Brief regering : Kabinetsreactie AIV-advies op AI (kunstmatige intelligentie) in het buitenland beleid
26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)
Nr. 1445
BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN EN VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN VAN DE
STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 12 december 2025
De wereld staat aan de vooravond van een technologische revolutie. Artificiële intelligentie
(AI) transformeert niet alleen onze economie en samenleving, maar vormt ook het toneel
van een geopolitieke machtsstrijd die de internationale orde van de toekomst zal bepalen.
In dit krachtenveld is het essentieel dat Nederland en de Europese Unie hun positie
versterken en zich inzetten voor veilige, verantwoorde en democratisch verankerde
AI.
Het kabinet biedt u hierbij de reactie aan op het advies van de Adviesraad Internationale
Vraagstukken (AIV) over «AI: technologie, macht en democratische waarden in het Nederlandse
buitenlandbeleid». De AIV onderstreept de urgentie van een geïntegreerde internationale
aanpak om de kansen van AI te benutten en de risico’s te beheersen. Het kabinet onderschrijft
deze analyse volledig en ontwikkelt daarom op dit moment een internationale AI strategie,
zoals toegezegd in reactie op de motie Six Dijkstra c.s. van 14 mei 2024 (Kamerstuk
26 643, nr. 1160).
AI is niet alleen een technologische innovatie; het is een geopolitieke sleuteltechnologie
die onze veiligheid, economie en waarden raakt. De race tussen de AI-grootmachten,
de Verenigde Staten en China, illustreert hoe de technologie machtsverhoudingen in
de wereld herdefinieert. Dit gaat gepaard met zeer grote investeringen met als doel
als eerste een technologische doorbraak, bijvoorbeeld het stadium van Artificial General Intelligence (AGI), te bereiken en AI-dominantie te behalen en vast te houden.
AI zal in vrijwel elke economische sector waarde toevoegen en onze arbeidsproductiviteit
verhogen. Zo kan AI bijvoorbeeld bijdragen aan het ontwikkelen van nieuwe medicijnen,
het optimaliseren van de logistiek en het persoonsgericht maken van het onderwijs.
Ook kan het een rol spelen in het verminderen van administratie in de zorg, waardoor
zorgmedewerkers meer tijd hebben voor de steeds groter wordende groep ouderen. Voor
niet alleen ons toekomstig verdienvermogen, maar ook het oplossen van maatschappelijke
problemen, is het dan ook essentieel om AI goed in te bedden in onze economie en eigen
hoogwaardige AI-capaciteiten te ontwikkelen.
Naast grote kansen kennen deze AI-ontwikkelingen ook significante risico’s. Zo hebben
de AIVD, MIVD en NCTV vastgesteld dat AI waarschijnlijk nagenoeg alle bestaande dreigingen
tegen Nederland zal versterken1. Nederland kan en moet hierin een strategische rol spelen, samen met Europese partners
en andere gelijkgezinde landen.
Europa bevindt zich in een krachtenveld waarin de VS en China trachten landen te verbinden
aan hun respectieve aanpak op AI. Afgelopen zomer hebben beide landen beleidsvisies
uitgebracht met sterke internationale componenten2. Het Amerikaanse AI-plan genaamd «Winning the Race» richt zich op versnelde innovatie
onder meer door deregulering en het exporteren van Amerikaanse technologie. Voor Nederland
en Europa biedt dit kansen voor samenwerking waar deze aansluit op onze strategische
prioriteiten. China daarentegen heeft de afgelopen jaren fors ingezet op AI-toepassingen,
onder andere via gecoördineerde industriepolitiek. AI zal wereldwijd een impact hebben
op mensenrechten, de rechtstaat en democratische waarden. Het is daarom cruciaal dat
Europa zich niet alleen positioneert als een serieuze speler met een sterk AI-ecosysteem,
maar ook als een normatieve kracht die een aantrekkelijk alternatief biedt voor landen
die zich willen ontwikkelen zonder afhankelijk te worden van autoritaire systemen.
De huidige internationale achterstand van Europa op AI-gebied vraagt om een ambitieuze
strategie. Nederland kan hierin een sleutelrol spelen door zijn AI-capaciteiten te
versterken, bij te dragen aan de versterking van de Europese positie en het opbouwen
van strategische partnerschappen. Het kabinet ziet AI als een kans en een verantwoordelijkheid.
Het is een kans om maatschappelijke problemen op te lossen, onze economische slagkracht
te vergroten, onze defensie en veiligheid te versterken en onze sociaaleconomische
vooruitgang te stimuleren. Maar het is ook een verantwoordelijkheid om te zorgen dat
AI wordt ontwikkeld en toegepast op een manier die onze democratische rechtsstaat
beschermt en onze waarden uitdraagt. Daarom wil het kabinet internationale partnerschappen
verkennen om ons AI ecosysteem te helpen groeien, de internationale risico’s van AI-ontwikkeling
aan te pakken en de toenemende machtsconcentratie bij een beperkt aantal technologiebedrijven
tegen te gaan.
Het advies van de AIV biedt waardevolle inzichten die richtinggevend zijn voor de
ontwikkeling van de internationale AI-strategie. Hieronder volgt de reactie op het
advies aan de hand van de vijf aanbevelingen. In deze reactie wordt de huidige inzet
op AI gedeeld per aanbeveling. De internationale AI strategie die in ontwikkeling
is, biedt ruimte om deze inzet coherenter en strategischer in te richten en daarbij
het ambitieniveau te bepalen.
Nederland moet vooruitkijken, kansen grijpen en risico’s beheersen. Alleen zo blijven
we een relevante en betrouwbare speler in een wereld waarin AI de spelregels herschrijft.
Aanbeveling 1: Houd vast aan bestaande regulering op Europees niveau (AI-verordening,
DSA, DMA) en zorg dat deze regulering het beoogde effect heeft, namelijk het indammen
van ongewenste praktijken en voorkomen van verdere machtsaccumulatie van Big Tech,
maar stimuleer daarbij tegelijkertijd de eigen Europese industrie en het innovatievermogen
van kleinere Europese start-ups en scale-ups.
Het kabinet onderschrijft deze aanbeveling en werkt op nationaal en EU-niveau aan
effectieve, proportionele wetgeving die zowel een goed functionerende digitale markt
waarborgt als verantwoorde innovatie en de concurrentiepositie versterkt.
Versterking van het Nederlandse en Europese AI-ecosysteem
Nederland en de EU stimuleren de snelheid die nodig is om te innoveren en wereldwijd
concurrerend te blijven. In de Kamerbrief «Industriebeleid met focus»3 van 17 oktober jl. staan digitale diensten, met name AI, als één van de zes markten
genoemd waarop versterking plaats gaat vinden. Het kabinet zet in op het versterken
van het AI-ecosysteem voor bedrijven, onderzoekers en overheden, door toegang te faciliteren
tot supercomputers, hoogwaardige kennis en data. Het kabinet zet in op het stimuleren
van de Europese industrie en innovatieve start- en scale-ups. Zo wordt in Groningen
een publiek gefinancierde AI-fabriek opgezet, die innovatieve bedrijven, onderzoekers
en overheden ondersteunt bij het ontwikkelen en testen van AI-toepassingen.4 Dit initiatief, dat deel uitmaakt van het Europese AI Continent Action Plan, versterkt de digitale strategische autonomie van Europa. Daarnaast verkent het kabinet
deelname aan het Europese AI-Gigafabriek-initiatief dat afhankelijkheid van niet-Europese
aanbieders wil verminderen. Momenteel wordt ook ingezet op het ontwikkelen van verantwoorde
AI-toepassingen met het bedrijfsleven en de wetenschap. Het kabinet beziet hoe deze
initiatieven kunnen aansluiten op de Europese AI Apply strategie die in oktober jl. is uitgekomen.
Het kabinet gebruikt, zoals ook in het advies opgenomen, AI-waardeketenbenadering om sterke Nederlandse posities te identificeren, afhankelijkheden in kaart
te brengen en gerichte investeringen te doen. Volgens het kabinet zijn randvoorwaarden
voor gebruik en ontwikkeling van AI onontbeerlijk om kansen te verzilveren. Hierbij
kan gedacht worden aan open en competitieve markten in alle lagen van de AI-waardeketen,
maar ook aan regelingen om talent aan te trekken en het versterken van AI-competenties
van de beroepsbevolking. Het kabinet zet in op heldere kaders en proportionele regulering
die een positief effect hebben op innovatievermogen en verantwoorde AI.
Het kabinet onderschrijft de constatering van de AIV dat er in de EU meerdere zaken
zijn die het ondernemersklimaat voor innovatieve AI-bedrijven negatief beïnvloeden,
zoals een gefragmenteerde digitale interne markt en een onderontwikkelde Europese
kapitaalmarkt, en moedigt de aandacht hiervoor vanuit de Europese Commissie actief
aan.
Inzet op effectieve implementatie en toezicht
Het kabinet hecht belang aan een effectieve implementatie van EU-wetgeving die proportioneel
is vormgegeven en heldere kaders biedt die zowel publieke waarden beschermen als de
innovatie van verantwoorde AI stimuleren. Het kabinet besteedt daarom aandacht aan
ondersteuning voor met name mkb en kleine organisaties die aan AI-regelgeving moeten
voldoen. Voor de AI-verordening wordt toegankelijk en effectief toezicht ingericht
en de Nederlandse regulatory sandbox biedt een laagdrempelige omgeving voor ondernemers en organisaties om vragen voor
te leggen over hun product in relatie tot de AI-verordening. Tevens werkt Nederland onder andere via de EU AI Board aan het verduidelijken van wetgevende kaders de AI-verordening zonder de doelen van
de wet aan te tasten.
In juli jl. is de General Purpose AI Code of Practice uitgebracht die tot doel heeft partijen die de meest geavanceerde modellen aanbieden
op de Europese markt te laten voldoen aan eisen van de AI-verordening. Dat grote internationale
AI-bedrijven (o.a. OpenAI, Google, Mistral) de Code of Practice hebben ondertekend,
wijst op de normstellende potentie van Europese regelgeving i.e. het Brussels effect.
Ontwikkeling van AI talent en expertise
Het tekort aan digitaal talent maakt Nederland en Europa kwetsbaar en beperkt de innovatiekracht.
Het ontwikkelen van een robuuste talentpijplijn die de gehele onderwijs- en arbeidsmarktketen
bestrijkt, is daarom essentieel.
Via het onderwijs worden leerlingen op verantwoorde wijze geïntroduceerd tot technologieën
als AI met programma’s als Techkwadraat en de nieuwe kerndoelen digitale geletterdheid
voor funderend onderwijs. Naast het vergroten van eigen talent is het aantrekken van
hooggekwalificeerd internationaal talent een randvoorwaarde om de groeibehoefte van
de industrie te vervullen. De Europese Commissie heeft in oktober jl. de AI in Science strategie uitgebracht waarmee het de relatieve achterstanden wil inhalen en de EU
wil positioneren als wereldleider in AI. Een nauwe koppeling tussen nationale instrumenten,
zoals de Human Capital Agenda ICT, het Actieplan Groene en Digitale Banen, en Europese
initiatieven kan versnippering tegengaan. Een gecoördineerde aanpak op nationaal en
Europees niveau is cruciaal voor een ecosysteem waarin talent, kennis en innovatie
grensoverschrijdend circuleren en slagkracht behouden blijft in een steeds competitievere
digitale wereld.
Nederland en de EU internationaal positioneren
Waar Nederland in de afgelopen 10 jaar een voortrekkersrol heeft gepakt op de ontwikkeling
van cyberdiplomatie, ligt er een kans om invloed uit te oefenen op de ontwikkeling
van AI-diplomatie. De AIVD en RDI stellen dat AI ook op het gebied van cybersecurity
een transformatieve impact zal hebben5. De weerslag hiervan is nog goeddeels onontgonnen terrein, maar het is helder dat
deze technologie om een bredere aanpak vraagt dan enkel vanuit de cyberdiplomatie.
Momenteel wordt ingezet op het volgen van de groeiende geopolitieke rol van techbedrijven
in de VS en China op AI om beter anticiperend beleid te ontwikkelen. Hoewel de eerste
tekenen van het Brussels effect een stap in de goede richting zijn, valt ook het overheersende discours op over Europese
wetgeving in het digitale domein, die innovatiebeperkend zou zijn en daarmee onaantrekkelijk
voor AI-ondernemers. Het kabinet erkent dat er op dit moment diverse obstakels zijn
die innovatie belemmeren binnen de EU, zoals een gefragmenteerde interne markt en
tekort aan digitaal talent, en zet zich in voor het verbeteren van het ondernemingsklimaat.
Ook pleit het kabinet voor het vereenvoudigen van Europese wet- en regelgeving zonder
dat dit ten koste gaat van het doel wat deze wet- en regelgeving beoogd te bereiken.
De Europese Commissie heeft hiertoe inmiddels een aantal voorstellen gepubliceerd.
Het kabinet is nog bezig met een appreciatie van deze voorstellen. Het kabinet steunt
activiteiten in EU-verband om het Europese verhaal richting de buitenwereld te versterken,
dat zich richt op investeringen in betrouwbare AI in plaats van op beperkende regulering.
Hoewel er in de afgelopen maanden 3 EU strategieën op AI zijn uitgekomen, is het narratief
richting de buitenwereld nog in ontwikkeling. Nederland kan dit helpen vormgeven.
Aanbeveling 2: Neem, mogelijk samen met enkele andere landen, de leiding over een
kopgroep van Europese landen die een sterke Europese visie formuleert voor het opbouwen
en aanbieden van alternatieve Europese strategische AI-capaciteit. Zorg dat deze visie
in lijn is met het internationaal en Europees recht, met het Europese waardensysteem
van democratie, rechtsstaat en grondrechten en die het publieke belang beter dient,
en vergroot daarbij de samenwerking met in het bijzonder Frankrijk en Duitsland.
Het kabinet werkt aan het opbouwen en aanbieden van alternatieve Europese strategische
AI-capaciteit waarmee ook kwetsbare afhankelijkheden worden afgebouwd. Hiervoor worden
verschillende beleidsopties aangewend. Deze zijn onder te verdelen in stimulerende
maatregelen, zoals de uitvoering van Groeifondsprogramma’s en het versterken van de
interne markt; beschermende maatregelen, als investeringstoetsen om ongewenste technologieoverdracht
te voorkomen; en maatregelen tot het verdiepen van internationale samenwerking zoals
door het aangaan van (digitale) handelsakkoorden. Vanuit het Groeifonds wordt er o.a.
geïnvesteerd in kennisopbouw, opbouw eigen infrastructuur en het borgen van publieke
waarden bij AI-inzet, bijvoorbeeld via programma’s als AiNed, het Nationaal Onderwijslab
AI en Npuls. Daarnaast is geïnvesteerd in beleidsinstrumenten zoals het Algoritmekader,
het Algoritmeregister en de Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes. Nederland
benadrukt het belang van normstelling en het beschermen van publieke waarden bij de
toepassing van AI zoals uiteengezet in het rapport ter uitvoering aan de UNESCO Aanbeveling
Ethiek en AI.6
Nederland heeft een innovatiepact gesloten met Duitsland (2021), Frankrijk (2023)
en het Verenigd Koninkrijk (2025). Daarnaast heeft Nederland dit najaar met Duitsland,
Frankrijk en Italië, een European Digital Infrastructure Consortium opgericht voor Digital Commons. Hiermee wordt een gezamenlijk loket ingericht voor financiering en ondersteuning
van projecten binnen de EU gericht op het ontwikkelen en aanbieden van digitale gemeenschapsgoederen,
met het versterken van digitale weerbaarheid en autonomie als prioriteit. Het kabinet
ziet kansen voor Nederland om, in samenwerking met deze partners, een voortrekkersrol
te pakken bij het formuleren van een sterke Europese visie op alternatieve AI-capaciteit.
Ook in Benelux-verband vindt samenwerking plaats via een expertgroep over thema’s
als verantwoorde toepassing van AI bij de overheid.
Naast Europese partners verkent Nederland samenwerking met strategische partners buiten
de EU, zoals het Verenigd Koninkrijk, Canada, Zuid-Korea of Japan, om alternatieve
AI-capaciteit te ontwikkelen. Dergelijke internationale partners zijn in zowel politiek,
veiligheid als economisch oogpunt interessant bij het ontwikkelen van een derde Europese
weg. Samenwerking met de VS blijft ook essentieel op AI, zowel vanuit geopolitiek,
economische en militair perspectief.
In de Defensie Strategie voor Industrie en Innovatie7 is AI een van de vijf Nederlandse prioriteitsgebieden. Het kabinet neemt een actieve
rol in de ontwikkeling van AI-technologie op defensiegebied in Nederland, met als
doel om sleutelposities te verwerven in internationale waardeketens. In internationaal
onderzoek en ontwikkeling zal het kabinet op het gebied van AI meer samenwerken met
partnerlanden, industrie en onderzoekers om deze ambitie te realiseren.
Het kabinet onderschrijft dat het inkoopbeleid van de overheid een belangrijk middel
kan zijn om Europese alternatieven te bevorderen. Daarom kiest het kabinet er in de
Nederlandse Digitaliseringsstrategie voor minder afhankelijk te zijn van een klein
aantal leveranciers, en de inkoopkracht van de Rijksoverheid te bundelen om strategische
autonomie te versterken.8
Het mitigeren van risico’s van strategische afhankelijkheden is een prioriteit voor
het kabinet, waarmee gehoor wordt gegeven aan de oproep om kritieke afhankelijkheden
van niet-Europese partners in kaart te brengen. Verschillende ministeries voeren hiertoe
analyses uit naar risicovolle strategische afhankelijkheden9. Ook digitale waardeketens worden onder de loep genomen. Vanwege de gevoeligheid
van de afhankelijkhedenanalyses wordt hierover beperkt gecommuniceerd. Ook op EU-niveau
lopen vertrouwelijke analyses om het inzicht te vergroten in risicovolle strategische
afhankelijkheden.
Aanbeveling 3: Maak consistentie in het huidige Nederlandse beleid zichtbaar. Formuleer
een eenduidige en krachtige Nederlandse visie waarbij binnenlandse en buitenlandse
activiteiten elkaar versterken, gericht op het promoten van AI-ontwikkelingen die
de democratische rechtsstaat beschermen en waar mogelijk bevorderen. Neem daarmee
de zes in dit advies geïdentificeerde beleidsinspanningen mee.
Nederland beschikt over een breed scala aan beleidsdocumenten waaronder het Strategisch
Actieplan voor AI10, de overheidsbrede visie generatieve AI11, de Nationale Technologiestrategie12, de Strategie Digitale Economie13 en de Nederlandse digitaliseringsstrategie14. Hieruit blijkt een coherente visie gericht op het promoten van verantwoorde AI-ontwikkelingen,
het versterken van de rechtstaat en democratie en ons concurrentievermogen. De internationale
AI-strategie, die momenteel wordt ontwikkeld, zal deze nationale ambities versterken
in een internationale context.
Het kabinet erkent het belang van een geïntegreerde aanpak en werkt aan het versterken
van AI-expertise binnen alle betrokken departementen. Initiatieven zoals de ontwikkeling
van een AI-competentiecentrum en interdepartementale werkgroepen dragen bij aan een
slagvaardige overheid die kan inspelen op de snelle ontwikkelingen in AI.
Aanbeveling 4: Pak een voortrekkersrol op een aantal bestaande internationale initiatieven
zoals genoemd in dit advies, niet alleen op het niveau van de EU, maar ook bij de
Raad van Europa, de OESO, de VN en andere multilaterale organisaties en fora. Focus
daarbij op de herkenbaarheid, transparantie, veiligheid, inclusiviteit en verantwoording
van AI en op het elimineren van de meest schadelijke vormen van AI. Stimuleer positieve
best practices van AI-toepassingen die juist versterkend werken voor de democratie,
rechtsstaat en de grondrechten.
Nederland heeft een sterke traditie in internationale normstelling en in de inzet
op verantwoord gebruik van AI resultaten geboekt. Zo was Nederland in 2024 voorzitter
van de Freedom Online Coalition waarmee recent een verklaring is uitgebracht door Nederland over AI en mensenrechten15. Landen worden hierin opgeroepen de principes van het Kaderverdrag van de Raad van
Europa over AI en mensenrechten, democratie en de rechtstaat te steunen.
Het Kaderverdrag van de Raad van Europa over Artificiële Intelligentie (AI) en mensenrechten,
democratie en de rechtstaat is de eerste juridisch bindende internationale overeenkomst die verdragsstaten verplicht
maatregelen te nemen die mensenrechten, democratie en de rechtsstaat beschermen tegen
de huidige en toekomstige risico’s van AI. Dit verdrag is volledig verenigbaar met
de Europese AI-verordening waarin de mens en zijn rechten centraal staan. Het sluit ook aan bij het doel van
de Europese Unie om mensenrechten wereldwijd te promoten. Nederland zet zich ervoor
in dat zoveel mogelijk landen zich aansluiten bij dit verdrag om deze internationale
principes universeel te maken. Tevens test Nederland als een van de eerste landen
het verdrag uit met de Human Rights, Democracy and the Rule of Law (HUDERIA) assessment of AI systems.
Behalve via dit wettelijk instrument, levert de Raad van Europa ook andere, niet-bindende
bijdragen op het gebied van AI, democratie en rechtsstaat die complementair zijn aan
initiatieven van de Europese Unie. In november 2023 nam de Raad bijvoorbeeld richtlijnen
aan voor de verantwoorde implementatie van AI in de journalistiek. Nederland is actief
in de werkgroep over de impact van generatieve AI op de vrijheid van meningsuiting.
Nederland nam actief deel aan de ontwikkeling van de UNESCO Aanbeveling Ethiek en
AI die in 2021 werd vastgesteld door de 193 lidstaten. Nederland was het eerste Europese
land dat het Readiness Assessment (RAM) Report uitvoerde om het Nederlandse AI-beleid
te doorlichten op basis van deze principes. Nederland is vergevorderd als het gaat
om de ethische ontwikkeling en inzet van AI-middelen en presteert goed in verschillende
internationale indexen, zoals de eerste plaats in de Global Index on Responsible AI 2024. Het rapport bevat ook aanbevelingen zoals op het gebied van investeringen en talent.
Curaçao was de eerste Small Development Island State die de RAM voltooide, waarmee het Koninkrijk een pionier is in dit normstellende
proces.
Nederland is koploper in het internationaal agenderen van verantwoord gebruik van
AI in het militaire domein. Zo was Nederland initiatiefnemer van de Responsible Artificial Intelligence in the Military Domain (REAIM) top in 2023 en co-host van de editie in 2024. Dit is een wereldwijde, multistakeholder
conferentie die zich richt op het vaststellen van normen en richtlijnen voor ethisch
en verantwoord gebruik van AI in het militaire domein. Nederland initieerde de eerste
VN resolutie op AI in het militaire domein die met een grote meerderheid werd aangenomen
in 2024 en een opvolgende resolutie in 2025, waarmee het bijdroeg aan de ontwikkeling
van universele kaders in dit domein. Nederland is tevens voorzitter van de Verenigde
Naties» (VN) Group of Governmental Experts on Lethal Autonomous Weapons Systems (GGE LAWS). Deze groep bestudeert hoe het internationaal recht van toepassing is
op autonome wapensystemen en of nieuwe juridische kaders gewenst zijn. Nederland draagt
daarnaast bij aan initiatieven op het gebied van militaire AI binnen de NAVO en het
door de Verenigde Staten geleide Partnership for Defence. Via deze samenwerkingsverbanden wordt kennis uitgewisseld en beleidscohesie gestimuleerd.
Nederland zoekt de samenwerking met partners om aandacht te vragen voor normatieve
vraagstukken op het gebied van de inzet van AI in het militaire domein. Uiteenlopende
belangen van diverse geopolitieke actoren maken dat het maken van afspraken uitdagend
is. Tegelijkertijd is brede steun zichtbaar voor initiatieven waarin Nederland een
actieve rol speelt, bijvoorbeeld in het kader van de Verenigde Naties. Over de voortgang
van deze initiatieven wordt uw Kamer separaat geïnformeerd. Dit gebeurt in het volle
besef dat deze inzet gericht is op de lange termijn. Het perspectief op internationale
normstelling hierop is beperkt vanwege uiteenlopende belangen van diverse geopolitieke
actoren, die zich aan hogergenoemde inzet weinig gelegen laten.
Het kabinet heeft een bijdrage geleverd aan het werk van het VN Hoge Adviesorgaan
voor AI, waar vanuit Nederland Marietje Schaake (co-rapporteur) en Virginia Dignum
zitting in namen. Nederland organiseerde één van de verdiepingssessie voor de leden
van het expertpanel rond het thema AI, democratie, mensenrechten en de rechtstaat.
In september 2024 werd het VN rapport uitgebracht «Governing AI for Humanity» met
een reeks aanbevelingen voor de inrichting van internationaal bestuur op AI. Deze
aanbevelingen zijn deels overgenomen door VN-lidstaten, via het Global Digital Compact, waarin is besloten een internationaal wetenschappelijk panel voor AI en een mondiale
dialoog op AI komend jaar op te richten.
Nederland is ook betrokken bij het Global Partnership on AI (GPAI), een samenwerkingsverband
van 44 landen dat is ontstaan vanuit de G7 en dat is geïntegreerd met de Working Party
on AI Governance (AIGO) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
(OESO). Deze twee fora spelen een belangrijke rol in het bevorderen van de implementatie
van OESO standaarden, kennis delen en tools ontwikkelen. Deze werkzaamheden stimuleren
de ontwikkeling van evidence-based beleid en faciliteren de internationale dialoog rondom een breed scala aan vraagstukken
op AI.
Het stimuleren van private investeringen in de fundamentele bouwstenen van digitale
technologieën is essentieel. In de ministeriële verklaring van de D9+ van 27 maart
jl., wordt opgeroepen tot een strategische en integrale Europese aanpak waarin bedrijven,
investeerders, onderzoekers en gelijkgestemde internationale partners samenwerken.
Het kabinet onderstreept dat Europees technologisch leiderschap versterkt kan worden
door in zetten op interoperabiliteit, standaardisatie en een sterker innovatie-ecosysteem.
De internationale AI-strategie biedt gelegenheid om keuzes te maken op welke internationale
initiatieven Nederland in de toekomst een voortrekkersrol wil (blijven) pakken.
Aanbeveling 5: Versterk en verdiep samenwerkingen met gelijkgezinde partners in het
mondiale Zuiden rondom het thema van AI-soevereiniteit en AI-eigenheid, gericht op
het beschermen van democratie, rechtsstaat en mensenrechten.
Nederland zet zich actief in voor samenwerking met het mondiale Zuiden op het gebied
van AI, democratie, rechtsstaat en mensenrechten. Via initiatieven zoals de Freedom Online Coalition draagt Nederland bij aan het versterken van digitale rechten wereldwijd. Daarnaast
ondersteunt Nederland het Global Network Initiative met een project dat onderzoekt hoe EU-wetgeving rondom digitalisering en AI toepasbaar
kan zijn in het mondiale Zuiden.
Nederland werkt samen met partners uit het mondiale Zuiden bij de internationale AI
toppen-reeks. Nederland nam op bewindspersonenniveau deel aan de AI Safety Summit (november 2023, Bletchley Park) en de AI Action Summit (februari 2025, Parijs). De Nederlandse wetenschapper Haroon Sheikh speelt een prominente
rol in het expertpanel dat na de eerste top is opgericht en dat AI-veiligheidsrapporten
publiceert om internationaal begrip van AI-risico’s te vergroten. Deelname aan de
volgende AI Impact Summit (februari 2026, New Delhi, India) wordt momenteel overwogen.
Tijdens het recente UNESCO Global Forum werd een mondiaal netwerk voor toezichthoudende
instanties gelanceerd, met ondersteuning van de Nederlandse Autoriteit voor Digitale
Infrastructuur (RDI). Dit netwerk richt zich op kennisdeling en capaciteitsopbouw
om AI-beleid effectief te implementeren. Nederland blijft inzetten op ethiek en AI.
Zo is er een Nederlandse case study opgenomen in een Toolkit over AI en ongelijkheid die UNESCO ontwikkelde voor het Zuid-Afrikaanse voorzitterschap
van de G20 in 2025. Nederlandse beleidsinstrumenten bieden inspiratie voor andere
landen, waaronder veel in het mondiale Zuiden.
Hoewel deze activiteiten een solide basis vormen, is verdere uitwerking nodig om een
structurelere en ambitieuzere samenwerking met het mondiale Zuiden op AI-thema’s te
realiseren. Nederland kan bijvoorbeeld een rol spelen binnen de Global Gateway-strategie van de EU, die gericht is op het stimuleren van slimme, schone en veilige
verbindingen in de digitale sector via gezamenlijke investeringen.
Afsluitend
Het advies van de AIV toont de complexiteit en urgentie van de uitdagingen die AI
stelt aan onze economie, democratische rechtsstaat en de positie van Nederland in
het internationale krachtenveld. Het kabinet herkent de geschetste problematiek en
heeft, zoals hierboven uiteengezet, reeds verschillende stappen ondernomen op het
gebied van internationaal bestuur van AI, internationale samenwerking en het versterken
van onze economische positie.
De inzichten en observaties uit dit advies vormen een waardevolle bijdrage aan de
ontwikkeling van de internationale AI-strategie. Het uitgangspunt blijft daarbij dat
technologische innovatie niet losstaat van de bescherming van menselijke waardigheid,
democratie en rechtsstaat.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
De Minister van Economische Zaken,
V.P.G. Karremans
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
E. van Marum
Indieners
-
Indiener
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken -
Medeindiener
V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken -
Medeindiener
E. van Marum, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties