Brief regering : Geannoteerde agenda aan voor de Raad Algemene Zaken van 26 mei 2026
21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken
Nr. 3397
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 mei 2026
Hierbij bied ik u de geannoteerde agenda aan voor de Raad Algemene Zaken van 26 mei
2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
GEANNOTEERDE AGENDA RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 26 MEI 2026
Op dinsdag 26 mei a.s. vindt de Raad Algemene Zaken (RAZ) plaats in Brussel. Tijdens
deze bijeenkomst zal de Raad spreken over het Meerjarig Financieel Kader (MFK), de
agenda van de Europese Raad van 18 en 19 juni, en de betrekkingen tussen de Europese
Unie (EU) en het Verenigd Koninkrijk (VK). Ook zullen de rechtsstaatdialogen worden
gevoerd met Frankrijk, Kroatië, Italië en Letland.
Meerjarig Financieel Kader
De Raad zal spreken over het volgend MFK vanaf 2028. Specifiek staat een discussie
geagendeerd over de rol van het MFK in het versterken van de interne markt. In juni
spreekt de Europese Raad (ER) naar verwachting over het eerste onderhandelingsdocument
met getallen. De verwachting is daarom dat bij de RAZ van 26 mei lidstaten hun algemene
MFK-inzet zullen herhalen en een voorschot nemen op de discussie in de ER. Voor het
kabinet zijn de MFK-prioriteiten uit het coalitieakkoord leidend, inclusief modernisering
van het MFK en de budgettaire inzet om de stijging van de afdrachten te beperken,
onder meer door behoud van de bni-correctie op de Nederlandse afdrachten.
Voorbereiding Europese Raad
De Raad zal de agenda van de ER van 18 en 19 juni 2026 vaststellen. Op het moment
van schrijven is de agenda van de ER nog niet bekend. Naar verwachting zal de ER stilstaan
bij de voortdurende Russische agressie tegen Oekraïne, de situatie in het Midden-Oosten,
concurrentievermogen, het MFK, EU-uitbreiding en het Europees semester. Na het vaststellen
van de agenda zal uw Kamer zoals gebruikelijk de kabinetsinzet ontvangen.
EU-VK betrekkingen
De Raad zal naar verwachting van gedachten wisselen over de actuele stand van zaken
van de EU-VK relatie, met aandacht voor de implementatie van bestaande akkoorden en
de voortgang van lopende onderhandelingen. Op basis van Raadsmandaten onderhandelt
de Commissie over een akkoord inzake sanitaire en fytosanitaire (SPS) maatregelen,
het koppelen van emissiehandelssystemen (ETS), en jeugdmobiliteit. Deze drie onderhandelingen
wensen de EU en het VK af te ronden bij de volgende top, die naar verwachting eind
juni zal plaatsvinden. Daarnaast starten de onderhandelingen over integratie van het
VK in de EU elektriciteitsmarkt en een bijdrage van het VK aan het beperken van sociale
en economische ongelijkheden tussen regio’s. De EU en het VK kwamen reeds overeen
dat het VK in 2027 weer zal associëren met Erasmus+.1 Naar verwachting zal de Raad spreken over de uitgangspunten waarvoor de EU zich dient
in te zetten binnen de EU-VK relatie.
Startpunt van het kabinet blijft de volledige implementatie van de handels- en samenwerkingsovereenkomst
en het terugtrekkingsakkoord. Het kabinet steunt een verdere versterking van de EU-VK
relatie, voor zover dit in het belang is van de Unie en aansluit bij bestaande uitgangspunten
zoals de ondeelbaarheid van de vier vrijheden, het voorkomen van cherry picking en het waarborgen van de integriteit van de interne markt. Het kabinet wenst gebalanceerde
SPS- en ETS-akkoorden, met inachtneming van het gelijk speelveld en de integriteit
van de interne markt. Zoals bekend heeft Nederland kritisch gekeken naar het Commissievoorstel
inzake jeugdmobiliteit2. Daarnaast streeft het kabinet naar een snelle uitkomst van onderhandelingen over
integratie in de elektriciteitsmarkt, met inachtneming van de in het BNC-fiche genoemde
waarborgen.3 Op het gebied van veiligheid en defensie, is en blijft het VK een cruciale partner,
met wie samenwerking ook in Europees verband via kopgroepen plaatsvindt.
Rechtsstaatsdialogen Frankrijk, Kroatië, Italië, en Letland
De Raad zal opnieuw een landenspecifieke dialoog voeren in het kader van het rechtsstaatmechanisme
waarmee de Raad in 2020 is begonnen. De landenhoofdstukken van Frankrijk, Kroatië,
Italië en Letland uit het rechtsstaatrapport van de Commissie vormen de basis voor
de dialoog tijdens deze Raad. De Commissie publiceerde het rechtsstaatrapport 2025
op 8 juli 2025 en uw Kamer ontving hiervan op 29 augustus 2025 de kabinetsreactie.4
Het kabinet hecht groot belang aan het jaarlijkse rechtsstaatrapport en de dialogen
die daarover op nationaal en Europees niveau plaatsvinden. Door het preventief en
structureel monitoren van de rechtsstaat in de Unie kunnen in een vroeg stadium eventuele
rechtsstatelijke problemen in de Unie worden geïdentificeerd en besproken om gezamenlijk
tot oplossingen te komen. In algemene zin kan het kabinet zich vinden in de constateringen
en aanbevelingen van de Commissie in de landenhoofdstukken van Frankrijk, Kroatië,
Italië en Letland. Zoals gebruikelijk zal Nederland tijdens de rechtsstaatdialoog
in deze Raad in Benelux-verband optreden. De gezamenlijke interventie zal de positieve
stappen benoemen maar ook zorgen uiten over de onderwerpen waarop blijkens het rechtsstaatrapport
onvoldoende vooruitgang is geboekt. Hierop zullen de betreffende lidstaten worden
bevraagd.
EU-toetredingsproces Albanië
Mogelijk zal het Cypriotisch voorzitterschap voorstellen om rond de RAZ een Intergouvernementele
Conferentie (IGC) met Albanië te organiseren. De Commissie geeft aan dat Albanië na
het openen in oktober 2024 van Cluster 1 (Fundamentals) is doorgegaan met het implementeren van justitiehervormingen, onder andere naar
aanleiding van de doorlichting van de rechterlijke macht. Tevens heeft Albanië volgens
de Commissie werk gemaakt van het opbouwen van een track record op het tegengaan van corruptie en georganiseerde misdaad, mede dankzij het belangrijke
werk van de Speciaal Aanklager tegen georganiseerde misdaad en corruptie (SPAK).
De Commissie is van oordeel dat Albanië voldoende voortgang heeft geboekt op de interim benchmarks voor derechtsstaatshoofdstukken 23 en 24 van Cluster 1 om tot vaststelling van closing benchmarks over te gaan. Albanië moet voldoen aan deze closing benchmarks voordat de twee rechtsstaatshoofdstukken aan het einde van het toetredingsproces
gesloten kunnen worden. De closing benchmarks zien onder andere op onafhankelijke rechtspraak, bestrijding van corruptie en georganiseerde
misdaad, fundamentele vrijheden (zoals vrijheid van meningsuiting en mediavrijheid),
de integriteit van de Albanese politie, voldoende administratieve capaciteit, de implementatie
van hervormingen en het opbouwen van track record in algemene zin.
Tijdens de IGC zullen de closing benchmarks aan Albanië gecommuniceerd worden en zal Albanië worden opgeroepen om werk te maken
van verdere hervormingen. Met het vaststellen van closing benchmarks zal Albanië in het toetredingsproces overgaan tot de fase waarin onderhandelingshoofdstukken
onder voorbehoud kunnen worden gesloten. Met deze stap wordt echter niet vooruitgelopen
op het sluiten van de rechtsstaathoofdstukken of van andere hoofdstukken. Het kabinet
is voornemens om in te stemmen met het vaststellen van de closing benchmarks, mits de Nederlandse aandachtspunten5 in voldoende mate in strikte closing benchmarks verankerd zijn. Het kabinet verwacht dat Albanië verder gaat met het opbouwen van
track record en implementatie, in het bijzonder op het gebied van onafhankelijke rechtspraak,
bestrijding van corruptie en georganiseerde misdaad en fundamentele rechten. Het kabinet
zal hier in het verdere verloop van het toetredingsproces nauw op blijven toezien.
Het krachtenveld in de Raad lijkt zich te bewegen richting unanieme steun voor het
houden van deze IGC.
Indieners
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken