Brief regering : Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad 4 en 5 mei 2026
21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken
Nr. 2181
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 21 april 2026
Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda van de vergaderingen van de Eurogroep en
Ecofinraad van 4 en 5 mei 2026. Ik ben voornemens deel te nemen aan deze vergaderingen.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad 4 en 5 mei 2026
Eurogroep
Agendaonderwerp: Macro-economische ontwikkelingen, inclusief een nabespreking van de internationale
bijeenkomsten.
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Eurogroep zal een terugkoppeling krijgen over de voorjaarsvergadering van het IMF,
die van 13 t/m 18 april jl. plaatsvond in Washington, D.C.
De terugkoppeling zal naar verwachting ingaan op de centrale rol bij de voorjaarsvergadering
van mondiale geopolitieke fragmentatie, met name de Russische oorlog in Oekraïne en
het conflict in het Midden-Oosten, en de economische gevolgen daarvan zoals weerspiegeld
in de IMF-ramingen over mondiale groei en inflatie. Onderwerp van gesprek zijn mondiale
economische onevenwichtigheden die met name veroorzaakt worden door beperkte binnenlandse
consumptie in China, het grote begrotingstekort in de VS en gebrek aan investeringen
in de EU.
Ten aanzien van de macro-economische ontwikkelingen zal de discussie naar verwachting
gaan over de gevolgen van het conflict in het Midden-Oosten. De gevolgen voor de inflatie
zijn nog onzeker en afhankelijk van de duur, intensiteit en omvang van het conflict.
Maatregelen n.a.v. stijgende energieprijzen zouden wat Nederland betreft gericht,
tijdig en tijdelijk moeten zijn.
Het IMF heeft voorafgaand aan de voorjaarsvergadering de World Economic Outlook (WEO)
gepubliceerd met analyses en groeiprognoses voor de wereldeconomie.1 De WEO constateert dat de wereldeconomie afgelopen jaar veerkracht heeft getoond,
maar stelt de groeivooruitzichten neerwaarts bij vanwege de economische effecten van
het conflict in het Midden-Oosten. Het IMF benoemt hierbij ook de grote onzekerheid
die met de ramingen zijn omgeven. Door de grote onzekerheid werkt het IMF met drie
scenario’s. In het referentiescenario groeit de mondiale economie met 3,1% in 2026
en 3,3% in 2027, terwijl de inflatie oploopt tot 4,4% in 2026 en daalt naar 3,7% in
2027. Het adverse scenario gaat uit van hogere en langdurigere energieprijzen. Dit
drukt de groei naar 2,6% in 2026 en 3,0% in 2027, en stuwt de inflatie verder omhoog
tot 5,4% in 2026 en 3.9% in 2027. In het severe scenario zijn de effecten op de mondiale
groei nog substantiëler: de groei valt terug tot 2,1% in 2026 en 2,2% in 2027, terwijl
de inflatie oploopt tot 5,8% in 2026 en 6,1% in 2027.
Agendaonderwerp: Update van de Bankenunie
a. Negentiende hoorzitting van de voorzitter van de Raad van Toezicht
b. Verslaggeving over recente activiteiten van de Raad van Toezicht
Document: Nog niet beschikbaar
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
Op grond van een memorandum van overeenstemming tussen de Ecofinraad en de Europese
Centrale Bank (ECB) neemt de voorzitter van het Gemeenschappelijk Toezichtmechanisme
(Single Supervisory Mechanism, SSM) twee keer per jaar deel aan de Eurogroep om van
gedachten te wisselen. De voorzitter van het SSM zal naar verwachting toelichten hoe
de Europese bankensector ervoor staat.
Daarnaast is tijdens de Eurogroep van november 2016 afgesproken dat ook de voorzitter
van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (Single Resolution Board, SRB) elk halfjaar
een toelichting geeft over de werkzaamheden van de SRB, waaronder de resolutieplanning
en de opbouw van het gemeenschappelijk afwikkelfonds (Single Resolution Fund, SRF).
De SRB heeft haar focus vanaf 2024 verplaatst van het ontwerpen van resolutieplannen
naar het testen van de uitvoerbaarheid. De SRB zal vermoedelijk rapporteren over de
voortgang hiervan.
Eurogroep in inclusive format
Agendaonderwerp Kapitaalmarktunie: 28ste regime
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Eurogroep zal spreken over het Commissievoorstel tot invoering van een optioneel
28ste regime voor bedrijven binnen de EU, dat op 18 maart 2026 gepubliceerd is. Het 28ste regime introduceert een nieuwe Europese rechtsvorm, de EU Inc., die naast bestaande
nationale en internationale rechtsvormen zal bestaan. Met deze overal in de EU gelijke
en herkenbare rechtsvorm, beoogt het voorstel het starten, opschalen en stoppen van
ondernemingen in de EU beter te faciliteren en zo het concurrentievermogen van Europese
bedrijven en de Europese economie te versterken.
Een 28ste regime kan belangrijke economische kansen bieden, omdat het een alternatief biedt
voor ondernemingen die nog steeds geconfronteerd worden met significante fragmentatie
van nationale regelgeving binnen de interne markt. Het kabinet constateert dat start-
en scale-ups in de EU te maken hebben met teveel administratieve lasten bij grensoverschrijdend
ondernemen, waardoor het moeilijker is op te schalen in de EU en om financiering aan
te trekken. Daardoor kunnen Europese bedrijven moeilijker concurreren met bedrijven
buiten de EU. Juist het opschalen van deze groep bedrijven is van belang voor het
vergroten van de Europese productiviteitswinst. Volledige harmonisatie van rechtsgebieden
die relevant zijn voor het ondernemerschap zou economisch het meest opleveren, maar
heeft op onderdelen onvoldoende draagvlak onder lidstaten om snel voortgang te kunnen
maken; een 28ste regime kan dan, mits adequaat vormgegeven, een pragmatische uitweg bieden.
Momenteel bestudeert het kabinet het voorstel en bereidt zij haar appreciatie van
het voorstel voor, dat via de gebruikelijke route (een BNC-fiche) met de Kamer wordt
gedeeld. Het kabinet heeft eerder al aangegeven voorstander te zijn van de ontwikkeling
van een 28ste regime dat daadwerkelijk tegemoetkomt aan de behoeften van bedrijven en werknemers
in de EU en dat bijdraagt aan het versterken van de concurrentiepositie van EU-bedrijven.
Het is daarom voor het kabinet van belang dat niet alleen op ondernemingsrechtelijk
gebied harmonisatie plaatsvindt, maar ook op andere relevante rechtsgebieden zoals
onder meer het insolventierecht. De nieuwe rechtsvorm moet betrouwbaar en flexibel
zijn, voorzien van een heldere status en juridische basis. Het is belangrijk dat misbruik
of omzeiling van regelgeving wordt voorkomen en het regime in lijn is met bestaande
medezeggenschapsrechten. Voor het kabinet is van belang dat het voorstel gepaard gaat
met een goed onderbouwde effectbeoordeling.
Agendaonderwerp: Presentatie over het Kukies-Noyer over de financiering van innovatieve ondernemingen
in Europa rapport
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
Na een presentatie zal de Eurogroep spreken over de toegang tot financiering voor
innovatieve bedrijven in Europa en de aanbevelingen uit het Kukies-Noyer rapport «Financing
Innovative Ventures in Europe». Het Kukies-Noyer rapport is opgesteld in opdracht
van de Duitse en Franse Ministers van Financiën met als doel concrete maatregelen
te formuleren ten behoeve van start- en scale-ups. Nederland onderschrijft het belang
van passende financiering voor innovatieve bedrijven zoals start- en scale-ups en
is overwegend positief over de aanbevelingen, in lijn met de kabinetsinzet op de kapitaalmarktunie.
Agendaonderwerp: Digitale financiën: update over de voortgang van de werkgroep
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
In de Eurogroup Working Group (EWG) van 13 januari jl. is naar aanleiding van de discussies
over stablecoins besloten om een EFC/EWG «Digital Finance Workstream» op te zetten
om een gezamenlijk Europese positie te bepalen ten aanzien van digital finance. Het
doel is om een Europese markt voor digital finance te bouwen die innovatie mogelijk
maakt maar tegelijk de financiële stabiliteit waarborgt en de strategische positie
van de euro versterkt. Tijdens de Eurogroep zal een update gegeven worden van het
werk dat gedaan wordt in deze werkstroom.
Het kabinet steunt dat digital finance besproken wordt in deze werkstroom. Het kabinet
vindt het van belang dat er Europees aandacht is voor de strategische positie t.a.v.
digital finance. Hierbij is het van belang dat er aandacht is voor zowel kansen als
risico’s en zal duidelijk moeten worden hoe deze strategie bijdraagt aan Europese
autonomie. Binnen deze strategie worden verschillende projecten op gebied van digitale
finance besproken zoals de digitale euro, getokeniseerde deposito’s en stablecoins.
Het kabinet is van mening dat elk van deze initiatieven elkaar niet uitsluiten en
allen op hun eigen manier kunnen bijdragen aan de opkomst van digital finance.
Ecofin
Agendaonderwerp: Verordening van de Raad inzake de toegang van het EOM en OLAF tot btw-informatie
op EU-niveau
Document: Wordt beschikbaar op Delegates Portal
Aard bespreking: Besluitvorming
Besluitvormingsprocedure: Unanimiteit
Toelichting:
De Ecofinraad zal spreken over de compromistekst van de Verordening van de Raad inzake
de toegang tot btw-informatie op EU-niveau van het EOM (Europees Openbaar Ministerie)
en OLAF (Europees Bureau voor fraudebestrijding) met het doel een akkoord te bereiken.
De rechtsbasis is art. 113 VWEU. De besluitvorming ten aanzien van het voorstel is
unanimiteit (met raadpleging van het Europees Parlement).
Op 14 november 2025 heeft de Commissie het voorstel inzake de toegang van het EOM
en OLAF tot btw-informatie op EU-niveau gepubliceerd. Het voorstel wijzigt Verordening
(EU) nr. 904/2010 door het EOM en het OLAF toegang te geven tot btw-informatie aangaande
intracommunautaire handel tussen ondernemers, grensoverschrijdende betalingen en van
btw vrijgestelde invoer die tussen lidstaten op EU-niveau wordt uitgewisseld. Dit
heeft tot doel de doeltreffendheid en snelheid van opsporing en vervolging van grensoverschrijdende
btw-fraude te vergroten. De onderhandelingen verliepen voorspoedig en het Cypriotisch
voorzitterschap streeft naar een akkoord op de Raad van 5 mei.
Het kabinet verwelkomt het voorstel, omdat het zich richt op het verbeteren van de
bestrijding van intracommunautaire btw-fraude. De Nederlandse inzet tijdens de onderhandelingen
is gericht op verduidelijking van de tekst en het voorkomen dat de toegang tot de
btw-informatie door het EOM en OLAF niet verder gaat dan nodig. Ten tijde van toezending
van deze geannoteerde agenda aan de Kamer is de laatste compromistekst nog niet door
het Cypriotisch voorzitterschap gepubliceerd. Het kabinet is tevreden over de wijzigingen
in eerdere compromisteksten. Daarin zijn bepaalde definities uitgewerkt en ingekaderd.
Ook is de rol van Eurofisc concreter ingevuld en wordt Eurofisc nauw betrokken bij
de uitwerking van de uitvoeringshandelingen. In de beantwoording van het SO over het
BNC-fiche van dit voorstel ga ik nader in de op wijzigingen in de compromistekst.2 De wijzigingen leiden ertoe dat duidelijker is tot welke informatie het EOM en OLAF
toegang krijgen en op welk moment. Onder voorbehoud van de beoordeling van de uiteindelijke
compromistekst lijkt het kabinet te kunnen instemmen.
In principe steunen alle lidstaten het voorstel. Veel lidstaten hebben net als Nederland
gevraagd om verduidelijkingen in inkadering van de informatie die met het EOM en OLAF
gedeeld moet worden.
Agendaonderwerp: Kapitaalmarktintegratie- en toezichtpakket (KTP)
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Ecofinraad zal spreken over het kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket
zoals gepubliceerd door de Europese Commissie op 4 december jl.3 Het kabinet verwelkomt dit pakket en is uitgesproken voorstander van voorstellen
die barrières op de interne markt wegnemen, als ook het harmoniseren en centraliseren
van toezicht op niet-bancaire financiële instellingen bij ESMA.4 Daarbij geldt dat het kabinet het van groot belang acht dat er voortgang gemaakt
wordt op alle elementen van dit pakket om tot een goed resultaat te komen. Het kabinet
is daarom geen voorstander van het selectief shoppen in dit pakket van voorstellen
en roept lidstaten op om over nationale schaduwen heen te stappen. Alleen dan kunnen
de geschetste baten worden gerealiseerd.
Agendaonderwerp Economische en financiële impact van de Russische agressie tegen Oekraïne
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Ecofinraad zal spreken over de economische en financiële impact van de Russische
agressie tegen Oekraïne en over Europese steunmaatregelen. Dit is een regulier terugkerend
agendaonderwerp op de Ecofinraad.
Oekraïne ontvangt sinds februari 2024 steun uit de Oekraïne-faciliteit die een totale
omvang van EUR 50 mld. heeft voor de periode 2024–2027, waarvan ca. EUR 38 mld. begrotingssteun.
Sinds de uitbetaling van tranche zes, van EUR 2,3 miljard uit de Oekraïne-faciliteit
op 22 december jl., heeft er nog geen nieuwe uitbetaling plaatsgevonden. Oekraïne
heeft deze maand het uitbetalingsverzoek voor de zevende tranche ingediend. In oktober
2024 heeft de G7 de Extraordinary Revenue Acceleration (ERA) leningen van ca. EUR
45 miljard beschikbaar gesteld. Het EU-aandeel in de ERA-lening van EUR 18,1 miljard
is met de laatste uitbetaling in november 2025 volledig uitbetaald. Ook heeft Oekraïne
sinds maart 2023 een programma bij het IMF.
Tijdens de Europese Raad op 18 december jl. is een akkoord bereikt om Oekraïne in
de komende twee jaar te ondersteunen met 90 miljard euro aan leningen. De Kamer is
op 19 december jl. en 6 februari jl. over dit akkoord en de kabinetsappreciatie geïnformeerd.5 Op 20 februari heeft Hongarije een blokkade opgeworpen t.a.v. de aanpassing van de
MFK-verordening, hetgeen een vereiste is om de steunlening aan Oekraïne ter beschikking
te kunnen stellen. Hongarije heeft eerder wel ingestemd met het besluit van de Europese
Raad van december jl. De uitkomst van de Hongaarse parlementsverkiezingen van 12 april jl.
kan op termijn van invloed zijn op de Hongaarse positie. Zolang Hongarije blijft blokkeren,
is implementatie van de steunlening niet mogelijk en riskeert het ernstige vertraging
in de eerste uitbetaling aan Oekraïne. Voor Nederland blijft het van belang om zo
spoedig mogelijke uitbetaling te onderstrepen en ondersteunt hierbij de voorbereidende
stappen die in Brussel worden genomen om na een eventueel Hongaars akkoord zo snel
mogelijk tot uitbetaling over te gaan.
Oekraïne heeft in september 2025 bij het IMF een aanvraag ingediend voor een nieuw
IMF-programma met een omvang van USD 8,1 mld., welke op 26 februari 2026 werd goedgekeurd
door de Raad van Bewind van het IMF. Het programma kon pas worden goedgekeurd wanneer
het financieringstekort voor het eerste jaar van het programma gedekt zou zijn. Met
de toezegging van de Europese Raad van 18 december was dit het geval. Daarnaast hebben
lidstaten van het IMF, waaronder Nederland, financing assurances afgegeven. Daarmee zeggen zij toe Oekraïne financieel te zullen blijven steunen en
zorg te zullen dragen voor de schuldhoudbaarheid van Oekraïne.6 Ook werkt Nederland via de Group of Creditors of Ukraine (GCU) mee aan het herstructureren
van de onhoudbare overheidsschuld van Oekraïne. Dit houdt in eerste instantie in dat
de betalingsstop op bilaterale claims wordt verlengd tot eind 2029 (parallel aan de
looptijd van het nieuwe IMF-programma).7
De Commissie streeft met de EU-leningen van EUR 90 mld. twee derde van het ongedekte
financieringstekort in 2026 en 2027 te dekken. Het resterende tekort dient volgens
de EU door andere internationale donoren gedekt te worden. De herstel- en wederopbouwnoden
van Oekraïne zijn nog niet in dit tekort meegenomen en worden in de meest recente
Recovery and Reconstruction Needs Assessment (RDNA5) van de Wereldbank geschat op
USD 588 mld. (EUR 500 mld.) in de komende tien jaar.
Agendaonderwerp: Economische gevolgen van EU-wetgeving
Document: Wordt beschikbaar op Delegates Portal
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
Naar verwachting zal de Ecofinraad van gedachten wisselen over de economische gevolgen
van EU-wetgeving. De nadruk zal waarschijnlijk liggen op het actiever monitoren van
kosten en baten van nieuwe EU-regelgeving en het vinden van een oplossing voor toenemende
regeldruk. Met deze gedachtewisseling geeft de Raad opvolging aan een eerdere discussie
over de economische gevolgen van EU-wetgeving in de Ecofinraad van 12 december 20258 en de aangenomen Raadsconclusies door de Raad Algemene Zaken op 16 december 20259. Het kabinet zet in op stevige vermindering van regeldruk, zonder de daarmee verband
houdende beleidsdoelstellingen te ondermijnen. Het kabinet steunt in dat kader de
inzet om economische gevolgen van EU-wetgeving goed in kaart te brengen en administratieve
lasten te verminderen.
Agendaonderwerp: Uitvoeringsbesluiten van de Raad onder de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit (HVF)
Document: De Commissievoorstellen voor aanpassing van uitvoeringsbesluiten van de Raad ter
goedkeuring van de herstel- en veerkrachtplannen worden voorafgaand aan het overleg
gepubliceerd op eur-lex.Europa.eu.
Aard bespreking: Aanname uitvoeringsbesluiten van de Raad
Besluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheid
Tijdens de Ecofinraad zal worden stilgestaan bij de stand van zaken ten aanzien van
de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit (HVF). Daarnaast zal de Raad uitvoeringsbesluiten
aannemen waarmee wijzigingen van de herstel- en veerkrachtplannen (HVP) die lidstaten
hebben opgesteld in het kader van de HVF, formeel worden goedgekeurd. Lidstaten kunnen,
op basis van artikel 21 van de HVF-verordening, gebruik maken van de mogelijkheid
om hun HVP aan te passen op grond van objectieve omstandigheden die relevant zijn
voor de eerder overeengekomen mijlpalen en doelstellingen of wanneer daar een beter
alternatief wordt voorgesteld waarbij het oorspronkelijke ambitieniveau van de maatregel
onveranderd blijft. De Commissie beoordeelt of de redenen die lidstaten aandragen
een wijziging van de herstelplannen rechtvaardigen en of de herstelplannen na deze
aanpassingen nog steeds voldoen aan alle eisen van de HVF-verordening.
Op het moment van schrijven ligt enkel een wijziging van het HVP van Denemarken voor
in de Ecofinraad. Daarnaast ligt een wijziging van het Sloveense HVP voor in de Landbouw-
en Visserijraad van 27 april. De Commissie oordeelt dat de redenen die Denemarken
en Slovenië voor de wijzigingen aandragen, een aanpassing van het HVP rechtvaardigen
en dat de plannen ook na deze aanpassingen voldoen aan de eisen van de HVF-verordening.
Het kabinet kan zich vinden in het oordeel van de Commissie. Het kabinet is daarom
voornemens om in te stemmen met de voorstellen tot aanpassing van de uitvoeringsbesluiten
van de Raad.
Ten slotte is een aanpassing van het uitvoeringsbesluit van de Raad ter vaststelling
van het Italiaanse herstel- en veerkrachtplan aangenomen in de Landbouw- en Visserijraad
van 30 maart 2026.
Agendaonderwerp: Follow-up van de G20-bijeenkomst voor Ministers van Financiën en centrale bank gouverneurs
op 16 april en marge van de IMF voorjaarsvergadering
Document: G20 EU Terms of Reference en het EU statement to the IMF
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Ecofinraad zal van gedachten wisselen over de eerste G20-bijeenkomst voor Ministers
van Financiën en centrale bank gouverneurs (FMCBG) van dit jaar onder voorzitterschap
van de Verenigde Staten.
De Ecofinraad zal terugkijken op de bijeenkomst die in het teken stond van mondiale
economische onevenwichtigheden, economische groei en groeibelemmeringen. Er is geen
gezamenlijke verklaring (communiqué) uitgegeven na afloop van de bijeenkomst.
Indieners
E. Heinen, minister van Financiën
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.