Brief regering : Verslag Informele online JBZ Raad 4 augustus 2026
32 317 JBZ-Raad
Nr. 1021
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ASIEL EN MIGRATIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 7 augustus 2026
Hierbij bied ik uw Kamer het verslag aan van de ingelaste informele Raad Justitie
en Binnenlandse Zaken (JBZ-Raad) van 4 augustus 2026 die via videoverbinding heeft
plaatsgevonden.
Het kabinet onderschrijft opnieuw dat de gebeurtenissen in Ceuta zeer zorgelijk, uitzonderlijk
en ongekend zijn. De grootschalige irreguliere grensovergang van duizenden mensen
naar Ceuta is een schending van de territoriale integriteit van Spanje en daarmee
van de Europese Unie. Het kabinet vindt dit zeer zorgelijk. De acute fase van dit
incident is nu voorbij. Spanje heeft, in samenwerking met Marokko, de terugkeer van
het overgrote deel van de irreguliere migranten bewerkstelligd en nieuwe aankomsten
door de grens te versterken voorkomen. Het kabinet benadrukt dat het versterken van
de buitengrens en de grootschalige terugkeer de enige correcte response was gegeven
de situatie. Het snelle optreden van Spanje was noodzakelijk.Het kabinet spreekt hier
waardering voor uit, evenals voor de constructieve samenwerking van en met Marokko.
Daarnaast is van belang om nogmaals te benadrukken dat voor de gebieden Ceuta en Melilla
speciale Schengenregels gelden (die Spanje heeft uitgevoerd). Er zijn standaard controles
tussen Ceuta en Melilla en het vasteland van Spanje (en andere Schengenstaten). Doorreizen
vanuit Ceuta naar de rest van Schengen gaat enkel gecontroleerd. Hierdoor is de kans
op ongeregistreerde doorreis nihil. Spanje heeft opnieuw bevestigd, ondersteund door
Frontex, dat er tot op heden geen irreguliere migranten zijn doorgereisd vanuit Ceuta
naar het vaste land van Spanje of andere lidstaten in het Schengengebied.
Dat betekent niet dat de EU en Spanje de aandacht nu kan laten verslappen. Het is
helder dat er grootschalig irreguliere aankomsten zijn geweest en dat deze irreguliere
migranten ook op grote schaal zijn vetrokken. De irreguliere migranten zijn, door
de chaotische situatie op 30 en 31 juli jl., niet geregistreerd bij binnenkomst van
Ceuta. Ook is het niet mogelijk geweest om de terugkeer van al deze irreguliere migranten
te registeren. Er bestaat daarom onduidelijkheid over het precieze aantal resterende
irreguliere migranten dat zich nog in Ceuta bevindt. Ook heeft het kabinet zorg over
de alleenstaande minderjarige vreemdelingen die zich mogelijk nog in Ceuta bevinden.
Het is noodzakelijk dat Spanje haar inzet op het terug laten keren van de resterende
irreguliere migranten blijft continueren. Spanje heeft tijdens de JBZ-raad bevestigd
dat zij dit zal doen. Het kabinet blijft hier aandacht voor vragen. Tevens is het
van belang dat Frontex de situatie aan de grens, het aantal irreguliere migranten
in Ceuta en eventuele bewegingen nauw blijft monitoren en hierover rapporteert. Het
kabinet zal daarom, samen met andere gelijkgezinden lidstaten, hierop blijven aandringen.
Verder is het evident dat Nederland haar eigen grenzen bewaakt. In Nederland voert
de Koninklijke Marechaussee (KMar) het grenstoezicht uit. Indien er aanleiding voor
is, zal de KMar het grenstoezicht daarop inrichten.
Het kabinet benadrukt dat het cruciaal is dat Spanje beziet hoe de buitengrens bij
Ceuta, in samenwerking met Marokko en met steun van de Europese Commissie, versterkt
kan worden en hoe dit in de toekomst voorkomen kan worden. De Commissie moet, als
hoeder van de verdragen, hierop toezien. Verder is het kabinet van mening dat het
– met het oog op het voorkomen van een vergelijkbare plotselinge toestroom van irreguliere
migranten voor de toekomst- nodig is om beter in beeld te brengen hoe deze situatie
bij Ceuta heeft kunnen ontstaan. Nederland heeft de Europese Commissie en de relevante
EU-agentschappen verzocht dit samen met Spanje te onderzoeken. Hen is gevraagd hierin
in ieder geval de oorzaken, inclusief de rol van mensensmokkelaars en tekortkomingen
aan de Spaanse buitengrens, mee te nemen. Hoe sociale media in dit verband zijn gebruikt,
is ook een belangrijk aandachtspunt. Daarnaast is het verder ontwikkelen van een vroegtijdig
waarschuwingssysteem hierbij cruciaal. Het kabinet blijft hierop aandringen en verzoekt
de Europese Commissie en de agentschappen te rapporteren in de gebruikelijke gremia;
in het bijzonder voor de JBZ-Raad van 1 oktober en Europese Raad van 15–16 oktober
aanstaande.
Daarnaast is het van belang om de EU meer weerbaar te maken tegen dergelijke situaties.
De EU-lidstaten en de Europese Commissie waren tijdens de JBZ-raad onverdeeld over
de conclusie dat we lessen moeten trekken uit deze gebeurtenissen. We moeten als EU
ons asiel-, migratie- en grenssysteem verder versterken en de instrumenten benutten
en verder ontwikkelen om adequaat te kunnen reageren. Het verbeteren van het interne
EU-systeem is daarin net zo belangrijk als de samenwerking met derde landen. Onmisbaar
is daarbij de volledige en goede implementatie van het Europese Asiel en Migratiepact,
inclusief overdrachten onder de Asiel- en Migratiebeheer Verordening. Ook blijft het
kabinet zich actief inzetten voor een gecoördineerde EU-aanpak om irreguliere migratie,
mensensmokkel en instrumentalisering van migranten tegen te gaan. Hiervoor is ook
een sterke roep onder EU-lidstaten. Er zijn concrete stappen nodig om onder andere
de Schengengovernance te verstevigen door het transparant maken en open bespreken
van de tekortkomingen tijdens de Schengenraad. Ook het operationaliseren van innovatieve
oplossingen waaronder de terugkeerhub en het veilig derde land concept zijn van belang.
Het kabinet zal zich richting de JBZ-Raad van 1 oktober en de Europese Raad van 15–16 oktober
inzetten voor een heldere en EU gecoördineerde weg voorwaarts op deze punten. Uw Kamer
wordt in aanloop naar de JBZ van 1 oktober a.s. en de ER van 15 en 16 oktober a.s.
hierover geïnformeerd.
De Minister van Asiel en Migratie,
G. van den Brink
Ondertekenaars
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie