Brief regering : Herijking schattingsvergelijkingen inkomstenraming
31 865 Verbetering verantwoording en begroting
Nr. 309
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 juli 2026
Een betrouwbare raming van de overheidsfinanciën is cruciaal voor adequate financiële
planning van het kabinet, en stelt het parlement in staat om zijn budgetrecht uit
te oefenen. Daarbij gaat het om een zo trefzeker mogelijke raming van enerzijds uitgaven
en anderzijds de belasting- en premie-ontvangsten (hierna: ontvangsten). Met deze
brief informeer ik uw Kamer over de resultaten van de periodieke herijking van de
schattingsvergelijkingen die gebruikt worden voor het ramen van de ontvangsten.
Het resultaat van de herijking is een robuustere en actuelere inkomstenraming. Met
de uitgebreide toelichting in deze brief en bijlage beoog ik maximaal inzichtelijk
te maken welke werkwijze ten grondslag ligt aan de raming, inclusief de beperkingen
die hieraan inherent zijn. In het vervolg van deze brief ga ik eerst in op de samenhang
tussen de herijking en de adviezen van de Expertgroep realistisch ramen (hierna: expertgroep)1. Vervolgens presenteer ik de gebruikte methode en resultaten in algemene bewoordingen.
De bijlage bevat de concrete resultaten en aanvullende statistische informatie, en
een toelichting per belastingsoort.
Expertgroep realistisch ramen
Het model waarmee de ontvangsten van het Rijk worden geraamd wordt iedere vier jaar
herijkt om zo actueel mogelijk te blijven. De huidige herijking komt tegemoet aan
de aanbevelingen van de Expertgroep realistisch ramen over de periodieke herijking.
Over de overige aanbevelingen van de expertgroep wordt u op Prinsjesdag geïnformeerd.
Dit geldt onder meer voor de ontwikkeling van een model voor de vennootschapsbelasting
op micro-economische basis. Tot slot wijs ik uw Kamer er graag op dat de informatie
over de ontvangstenraming en -realisaties sinds het verschijnen van het rapport van
de expertgroep maandelijks wordt verstrekt via rijksfinancien.nl.2
Methode
De ramingsmethodiek voor de ontvangsten werkt doorgaans op basis van drie elementen.
De raming van een belasting wordt ten eerste bepaald door de meest recente realisatie.
Dit verzekert dat de raming aansluit bij zo actueel mogelijke informatie. Ten tweede
houdt de raming rekening met de effecten van beleid, zoals verhoging of verlaging
van een belastingtarief. Beleidsramingen worden gecertificeerd door het Centraal Planbureau
(CPB) en toegelicht in wetsvoorstellen. Tot slot houdt de raming rekening met de effecten
vanuit de macro-economie, zoals groeiende consumptie of stijgende lonen. De schattingsvergelijkingen,
en daarmee deze herijking, hebben specifiek betrekking op dit derde element.3
Voor de schattingsvergelijkingen in deze herijking is de relatie tussen macro-economische
indicatoren en de belastingopbrengst berekend. Conform de Wet Houdbare overheidsfinanciën
maakt het kabinet voor de macro-economische ontwikkeling gebruik van ramingen van
het CPB. De economische factoren in de schattingsvergelijkingen zijn in de eerste
plaats gekozen op basis van een logische economische onderbouwing. Daarna is via statistische
analyses van historische gegevens gezocht naar de vergelijking met de hoogste verklarende
kracht. Bij deze selectie is rekening gehouden met twee beperkingen. Allereerst met
de beschikbaarheid van gegevens: niet alle relevante macro-economische indicatoren
worden door het CPB geraamd. Daarnaast is op advies van de expertgroep meegewogen
in hoeverre de raming van de economische variabelen zelf trefzeker is. Er is dus niet
alleen gekeken naar de historische relatie met een bepaalde belastingsoort, maar ook
of de indicator vooraf voldoende trefzeker is. In het geval dit te beperkt is, gaat – op advies van de expertgroep
– de voorkeur naar het gebruik van een meer generieke indicator, zoals het bbp.
Algemene resultaten en toelichting
Het resultaat van de herijking in de vorm van de vernieuwde schattingsvergelijkingen
is opgenomen in de bijlage van deze brief, inclusief een duiding per belastingsoort.
