Brief regering : Geannoteerde agenda Raad Buitenlandse Zaken van 21 april 2026 en het verslag van de informele bijeenkomst van EU-ministers van Buitenlandse Zaken in Kyiv van 31 maart 2026
21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken
Nr. 3370
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 april 2026
Hierbij bied ik u de geannoteerde agenda van de Raad Buitenlandse Zaken van 21 april
2026 aan en het verslag van de informele bijeenkomst van EU-ministers van Buitenlandse
Zaken in Kyiv van 31 maart 2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
GEANNOTEERDE AGENDA RAAD BUITENLANDSE ZAKEN VAN 21 APRIL 2026 EN VERSLAG INFORMELE
BIJEENKOMST EU-MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN IN KYIV, OEKRAÏNE VAN 31 MAART 2026
Op dinsdag 21 april vindt de Raad Buitenlandse Zaken (RBZ) plaats in Luxemburg. De
Minister van Buitenlandse Zaken is voornemens deel te nemen. Op de agenda van de Raad
staat de Russische agressie tegen Oekraïne, de situatie in het Midden-Oosten, de Zuidelijke
Kaukasus en Soedan.
Tevens wordt uw Kamer middels deze brief geïnformeerd over de informele bijeenkomst
van EU-Ministers van Buitenlandse Zaken die plaatsvond op 31 maart jl. in Kyiv.
De Russische agressie tegen Oekraïne
De Raad zal spreken over de nog altijd voortdurende Russische agressieoorlog tegen
Oekraïne en de urgentie van voortgezette brede EU-steun. Hierbij zal naar verwachting
ook worden stilgestaan bij de gevolgen van het conflict in het Midden-Oosten voor
de situatie in Oekraïne. De Oekraïense Minister van Buitenlandse Zaken Sybiha zal
digitaal aan een gedeelte van de sessie deelnemen. Naar verwachting zal de Raad hierbij
spreken over het belang van geïntensiveerde militaire steun, mogelijke bijdragen vanuit
de EU aan toekomstige veiligheidsgaranties, de urgentie van begrotingssteun voor Oekraïne
en het belang van sancties om de druk op Rusland verder op te voeren.
Nederland blijft Oekraïne diplomatiek, financieel en militair steunen en onderstreept
het belang om de druk op Rusland verder te blijven verhogen, onder meer door middel
van sancties. In dit kader blijft Nederland oproepen tot spoedige implementatie van
de steunlening voor Oekraïne en aanname van het twintigste sanctiepakket. Nederland
steunt hierbij de inzet van de Europese Commissie en de voorzitter van de Europese
Raad, waaronder het aanbieden van technische assistentie voor spoedig herstel van
de beschadigde Droezjba-pijpleiding.
De situatie in het Midden-Oosten
De Raad zal stilstaan bij de situatie in het Midden-Oosten, in het licht van het (fragiele)
staakt-het-vuren tussen VS en Iran en de voortdurende belemmeringen van vrije doorvaart
in de Straat van Hormuz. Ook wordt naar verwachting stilgestaan bij mogelijkheden
voor Europese steun aan de Golfstaten en andere regionale partners die de afgelopen
weken dagelijks zijn aangevallen door Iran. De Raad zal verder naar verwachting stilstaan
bij de situatie in de Gazastrook, de Westelijke Jordaanoever, de Israëlische doodstrafwetgeving,
het geweld in Libanon, de veiligheidssituatie in Syrië en handelingsopties voor de
EU. De EU bracht op 31 maart jl. een EU27-verklaring uit over de Israëlische doodstrafwetgeving,
waarin Israël wordt opgeroepen deze niet te implementeren.1
Nederland verwelkomt het staakt-het-vuren tussen de Verenigde Staten en Iran. Nederland
waardeert Pakistan en alle betrokken actoren voor hun rol bij het tot stand brengen
van deze overeenkomst. Nederland zet zich bilateraal, in EU-verband en ook met partners
in de Golf en de bredere regio actief in voor de-escalatie en (indirecte) contacten
tussen alle partijen om het afgekondigde staakt-het-vuren te laten slagen. Nederland
pleit voor actieve EU-steun aan alle diplomatieke inspanningen gericht op een snel
en duurzaam einde aan de oorlog. Nederland heeft reeds samen met Europese partners
alle partijen opgeroepen om het staakt-het-vuren na te leven, ook in Libanon.
Nederland pleit daarnaast voor een actieve EU-rol ter ondersteuning van (humanitaire)
initiatieven gericht op vrije doorvaart in de Straat van Hormuz. Nederland blijft
zich tevens inzetten voor spoedige aanname van het Nederlandse voorstel voor een nieuw
EU-sanctieregime om personen en entiteiten betrokken bij belemmering van vrije doorvaart
te kunnen sanctioneren. Nederland benadrukt hierbij ook het belang van concrete EU
steun aan de Golfstaten, in navolging van de ministeriële EU-Gulf Cooperation Council
(GCC) bijeenkomst van 5 maart jl.
Nederland onderstreept dat ontwikkelingen in het Midden-Oosten niet los van elkaar
kunnen worden gezien. Het staakt-het-vuren tussen de Verenigde Staten en Iran is fragiel,
mede vanwege de aanhoudende strijd tussen Israël en Hezbollah in Libanon. Nederland
onderstreept ook voor Libanon, gezien de zeer zorgwekkende politieke en humanitaire
situatie in het land, het belang van respect voor een staakt-het-vuren door alle partijen.
Nederland erkent de legitieme veiligheidszorgen van Israël ten aanzien van Hezbollah
en benadrukt dat Israël daarbij in lijn met internationaal recht moet handelen. Een
diplomatieke oplossing is nodig om een duurzame uitkomst voor het conflict te bieden.
Nederland onderstreept het belang van ontwapening van Hezbollah. Nederland zal tevens
onderstrepen dat alle partijen in overeenstemming met het internationaal (humanitair)
recht dienen te handelen.
Voor de situatie in Gaza blijft Nederland aandacht vragen voor het belang van ongehinderde
humanitaire toegang, en voor wat betreft de Westelijke Jordaanoever zal de aandacht
o.a. uitgaan naar het oplopende kolonistengeweld en het illegale nederzettingenbeleid.
Daarbij zal Nederland wederom aandacht vragen voor het belang van sancties tegen gewelddadige
kolonisten en organisaties, naast de sancties gericht op Hamas en de Palestinian Islamic Jihad. In het kader van Syrië benadrukt het kabinet het belang van veiligheid en stabiliteit
rondom kampen en detentiecentra met voormalig ISIS-strijders en hun familieleden,
en vraagt aandacht voor de situatie van jongeren in deze kampen.
Zuidelijke Kaukasus
De Raad zal ook spreken over de ontwikkelingen in de Zuidelijke Kaukasus, met bijzondere
aandacht voor de parlementaire verkiezingen in Armenië op 7 juni 2026 en de aanstaande
EU-Armenië top in Jerevan op 5 mei, die volgt op de Europese Politieke Gemeenschap
(EPG), waarvan Armenië de gastheer is. Daarnaast zal de Raad stilstaan bij het vredesproces
tussen Armenië en Azerbeidzjan en de situatie in Georgië.
Het kabinet zet zich in aanloop naar de verkiezingen bilateraal en via de EU in voor
versterking van de weerbaarheid van Armenië ten behoeve van eerlijke en vrije verkiezingen.
Deze kabinetsinzet heeft de Minister van Buitenlandse Zaken in een recent gesprek
met zijn Armeense evenknie ook toegezegd. De EU zal onder andere een tweetal korte
missies naar Armenië sturen om nog voor de verkiezingen bij te dragen aan de Armeense
hybride- en cyberweerbaarheid. Ook zal de Raad een besluit nemen over de mogelijke
oprichting van een nieuwe civiele EU-missie in Armenië, gericht op hybride- en cyberweerbaarheid
voor de langere termijn. Het kabinet beoogt ook een versterkte inzet op het leveren
van waarnemers aan de OVSE verkiezingswaarnemingsmissie. Het kabinet verwelkomt het
plaatsvinden van de eerste EU-Armenië top en zet voor de EU-verklaring in op het verder
ondersteunen van hervormingen op het gebied van mensenrechten, democratie en rechtstaat.
Het kabinet verwelkomt de positieve ontwikkelingen in het vredesproces tussen Armenië
en Azerbeidzjan, maar benadrukt dat dit zich nog in een precaire fase bevindt. Tot
slot zal het kabinet tijdens de Raad haar zorgen uiten over de situatie in Georgië.
Middels repressieve wetgeving maken de Georgische autoriteiten steun aan het maatschappelijk
middenveld nagenoeg onmogelijk. Het kabinet kaart de situatie in Georgië regelmatig
aan, waaronder via recente steun voor activering van het Moskou Mechanisme in OVSE-verband.
Soedan
De Raad zal spreken over de oorlog in Soedan die in april het vierde jaar ingaat.
In dit kader vindt op 15 april een Soedanconferentie plaats in Berlijn, waar de aanwezigheid
wordt verwacht van de belangrijkste partijen die op dit moment een wapenstilstand
proberen te bewerkstelligen (waaronder de Quad (Verenigde Staten, Egypte, Verenigde
Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië), het Quintet (EU, Afrikaanse Unie (AU), Liga
van Arabische Staten, VN) en buurlanden van Soedan. De Raad zal naar verwachting stilstaan
bij de uitkomsten van de conferentie en bespreken hoe de EU effectief een bijdrage
kan leveren aan deze internationale inspanningen. Dit geldt zowel voor het scenario
waarin een wapenstilstand wordt bereikt of binnen handbereik komt, als voor het scenario
waarin geen concrete vooruitgang wordt geboekt. Nederland zal in het geval van het
eerste scenario oproepen tot een actieve EU-rol bij de monitoring en bestendiging
van het staakt-het-vuren, mede met het oog op een inclusieve en civiele transitie.
In het tweede scenario zal Nederland oproepen tot aanvullende restrictieve maatregelen
met het oog op het verhogen van de druk op de strijdende partijen en het inperken
van de oorlogseconomie.
Verslag informele bijeenkomst EU-ministers van Buitenlandse Zaken in Kyiv, Oekraïne
van 31 maart
Op 31 maart jl. vond een informele bijeenkomst van EU-Ministers van Buitenlandse Zaken
plaats in Kyiv. De Minister van Buitenlandse Zaken was verhinderd in verband met zijn
deelname aan de zogeheten «Lviv-conferentie» in Breda ter versterking van de onderlinge
samenwerking en ondersteuning bij het EU-toetredingsproces van Oekraïne die gelijktijdig
plaatsvond. Hij werd daarom hoogambtelijk vervangen. Tijdens een sessie met de Oekraïense
president Zelensky deed de president een oproep om snel door te komen met meer financiële
steun. Deze steun is onder meer nodig voor het voortzetten van de verdediging tegen
Rusland, het maatschappelijk en economisch overeind houden van Oekraïne, het uitvoeren
van het energie-herstelplan en om Oekraïne voor te bereiden op de volgende winter.
Verschillende lidstaten betuigden hun steun aan Oekraïne en riepen op tot opvoering
van de militaire en niet-militaire steun aan Oekraïne en de druk op Rusland door middel
van sanctiemaatregelen. Ook werd opgeroepen tot het behoud van focus op de steun aan
Oekraïne in het licht van het conflict in het Midden-Oosten, en werd het belang van
EU-eenheid onderstreept.
Tijdens een lunchbijeenkomst gehost door de Oekraïense Minister van Buitenlandse Zaken
Andrii Sybiha en de Hoge Vertegenwoordiger (HV) Kaja Kallas werd stilgestaan bij het
belang van accountability. Lidstaten benadrukten het belang van het tegengaan van straffeloosheid en blikten
terug op de voortgang geboekt in 2025 met de juridische basis voor het Speciaal Tribunaal
voor het Misdrijf Agressie (Agressietribunaal) en de Claimscommissie. Verschillende
lidstaten spraken zich uit voor spoedige voortgang wat betreft operationalisering
van het Agressietribunaal. Nederland benadrukte het belang van accountability en de Nederlandse inspanningen ervoor sinds 2022 in nauwe samenwerking met Oekraïne,
onder meer: het Nederlandse voorzitterschap van de onderhandelingsrondes voor de oprichting
van het Schaderegister en Claimscommissie, door als gastland te fungeren voor het
International Centre for the Prosecution of the Crime of Aggression (ICPA), Schaderegister, Claimscommissie en de initiële fase van het Agressietribunaal,
mede-voorzitterschap van de Dialogue Group en verlening van bilaterale steun aan Oekraïne ter versterking van de nationale strafrechtketen.
Tot slot vond een herdenkingsbijeenkomst plaats voor de bevrijding van Boetsja, en
de gelijktijdige ontdekking van de oorlogsmisdrijven die daar vier jaar geleden door
Russische militairen zijn gepleegd.
Ondertekenaars
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken