal
Ministerie van Economische Zaken
Stand vóór nota van wijziging
472.320
250.934
266.298
447.797
238.582
Mutatie artikel 40
– 5.277
– 4.857
– 5.152
– 3.685
– 3.309
Stand na nota van wijziging
467.043
246.077
261.146
444.112
235.273
Toelichting
Verplichtingen en uitgaven
Als gevolg van de herverkaveling worden de personeelsbudgetten van de KGG-beleidskern
volledig overgeheveld van de EZ-begroting naar het apparaatsartikel van KGG op de
KGG-begroting. EZ en KGG gaan verder als één werkorganisatie. Dit houdt in dat EZ
en KGG de bedrijfsvoering (samen met LVVN) delen conform een vastgestelde verdeelsleutel.
Om deze reden wordt een gedeelte van de personeelsbudgetten van de staven en de materiële
budgetten overgeheveld naar de KGG-begroting. Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM)
valt onder de ministeriële verantwoordelijkheid van de Minister van Klimaat en Groene
Groei. Om deze reden worden ook de budgetten van het SodM volledig overgeheveld naar
de KGG-begroting. Voor wat betreft de personeelsbudgetten van de beleidskern EZ, de
budgetten van de Autoriteit Consument & Markt en het Centraal Planbureau: deze middelen
blijven volledig op de EZ-begroting staan.
Ontvangsten
De geraamde ontvangsten van het SodM worden volledig overgeheveld naar de begroting
van KGG. Hetzelfde geldt voor de te ontvangen retributies voor mijnbouwvergunningen.
Bijdragen van taakorganisaties voor ICT-ontwikkelingen worden tussen de EZ-begroting
en KGG-begroting verdeeld conform de vastgestelde verdeelsleutel.
De Minister van Economische Zaken, V.P.G. Karremans
Ondertekenaars
V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken