Brief regering : Stand van zaken Dienst Toeslagen
36 708 Toeslagen
Nr. 109
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 6 juli 2026
Ruim 6 miljoen huishoudens rekenen op Dienst Toeslagen voor hun kosten aan kinderen,
waaronder kinderopvang, huur en zorg. In 2026 zal er circa 22 miljard euro uitgekeerd
worden voor in totaal 8,3 miljoen toeslagen. Sinds mijn aantreden op 23 februari jl.
als Staatssecretaris van Financiën heb ik ook de verantwoordelijkheid voor Dienst
Toeslagen. Afgelopen maanden heb ik nader kennis kunnen maken met de medewerkers en
de uitdagingen waarvoor de organisatie staat om maandelijks te zorgen dat de toeslagen
op tijd worden uitbetaald. Recent heb ik uw Kamer via de Strategische Agenda de contouren
geschetst van de toekomstige richting die het kabinet wil opgaan met toeslagen.1 Daarnaast is op 2 juli 2026 de jaarlijkse Stand van de uitvoering aan uw Kamer gestuurd
waarbij Dienst Toeslagen zelf de knelpunten en dilemma’s beschrijft bij de uitvoering
van het toeslagenstelsel. Hierbij is tevens de Visie 2030 van de uitvoeringsorganisatie
Dienst Toeslagen toegevoegd.2
Binnen het huidige systeem van toeslagen zijn er enerzijds nog vele en hoge terugvorderingen
van toeslagen en anderzijds kan ook het niet-gebruik van toeslagen niet volledig worden
voorkomen. Daarom blijft een hervorming van het toeslagenstelsel noodzakelijk om deze
problematiek op te lossen. Een grote hervorming van het hele systeem zal niet op korte
termijn plaatsvinden. Omdat de Dienst Toeslagen ook tot die tijd burgers zoveel mogelijk
wil ondersteunen, werkt de dienst, samen met haar partners, aan het verminderen van
terugvorderingen, het tegengaan van niet-gebruik, het terugdringen van de complexiteit
van het huidige stelsel en harmonisatie van begrippen. Met deze halfjaarlijkse stand
van zakenbrief Dienst Toeslagen wordt uw Kamer geïnformeerd over een aantal actuele
ontwikkelingen rondom de uitvoering van Dienst Toeslagen en wordt gerapporteerd over
moties en toezeggingen aan uw Kamer. Tevens treft u in de bijlage de reactie op het
rapport van de Inspectie Belastingdienst, Toeslagen en Douane (IBTD) over het aanvraagproces
van toeslagen dat uw Kamer op 30 april 2026 is toegestuurd.3
Dienstverlening
De ontwikkeling van de dienstverlening van Dienst Toeslagen staat niet stil. Op verschillende
onderdelen wordt gewerkt aan verbeteringen die bijdragen aan een toegankelijke en
bij de burger passende dienstverlening. In dit overzicht nemen we u mee in de belangrijkste
ontwikkelingen zoals onze brieven met beschikkingen, de website en digitale dienstverlening
via het portal en hulpmiddelen ter ondersteuning van het aanvraagproces zoals de oefentool.
Dienst Toeslagen blijft investeren in de doorontwikkeling van de dienstverlening.
Hierbij wordt onder meer gebruik gemaakt van de uitkomsten van de Toeslagen Barometer.
Met dit onderzoek wordt periodiek gemeten hoe het vertrouwen in en de beeldvorming
over Dienst Toeslagen zich ontwikkelt. Deze worden gepubliceerd op overtoeslagen.nl.4
Ontwikkelingen digitale dienstverlening
In de afgelopen periode is de functionaliteit van de app verder uitgebreid.5 Zo kunnen burgers met de app van Toeslagen niet alleen hun toeslagen bekijken en
wijzigingen doorgeven, ze ontvangen ook regelmatig meldingen wanneer actie (controle
of wijzigingen) mogelijk nodig is. Daarmee ondersteunt de app burgers bij het actueel
houden van hun toeslagen en het voorkomen van terugvorderingen. Het gebruik van de
app is het afgelopen jaar verder toegenomen. In 2025 is de grens van een miljoen actieve
gebruikers bereikt. Inmiddels maken wekelijks ongeveer 100.000 burgers gebruik van
de app. De app voorziet daarmee in een duidelijke behoefte van burgers om hun toeslagzaken
eenvoudig digitaal te kunnen regelen.
Signaleringsactie niet-gebruik via de app
De app wordt daarnaast ingezet om het niet-gebruik terug te dringen. Burgers met huurtoeslag
en geen lopende zorgtoeslag worden via de app gewezen op hun mogelijk recht op zorgtoeslag
en doorgeleid naar het Burgerportaal (mijntoeslagen.nl) om een aanvraag in te dienen.
Wekelijks worden hier ongeveer 2.500 burgers via de app op gewezen waarvan er 400
vervolgens inloggen op het Burgerportaal.
Toeslagen Oefentool
Tijdens de Week van het Geld (eind maart 2026) lanceerde Dienst Toeslagen de Toeslagen
Oefentool (www.toeslagenoefentool.nl). Met deze gratis online oefentool kunnen burgers op een laagdrempelige manier oefenen
met het aanvragen van toeslagen en het doorgeven van wijzigingen. De tool is in samenwerking
met jongeren, docenten en maatschappelijke partners ontwikkeld na signalen dat er
behoefte is aan praktisch, herkenbaar en interactief oefenmateriaal. Hoewel de oefentool
gericht is op jongeren, leent deze zich voor iedereen ongeacht leeftijd. Bovendien
kunnen docenten de tool gebruiken bij lessen burgerschap of financiële vaardigheden.
Vernieuwde beschikking
Dienst Toeslagen voert gefaseerd de vernieuwde beschikking met een uitgebreid overzicht
van grondslagen en lasten in. Hiermee krijgen burgers meer inzicht in de wijze waarop
de toeslag is berekend. Vanaf juni 2026 zijn de eerste vernieuwde beschikkingen voor
voorlopige toekenningen naar burgers verstuurd. Dit gebeurt zowel per post als digitaal
via de Berichtenbox. In de volgende fase zullen ook de beschikkingen met de definitieve
toekenning worden vernieuwd. In de bijlage treft u een voorbeeld van een vernieuwde
voorlopige beschikking.
Keuzemogelijkheid voor digitale beschikkingen
Dienst Toeslagen werkt aan de mogelijkheden voor digitale communicatie. Burgers krijgen
meer regie over hoe zij correspondentie van Dienst Toeslagen ontvangen: uitsluitend
digitaal via de Berichtenbox van MijnOverheid of op papier én digitaal. Dienst Toeslagen
wil deze keuzemogelijkheid in de eerste helft van 2027 aanbieden. Het gaat in eerste
instantie om bepaalde beschikkingen vanuit Dienst Toeslagen die bijna tweederde van
de post vanuit Dienst Toeslagen beslaan. Daarna wordt dit stapsgewijs uitgebreid naar
overige correspondentie. Belangrijk is bovendien dat de post in de Berichtenbox zichtbaar
wordt onder de eigen identiteit van Dienst Toeslagen, waar dat in de huidige situatie
nog gebeurt onder naam van de Belastingdienst. Dienst Toeslagen sluit zo aan bij de
verwachtingen van burgers rondom digitale dienstverlening en de uitgangspunten van
de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer. Daarnaast wordt met de invoering
van de keuze digitaal, afhankelijk van het gebruik, structureel een besparing gerealiseerd
op papiergebruik – en portokosten.
Voorzichtig voorschot
In de stand van zakenbrief van 2 juli 2025 is de ambitie geuit om tot een pilot met
een voorzichtig voorschot te komen in 2026.6 Een voorzichtig voorschot houdt in dat burgers de optie wordt geboden enkel 80% van
het berekende voorschot te ontvangen om het risico op terugvorderingen te beperken.
Uit de voorlopige uitwerking van de pilot blijkt het uitdagender om de optie binnen
de huidige systemen op een begrijpelijke wijze uit te werken dan vooraf gedacht. Tevens
spelen er andere wetgevingsverplichtingen en wensen binnen de dienstverlening. Op
dit moment wordt dus onvoldoende kans en ruimte gezien om aan de ambitie tot een pilot
opvolging te geven. Parallel aan uitwerking van de pilot heeft een tweede labexperiment
plaatsgevonden naar een vergelijkbare interventie, waarbij het voorschot volledig
instelbaar was tussen 0–100%. In de bijlage treft u het rapport Labexperiment instelbaar
voorschot. Evenals in het eerste experiment bleek de optie populair, circa 68% van
de participanten maakte gebruik van de mogelijkheid en het gekozen percentage lag
met 75% gemiddeld genomen in de buurt van 80%. De relatieve effectiviteit in het terugdringen
van terugvorderingen is niet eenduidig. Enerzijds kiest een substantieel deel voor
een voorschot van minder dan 70%, waarmee het risico op terugvorderingen voor die
groep kleiner is. Tegelijkertijd koos een substantieel deel van de groep voor een
percentage rond de 90%, waardoor voor deze groep het instelbaar voorschot minder effectief
is in het terugdringen van terugvorderingen. Zoals gezegd worden vanwege technische
beperkingen en andere prioriteiten vooralsnog geen mogelijkheid gezien aan dit onderzoek
opvolging te geven.
Terugvorderingen terugdringen: muteren kinderopvanggegevens
Dienst Toeslagen heeft de resultaten van de pilot muteren op kinderopvanglasten (aantal
opvanguren x uurtarief) uit 2024 geanalyseerd op basis van de definitieve toekenning
over dat jaar. Eerder is uw Kamer geïnformeerd over tussentijdse inzichten over 2024
en de plannen voor muteren in 2025.7 De definitieve inzichten over 2024 zijn zeer positief. Voor een groep van ruim 100
burgers waarbij het resultaat van de actie kan worden geïsoleerd, komt de mutatie
overeen met de uiteindelijke gegevens bij de definitieve toekenning van de toeslag.
Dus zijn terugvorderingen succesvol verminderd of voorkomen. Ook wijzigingen die burgers
zelf doen naar aanleiding van de mutatiebrief zorgen vaak voor het verminderen van
terugvorderingen na afloop van het jaar.
In 2026 blijft de Dienst Toeslagen daarom inzetten op het voorkomen van mogelijke
terugvorderingen na afloop van het toeslagjaar door het aanpassen van lopende kinderopvangtoeslagen
gedurende het jaar als betrouwbare gegevens van kinderopvangorganisaties daarvoor
aanleiding geven. Met behulp van een aantal procesaanpassingen wordt het bereik van
de actie verder uitgebreid. Zo wordt niet enkel gemuteerd op de opvanglasten, maar
ook op gegevens over het einde van de opvang, opvangsoort of een verlopen Landelijk
Register Kinderopvang (LRK)-nummer. Daarmee is de verwachting dat er dit jaar circa
5.500 tot 9.000 mutatiebrieven zullen worden verstuurd. Ook zijn verbeteringen in
de brief doorgevoerd zodat de burger meer inzicht in de gegevens wordt geboden, mede
naar aanleiding van de uitkomsten van een extern gedragsonderzoek uitgevoerd onder
de doelgroep. Het eindrapport van het Gedragsonderzoek Muteren 2025 treft u als bijlage
aan.
Ten behoeve van de leesbaarheid van de mutatiebrieven worden deze vanaf nu per kind
verstuurd.8 Hierdoor kan in een aantal gevallen voorkomen dat voor een kind wordt gecommuniceerd
dat een mutatie omhoog plaatsvindt. Voor het gehele huishouden zal echter nog altijd
enkel omlaag worden gemuteerd zodat het voorschot lager uitvalt en terugvorderingen
worden voorkomen. In de communicatie aan burgers wordt altijd verteld dat de actie
leidt tot een lager voorschot. De burger kan binnen drie weken de mutatie tegenhouden
voordat het effect heeft op zijn toeslag. Ook na drie weken kan een burger altijd
zelf zijn gegevens weer aanpassen, maar dan ontvangen burgers wel minstens één uitbetaling
op basis van de gemuteerde gegevens.
Naast muteren op kinderopvanggegevens wordt er ook gemuteerd op basis van inkomen
om (hoge) terugvorderingen te voorkomen. Uw Kamer wordt in de volgende stand van zakenbrief
geïnformeerd over de resultaten op dat vlak.
Tussentijdse evaluatie dienstverlening en uitvoering Toeslagen – Hoe burgers toeslagen
ervaren
Als input voor de Periodieke Rapportage Toeslagen is een tussentijdse evaluatie uitgevoerd
naar de dienstverlening en uitvoering over de jaren 2021–2024. Deze treft u als bijlage
aan. Centraal in het onderzoek staat de burgerbeleving van toeslagen en hoe dit zich
heeft ontwikkeld over de afgelopen jaren. Het onderzoek geeft weer welke ontwikkelingen
zijn doorgevoerd in de uitvoering en dienstverlening en welke maatregelen hebben bijgedragen
aan voorspelbaarheid, eenvoud en vertrouwen vanuit het perspectief van burgers. Het
onderzoeksconsortium Panteia, Universiteit Leiden (Kenniscentrum Psychologie en Economisch
Gedrag) en de Behavior Change Group heeft op uitgebreide wijze trends en ontwikkelingen
van het toeslagenstelsel in beeld gebracht, de verschillende doorgevoerde maatregelen,
en inzichten verzameld over burgerperspectief. Het onderzoek combineert onder andere
deskresearch, data-analyse, diepte-interviews met burgers, enquête en focusgroepen.
Uit het onderzoek volgen ook adviezen waar binnen het huidige stelsel nog verbeteringen
doorgevoerd kunnen worden. Een nadere beleidsreactie op de adviezen en onderzoeksresultaten
van dit onderzoek wordt meegenomen in de beleidsreactie op de Periodieke Rapportage
Toeslagen, welke naar verwachting eind 2026 aan uw Kamer wordt gestuurd.
Convenanttegoeden en nieuwe convenant kinderopvangtoeslag
Voor ouders is het mogelijk om de maandelijkse kinderopvangtoeslag op de rekening
van de kinderopvangorganisatie (KOO) te laten storten. Ouders dienen hier zelf expliciet
voor te kiezen en de KOO’s dienen hiervoor een convenant met de Dienst Toeslagen af
te sluiten. In de stand van zakenbrief van 18 december 2025 is uw Kamer geïnformeerd
over de zogenaamde convenanttegoeden van KOO’s en de nieuwe overeenkomsten die Dienst
Toeslagen met KOO’s afsluit.9 De convenanttegoeden zijn, in het kort, de in het verleden teveel uitbetaalde kinderopvangtoeslag
die door KOO’s nog aan de ouders moeten worden teruggegeven. Eén van de voorwaarden
voor het afsluiten van de nieuwe overeenkomsten is dat de KOO’s de nog resterende
convenanttegoeden die zich bij hen bevonden uitbetaald hebben aan de ouders, of dat
zij Dienst Toeslagen verzoeken hen hierbij te helpen. Inmiddels zijn alle circa 250
betrokken KOO's benaderd met de vraag of zij nog convenanttegoeden hebben. De KOO’s
die aangaven convenanttegoeden te hebben zijn nu bezig de gelden door te storten naar
de ouders of de administratie compleet te maken zodat Dienst Toeslagen hen hierbij
kan helpen. Naar verwachting zullen dit jaar alle convenanttegoeden die KOO’s niet
zelf aan de ouders kunnen overmaken naar Dienst Toeslagen zijn overgemaakt. Inmiddels
zijn door Dienst Toeslagen de tegoeden doorgestort aan 753 ouders die deze KOO’s niet
zelf konden bereiken.
Zodra per KOO de convenanttegoeden zijn weggewerkt kan de nieuwe overeenkomst gesloten
worden, en zijn er scherpere eisen, en toezicht, om eventuele nieuwe convenanttegoeden
zoveel mogelijk in het lopende jaar door te kunnen storten naar de ouders.
Dienst Toeslagen heeft het gros van de aanmeldingen, van de KOO’s die nog een convenant
hadden, voor de nieuwe overeenkomsten beoordeeld aan de eisen met betrekking tot de
financiële gezondheid en de maandelijkse gegevenslevering. Op dit moment worden de
laatste beoordelingen afgerond, en wordt er begonnen om de nieuwe aanmeldingen te
beoordelen. In de volgende stand van zakenbrief wordt u geïnformeerd over de nieuwe
overeenkomsten en in hoeverre alle convenanttegoeden die de KOO’s zelf niet konden
vinden via Dienst Toeslagen zijn overgemaakt aan de ouders.
Handhaving toeslagen
Dienst Toeslagen plaatst handhaving nadrukkelijk in een bredere blik op het gehele
klantbehandelingsproces. Handhaving begint met het ontzorgen van burgers door goed
datagebruik, goede voorlichting en dienstverlening waarmee het voor burgers makkelijker
is om zaken in één keer goed te regelen, zodat correctie achteraf minder noodzakelijk
is. De hiervoor genoemde maatregelen op dienstverleningsvlak, bijvoorbeeld het muteren
van kinderopvanggegevens, dragen dan ook bij aan handhaving. Onderstaand treft u de
voortgang op een specifieke handhavingsmaatregel, de controle op de arbeidseis.
Controle arbeidseis kinderopvangtoeslag
Bij de behandeling van het wetsvoorstel Wijziging van de Wet kinderopvang om aanspraak
op kinderopvangtoeslag mogelijk te maken voor Oekraïense ontheemden en andere partners
buiten de EU, is door de toenmalig Staatssecretaris Toeslagen en Douane toegezegd
om jaarlijks terug te komen op de handhaving van de arbeidseis in de kinderopvangtoeslag.10 Dit treft u onderstaand aan. Indien er ontwikkelingen op dit terrein zijn zult u
hierover worden geïnformeerd via de halfjaarlijkse stand van zakenbrieven.
De arbeidseis houdt in dat er alleen recht bestaat op kinderopvangtoeslag als er betaald
werk verricht wordt of als er sprake is van een doelgroepstatus.11 Zoals ook aangegeven bij de antwoorden op vragen van het lid Grinwis, wordt er zowel
in de voorlopige toekenningfase, als definitieve toekenningsfase gecontroleerd op
de arbeidseis.12 Hoofdzakelijk vindt controle op de arbeidseis achteraf plaats bij het definitief
toekennen. In sommige gevallen wordt ook in de voorlopige toekenningsfase gecontroleerd,
wanneer een aanvraag uitvalt voor handmatige behandeling. Dit komt bijvoorbeeld voor
wanneer gegevens onvolledig zijn ingevuld bij de aanvraag. Tijdens het aanvraagproces
is nog geen sprake van het aanleveren van bewijslast door de burger, omdat dit gezien
de aantallen zoveel mogelijk geautomatiseerd gebeurt op basis van contra-informatie.
Wel is het zo dat bij de aanvraag de burger moet aangeven of deze en de toeslagpartner
werken of dat zij een doelgroepstatus hebben. Als de burger hier negatief op antwoordt,
kan deze de aanvraag niet voltooien en volgt ook geen toekenning van de toeslag. Dienst
Toeslagen ontvangt gedurende en na afloop van het jaar gegevens van verschillende
instanties, zoals het inkomen via de Belastingdienst en gegevens over de doelgroepstatus
vanuit DUO, UWV en namens gemeenten via Bureau Informatiediensten Nederland (BIDN).
Op basis van deze gegevens wordt zoveel mogelijk geautomatiseerd vastgesteld of een
aanvrager voldoet aan de arbeidseis.
Aanvragers van kinderopvangtoeslag met een buitenlandcomponent doorlopen hetzelfde
proces en moeten aan dezelfde voorwaarden voldoen zoals vermeld in de Wet kinderopvang.
Wel zijn rechtmatige toekenningen van de kinderopvangtoeslag bij aanvragen met een
buitenlandcomponent lastiger vast te stellen. Dit komt omdat minder vaak geautomatiseerd
kan worden vastgesteld of er wordt voldaan aan de arbeidseis. Wel is het zo dat bij
partners buiten de EU het inkomen door de belastinginspecteur wordt vastgesteld en
aan Dienst Toeslagen verstrekt. Deze gegevens worden bij de definitieve toekenning
langs de aanvragen gelegd. Op basis van deze gegevens kan voor het overgrote deel
van de kinderopvangtoeslagpopulatie vastgesteld worden dat aannemelijk is dat aan
de arbeidseis wordt voldaan.
Uit de aanvragen waarbij geen contra-informatie over de arbeidseis voorhanden is,
wordt een selectie gemaakt voor een handmatige behandeling. Hierbij speelt de buitenlandcomponent
op zichzelf geen rol, aangezien het hier gaat om contra-informatie die ziet op de
arbeidseis. De groep waarvan niet met voldoende zekerheid op basis van de beschikbare
gegevens door Dienst Toeslagen kan worden vastgesteld dat aan de arbeidseis wordt
voldaan, wordt dus handmatig gecontroleerd op de arbeidseis. Het is logischerwijs
niet realistisch om alle aanvragen binnen de kinderopvangtoeslagpopulatie op doelmatige
wijze van een volledige controle te voorzien. Er vindt dus een selectie plaats welke
aanvragen onderworpen worden aan nadere controle, waarbij er geen onderscheid gemaakt
wordt tussen partners die in Nederland, buiten Nederland of buiten de EU verblijven.
Bij het versturen van de invoeringstoets inzake de eerdergenoemde wetswijziging, is
ook aandacht besteed aan de handhaving van de arbeidseis betreffende Oekraïense ontheemden
en daarnaast ouders met een partner buiten Europese Unie, de Europese Economische
Ruimte of Zwitserland.13 Dit naar aanleiding van een toezegging in de desbetreffende wet om een invoeringstoets
uit te voeren. De conclusie van de invoeringstoets ten aanzien van handhaving van
de arbeidseis was dat er geen signalen naar voren zijn gekomen die erop wijzen dat
dit tot bijzondere uitvoeringsproblemen hebben geleid.
Stand van zaken invordering Dienst Toeslagen
Invordering bij Dienst Toeslagen is continu in ontwikkeling. Hieronder treft u onder
andere de opstart van de invordering bij aanmelders bij Uitvoeringsorganisatie Herstel
Toeslagen (UHT) die de Integrale Beoordeling (IB) hebben doorlopen of daarvan hebben
afgezien. Daarnaast wordt zowel de voortgang op de implementatie van de invorderingsstrategie
als de uitdagingen met betrekking tot de invordering beschreven. Ook worden overige
verbeterinitiatieven binnen het invorderingsproces toegelicht, waaronder Rijksbrede
trajecten.
Pauze in verband met hersteloperatie
In 2026 vervolgen we het opheffen van de pauzering van het invorderingsproces bij
ouders nadat het proces van Integrale beoordeling (IB) door de Uitvoeringsorganisatie
Herstel Toeslagen (UHT) is afgerond. Deze opstart van invordering verloopt sinds 2024
in batches en raakt in totaal circa 100.000 personen, die zich hadden aangemeld bij
UHT. Bij circa 71.000 ouders/ toeslagpartners is de pauzering inmiddels opgeheven.
Daarmee start de invordering van toeslag- en/of belastingschulden die na het UHT-proces
niet zijn kwijtgescholden. Dit zijn bijvoorbeeld schulden die het gevolg zijn van
nieuwe belastingaanslagen of terugvorderingsbeschikkingen vanaf 2021. De kwijtschelding
van schulden die het gevolg zijn van de toeslagenaffaire beperkt zich namelijk tot
en met 2020.
Invorderingsstrategie Dienst Toeslagen
Met de vorige stand van zakenbrief van Dienst Toeslagen van 18 december 2025 is uw
Kamer geïnformeerd over de voortgang van de invorderingsstrategie en overige verbeterinitiatieven
binnen het invorderingsproces van Dienst Toeslagen. In de bijlage «Overzicht verbetermaatregelen
invordering» zijn alle verbetermaatregelen uit de invorderingsstrategie opgenomen
met een overzicht van de status. Onderstaand treft u de huidige stand van zaken.
Sinds de vorige stand van zakenbrief van Dienst Toeslagen zijn meerdere verbetermaatregelen
geïmplementeerd. Per 1 juli 2026 is het mogelijk om een verlengde betalingsregeling
voor het voldoen van een schuld bij Dienst Toeslagen aan te bieden bij de aanwezigheid
van vermogen waarvan het onredelijk bezwarend is dit liquide te maken (veelal de overwaarde
van een eigen woning). Voorheen kon de aanwezigheid van vermogen ertoe leiden dat
een burger niet in aanmerking kwam voor een persoonlijke betalingsregeling, omdat
vermogen (zoals overwaarde op een woning) eerst moest worden ingezet om aan een betalingsverplichting
te voldoen. Dat wordt met deze verbetermaatregel voorkomen.
Ook is het vanaf 9 juni 2026 mogelijk om op digitale wijze (via de website van Dienst
Toeslagen) een standaard betalingsregeling af te sluiten voor het voldoen van een
schuld bij Dienst Toeslagen. Hierdoor kunnen burgers op eenvoudige wijze digitaal
een standaard betalingsregeling van 24 maanden vragen. Dit geldt ook als de betaaltermijn
van zes weken is verlopen.
Bovendien streeft Dienst Toeslagen ernaar om in het invorderingsproces situaties te
signaleren waarbij het vermoeden bestaat dat persoonlijk contact wenselijk is en het
bieden van maatwerk kan helpen. Er is een proces ingericht waarbij burgers door de
Belastingdienst, die de invordering voor Dienst Toeslagen uitvoert, kunnen worden
doorverwezen naar Persoonlijke begeleiders van Dienst Toeslagen. Bijvoorbeeld wanneer
het regelen van toeslagzaken (tijdelijk) moeilijk doenlijk is en generieke dienstverlening,
zoals BelastingTelefoon en balies, te weinig toereikend is, of wanneer er sprake is
van (kans op) een opeenstapeling van terugvorderingen.
Dienst Toeslagen is continu bezig met het verbeteren van het invorderings- en dienstverleningsproces.
Om het burgerperspectief hier nog meer in te betrekken, is er een burgerreis ontwikkeld
vanaf het moment dat de burger een terugvorderingsbrief/-beschikking ontvangt. In
de bijlage treft u het rapport Burgerreis invordering van theRevolution. De inzichten
worden betrokken bij de uitwerking van de beoogde verbetermaatregelen in de invordering
en raken aan het proces van aanvragen en wijzigen van toeslagen. Bijvoorbeeld op het
gebied van verbeteren van communicatie, integrale klantbehandeling, maatwerk, ondersteuning
en waar mogelijk minder beroep op zelfredzaamheid.
Ook wordt het rekenen van rente en kosten bij invordering tegen het licht gehouden.
De Behavior Change Group en het Kenniscentrum Psychologie en Economisch Gedrag hebben
op verzoek van Dienst Toeslagen onderzoek gedaan naar de (gedrags)effecten van invorderingsrente,
aanmanings- en dwangbevelkosten voor de doelgroep van Dienst Toeslagen. U vindt het
rapport Invorderingsmaatregelen bij Dienst Toeslagen als bijlage bij deze brief. Het
onderzoek concludeert dat er geen empirisch bewijs is dat het rekenen van kosten of
rente leidt tot sneller of vollediger betalen van toeslagschulden. Ook toont het onderzoek
aan dat er aanzienlijke neveneffecten zijn bij het in rekening brengen van deze kosten:
het beperkt het doenvermogen van de burger, versterkt de vicieuze cirkel waarin betalingsproblemen
zich opstapelen (schuldenfuik), zorgt voor klachten en bezwaren en leidt tot toegenomen
wantrouwen onder burgers. De onderzoeksbevindingen worden meegewogen in de verdere
uitwerking van verbetermaatregelen. Daarbij wordt onder andere gekeken naar de passendheid
van het rekenen van invorderingsrente bij overschrijding van de uiterste betaaldatum
van een terugvordering. Verder wordt gekeken naar de mogelijkheden tot wijziging van
de systematiek die in de Kostenwet invordering rijksbelastingen wordt gehanteerd bij
de berekening van de kosten voor betekening van een dwangbevel.
Uitdagingen met betrekking tot invordering
In de stand van zakenbrief van de Belastingdienst is toegelicht dat de Belastingdienst
te maken heeft met meer werkaanbod dan capaciteit.14 Dit leidt tot oplopende werkvoorraden en het niet volledig kunnen uitvoeren van alle
werkzaamheden. Er zijn werkvoorraden bij het afdoen van bezwaren en verzoeken betalingsregeling
voor Dienst Toeslagen. Er wordt nauwelijks toegekomen aan invorderingsacties na het
betekenen van het dwangbevel bij toeslagschulden. Er zijn diverse maatregelen genomen
om de beschikbare capaciteit zo efficiënt mogelijk in te zetten en waar mogelijk tekorten
terug te dringen.15 De voorraden bezwaren en verzoeken betalingsregeling voor Dienst Toeslagen worden
inmiddels ingelopen door onder andere het (tijdelijk) versneld afdoen van deze verzoeken.16 Naar structurele oplossingen wordt nog gezocht. Een maatregel waarvan bijvoorbeeld
verwacht wordt dat deze tot een structurele daling van het aantal bezwaren zal leiden
is de hiervoor vermelde mogelijke aanpassing van de systematiek van de Kostenwet invordering
rijksbelasting.
De huidige uitwerking van beleidswijzigingen en diverse verbetermaatregelen uit de
invorderingsstrategie vraagt ook om IV-aanpassingen. De Belastingdienst werkt gefaseerd
aan de modernisering van de sterk verouderde ICT-systemen van de inning. Het inningsproces
voor Dienst Toeslagen wordt – gezien de omvang en complexiteit van haar vorderingen
– na de dienstonderdelen van de Belastingdienst geïmplementeerd in de systemen die
de massale invordering ondersteunen. De systemen die de persoonlijke betalingsregeling
ondersteunen worden met prioriteit vervangen. Diverse verbetermaatregelen kunnen pas
in het gemoderniseerde ICT-landschap van de Belastingdienst geïmplementeerd worden.
Daarom is de verdere beleidsmatige uitwerking of implementatie «on hold» gezet. Zie
hiervoor de bijlage Overzicht verbetermaatregelen invordering Dienst Toeslagen.
Bij de stand van de uitvoering is uw Kamer op 2 juli 2026 de Visie 2030 van de uitvoeringsorganisatie
Dienst Toeslagen toegestuurd. Hierin staat onder andere een wendbare, digitale en
autonome dienstverlening en de beweging van het fiscale naar het sociale domein centraal.
Dienst Toeslagen heeft daarbij de ambitie om stapsgewijs het massaal-geautomatiseerde
proces zelf te registreren of organiseren, waaronder de interactie met burgers. Gezien
de lopende verbeteringen én de geconstateerde uitdagingen in de invordering van toeslagen,
onderzoekt Dienst Toeslagen welke stappen er gezet moeten worden om deze visie ook
voor het terugbetalen en invorderen van toeslagen te realiseren.
Overige maatregelen invordering
Dienst Toeslagen participeert in rijksbrede trajecten die gericht zijn op verbeteringen
op het gebied van invordering. Zo neemt Dienst Toeslagen deel aan verschillende projecten
die onder Clustering Rijksincasso vallen, zoals de interdepartementale werkgroep voor
een uniforme norm voor het bestaansminimum. Ook wordt er gewerkt aan de aansluiting
op «MijnBetaaloverzicht» en de Betalingsregeling Rijk.
Daarnaast zet Dienst Toeslagen gericht in op het ondersteunen van mensen met geldzorgen.
Sinds juni 2025 werkt Dienst Toeslagen samen met tien gemeenten en de Belastingdienst
aan een experiment vroegsignalering. Doel is om mensen met betalingsproblemen eerder
in beeld krijgen en te helpen. De eerste bevindingen laten zien dat hiermee een nieuwe
doelgroep in beeld komt en dat meer dan de helft van de benaderde huishoudens ook
daadwerkelijk wordt bereikt. Het experiment heeft een looptijd tot 1 juni 2027.
Tot slot is de samenwerking met Geldfit verlengd. Via deze samenwerking wordt ingezet
op het voorkomen van problematische schulden, onder meer door burgers te ondersteunen
met online tools en hen, waar nodig, gericht toe te leiden naar passende hulp, vaak
in samenwerking met gemeenten.
Damages Dienst Toeslagen
Uw Kamer wordt via de stand van zakenbrieven geïnformeerd over de damages die zijn
opgetreden bij de verstrekking van toeslagen. Bij het herstellen van damages worden
een aantal uitgangspunten gehanteerd, waaronder:
– aanpassingen die nodig zijn om de damage te herstellen in het voordeel van burgers
worden in beginsel altijd gedaan;
– indien als gevolg van de damage de burger bij de voorlopige toekenning (VT) een te
hoge toeslag toegekend heeft gekregen vindt in beginsel een correctie plaats;
– indien een definitieve toekenning (DT) reeds is opgelegd wordt per damage bekeken
hoe hiermee om te gaan. Wanneer het voor de burger evident was dat de beschikking
onjuist was vastgesteld of wanneer sprake is van fraude wordt teruggevorderd, anders
niet.
Afgelopen periode hebben er zich bij de uitvoering van toeslagen drie damages in de
reguliere processen voorgedaan.
Onjuiste beschikkingen huurtoeslag 2025 verstuurd
Bij circa 44.000 burgers is de huurtoeslag over 2025 onterecht aangepast. De servicekosten
zijn niet meegenomen (lees: verwijderd) in de berekening doordat circa 20 verhuurders
onjuiste gegevens hebben aangeleverd. Zonder ingrijpen zou dit betekenen dat deze
44.000 burgers gemiddeld € 200,– aan huurtoeslag over 2025 moesten terugbetalen. De
verwerking van de terugvordering is tijdig gecorrigeerd waardoor er geen financiële
benadeling voor burgers is geweest. Wel ontvingen betreffende burgers rond 5 maart
2026 een onjuiste voorschotbeschikking, waarin staat dat zij te veel huurtoeslag over
2025 hebben ontvangen. De fout is inmiddels gecorrigeerd. Naast een foutieve beschikking
ontvingen zij, na 5 maart 2026 óók een nieuwe, correcte beschikking, waarin de servicekosten
weer zijn meegenomen in de berekening van de huurtoeslag over 2025.
Betalingsregelingen niet goed verwerkt
Door een fout in de werkinstructie zijn betalingsregelingen niet goed verwerkt. In
totaal zijn 595 betalingsregelingen niet goed verwerkt. Als gevolg van het niet goed
opvoeren zijn er onterecht betalingsherinneringen, aanmaningen en dwangbevelen verstuurd.
Waarbij ook ongeveer € 35.000 aan onterechte aanmanings- en dwangbevelkosten in rekening
zijn gebracht. Na het constateren van de fout zijn 130 betalingsregelingen tijdig
hersteld waardoor burgers geen hinder hebben ondervonden. De overige betalingsregelingen
zijn in afstemming met burgers alsnog gestart of de vordering is reeds volledig voldaan.
Alle onterechte kosten zijn hersteld. De fout is inmiddels gecorrigeerd en er zijn
maatregelen getroffen om vergelijkbare fouten te voorkomen.
Invorderingen niet opgestart na uitval voor verrekening
Sinds maart 2023 zijn er onvolledigheden in het proces van verrekening van openstaande
toeslagschulden met lopende toeslag uitbetalingen. Hierdoor zijn deze invorderingen
langere tijd niet opgepakt en heeft de burger geen opvolging gehad van de invordering.
In totaal zijn ongeveer 3.850 vorderingen voor 3.200 burgers niet tijdig opgestart.
Het gaat hierbij om invorderingen van in totaal circa € 3.1 mln. Alle burgers die
hiermee te maken hebben gehad ontvingen een brief met nadere toelichting over de ontstane
situatie. De invordering is weer opgestart voor de betreffende burgers waarbij er
geen invorderingsrente is gerekend indien de vordering sinds 2024 of eerder niet is
opgevolgd. In totaal gaat dit om een bedrag van circa € 160.000 aan invorderingsrente.
Uitzonderingenrapportage
Uw Kamer ontvangt als bijlage bij deze brief de uitzonderingenrapportage over de begroting
van 2026. Hierin worden de resultaten van januari tot en met mei 2026 toegelicht voor
zover die niet zijn gerealiseerd, dan wel achterlopen ten opzichte van de planning.
In de uitzonderingenrapportage vindt u een compleet overzicht over de voortgang van
de realisatie van alle indicatoren zoals opgenomen in de begroting en het Jaarplan
van Dienst Toeslagen 2026. Deze uitzonderingenrapportage gaat niet over de uitvoering
van de hersteloperatie. Daarover wordt uw Kamer regulier geïnformeerd via de Voortgangsrapportages
hersteloperatie toeslagen.
Aanpassing indicatoren
In de begroting en daarmee ook de uitzonderingenrapportage wordt momenteel verantwoording
afgelegd over 13 indicatoren. Als onderdeel van een overzichtelijker en beter stuurbaardere
begroting zal dit teruggebracht worden. In de begroting voor 2027, die uw Kamer in
september 2026 ontvangt, zult u hier nader over geïnformeerd worden.
Overig
Vernietiging personele- en financiële gegevens
Voor Dienst Toeslagen geldt momenteel nog een moratorium op de vernietiging van documenten
en systemen. Hierbij is ook richting uw Kamer toegezegd allereerst uw Kamer te informeren
voordat dit moratorium wordt opgeheven.17 Helaas is er geconstateerd dat er personele- en financiële gegevens van Dienst Toeslagen
uit het SAP-systeem, als onderdeel van een opschoning bij de Belastingdienst, zijn
vernietigd. Dit gaat in tegen het moratorium dat nog geldt en daarom wordt u nu hierover
geïnformeerd. Uit een inventarisatie is niet gebleken dat hiermee cruciale informatie
vernietigd is die nog nuttig zou kunnen zijn voor bij bijvoorbeeld onderzoeken naar
zaken uit het verleden. Het betreft bijvoorbeeld documenten over het verlenen, afwijzen,
wijzigen of intrekken van verlof van medewerkers en financiële gegevens over inkoop
van goederen en diensten, waaronder ook opleidingen. In de volgende stand van zakenbrief
Dienst Toeslagen zal uw Kamer geïnformeerd worden over de stappen die noodzakelijk
zijn om het moratorium op de vernietiging van documenten en systemen bij Dienst Toeslagen
op te heffen.
Moties zelfstandigen
Er zijn meerdere moties aangenomen over de zelfstandigen die werkzaam zijn of waren
bij de hersteloperatie en de toezeggingen die Dienst Toeslagen richting de brokers
gedaan heeft.18 Uw Kamer is over deze moties geïnformeerd in de brieven van 15 en 21 april 2026.19 Dienst Toeslagen zal haar toezegging nakomen om naheffingen werknemerspremies en
boetes van januari tot en met maart 2025 te betalen. De Dienst Toeslagen zal daarnaast
de zelfstandigen en hun brokers helpen met de afhandeling van eventuele naheffingen
loonheffing. Uw Kamer zal hierover nader geïnformeerd worden als de Belastingdienst
de eerste naheffingen heeft opgelegd aan de brokers en de brokers de Dienst Toeslagen
dat heeft laten weten.
De Staatssecretaris van Financiën,
E. Eerenberg
Ondertekenaars
E. Eerenberg, staatssecretaris van Financiën