Lijst van vragen en antwoorden : Lijst van vragen en antwoorden over de Voortgangsrapportage hersteloperatie toeslagen over de periode september - december 2025 (22e VGR)(Kamerstuk 36708-64)
36 708 Toeslagen
Nr. 81
LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN
Vastgesteld 18 maart 2026
De vaste commissie voor Financiën heeft een aantal vragen voorgelegd aan de Staatssecretaris
van Financiën over de brief van 12 februari 2026 inzake de Voortgangsrapportage hersteloperatie
toeslagen over de periode september – december 2025 (22e VGR) (Kamerstuk 36 708, nr. 64).
De Staatssecretaris heeft deze vragen beantwoord bij brief van 18 maart 2026. Vragen
en antwoorden zijn hierna afgedrukt.
De fungerend voorzitter van de commissie, Van der Lee
Adjunct-griffier van de commissie, Lips
Inleiding
Op 11 maart jl. heeft de Vaste Kamercommissie voor Financiën feitelijke vragen gesteld
bij de Voortgangsrapportage Hersteloperatie Toeslagen over de periode september –
oktober 2025 (de 22e VGR). Bijgaand treft u de beantwoording ten behoeve van het Commissiedebat Hersteloperatie
toeslagen op 19 maart 2026.
Voor een aantal vragen geldt dat de beantwoording enigszins algemeen van aard is,
omdat nadere precisering meer uitzoekwerk vergt dan de beantwoordingstermijn richting
uw Kamer toestaat.
In de aanloop naar het commissiedebat heb ik u de afgelopen dagen tevens de kabinetsreactie op het rapport «Het is niet jouw (studie)schuld!»1, de kabinetsreactie op de brief van SGH2 en een brief met aanvullende informatie ten behoeve van het Commissiedebat3 toegestuurd.
1
Welke concrete maatregelen zijn genomen om doorlooptijden te verkorten?
Antwoord
Om ouders zo snel mogelijk voorbij het onrecht te helpen zijn gedurende de hersteloperatie
over de volle breedte ervan maatregelen getroffen. Het ouderdossier is ingevoerd.
Er vindt triage plaats bij de BAC. In lijn met het advies van de commissie Van Dam
is MijnHerstel ingericht. Er worden nu vaststellingsovereenkomsten aangeboden en de
individuele berekening voor ingewikkelde schades wordt ingericht. Daarnaast hanteren
we van vaste termijnen binnen de brede ondersteuning Met de voortgangsrapportage informeer
ik de Kamer periodiek over alle getroffen maatregelen en de voortgang.
2
In hoeveel gevallen is een ouder aanvankelijk niet als gedupeerde erkend maar later
alsnog wel?
Antwoord
14.805 ouders zijn bij de (snelle) eerste toets niet als gedupeerde erkend, maar bij
de integrale beoordeling (IB) wel. 92 ouders zijn bij de integrale beoordeling niet
als gedupeerde erkend, maar in bezwaar wel. Hoewel het niet specifiek wordt bijgehouden,
is het beeld dat er 0 tot enkele ouders bij de integrale beoordeling en in bezwaar
niet als gedupeerde zijn erkend, maar in beroep wel (peildatum 9 maart 2026).
3
Hoeveel ouders hebben meer dan één procedure moeten doorlopen binnen de hersteloperatie?
Antwoord
Alle aangemelde ouders doorlopen het primaire proces van de eerste toets en de integrale
beoordeling. Bijna 70.000 ouders hebben het besluit naar aanleiding van de integrale
beoordeling gekregen. Van hen zijn bijna 14.000 ouders in bezwaar gegaan tegen een
afwijzende beschikking als gevolg van de integrale beoordeling. Daarnaast zijn er
ouders die een ingebrekestelling, een beroep niet tijdig beslissen of een inhoudelijk
beroep hebben ingediend en ouders die een verzoek om compensatie van aanvullende schade
hebben ingediend. Een nader inzicht in hoeveel ouders meer dan één procedure doorlopen,
vraagt meer uitzoekwerk dan de beantwoordingstermijn toelaat.
4
Wat zijn de totale kosten van de hersteloperatie toeslagen tot nu toe? Hoe zijn deze
kosten gedekt: welke middelen zijn hiervoor ingezet?
Antwoord
Totale kosten van de hersteloperatie tot en met 2025 bedragen ca. € 6,9 mld. Dekking
komt uit beschikbaar gestelde generale begrotingsmiddelen.
5
Hoe hoog zijn de verwachte kosten met betrekking tot de hersteloperatie tot het einde
ervan (beoogd eind 2027)? Hoeveel is daarvan begroot voor 2026 en hoeveel voor 2027?
Kunt u deze kosten uitsplitsen?
Antwoord
Op dit moment is de verwachting dat er voor de totale hersteloperatie niet meer middelen
nodig zijn dan de € 11,6 mld. die bij de 1e sup in 2025 beschikbaar was gesteld. Meerjarig is er, na een teruggave van de niet
bestede middelen in 2025, een bedrag van € 11,3 mld. begroot. In het traject van de
voorjaarsbesluitvorming van dit jaar wordt bezien of en in hoeverre deze uitgaven
in latere jaren alsnog gedaan worden en worden toegekend voor de afronding van de
hersteloperatie.
Zie voor de nadere uitsplitsing van de kosten de op pagina 37 van de 22e voortgangsrapportage opgenomen financiële tabel en de beantwoording van vraag 97.
6
De compensatie bedraagt tenminste 30.000 euro, maar kan ook meer bedragen. In hoeveel
gevallen overschrijdt deze compensatie de daadwerkelijk aangerichte schade? Om hoeveel
euro gaat het in totaal – en gemiddeld?
Antwoord
Van de erkend gedupeerden heeft ca. 60% na de integrale beoordeling een bedrag van
€ 30.000 ontvangen – het bedrag van de Catshuisregeling en daarmee het minimale bedrag
dat een gedupeerde ouder ontvangt van UHT – en 40% een hoger bedrag. Gemiddeld ontvangt
een gedupeerde ouder na afronding van de integrale beoordeling een bedrag ca. € 40.400.
In totaal is er tot en met eind 2025 ruim € 1,7 miljard aan compensatie IB en Catshuisregeling
betaald.
Zie voor een nadere uitsplitsing de tabel op pagina 8 van de voortgangsrapportage.
7
Hoeveel zaken lopen op dit moment nog: waarom zijn deze nog niet afgehandeld?
Antwoord
Per eind december 2025 zijn alle integrale beoordelingen conform planning afgerond.
Uitzondering is een aantal ouders waarvan sprake is van bijzondere omstandigheden.
Ook zijn er nog ouders die zich recent hebben aangemeld met een beroep op de verschoonbare
termijnoverschrijding en nu in behandeling zijn bij de integrale beoordeling.
De werkvoorraad per 31 december 2025 bedroeg 8.703 bezwaren, 1.823 beroepen. De afhandeling
van bezwaren vraagt om een zorgvuldig en uitgebreid proces. Bij de beoordeling wordt
ook aanvullende informatie betrokken en vindt hoor en wederhoor plaats. Daarbij wordt
afgestemd met de BAC, die een onafhankelijke rol heeft in de advisering. Deze werkwijze
waarborgt dat iedere zaak zorgvuldig wordt beoordeeld, maar maakt het proces ook tijdsintensief.
8
Welk deel van de lopende zaken komt door lopende bezwaargevallen? Kan het kabinet
nader toelichten waarover deze bezwaren gaan?
Antwoord
Op peildatum 31 december 2025 was er een bezwaarvoorraad van 8.703 gevallen.
9
Welk deel daarvan komt niet door lopende bezwaargevallen? Wat voor gevallen betreft
het dan?
Antwoord
Bij een verzoek voor compensatie aanvullende schade in combinatie met een lopend bezwaar
proberen we er met de ouder samen uit te komen en beide procedures met één vaststellingsovereenkomst
af te sluiten.
10
Hoeveel gevallen worden voor eind 2026 naar verwachting afgehandeld?
Antwoord
In verband met de beoogde samenloop van bezwaarafhandeling met de schaderoutes en
het aantal aanmeldingen hiervoor wordt de prognose momenteel geactualiseerd.
11
Voorziet de Staatssecretaris uitstel van de afronding van de hersteloperatie? Welke
mogelijke knelpunten voorziet de Staatssecretaris en welke stappen zet de Staatssecretaris
op dit moment om eventueel uitstel te voorkomen?
Antwoord
Het kabinet zet alles op alles om eind 2027 alle ouders financieel te hebben gecompenseerd
en gelet op de behandelcapaciteit is dit een haalbare doelstelling. Deze datum kan
onder druk komen te staan door een niet tijdige afhandeling van bezwaren en/of als
er een veel grotere toestroom naar de individuele berekening is dan voorzien.
12
Hoeveel aanmeldingen worden er verwacht als iedereen die er recht op heeft zich daadwerkelijk
aanmeldt, gelet op het feit dat op peildatum 31 december 2025 er circa 400 aanmeldingen
zijn voor MijnHerstel?
Antwoord
In de beantwoording van deze vraag moet onderscheid worden gemaakt tussen alle aanvragen
aanvullende schade en aanmeldingen specifiek voor MijnHerstel. Op dit moment hebben
ca. 19.000 ouders een aanvraag voor compensatie voor aanvullende schade gedaan, met
nog twee weken te gaan tot de sluiting van de aanmeldtermijn voor een deel van de
ouders. Reeds 3.300 ouders zijn geholpen via een vso of beschikking.
13
Hoeveel van de 9.000 ouders die in de wachtrij staan voor CWS zijn al benaderd om
te kiezen voor een route via SGH of MijnHerstel? Hoeveel van die ouders hebben daarvan
al gebruik van gemaakt?
Antwoord
Tot en met 10 maart hebben circa 4.300 ouders die bij CWS in de wachtrij staan of
stonden een flyer ontvangen. Ouders die geen flyer hebben gekregen, zijn ouders voor
wie MijnHerstel op dit moment (nog) niet toegankelijk is, te weten ouders met enkel
de toekenning O/GS (opzet / grove schuld) of met relatief lage terugvorderingen. Het
aantal mensen in de wachtrij bij CWS dat nog een routekeuze dient te maken, was op
10 maart afgenomen tot zo’n 7.000 ouders.
14
Hoeveel ouders hebben tot nu toe alle financiële regelingen volledig ontvangen, inclusief
aanvullende regelingen?
Antwoord
In totaal zijn er tot eind 2025 43.753 erkend gedupeerden. 3.337 gedupeerden hebben na ontvangst van de Catshuisregeling afgezien van een vervolg via de
integrale beoordeling. Daarnaast is voor 3.300 ouders via één van de schaderegelingen
het traject aanvullende schade afgerond.
Voor de overige erkend gedupeerden geldt dat er een aanvraag aanvullende schade loopt
of dat er nog de mogelijkheid is om een aanvraag in te dienen voor aanvullende schade.
Na het voor een deel verlopen van de mogelijkheid om zich aan te melden voor aanvullende
schade ontstaat een beter beeld van het aantal ouders voor wie het financieel herstel
is afgerond.
Voor de ouders die publieke schulden hebben zijn deze voor 99% geholpen en voor die
ouders die private schulden hadden en zich hebben gemeld bij SBN heeft ook 99% inmiddels
een beschikking ontvangen.
15
Hoeveel mensen zijn voldoende geholpen om verder te kunnen met hun leven? Waaruit
blijkt dat?
Antwoord
Daar is geen kwantitatief antwoord op te geven. Het is uiteindelijk aan de gedupeerde
zelf om, met de ontvangen financiële compensatie en de overige aangeboden ondersteuning,
de draad van het leven weer op te pakken.
Voor de MijnHerstel-route is een oudertevredenheidsmonitor ingericht.
16
Hoeveel ouders wachten momenteel nog op afronding van hun integrale beoordeling en
wat zijn de belangrijkste oorzaken van vertraging in deze resterende dossiers?
17
Kan het kabinet aangeven hoeveel ouders niet bereikt konden worden tijdens de integrale
beoordeling en welke inspanningen worden gedaan om alsnog contact te krijgen?
Antwoord 16 en 17
Op dit moment wachten nog 33 ouders die niet zijn bereikt op de afronding van hun
integrale beoordeling en zijn er 180 ouders inmiddels beoordeeld, maar moeten nog
een definitieve beschikking ontvangen. Dit betreft ouders die UHT, ondanks meerdere
inspanningen, niet kan bereiken. UHT heeft diverse contactpogingen ondernomen: meerdere
keren bellen op verschillende momenten en het sturen van een terugbelbrief of contactkaarten.
18
Kan het kabinet toelichten hoeveel persoonlijk zaakbehandelaars momenteel werkzaam
zijn bij UHT en hoe hun capaciteit zich ontwikkelt nu de integrale beoordelingen vrijwel
zijn afgerond?
Antwoord
UHT heeft momenteel circa 33 fte aan personeel in dienst als persoonlijk zaakbehandelaar.
Nu de integrale beoordelingen vrijwel zijn afgerond, wordt deze formatie stapsgewijs
afgebouwd richting het einde van de hersteloperatie. Daarbij blijft het noodzakelijk
om voldoende capaciteit en deskundigheid beschikbaar te houden om de resterende herstelverantwoordelijkheden
zorgvuldig af te ronden. In dit kader zet UHT bijvoorbeeld in op het flexibeler inzetbaar
maken van maken van medewerkers en, waar mogelijk, het gericht opleiden voor andere
werkzaamheden.
19
Hoeveel ouders hebben afgezien van een integrale beoordeling na ontvangst van 30.000 euro
en hoeveel daarvan hebben later alsnog aanvullende schade geclaimd?
Antwoord
3.337 ouders hebben afgezien van een integrale beoordeling na toewijzing van € 30.000
na eerste toets (peildatum 31 december 2025).
Aanvullende schade is alleen mogelijk na een integrale beoordeling.
20
Kan het kabinet inzicht geven in de totale bandbreedte van compensatiebedragen en
hoeveel ouders meer dan 100.000 euro hebben ontvangen?
Antwoord
In de 22e voortgangsrapportage staat op pag. 8 een tabel met uitgekeerde bedragen IB. Bijna
1.900 ouders hebben meer dan € 90.000 uitgekeerd gekregen.
In de 22e voortgangsrapportage staat op pag. 16 een tabel met uitgekeerd bedragen SGH. Er zijn
ruim 300 VSO’s gesloten met een bedrag van meer dan € 100.000.
Voor het overige vraagt het meer uitzoekwerk dan de beantwoordingstermijn toelaat.
21
In hoeveel gevallen is bij de integrale beoordeling alsnog gedupeerdheid vastgesteld
na een eerdere negatieve eerste toets en wat zegt dit over de betrouwbaarheid van
de eerste toets?
Antwoord
14.805 ouders bleken bij de integrale beoordeling toch gedupeerd.
22
In hoeveel gevallen is het advies van de Commissie van Wijzen door het UHT overgenomen
en in hoeveel gevallen is hiervan afgeweken? In hoeveel gevallen betreft het afwijkingen
ten voordele en ten nadele van de belanghebbende?
Antwoord
In alle gevallen heeft UHT het advies van de Commissie van Wijzen gevolgd.
23
Hoeveel bezwaren staan momenteel nog open?
Antwoord
Per 31 december 2025 stonden er 8.703 bezwaren open.
24
Wat zijn de meest voorkomende redenen dat bezwaren (gedeeltelijk) gegrond worden verklaard?
Antwoord
De meest voorkomende redenen zijn aanpassingen in de compensatieberekening of het
op verzoek beoordelen van nog niet beoordeelde toeslagjaren.
25
Hoe verhoudt de huidige gemiddelde doorlooptijd van 21 weken bij de Bezwaaradviescommissie
(BAC) zich tot de wettelijke termijnen?
Antwoord
De wettelijke beslistermijn is 12 weken indien er advies van een commissie wordt ingewonnen.
Zonder commissie geldt een termijn van 6 weken. UHT kan in beide gevallen de termijn
daar bovenop eenmalig met 6 weken verdagen. Deze beslistermijnen worden dus veelal
overschreden, vandaar dat er wordt ingezet op diverse maatregelen om de bezwaarafhandeling
te versnellen, zie ook antwoord 1.
26
In hoeveel gevallen heeft het UHT afgeweken van de adviezen van de BAC? In hoeveel
gevallen betreft het afwijkingen ten voordele en ten nadele van de belanghebbende?
Antwoord
Meestal volgt UHT het advies van de BAC. Vanaf september 2025 tot en met heden was
er in 24 bezwaarzaken sprake van een afwijking in het nadeel van de belanghebbende.
Afwijkingen in het voordeel van belanghebbende worden niet bijgehouden.
27
Welke redenen zijn er dat de situatie die wordt voorgelegd aan de BAC uiteindelijk
anders blijkt te zijn? In hoeveel gevallen is dat te wijten aan het UHT en in hoeveel
gevallen is dat te wijten aan de belanghebbende?
Antwoord
Doorgaans gaat het om situaties waarbij de belanghebbende niet eerder aangevoerde
feiten en omstandigheden naar voren brengt, of nieuwe stukken aanlevert.
28
Kan het kabinet toelichten in hoeveel gevallen een vaststellingsovereenkomst (VSO)
is gesloten in plaats van een formele beslissing op bezwaar?
Antwoord
Er zijn 3.281 vaststellingsovereenkomsten gesloten met belanghebbenden als afronding
van hun bezwaar en is de bezwaarvoorraad nog 8.703 (peildatum 31 december 2025)
29
Het is bekend dat de capaciteit bij de BAC achterloopt, waarom wordt de capaciteit
hier niet uitgebreid? Klopt het dat uitbreiding van de BAC zou zorgen voor versnelde
afhandeling van de dossiers van mensen?
Antwoord
De BAC zal eerst inzetten op andere maatregelen omdat hier niet (uniek) sprake is
van een capaciteitsvraagstuk. Rondom het bezwarenproces is ingezet op het voorkomen
van nieuwe bezwaren die aan de BAC moeten worden voorgelegd, het verkorten van de
doorlooptijden, het beter benutten van de beschikbare capaciteit en een verbeterd
proces tussen UHT en BAC voor aanlevering van dossiers. Afhankelijk van de behaalde
resultaten zal gekeken worden of verdere uitbreiding van capaciteit nodig is.
30
Door wie worden leden van de BAC aangesteld? Heeft de Staatssecretaris een mogelijkheid
tot aanstelling van deze leden?
Antwoord
Leden van de BAC worden benoemd door de Staatssecretaris Herstel Toeslagen.
31
Welke risico’s ziet het kabinet voor het halen van deze planning?
Antwoord
In verband met de beoogde samenloop van bezwaarafhandeling met de schaderoutes en
het aantal aanmeldingen hiervoor wordt de prognose momenteel geactualiseerd.
32
Hoe beoordeelt het kabinet deze ontwikkeling en welke maatregelen worden genomen om
verdere dwangsommen te beperken?
Antwoord
Nu de integrale beoordelingen zijn afgerond, vindt het kabinet het van belang dat
ouders die aanvullende schade hebben geleden, ook snel hun aanvraag kunnen doen. Een
lopend bezwaar moet daarvoor geen belemmering vormen. Daarom hebben ouders met een
toewijzende IB die nog een bezwaar hebben lopen ook toegang tot de aanvullende schaderoutes. Het bezwaar zal zoveel als mogelijk integraal worden meegenomen in de behandeling
van aanvullende schade. Dit wordt momenteel ingeregeld in de uitvoering. Het is daarom
nog te vroeg om de impact hiervan te beoordelen. Door de inzet om ouders snel duidelijkheid
te geven, moeten dwangsommen beperkt worden.
33
Hoeveel beroepen wegens niet-tijdig beslissen (BNTB) zijn er momenteel nog in behandeling
bij de rechter?
Antwoord
2.099 (peildatum 31 december 2025)
34
In hoeveel gevallen heeft de rechter UHT opgedragen binnen een specifieke termijn
te beslissen en hoe vaak wordt deze termijn overschreden?
Antwoord
De rechter heeft UHT 17.937 keer opgedragen binnen een bepaalde termijn te beslissen.
In 14.083 gevallen is deze termijn overschreden (peildatum 31 december 2025).
35
Vanwege welke redenen lukt het UHT niet om in drie procent van de gevallen de verschuldigde
dwangsom binnen de wettelijke termijn van 16 weken te betalen?
Antwoord
Dit komt voor wanneer er geen actueel of recent gevalideerd rekeningnummer beschikbaar
is en het Serviceteam van UHT geen contact met de ouder kan krijgen. Bij ouders met
een buitenlands rekeningnummer is bovendien sprake van een langere verwerkingstijd.
36
Kan het kabinet aangeven hoeveel inhoudelijke beroepszaken tegen beslissingen op bezwaar
momenteel nog lopen?
Antwoord
1.107 (peildatum 31 december 2025).
37
Hoe verhoudt 13.547 dossiers gelakt en verstrekt zich tot het totaal aantal ouders
dat een dossier heeft opgevraagd?
Antwoord
Het aantal 13.547 gelakte en verstrekte dossiers ligt hoger dan het aantal dossiers
dat door ouders zelf is opgevraagd. Dit komt doordat veel dossiers in eerste instantie
worden opgevraagd door interne onderdelen, bijvoorbeeld ten behoeve van bezwaren of
CWS-zaken, waarna zij het dossier delen met de ouder of diens gemachtigde. Wanneer
een dossier nodig is voor de behandeling van een zaak, ontvangt de ouder of gemachtigde
dit altijd. In die zin is het aantal verstrekte dossiers gelijk aan het aantal dossiers
dat ouders nodig hebben voor hun proces. In 2025 zijn 1.964 verzoeken afgesloten waarbij
een ouder of gemachtigde zelf een dossier heeft aangevraagd.
38
Kan het kabinet toelichten hoeveel tijd gemiddeld nodig is voor het anonimiseren en
verstrekken van een dossier?
Antwoord
De tijd die nodig is voor het anonimiseren en verstrekken van een dossier verschilt
sterk per geval. De omvang van dossiers loopt uiteen van enkele tientallen pagina’s
tot meer dan duizend pagina’s. Ook de totale doorlooptijd wordt beïnvloed door het
aantal aanvragen in een bepaalde periode; bij piekmaanden duurt het langer voordat
dossiers kunnen worden opgepakt. In 2025 bedroeg de gemiddelde doorlooptijd 91 dagen,
vooral als gevolg van sterk opgelopen werkvoorraden. In 2026 is de gemiddelde doorlooptijd
gedaald naar 45 dagen.
39
Hoeveel mensen kan een medewerker gemiddeld per jaar helpen aan de afhandeling van
hun dossier?
Antwoord
Het is niet mogelijk om het aantal dossiers dat één medewerker per jaar kan afhandelen
rechtstreeks vast te stellen. De oplevering van een dossier is namelijk een gezamenlijke
inspanning van meerdere type medewerkers binnen UHT en wordt samengesteld op basis
van informatie uit verschillende systemen.
40
In hoeverre vormt personeelscapaciteit momenteel een knelpunt voor het versnellen
van de hersteloperatie?
Antwoord
Zie antwoord op vraag 41.
41
Wat zijn de belangrijkste oorzaken van vertraging in de behandeling van dossiers van
mensen?
Antwoord
Er is op dit moment geen sprake van vertraging in de behandeling van ouderdossiers.
De capaciteit is zo ingeregeld dat voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van
bijvoorbeeld een bezwaar het ouderdossier beschikbaar wordt gesteld. Ook in beroepszaken
wordt het ouderdossier gebruikt in het kader van artikel 8.42 van de Awb.
42
Welke alternatieven ziet het kabinet om het proces van dossierverstrekking verder te versnellen?
Antwoord
De door de commissie Van Dam geadviseerde maatregelen zijn geïmplementeerd. Het verstrekken
van ouderdossiers vormt daarmee ook geen knelpunt meer in de hersteloperatie. Zie
antwoord op vraag 41.
43
Ontvangt een ouder, die daarom vraagt altijd een onderbouwing van waarom deze wel
of niet als O/GS (opzet/grove schuld) is gelabeld?
Antwoord
Ja, de ouder ontvangt in het ouderdossier en in het beoordelings- en informatieformulier
de conclusie van het O/GS-onderzoek dat wordt uitgevoerd door CAP. Dit geeft aan of
er «wel» of «geen» O/GS-kwalificatie is gevonden. In het geval van «geen» O/GS-kwalificatie
kan er met een gericht verzoek een extra zoekslag worden gemaakt. Bij een «wel» O/GS-kwalificatie
staat in de conclusie om welke beschikking het gaat. Deze stukken worden ook (op verzoek)
geleverd.
44
Is er een specifieke manier waarop het verzoek geformuleerd moet worden om een onderbouwing
van wel of geen O/GS te ontvangen of is een simpel verzoek in lekentaal afdoende?
Als er een specifieke manier waarop het verzoek geformuleerd moet worden is («een
gericht verzoek»), hoe ziet zo’n verzoek er dan uit?
Antwoord
Indien sprake is van een O/GS «nee» kan op verzoek een gerichte aanvullende zoekslag
worden uitgevoerd. Indien die zoekslag nieuwe documenten oplevert worden die aan de
ouder verstrekt.
Om die gerichte zoekslag uit te kunnen voeren is van belang dat een ouder of gemachtigde
informatie aanlevert die richting geeft aan de zoekslag. Dat hoeft uiteraard niet
op een formalistische wijze, het is vooral van belang om met de ouder of gemachtigde
voldoende informatie uit te wisselen die een gerichte zoekslag mogelijk maakt. Informatie
die daarbij relevant is, is onder meer over welk toeslagjaar het gaat, om welke toeslag
en welke aanwijzingen er zouden zijn dat er toch informatie zou kunnen zijn.
45
Hoeveel ouders hebben uiteindelijk afgezien van het eerder gevraagde persoonlijk dossier
na contact met UHT?
Antwoord
In veel gevallen bleek het ouderdossier te voldoen. 1.207 van de 2.376 hiervoor benaderde
ouders hebben aangegeven geen informatiebehoefte meer te hebben.
46
Hoeveel fte zijn momenteel werkzaam bij UHT? Hoe heeft het aantal fte zich ontwikkeld
sinds 2021? Hoeveel vacatures staan momenteel open bij UHT?
Antwoord
Per 16 maart 2026 werken er 1.593 fte bij UHT. Sinds 2021 is het personeelsbestand
sterk gegroeid om de uitvoering van de hersteloperatie mogelijk te maken. Vanaf begin
2025 is een geleidelijke afbouw ingezet. De ontwikkeling (peildata jaarlijks op 31 januari)
is als volgt:
• 2021: 420 fte
• 2022: 1.092 fte
• 2023: 1.460 fte
• 2024: 2.122 fte
• 2025: 2.320 fte
• 2026: 1.562 fte
Op dit moment staan er 46 fte aan vacatures open.
47
Wat is het ziekteverzuimpercentage binnen UHT? Hoe groot is het verloop onder medewerkers
van UHT in 2025 geweest?
Antwoord
Het gemiddelde ziekteverzuim over de afgelopen twaalf maanden bedraagt in februari
2026 8,3% (dit betreft uitsluitend interne medewerkers).
In 2025 lag het maandelijkse uitstroompercentage op 2,2%. In dit percentage houden
we rekening met de geplande afbouw van UHT omdat bepaalde werkzaamheden inmiddels
zijn afgerond. Als we deze correctie niet meenemen, komt het uitstroompercentage over
2025 uit op 3,8% per maand.
48
Kan er meer data gedeeld worden over het gemiddelde rapportcijfer van 7,1 over de
oudertevredenheid bij de integrale beoordeling? Wat is de standaarddeviatie? Wat is
het mediaan? Zijn ouders zéér ontevreden of zéér tevreden of liggen de cijfers dicht
bij elkaar? Kan er zoveel mogelijk data gedeeld worden?
Antwoord
Het gemiddelde cijfer van 7,1 voor de oudertevredenheid weerspiegelt een overwegend
positief beeld. Dit wordt ondersteund door zowel de mediaan (7) als de modus (8):
het meest frequent gegeven cijfer is zelfs een 8. Dat is een bemoedigend signaal.
De standaarddeviatie van 2,0 geeft aan dat er wel degelijk spreiding bestaat in de
beoordelingen. Sommige ouders zijn zeer tevreden, anderen minder. Dat is begrijpelijk:
elke ouder heeft zijn eigen referentiekader en verwachtingen. Toch is het opvallend
dat 71% van de ouders een 7 of hoger geeft. De tevredenheid is dus breed gedragen.
Aan de andere kant: een deel van de ouders geeft lagere cijfers. Ongeveer 17% scoort
een 6, en 12% geeft een onvoldoende. Deze signalen verdienen aandacht. Achter elk
cijfer schuilt een ervaring, en ook kritiek draagt bij aan verbetering.
49
Is er een rapportcijfer beschikbaar over oudertevredenheid bij bezwaar? Kan hierover
ook meer data gedeeld worden? Wat is het percentage tevreden ouders? Wat is precies
het percentage van de respondenten dat vindt dat de uiteindelijke beslissing recht
doet aan hun situatie?
Antwoord
Uit het onderzoek over het vierde kwartaal van 2025 komt een genuanceerd beeld naar
voren van de oudertevredenheid bij bezwaarprocedures.
Het gemiddelde beeld laat zien dat ouders de procedure waarderen met een mediaan van
6 en een meest gegeven cijfer van 7. Tegelijkertijd is zichtbaar dat de ervaringen
uiteenlopen: 41% van de ouders geeft een onvoldoende, terwijl 59% een voldoende (6
of hoger) toekent. Dit onderstreept dat een significante groep ouders niet tevreden
is over de afhandeling van hun bezwaar.
Kijkend naar de vraag of de uiteindelijke beslissing recht doet aan de persoonlijke
situatie van ouders, geeft 47% aan dat dit volgens hen het geval is. Daar staat tegenover
dat 29% dit niet zo ervaart, terwijl 24% zich neutraal opstelt.
50
Hoeveel aanvragen voor aanvullende schade zijn momenteel nog in behandeling?
Antwoord
Een kleine 20.000 ouders hebben zich op dit moment gemeld via de kanalen waar dat
kon. Momenteel bevinden zich van circa 2.300 ouders zich in de fase van schadeberekening
of concept-VSO. Andere aangemelde ouders bevinden zich in eerdere fasen van het proces
van SGH of MijnHerstel, zoals het opstellen van het feitenrelaas, het aanleveren van
toelichting en/of stukken voor de tijdlijn, of het bijwonen van informatiesessies.
51
Wat is de reden dat deze ouders nog geen keuze hebben gemaakt?
Antwoord
De motivatie van ouders om (nog niet) te kiezen voor een schaderoute kan variëren.
Het kabinet vindt het van belang dat ouders na aanmelding nog voldoende tijd hebben
om een keuze te maken voor een route. Hier hebben zij na aanmelding nog zes maanden
de tijd voor.
52
Hoe wordt ervoor gezorgd dat iedereen die mogelijk recht heeft op een aanvullende
regeling zich hiervoor meldt, ook die mensen die een grote afstand ervaren tot de
overheid?
Antwoord
Het is belangrijk dat alle ouders voldoende in staat zijn geweest om een keuze te
maken over het wel of niet aanvragen van aanvullende schadecompensatie. Met de kabinetsreactie
op het advies van de commissie Van Dam in maart 2025 en de aankondiging dat het kabinet
de adviezen over het schadestelsel opvolgt, werd op hoofdlijnen bekend hoe het schadestelsel
eruit zou komen te zien. Vanaf de daadwerkelijke openstelling van MijnHerstel en het
aanmeldportaal was er voldoende helderheid over het schadestelsel zodat ouders zich
konden oriënteren op de mogelijkheden en konden overwegen een aanvraag in te dienen
Ouders zijn in beginsel al via de IB geïnformeerd over de mogelijkheid een aanvraag
voor aanvullende schadecompensatie in te dienen. Ouders en ook uitvoerders, gemeenten,
advocaten en andere stakeholders zijn in de afgelopen maanden daarnaast uitvoerig
via verschillende kanalen en bijeenkomsten geïnformeerd over de uiterste aanmelddatum
van 31 maart 2026. Dit zijn dus naast overheidsorganen ook niet-overheidspartijen.
Het is mijn verwachting dat met die communicatie de ouders die een beroep willen doen
op aanvullende schadecompensatie zijn bereikt. De rechtsbescherming uit de Awb blijft
hierbij onverkort van toepassing.
53
Met welke verdeling wordt rekening gehouden tussen het aantal mensen wat zich bij
MijnHerstel en het aantal mensen wat zich bij SGH meldt?
Antwoord
Hier is nog geen goed beeld over te geven op basis van de aanmeldingen tot nu toe,
omdat daar een grote inhaalslag in zit voor de aanmeldingen van SGH.
54
Is bij beiden genoeg capaciteit en welke scenario’s en maatregelen zijn hiervoor voorbereid?
55
Hoe wordt ervoor gezorgd dat als er overcapaciteit/ondercapaciteit is voor mensen
die zich melden via MijnHerstel of via SGH dat daar zodanig mee omgegaan wordt dat
dit in het belang is van snelle afhandeling van dossiers bij beide organisaties?
Antwoord 54 en 55
Ja, in beide schaderoutes wordt de instroom, doorstroom en uitstroom continu gemonitord.
Ook wordt op basis van deze informatie geprognotiseerd welke capaciteitsbehoefte nodig
is om alle ouders te helpen. Dat is sterk afhankelijk van de totale instroom en de
verdeling hiervan tussen de routes. Op basis hiervan kan responsief en flexibel per
route worden op- of afgeschaald in de capaciteit.
56
Klopt het dat de uiterste aanmelddatum voor het Aanmeldportaal ligt op 1 april 2026?
Antwoord
Dat klopt, u bent hierover geïnformeerd via de Kamerbrief van 25 november 2025.4 Zie ook het antwoord op vraag 52.
57
Wat zijn de juridische en technische gevolgen als de uiterste aanmelddatum wordt verplaatst
naar een datum later in de toekomst? Zijn er ook gevolgen voor de uitvoering en wat
zijn die gevolgen dan?
Antwoord
Verplaatsen van de uiterste aanvraagdatum leidt ertoe dat ouders langer in onzekerheid
zitten en dat de hersteloperatie langer gaat duren. De uiterste aanvraagdatum is reeds
vastgelegd per koninklijk besluit. Voorafgaand aan dat besluit is uw Kamer met de
instemming op de Wet verbetermaatregelen toeslagen en aanpassing termijnen hersteloperatie
toeslagen akkoord gegaan dat de aanvraagdeadline drie maanden na de start van MijnHerstel
zou komen te liggen, en vastgelegd zou worden in een koninklijk besluit. Het intrekken
of aanpassen van het koninklijk besluit leidt tot onduidelijkheid, terwijl juist ingezet
is op brede communicatie over 31 maart 2026. De einddatum is vastgesteld zodat de
uitvoering vervolgens kan worden ingericht op het werk dat verzet moet worden. Met
een latere uiterste aanvraagdatum acht het kabinet het niet haalbaar om in 2027 de
financiële compensatie af te ronden.
58
Klopt het dat gemachtigden voor het aanmeldportaal een digitale machtiging nodig hebben,
ook als een gedupeerde geen DigiD heeft of niet weet om te gaan met DigiD? Zo nee,
hoe zit dit dan precies?
Antwoord
Zoals gebruikelijk binnen de overheid maakt het informatie- en aanmeldportaal gebruik
van eHerkenning voor machtigingsverzoeken omtrent DigiD. Binnen eHerkenning is het
noodzakelijk dat een gebruiker de machtiging éénmalig bevestigt. De meest voor de
hand liggende methode daarvoor is met de eigen DigiD.
Een aanvraag voor aanvullende schade is ook per post mogelijk. Het formulier hiervoor
staat op het informatie- en aanmeldportaal. We werken daarnaast aan de mogelijkheid
om ook een aanmelding voor specifiek MijnHerstel mogelijk te maken per post. Voor
SGH kan dit al.
59
Klopt het dat Belastingdienst Filetransfer het systeem is waarmee binnen MijnHerstel
bestanden worden gedeeld?
60
Klopt het dat Belastingdienst Filetransfer enkel een Engelstalige uitlegpagina heeft?
61
Klopt het dat Belastingdienst Filetransfer enkel in het Engels te gebruiken is?
Antwoord 59–61
Nee dit klopt niet. Ouders leveren gegevens en onderbouwende stukken aan binnen de
MijnHerstel-omgeving.
62
Wat waren de belangrijkste oorzaken van deze lagere realisatie? (SGH)
Antwoord
Vanaf begin 2025 was de instroom van ouders in de SGH-route lager dan geprognotiseerd
in het opschalingsplan van SGH. Een lagere instroom leidt automatisch tot een lagere
uitstroom. Medio 2025 is de prognose voor de output naar beneden bijgesteld. Gedurende
het jaar is bovendien beleid bijgesteld over ouders met een IB onder de 30.000 euro
en de wijze waarop controle op de schadeberekeningen werd ingevuld.
63
Kan het kabinet toelichten welke maatregelen worden genomen om de opschaling naar
4.620 VSO’s in 2026 te realiseren?
Antwoord
SGH richt een organisatie in die structureel de instroom, doorstroom en uitstroom
van 100 Vertellers per week kan faciliteren. Hiermee is de in de vraag genoemde opschaling
haalbaar. Hiervoor is een bezetting van circa 120 fte actieve Schade Analisten benodigd.
Om deze capaciteit te kunnen realiseren en borgen, heeft SGH afspraken gemaakt met
haar partners.
De instroom, doorstroom en uitstroom van de SGH-route wordt continu gemonitord. Op
basis van deze informatie wordt waar nodig bijgestuurd door het ministerie en SGH.
64
Wat is het gemiddelde bedrag aan aanvullende schadevergoeding in de SGH-route?
Antwoord
Vanaf de start van de huidige DVO met SGH (zomer 2024) tot op heden zijn ruim 1.700
VSO’s voor aanvullende schade getekend. Het gemiddelde bedrag aan schadevergoedingen
is ruim 76.000 euro (dit is het netto bedrag na salderen van een eventuele surplus
uit de Catshuisregeling).
65
Wat zijn, gelet op het feit dat het systeem MijnHerstel nieuw is en er met regelmaat
kinderziektes worden gemeld en continue aanpassingen gedaan zoals gemeld tijdens de
technische briefing, de problemen van dit systeem geweest sinds besloten is dit systeem
op te zetten?
66
Op welke manieren zijn deze problemen bij MijnHerstel verholpen?
67
Wat hebben mensen gemerkt die van MijnHerstel gebruikt hebben van deze problemen?
68
Zijn er daardoor mensen die slecht of geen toegang gehad hebben waarmee zij een drempel
ervaren kunnen hebben zich te melden voor een aanvullende regeling?
Antwoord 65–68
MijnHerstel wordt vanaf de start nauwgezet gemonitord, en er vindt voortdurend verbetering
plaats om MijnHerstel zo goed mogelijk te laten aansluiten bij de ouders die er gebruik
van maken, gericht op een zo soepel mogelijke afhandeling van aanvullende schade.
Voorbeelden van aanpassingen die zijn gedaan aan MijnHerstel sinds de livegang zijn
onder andere het toevoegen van uitlegfilmpjes op leefgebiedniveau, het toevoegen van
persoonlijke ondersteuning door ervaringsdeskundigen en het aanpassen van tekstuele
uitleg. Een deel van de schadegebeurtenissen, vooral die in relatie tot gemist inkomen,
konden daarnaast in eerste instantie nog niet goed opgepakt worden door de behandelaren.
Dit is inmiddels verholpen. Ook is er een klein aantal incidenten geweest; zo kreeg
een deel van de advocatuur gedurende een korte periode een foutmelding te zien bij
het inzien van de status van een machtigingsverzoek. Deze incidenten zijn vervelend,
maar ze zijn zo snel en adequaat mogelijk verholpen.
Daarnaast kan het zijn dat ouders die zich gemeld hebben voor MijnHerstel een «wachtscherm»
getoond hebben gekregen, ook als zij in principe door hadden moeten kunnen naar de
route. Dit was onprettig voor de ouders die dit betrof, maar ook dit probleem is verholpen.
Voor een klein deel van de ouders geldt dat zij in de categorie «relatief lage terugbetalingen»
vallen, deze ouders kunnen op dit moment nog niet naar MijnHerstel en behouden het
wachtscherm. Dit wordt naar verwachting op korte termijn verholpen.
MijnHerstel blijft zich ten slotte inspannen om het aantal automatisch beschikbare
ondersteunende documenten te vergroten.
Net zoals veel ICT-projecten heeft MijnHerstel een backlog aan toe te voegen functionaliteiten.
Denk aan de mogelijkheid voor aanmelding via de post. Het ontbreken van deze functionaliteiten
is bij livegang gewogen als niet blokkerend, om zo snel mogelijk wel te kunnen starten.
De komende periode wordt gewerkt aan het alsnog toevoegen van deze functionaliteiten
om de ouderervaring te verbeteren.
69
Op welke manieren is ervoor gezorgd dat mensen, die de overheid wellicht wantrouwen
comfortabel gebruik kunnen en willen maken van dit systeem?
Antwoord
De medewerkers die bij MijnHerstel aan de slag gingen zijn mede geselecteerd op de
mate waarin zij passen binnen de cultuur van een hersteloperatie. Aanvullend bestaat
de mogelijkheid om hulp in te schakelen van een ervaringsdeskundige. De gebruiksvriendelijkheid
van MijnHerstel is uitvoerig getoetst vanuit ouderperspectief met verschillende oudervertegenwoordigingen
in de ontwikkelfase van de route. Daarnaast blijven we MijnHerstel updaten naar aanleiding
van de feedback die we ontvangen. Daarvoor staan we onder meer nauw in contact met
advocaten die de belangen van ouders behartigen.
70
Op welke manieren is de veiligheid van de persoonsgegevens gewaarborgd van iedereen
die MijnHerstel gebruikt?
Antwoord
Wij nemen passende technische en organisatorische maatregelen om persoonsgegevens
te beschermen tegen verlies, onbevoegde toegang, wijziging of ongeoorloofde verstrekking.
Voorbeelden van maatregelen:
• Toegangscontrole en rolgebaseerde autorisaties.
• Logging en audittrail van toegang en wijzigingen.
• Encryptie van gegevens waar nodig.
• Periodieke audits, pentests en continuïteitsmaatregelen bij leveranciers.
• Datalekprocedures en meldingsprotocollen.
71
Op welke manieren is ervoor gezorgd dat MijnHerstel toegankelijk is voor mensen met
een beperking of die het lastig vinden van (complexe) overheidssystemen gebruik te
maken?
Antwoord
De gehele website van het informatie- en aanmeldportaal en Mijnherstel is ontworpen
en ontwikkeld met het toegankelijkheidsperspectief als speerpunt. Door middel van
testen met daaraan gekoppelde verbeterplannen wordt continu aan de verbetering van
de toegankelijkheid gewerkt. Verder is ten aanzien van de toegankelijkheid een meldingsproces
ingericht waarbij aandachtspunten ten aanzien van toegankelijkheid gemeld kunnen worden,
hier wordt binnen 2–4 weken na melding opvolging aan gegeven. Informatie hierover
kan gevonden worden op: https://schadeherstel.toeslagen.nl/toegankelijkheid/.
72
Op welke manier is de samenwerking met Stichting Gelijkwaardig Herstel (SGH) vormgegeven?
Antwoord
De Staat heeft een opdracht verleend (door middel van een dienstverleningsovereenkomst)
aan SGH tot het verrichten van diensten in het kader van de uitvoering van de SGH-route.
De Staat en de Stichting werken gezamenlijk met een onafhankelijk gevalideerd Uniform
Schadekader op grond waarvan gedupeerde ouders middels een VSO met de Staat tot een
vaststellingsovereenkomst kunnen komen over aanvullende compensatie voor het leed
en de schade die is ontstaan door de toeslagenproblematiek. De dienstverleningsovereenkomst
beschrijft de wijze van dienstverlening, evenals de taken en verantwoordelijkheden
van de Staat als opdrachtgever en SGH als opdrachtnemer.
73
Is de doelstelling van 14.000 VSO’s per jaar via de SGH-route volledig losgelaten,
ook voor komende jaren?
Antwoord
De doelstelling voor 14.000 VSO’s per jaar via de SGH-route is inderdaad losgelaten.
Dit getal is niet realistisch gebleken. Ook met de afspraken voor de opschaling die
de zomer van 2025 zijn gemaakt tussen het ministerie en SGH, is dit aantal voor de
SGH-route niet haalbaar.
Met SGH zijn daarom in december 2025 nieuwe afspraken gemaakt voor 2026, waarbij SGH
streeft naar een output van 4.650 VSO’s in dit jaar. Voor 2027 zijn nog geen afspraken
gemaakt. Deze zijn afhankelijk van het aantal ouders dat zich aanmeldt voor de compensatie
van aanvullende schade via SGH.
74
Wordt er gemonitord op de vraag of er verschil is in de mate waarin forfaitaire bedragen
via de MijnHerstel route worden toegekend ten opzichte van de SGH-route? Is een dergelijke
monitoring (relatief simpel) te implementeren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Ja, dit wordt gemonitord. Er vindt wekelijks afstemming plaats met – en tussen – de
verschillende schaderoutes om te zorgen voor samenhang, duidelijkheid en een zorgvuldige
afhandeling van de aanvullende schade. Signalen uit de praktijk worden gedeeld, knelpunten
besproken en waar nodig werkafspraken aangescherpt. Voor beleidsafspraken en kwaliteitsborging
wordt bij beslissingen gekeken naar de effecten op andere schaderoutes. Dit draagt
bij aan een consistente benadering van gedupeerden en voorkomt tegenstrijdige werkwijzen
of besluiten bij een vergelijking tussen de verschillende routes.
75
Kan het kabinet een overzicht geven van de verdeling van de 1,06 miljard euro kwijtgescholden
publieke schulden per betrokken organisatie?
Antwoord
Zie pagina 19 van de 22e voortgangsrapportage Hersteloperatie Toeslagen.
76
Hoeveel ouders hebben momenteel nog gepauzeerde publieke schulden waarvan de afhandeling
nog loopt?
Antwoord
In de voortgangsrapportage rapporteert iedere publieke schuldeiser apart het aantal
ouders voor wie er nog publieke schulden zijn gepauzeerd. De tabel is terug te vinden
op pagina 19 van de 22e voortgangsrapportage Hersteloperatie Toeslagen. Deze informatie is uitsluitend beschikbaar
per publieke schuldeiser, omdat een gedupeerde ouder bij verschillende publieke schuldeisers
een schuld kan hebben.
77
Wat is het gemiddelde bedrag per ouder dat via de private schuldenregeling wordt vergoed?
Antwoord
Voor het Loket Private Schulden heeft SBN voor 15.502 ouders één of meerdere schulden
deels of volledig kunnen afbetalen aan de schuldeiser. Het gaat voor deze ouders om
een gemiddeld bedrag van € 13.921. Voor het loket Al Betaalde Schulden heeft SBN voor
1.352 ouders één of meerdere al betaalde schulden deels of volledige kunnen terugbetalen.
Het gaat voor deze ouders om een gemiddeld bedrag van € 4.016.
78
Hoeveel ouders hebben gebruikgemaakt van de noodprocedure om uithuiszetting of beslag
te voorkomen?
Antwoord
242 ouders hebben gebruik gemaakt van de noodprocedure om uithuiszetting of beslag
te voorkomen. In gevallen waar sprake was van schulden die we konden oplossen, kon
zo huisuitzetting worden voorkomen.
79
Hoeveel bezwaren zijn ingediend tegen besluiten binnen de private schuldenregeling
en hoeveel daarvan zijn gegrond verklaard?
Antwoord
Bij het Loket Private Schulden zijn in totaal 1.859 bezwaren ingediend tegen een besluit
van SBN, ten opzichte van een totaal aantal van 48.370 verstuurde beschikkingen vanuit
SBN. In 12% van de afgeronde bezwaarzaken zijn ouders gedeeltelijk of volledig in
het gelijk gesteld. Voor het loket Al Betaalde Schulden zijn er 9.024 beschikkingen
verstuurd, waarvoor tegen 1.107 bezwaar is ingediend. In 10,4% van de afgeronde bezwaarzaken
zijn ouders gedeeltelijk of volledig in het gelijk gesteld.
80
In hoeveel gevallen is een beroep gedaan op de hardheidsclausule bij informele schulden?
Antwoord
Er zijn 240 bezwaren ingediend naar aanleiding van een besluit van SBN over informele
schulden vanuit het Loket Private Schulden. Het gaat om 81 bezwaren voor al betaalde
informele schulden. Ouders doen in dit bezwaar vaak ook beroep op de hardheidsclausule.
Wel gaan we hier ruimhartig mee om en worden uitspraken van de Raad van State uitgevoerd.
81
Hoeveel ouders bevinden zich momenteel nog in een Wsnp- of Msnp-traject binnen de
hersteloperatie?
Antwoord
Het loket Wsnp/Msnp heeft alle ouders geholpen van wie bekend is dat er een lopend
Wsnp- of Msnp-traject is en de schuldhulpverlener of bewindvoerder zich heeft gemeld.
Zodra een schuldhulpverlener of bewindvoerder zich nu nog meldt, kan het loket binnen
ca. 1–2 weken het dossier van de ouder in behandeling nemen. Er wordt dan bepaald
welke schulden in aanmerking komen voor afbetaling vanuit de schuldenregeling en of
het traject beëindigd kan worden.
82
Hoeveel faillissementen van gedupeerde ouders zijn inmiddels volledig afgewikkeld?
Antwoord
Er zijn op dit moment 18 faillissementen afgewikkeld met betrokkenheid vanuit de hersteloperatie
(peildatum 15 maart 2025).
83
In hoeveel gevallen kon het compensatiebedrag niet volledig aan de ouder worden uitgekeerd
door openstaande schulden?
Antwoord
UHT keert de compensatie uit aan ouders. UHT heeft hierbij geen inzicht in eventuele
openstaande schulden van een ouder.
84
Welke vormen van ondersteuning worden het meest gebruikt (bijvoorbeeld schuldhulpverlening,
huisvesting of psychosociale hulp)?
Antwoord
De uitvoering van de brede ondersteuning is een gedelegeerde taak van gemeenten. Er
is geen landelijke informatie beschikbaar over de precieze verdeling van hulp op de
verschillende leefgebieden. Om een ouder of jongere succesvol weer op weg te helpen
bij het oppakken van diens leven, wordt hulp op de vijf leefgebieden vaak in samenhang
ingezet. In veel trajecten is er daarom sprake van verschillende, met elkaar samenhangende,
vormen van ondersteuning. Op dit moment wordt er door de VNG wel een enquête afgenomen
waarin wordt gevraagd naar specifieke hulpverlening die door gemeenten het vaakst
wordt geboden.
85
Zijn er verschillen zichtbaar tussen gemeenten in de toegang tot ondersteuning en
hoe wordt daarmee omgegaan?
Antwoord
Ouders en jongeren hebben in heel Nederland recht op brede ondersteuning van hun gemeente.
Afhankelijk van de lokale aantallen en context kan deze toegang zijn georganiseerd
via een apart toeslagen- of loketpunt, een wijkteam, of binnen het bredere sociaal
domein. Bij drie gemeenten waar veel ouders en jongeren wonen is bekend dat zij op
dit moment nog een wachtlijst hebben. Landelijk zijn wettelijke termijnen voor de
brede ondersteuning geïntroduceerd om wachtlijsten zoveel mogelijk te beperken en
doorstroom te bevorderen. Daarnaast spannen deze gemeenten zich in en nemen zij maatregelen
om wachtlijsten te beperken, bijvoorbeeld door hun organisatie op te schalen. In de
bestuurlijk afspraken die ik eind 2025 met de VNG heb gemaakt onder begeleiding van
de bestuurlijk regisseur, is tevens opgenomen dat er in 2026 een impuls op het wegwerken
van de wachtlijsten moet plaatsvinden.
86
Hoeveel kinderen van gedupeerde ouders zijn inmiddels in beeld binnen de hersteloperatie?
Antwoord
Bij UHT zijn 122.715 kinderen erkend in hun leed (peildatum 31 december 2025). Zie
pagina 31 van de 22e voortgangsrapportage Hersteloperatie Toeslagen.
87
Wat zijn de verwachtingen van het aantal kinderen van gedupeerde ouders nadat iedereen
zich heeft kunnen melden voor een regeling van aanvullende schade?
Antwoord
De groep kinderen en jongeren die in aanmerking komt voor de kindregeling zal nog
toenemen. In 2026 volgen de laatste beschikkingen voor kinderen die pas dan in aanmerking
komen, omdat hun ouders recent pas zijn erkend als gedupeerde of ex-toeslagpartner
van een gedupeerde.
88
Hoeveel kinderen hebben daadwerkelijk een kindregeling-uitkering ontvangen?
Antwoord
Op 31 december 2025 hebben 121.311 kinderen een beschikking ontvangen (inclusief zelfmelders).
Aan 115.368 van hen is ook al een tegemoetkoming betaald. Zie pagina 31 van de 22e voortgangsrapportage Hersteloperatie Toeslagen.
89
Wat is het gemiddelde bedrag dat kinderen ontvangen?
Antwoord
Het gemiddelde bedrag dat de kinderen van gedupeerde ouders hebben ontvangen als tegemoetkoming
bedraagt circa € 7.000. Daarnaast vindt er op diverse andere wijzen ondersteuning
plaats (o.a. brede ondersteuning, hulp bij aanpak problematische schulden), en ontvangen
ouders financiële compensatie namens het gehele gezin.
90
Hoeveel kinderen hebben aanvullende ondersteuning ontvangen (bijvoorbeeld begeleiding,
schuldenregeling of onderwijsvoorzieningen)?
Antwoord
Gemeenten doen wat nodig is om jongeren te ondersteunen op de vijf leefgebieden: wonen,
inkomen, werk, gezin en gezondheid. Dit gebeurt via een persoonlijk plan van aanpak,
waarin wordt vastgelegd welke hulp de jongere of diens gezin nodig heeft. Hier zijn
geen exacte aantallen over bekend. Tot nu toe ontvangen wij geen signalen van gemeenten
dat zij niet in staat zijn om de benodigde ondersteuning te bieden, al zijn er wel
verschillen zichtbaar in het soort en de mate van ondersteuning die gemeenten aanbieden.
Om deze verschillen te verkleinen en de brede ondersteuning voor jongeren nog verder
te harmoniseren, is de bestuurlijk regisseur aan zet. Jongeren krijgen daarbij bijzondere
aandacht. Ook is op dit moment de VNG bezig met een enquête bij gemeenten. Daarin
is een vraag opgenomen over de aantallen plannen van aanpak voor jongeren en ouders
die een gemeente heeft opgesteld. Een plan van aanpak richt zich op de aanvrager van
hulp en diens gezin. Vanuit een plan van aanpak kunnen dus meerdere personen worden
ondersteund.
91
Wordt gemonitord hoe het met deze kinderen gaat op gebieden zoals onderwijs, schulden
en mentale gezondheid?
Antwoord
Gemeenten leveren maatwerk om ouders en hun kinderen in staat te stellen een nieuwe
start te kunnen maken. Daarbij is vanuit de brede ondersteuning aandacht voor nazorg,
en wordt waar nodig gezorgd voor een zorgvuldige overdracht naar reguliere hulpverlening.
Er is echter bij de start van de hersteloperatie geen continue monitoringsfunctie
hiervoor afgesproken met de VNG.
92
Zijn er gegevens beschikbaar over studievertraging of schooluitval onder kinderen
van gedupeerde ouders?
Antwoord
Er zijn geen gegevens beschikbaar over studievertraging of schooluitval onder kinderen
van gedupeerde ouders. Dit hangt samen met het ontbreken van een juridische grondslag
voor gegevensuitwisseling tussen UHT en DUO. Ook als deze grondslag er zou komen,
dan zou een dergelijke analyse nog geen inzicht geven in de reden van de studievertraging
of schooluitval en de eventuele relatie met de problematiek rond de toeslagenaffaire.
93
Kan worden aangegeven hoeveel kinderen inmiddels volwassen zijn geworden tijdens de
hersteloperatie en hoe hun positie binnen de regeling wordt geborgd?
Antwoord
Het merendeel van de kinderen was tijdens de start van de hersteloperatie in 2020
minderjarig en is dat nu nog steeds. Kinderen komen in aanmerking voor de kindregeling
als zij op 1 januari 2005 (de start van het toeslagenstelsel) jonger dan 21 jaar waren
of geboren zijn tussen 1 januari 2005 en 5 november 2022. Al deze kinderen ontvangen
onder meer erkenning, een (leeftijdsafhankelijke) financiële tegemoetkoming, zelf
brede ondersteuning door gemeenten (minderjarigen via hun ouders) inclusief een aanvullend
schuldhulpverleningsaanbod bij problematische schulden en een breed palet aan aanvullende
hulp die zoveel mogelijk aansluit bij de verschillende behoeften en levensfasen van
deze kinderen. Als een studielening is aangegaan om het gezinsinkomen aan te vullen
ten tijde van de toeslagenaffaire, dan kan de ouder er na ontvangst van compensatie
voor aanvullende schade voor kiezen om diens kind financieel te ondersteunen.
94
Hoeveel kinderen die vallen onder de kindregeling konden niet tijdig worden uitbetaald
vanwege complexe situaties zoals bewind, gezag of ontbrekende gegevens?
Antwoord
Op dit moment kunnen circa 500 rechthebbenden nog niet worden uitbetaald.
95
Hoeveel jongvolwassen kinderen van gedupeerde ouders hebben nog te maken met schulden
of andere financiële problemen die samenhangen met de toeslagenaffaire? Welke aanvullende
herstelmogelijkheden bestaan voor deze groep naast de kindregeling?
Antwoord
De kindregeling bestaat uit een erkenningsbrief, een financiële tegemoetkoming, brede
ondersteuning inclusief hulp bij problematische schulden, en aanvullende hulp op het
gebied van o.a. talentontwikkeling en culturele participatie. Hiermee wordt aan veel
behoeften van jongvolwassen kinderen van gedupeerde ouders tegemoetgekomen.
Het is niet precies bekend hoeveel jongeren momenteel nog te maken hebben met financiële
problemen of schulden, en of deze samenhangen met de toeslagenaffaire. Jongeren die
betalingsachterstanden hebben worden in het kader van vroegsignalering proactief benaderd
voor ondersteuning door gemeenten. In het aanbod voor hulp bij problematische schulden
wordt er niet gekeken naar causaliteit tussen de schulden en de toeslagenaffaire.
Over de mogelijkheden die het kabinet ziet voor de studieschulden van jongvolwassen
kinderen van gedupeerden heb ik uw Kamer op 13 maart jl. geïnformeerd.5
Als jongeren na het brede aanbod in het kader van de kindregeling nog aanvullende
hulp nodig hebben, kunnen zij terecht binnen het reguliere sociaal domein van hun
gemeente.
96
In hoeverre wordt binnen de hersteloperatie gewerkt met geautomatiseerde systemen
of algoritmen, en hoe worden de uitkomsten hiervan gecontroleerd en gemonitord?
Antwoord
Binnen UHT als onderdeel van de hersteloperatie worden algoritmes ingezet ter ondersteuning
van processen zoals de populatiebepaling voor regelingen, om te bepalen in welke fase
van behandeling de ouder zit en mogelijke vervolgstappen in dossiers. Het gaat hierbij
enkel om geautomatiseerde beslissingsondersteuning waarbij de menselijke sturing en
toetsing te allen tijde gewaarborgd blijven. Algoritmen nemen dus geen zelfstandige
besluiten. De controle en monitoring verlopen via een vast controleplan. Afhankelijk
van het algoritme worden periodieke automatische controles uitgevoerd en neemt de
interne controleafdeling steekproeven op de resultaten. Geconstateerde fouten worden
gecorrigeerd en leiden tot passende vervolgacties. Alle geautomatiseerde uitkomsten,
controles en correcties worden gelogd en periodiek geëvalueerd, ten behoeve van kwaliteitsbewaking
en eventuele procesaanpassingen. Afwijkende of bijzondere gevallen worden door behandelaars
handmatig beoordeeld. De inzet en monitoring van algoritmen binnen UHT vindt plaats
binnen geldende juridische en privacykaders. Bovendien worden impactvolle algoritmen
gepubliceerd in het landelijke Algoritmeregister om de transparantie over het gebruik
te vergroten.
97
Kunnen de kosten die vallen onder Apparaat Financiën gesplitst, gespecificeerd en
gedeeld worden? Wat zijn bijvoorbeeld de uitvoeringskosten voor BAC, voor het UHT,
voor CWS, voor SGH? Wat zijn de kosten die reeds zijn gemaakt voor het controleren
van elke VSO en wat zijn de kosten die gemaakt worden voor de steekproeven op kwaliteit?
Is het mogelijk om hier – net als voor de programmakosten – gespecificeerd inzicht
in te geven? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Voor de jaren vanaf 2026 is in totaal ca. € 4,3 mld. begroot. Daarvan is ca. 55% voorzien
voor de betaling van aanvullende schade aan gedupeerde ouders en ex-partners, ca.
20% voor overige betalingen (compensatie, kindregeling, ex-partnerregeling, HZK-regeling,
schuldenregelingen, dwangsommen) en ondersteuning aan ouders (IPW, ouders in het buitenland,
emotionele herstel).
Voor de uitvoering van alle regelingen is voor de komende jaren ca. 25% van het totaal
begrote bedrag gereserveerd. Naast de begrote apparaatskosten van het Ministerie van
Financiën (DGH, UHT, CWS, BAC) zijn er onder de programmamiddelen uitvoeringskosten
begroot voor de uitvoering van regelingen als aanvullende schade (met name SGH, BZB),
ouders in het buitenland (RADAR) en de afhandeling van schulden (SBN).
Een specificatie van de programmakosten staat op pagina 37 van de voortgangsrapportage.
Voor de uitvoering vanuit UHT op de overige regelingen t.b.v. financieel herstel,
incl. het afhandelen bezwaar en beroep en de kosten van de afbouw van de organisatie
verwacht UHT 2026 ca. € 270 mln. nodig te hebben. De inzet van de BAC vraagt in 2026
een bedrag van bijna € 30 mln.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
T.M.T. van der Lee, voorzitter van de vaste commissie voor Financiën -
Mede ondertekenaar
W.A. Lips, adjunct-griffier