Brief regering : Geannoteerde agenda voor de Europese Raad van 18 en 19 juni 2026
21 501-20 Europese Raad
Nr. 2403
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 8 juni 2026
Hierbij bied ik u, mede namens de Minister-President en de Minister van Buitenlandse
Handel en Ontwikkelingssamenwerking, de geannoteerde agenda aan voor de Europese Raad
van 18 en 19 juni 2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
Geannoteerde Agenda Europese Raad van 18 en 19 juni 2026
Introductie
Op 18 en 19 juni a.s. vindt de Europese Raad (ER) plaats in Brussel. Op de agenda
staan Russische agressie tegen Oekraïne, het Midden-Oosten, het Meerjarig Financieel
Kader (MFK), mondiale economische uitdagingen, Europese veiligheid en defensie, migratie,
illegale drugs en georganiseerde drugscriminaliteit. Daarnaast zal de ER stilstaan
bij het Europees semester en de ontwikkelingen omtrent de recente Ebola uitbraak in
de Democratie Republiek Congo en Oeganda. De Minister-President is voornemens deel
te nemen aan de ER. Voorafgaand aan de ER zal de Minister-President deelnemen aan
een ontbijtsessie over migratie.
Russische agressie tegen Oekraïne
De ER staat stil bij de voortdurende Russische agressieoorlog tegen Oekraïne. Naar
verwachting spreekt de Raad hierbij over de urgentie van brede steun aan Oekraïne
en het belang om de druk op Rusland op te voeren, onder meer door middel van sancties.
Ook spreekt de ER over de actuele ontwikkelingen, onder meer in het vredesproces.
Nederland blijft Oekraïne actief en meerjarig steunen. Juist nu is het van belang
om koers te houden met voortgezette steun voor Oekraïne en verhoogde druk op Rusland,
om het te bewegen tot betekenisvolle onderhandelingen over te gaan. Het kabinet zal
in dit kader het belang benadrukken van de voorspoedige implementatie van de steunlening
voor Oekraïne en de steun via de Europese Vredesfaciliteit, evenals voorspoedig werk
aan ambitieuze aanvullende sanctiemaatregelen. Daarnaast zal het kabinet andere lidstaten
oproepen om meer bilaterale militaire en niet-militaire steun aan Oekraïne te leveren,
omdat de noden in Oekraïne urgent en hoog blijven en de EU-sporen voor steun aan Oekraïne
niet al deze noden dekken. Verder zal het kabinet oproepen tot de formele opening
van de onderhandelingsclusters in het toetredingsproces van Oekraïne en Moldavië,
te beginnen met Cluster 1, als deze opening zich niet reeds heeft voorgedaan. In dat
geval zal het kabinet deze stap van harte verwelkomen.
Midden-Oosten
De ER zal spreken over de situatie in het Midden-Oosten en daarbij naar verwachting
ingaan op Iran en de situatie in de Straat van Hormuz, Libanon, Israël en de Palestijnse
Gebieden.
Het kabinet zal pleiten voor een actieve Europese rol ter ondersteuning van de diplomatieke
inzet om te komen tot een akkoord tussen de VS en Iran. Het is belangrijk dat hierbij
het recht op vrije doorvaart in de Straat van Hormuz wordt erkend. Ook dienen duidelijke
afspraken gemaakt te worden over het Iraanse nucleaire programma om te voorkomen dat
Iran ooit een kernwapen kan ontwikkelen.
Nederland zal daarnaast pleiten voor Europese steun aan onze partners in de regio,
waaronder de Golfstaten. Tot slot zal de Raad naar verwachting aandacht besteden aan
het mitigeren van de mondiale impact van het conflict op o.a. energiezekerheid en
voedselzekerheid.
Met betrekking tot Libanon blijft het kabinet zijn zorgen over de situatie en de aanhoudende
schendingen van het staakt-het-vuren uitspreken. Het kabinet zet zich in voor een
stevige EU-positie waarin wordt opgeroepen om verdere militaire escalatie te voorkomen.
Tevens zal het kabinet in de Raad het belang van steun aan de Libanese autoriteiten
onderstrepen. Het kabinet verwelkomt de directe onderhandelingen tussen Libanon en
Israël. Het is van belang dat Libanon en Israël de onderhandelingen doorzetten om
te komen tot een duurzame diplomatieke oplossing.
Het kabinet blijft aandacht vragen voor de situatie in de Gazastrook, het belang benadrukken
van de implementatie van de VNVR-resolutie 2803, waaronder ongehinderde en veilige
humanitaire toegang, inclusief het heropenen van de mogelijkheid van medische hulpverlening
aan patiënten uit Gaza op de Westelijke Jordaanoever1. Daarnaast zal het kabinet zorgen uitspreken over de slechte situatie op de Westelijke
Jordaanoever door onder meer toenemend kolonistengeweld en de uitbreiding van illegale
nederzettingen en Israëlische controle, in het bijzonder in het E1-gebied. Nederland
heeft deze ontwikkelingen, net als andere lidstaten, veroordeeld. Het kabinet zal
het belang van aanvullende sancties tegen gewelddadige kolonisten en organisaties
onderstrepen, alsook van aanvullende sancties tegen Hamas en de Palestinian Islamic Jihad. Het kabinet zal onderstrepen dat straffeloosheid op het gebied van kolonistengeweld
tegengegaan moet worden voor alle betrokken partijen. Daarnaast zal het kabinet benadrukken
dat Europese druk op Israël nodig is om gedragsverandering te bewerkstelligen. Maatregelen
op het gebied van handel, waaronder de handel met onrechtmatige nederzettingen, blijven
hier onderdeel van zoals reeds benadrukt tijdens de Raad Buitenlandse Handel, en de
informele Raad van Buitenlandse Zaken.
Meerjarig Financieel Kader (MFK)
Het Cypriotische voorzitterschap heeft voor de aankomende ER in juni de voortgang
van de onderhandelingen over het volgende MFK en het eigenmiddelenbesluit (EMB) geagendeerd.
De onderhandelingen over het MFK en het EMB worden binnen de ER gestructureerd aan
de hand van de zogenoemde negotiating box, oftewel het onderhandelingsdocument. Naar verwachting zal het Cypriotische voorzitterschap
in aanloop naar de ER een nieuwe versie verspreiden onder de lidstaten en deze tijdens
de ER presenteren. Naar verwachting betreft dit de eerste negotiating box waarin concrete bedragen zijn opgenomen. Uw Kamer zal van het kabinet een appreciatie
ontvangen. Het kabinet zet in op het beperken van de stijging van de EU-afdrachten
en modernisering van het MFK inclusief versterking van de rechtsstaatconditionaliteiten,
conform de geformuleerde inzet in de meest recente MFK Kamerbrief.2
Mondiale economische uitdagingen
De Europese regeringsleiders zullen tijdens het diner van gedachten wisselen over
mondiale economische uitdagingen, zonder daarbij conclusies aan te nemen. De bespreking
bouwt voort op de ER van 19 en 20 maart over concurrentievermogen en interne markt
en de buitengewone ER van 12 februari jl. over geo-economie en concurrentievermogen.
Op 16 april jl. circuleerde de Commissie een «One Europe, One Market» Roadmap die tijdens de informele ER van 23-24 april politiek is gesteund. De inzet
van het kabinet is gericht op het versterken van de Europese economische slagkracht
en EU weerbaarheid door o.a. mitigatie van risicovolle strategische afhankelijkheden.
Dit kan door de interne markt te voltooien langs de lijnen van het coalitieakkoord,
door de eigen productiviteit te verhogen, te investeren in eigen schone energie en
eigen industriële posities, het aangaan en verdiepen van partnerschappen met derde
landen en de ontwikkeling van gerichte, gemoderniseerde handelsdefensieve instrumenten.
In deze context zal het kabinet aandacht vragen voor meer samenhang in beleid en een
sterkere gezamenlijke inzet. Alleen door gecoördineerd te handelen en publieke en
private slagkracht te bundelen, kan Europa zijn economische positie duurzaam versterken
en sneller inspelen op een veranderende geopolitieke omgeving. Er is binnen de ER
brede overeenstemming over de urgentie van het versterken van het EU-concurrentievermogen
en vervolmaken van de interne markt. Tegelijkertijd hebben lidstaten verschillende
opvattingen over de instrumenten die voor het versterken van het concurrentievermogen
en het afbouwen van risicovolle strategische afhankelijkheden ingezet dienen te worden.
Europese veiligheid en defensie
Tijdens de ER zal ook gesproken worden over de Europese veiligheid en defensie, waarbij
naar verwachting onder andere vooruitgeblikt zal worden naar de NAVO-top op 7-8 juli
in Ankara. Het kabinet zet in op een sterk Europa binnen de NAVO. Om de Europese defensie-industrie
te versterken pleit het kabinet voor ambitieuze uitwerking van de Routekaart defensiegereedheid
van oktober 2025, waaronder het spoedig afronden van de triloog-onderhandelingen over
de defensie-omnibus en de onderhandelingen over militaire mobiliteit. Ook kijkt het
kabinet uit naar de aangekondigde Europese Veiligheidsstrategie, de Commissievoorstellen
voor de defensie-interne markt en de herziening van de aanbestedingsrichtlijn. Het
kabinet steunt de inspanningen gericht op het operationaliseren van artikel 42 lid
7 van het EU-Verdrag om de weerbaarheid en slagvaardigheid van de EU – en daarmee
ook de NAVO – te versterken. In besprekingen over artikel 42.7 benadrukt Nederland
het belang van coördinatie en samenwerking met de NAVO, een heldere taakverdeling
tussen de EU en de NAVO en het voorkomen van onnodige duplicatie tussen beide organisaties.
Onze vrede en veiligheid kunnen we alleen samen met onze bondgenoten binnen en buiten
Europa waarborgen. We zetten ons daarom in voor verstevigde samenwerking binnen Europa
en samenwerking met derde landen, zoals het Verenigd Koninkrijk, Oekraïne, Noorwegen,
Canada, de Verenigde Staten en Turkije.
Migratie
Het kabinet ziet uit naar de reguliere voortgangsbrief van de Commissie over de EU-inzet
op migratie. Voor het kabinet is het essentieel dat de ER zowel de interne als de
externe aspecten van migratie binnen de EU adresseert. Prioriteiten hierbij zijn het
tegengaan van irreguliere migratie, de bescherming van migranten en vluchtelingen
en het bevorderen van terugkeer. Hierbij wordt ingezet op de adequate werking en versterking
van het Asiel- en Migratiepact (dat daags voor de ER in werking treedt). Essentieel
hiervoor is de naleving van de Dublin-verordening, de (door)ontwikkeling van brede
partnerschappen inclusief de operationalisering van innovatieve oplossingen en de
implementatie van de Terugkeerverordening. Voorafgaand aan de ER zal het kabinet met
gelijkgezinde lidstaten en de Commissie in gesprek gaan over de operationalisering
van innovatieve vormen van migratiesamenwerking, waarin Nederland een voortrekkersrol
heeft.
Illegale drugs en georganiseerde drugscriminaliteit
De ER zal spreken over de uitdagingen bij het bestrijden van de handel in- en het
gebruik van illegale drugs en zal richting geven aan een adequate implementatie van
de EU Drugs Strategie. Het kabinet verwelkomt de agendering en acht het van belang
dat de EU coherent optreedt tegen landen die drugshandelaren herbergen en zich niet
aan internationale verplichtingen houden. Daarnaast verwelkomt het kabinet de publicatie
van de EU-drugsstrategie en het EU actieplan tegen drugshandel. Voor het kabinet is
het van belang dat de aanpak holistisch is, activiteiten binnen bestaande mandaten
van de betrokken agentschappen plaatsvinden en dubbelingen worden voorkomen. Ook steunt
het kabinet inzet op preventie.
Europees Semester
Op 3 juni jl. heeft de Commissie het lentepakket in het kader van het Europees Semester
gepubliceerd, met onder andere haar voorstellen voor landspecifieke aanbevelingen.
Het Europees Semester is het jaarlijkse proces waarin lidstaten hun economisch en
budgettair beleid coördineren. De Kamer ontvangt een uitgebreide appreciatie van dit
pakket met de nazending op de geannoteerde agenda voor de Ecofinraad van 12 juni a.s.
De ER zal naar verwachting de landspecifieke aanbevelingen bekrachtigen, zodat zij
vervolgens officieel kunnen worden aangenomen tijdens de Ecofinraad.
Ondertekenaars
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken