Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Van Zanten over het bericht ‘Onrust in Fries dorpje om jonge AZC’ers die meisjes belagen: Nog een vinger naar mijn dochter en ik ga los’
Vragen van het lid Van Zanten (BBB) aan de Minister van Asiel en Migratie over het bericht «Onrust in Fries dorpje om jonge AZC’ers die meisjes belagen: Nog een vinger naar mijn dochter en ik ga los» (ingezonden 2 april 2025).
Antwoord van Minister Keijzer (Asiel en Migratie), mede namens de Minister van Asiel
en Migratie Van Weel (ontvangen 10 juli 2025). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar
2024–2025, nr. 2202.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Onrust in Fries dorpje om jonge AZC’ers die meisjes
belagen: Nog een vinger naar mijn dochter en ik ga los»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe kijkt u naar de gedragingen die deze alleenstaande minderjarige vreemdelingen
(amv) begaan rondom het asielzoekerscentrum (azc)?
Antwoord 2
Het is onaanvaardbaar als jonge meisjes zich op straat en in de bus onveilig voelen
door ongepast gedrag van asielzoekers of anderen.
Vraag 3
Wat kunt u doen om ervoor te zorgen dat deze amv’ers zich gedragen en inwoners van
Sint Annaparochie zich weer veilig voelen?
Antwoord 3
Politie, COA, Nidos en gemeente Waadhoeke staan in nauw contact over signalen van
zowel bewoners als asielzoekers, onderzoeken deze en ondernemen samen actie indien
er sprake is van overlastgevend gedrag. Ook wordt er sterk ingezet op de preventieve
kant, om overlast te voorkomen en zodoende te zorgen voor een rustig en veilig klimaat
voor alle jeugd (bewoners en amv) en de omgeving.
In aanvulling op de vaste maatregelen in de aanpak van overlast is een aantal aanvullende
afspraken gemaakt en vastgelegd in een plan van aanpak. Politie, COA en gemeente zijn
nauw op elkaar aangesloten om overlastgevers in beeld te houden en handhavend op te
treden in de publieke ruimte. COA stimuleert het doen van aangifte en legt overlastgevers
passende sancties op. In voorkomende gevallen reizen medewerkers van COA mee in de
bus.
Om de sociale cohesie tussen jonge bewoners van het azc en de bewoners van het dorp
te verbeteren, worden gezamenlijke activiteiten georganiseerd. Op die manier wordt
naast de inzet van repressieve maatregelen, ook de preventieve aanpak van overlastgevend
gedrag versterkt.
Vraag 4
Ziet u mogelijkheden om bij deze groep amv’ers een vorm van verscherpt toezicht in
te stellen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe gaat u dit vorm geven?
Antwoord 4
Op de amv-locaties vindt al intensieve begeleiding door mentoren plaats, op een wijze
die niet op reguliere locaties is ingericht. Overlastgevende amv kunnen bij aanhoudend
overlastgevend gedrag worden overgeplaatst naar gespecialiseerde, kleinschalige opvang.
In Perspectief Opvang Nidos (PON) worden amv opgevangen die ernstige overlast hebben
veroorzaakt. Zij krijgen in een aangepaste setting intensieve begeleiding. Om de capaciteit
voor de opvang van overlastgevende amv uit te breiden, is het streven om de PON op
korte termijn uit te breiden.
Recent is ook de iba (intensieve begeleiding amv) in Nijmegen geopend, een speciale
opvangvorm voor alleenreizende jongeren met zorgelijk gedrag.
Bij overlastgevend gedrag wordt bezien welke aanvullende maatregelen kunnen worden
opgelegd. Met voornoemde modaliteiten voor amv in combinatie met een persoonsgerichte
aanpak van overlast, zijn passende alternatieven afdoende geborgd.
Vraag 5
Bent u bereid om met deze locatie van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA)
en gemeente in gesprek te gaan om gebiedsverboden op te leggen aan deze amv’ers? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 5
Het is aan de burgemeester om ordeverstoorders in de gemeente een gebiedsverbod op
te leggen. De Minister treed niet in het lokaal gezag.
Vraag 6 en 7
Naar aanleiding van een aanranding heeft het COA expliciet aan het slachtoffer gevraagd
niet naar de politie te gaan, hoe kijkt u hiernaar?
Deelt u de mening dat er bij strafbare feiten juist naar de politie gegaan dient te
worden?
Antwoord 6 en 7
Zoals u bekend, kan niet worden ingegaan op individuele gevallen. Maar in zijn algemeenheid
geldt het belang om altijd aangifte te doen van strafbare feiten. Bewoners die slachtoffer
worden van overlastgevend gedrag worden door COA-medewerkers gewezen op de mogelijkheid
om aangifte te doen, waarbij COA toegankelijke informatie verstrekt. Indien COA-medewerkers
slachtoffer zijn van een strafbaar feit worden zij intern geïnstrueerd om aangifte
te doen onder vermelding van Veilige Publiek Taak (VPT).
De politie en het Openbaar Ministerie (OM) geven hoge prioriteit aan de opvolging
van VPT-aangiften. De Eenduidige Landelijke Afspraken (ELA) tussen politie en OM vormen
hiervoor het kader. Deze afspraken gaan over de opsporing en vervolging van agressie
en geweld gericht tegen mensen met een publieke taak. Recent zijn de ELA geëvalueerd
en deze evaluatie geeft een duidelijk kader om met alle betrokken partijen met de
knelpunten binnen de VPT-aanpak aan de slag te gaan en daarbij ook de ELA te herzien.
Binnen dit traject wordt ook gekeken naar verbeterpunten in het aangifteproces.
Vraag 8
Bent u bereid alle COA-locatie's en in het bijzonder deze COA-locatie hierop te wijzen?
Antwoord 8
Het landelijke beleid om aangifte te doen bij strafbare feiten staat niet ter discussie
en heeft de doorlopende aandacht van COA.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
M.C.G. Keijzer, minister voor Asiel en Migratie -
Mede ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Asiel en Migratie
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.