Deze schattingsvergelijkingen worden toegepast vanaf de Miljoenennota 2027. Het algemene
beeld van de herijking is dat de meeste schattingsvergelijkingen slechts beperkt veranderen.
In veel gevallen gaat het om kleine bijstellingen van de gebruikte coëfficiënten.
Voor een aantal belastingsoorten zijn wel aanzienlijke veranderingen toegepast of
spelen bijzonderheden. Deze licht ik hieronder om die reden specifiek toe.
Recentelijk ingevoegde belastingen
Voor belastingsoorten die recentelijk zijn ingevoerd of aangekondigd zijn, zijn voor
de eerste keer vergelijkingen opgesteld. Voor deze belastingsoorten zijn onvoldoende
realisatiegegevens beschikbaar voor een statistische schatting van een model. Daarom
is de schattingsvergelijking hiervoor «geprikt». Bij het «prikken» is met inachtneming
van het advies van de expertgroep een naïeve houding genomen en dus zo simpel mogelijk
model geformuleerd: deze ontvangstsoorten groeien één-op-één mee met de gekozen economische
indicator ten opzichte van het voorgaande jaar.
Premies werknemersverzekeringen
Ook voor premies werknemersverzekeringen zijn voor de eerste keer schattingsvergelijkingen
opgesteld. Ramingen voor deze premies werden voorheen overgenomen van het CPB. Voor
de raming van de overheidsfinanciën zijn deze premies in praktijk gelijk aan belastingen.
Daarom is het wenselijk dat het kabinet één consistente methodiek hanteert voor alle
ontvangsten. Om die reden is ervoor gekozen om de premies werknemersverzekeringen
zelf te ramen. Bij de schattingsvergelijkingen is nauwe aansluiting gezocht bij de
verklarende variabelen voor de loonheffing (zoals loonstijging en arbeidsvolume),
gezien de sterk vergelijkbare economische grondslag.
Vennootschapsbelasting
Voor de vennootschapsbelasting wordt naar aanleiding van de analyse van de expertgroep
gewerkt aan de ontwikkeling van een micro-economisch model. De ontwikkeling hiervan
valt buiten de scope van de voorliggende herschatting. Voor gebruik op de korte termijn
is de macro-economische vergelijking wel herijkt.
Milieuheffingen
Voor verschillende milieuheffingen geldt dat verduurzaming plaatsvindt, wat leidt
tot een lagere belastingopbrengst (ook wel grondslagerosie genoemd). De relatie met
macro-economische maatstaven zoals geraamd door het CPB is daardoor niet altijd even
sterk aanwezig. Voor deze belastingsoorten is onderzocht of het gebruik van meer specifieke
ramingen uit de Klimaat en Energieverkenning (KEV) van het Planbureau voor de Leefomgeving
meer verklarende kracht en dus een betere raming oplevert. Dit blijkt het geval voor
de brandstoffenaccijnzen.
Overige ontvangsten
Dusver waren de belastingontvangsten uit Caribisch Nederland (Bonaire, Sint-Eustatius
en Saba) gerapporteerd als onderdeel van een bredere categorie «overige ontvangsten».
Deze worden vanaf nu afzonderlijk geraamd.
Op advies van de expertgroep zijn er ook in enkele gevallen niet lineaire schattingsvergelijkingen
onderzocht. Dit betekent dat we ervan uitgaan dat de invloed van economische factoren
niet altijd constant is, maar kan veranderen naarmate deze factoren groter of kleiner
worden. Hoewel de resulterende modellen een goede voorspellende kracht toonden, waren
de coëfficiënten opvallend hoog, op een wijze die economisch moeilijk verklaarbaar
is. Het gebruik hiervan in een ramingsmodel leidt tot zeer volatiele uitkomsten. Om
deze reden is gekozen om deze modellen niet te implementeren.
Tot slot
De kwaliteit van ramingen en realistisch begroten heeft mijn voortdurende aandacht.
Afgelopen jaar zijn hier, door de adviezen van de expertgroep, flinke stappen in gezet.
Onzekerheid blijft inherent aan ramingen, in het bijzonder in economisch volatiele
tijden, maar met deze herijking van de schattingsvergelijkingen is de inkomstenraming
weer gebaseerd op de meeste actuele inzichten.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Ondertekenaars
E. Heinen, minister van Financiën