Brief regering : Verzamelbrief opvang Oekraïne
19 637 Vreemdelingenbeleid
36 045 Situatie in Oekraïne
Nr. 3497 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ASIEL EN MIGRATIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 28 november 2025
Inleiding
Sinds de grootschalige inval van Rusland in Oekraïne in februari 2022 zijn miljoenen
Oekraïners gevlucht naar de Europese Unie (EU). In deze oorlog is de EU de regio en
daarom bieden we op dit moment op grond van de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming
(RTB) opvang aan de vele ontheemden uit Oekraïne die een veilig heenkomen zoeken in
ons land. Op dit moment is het onzeker hoelang de oorlog zal voortduren. Ontheemden
uit Oekraïne zullen dus nog langere tijd in Nederland verblijven. Gemeenten, NGO’s,
vele vrijwilligers en betrokken departementen en overheidsorganisaties werken elke
dag aan het mogelijk maken van deze opvang. Dit zullen we de komende periode gezamenlijk
blijven doen waarbij alles gericht is op het normaliseren van de situatie per 5 maart
2027.
Op 2 november jl. zijn er 135.010 ontheemden uit Oekraïne ingeschreven in de Basisregistratie
Personen (BRP) die op grond van de RTB bescherming krijgen. Op 31 oktober jl. waren
er 96.830 opvangplekken gerealiseerd. Dit leidt tot een bezettingsgraad van 99,9 procent
in de noodopvang.1
In de Verzamelbrief Opvang Oekraïne van 4 juli jl. zijn de hoofdlijnen van het langetermijnbeleid
voor ontheemden uit Oekraïne beschreven.2 De doelstelling hiervan is drieledig. We zetten in op vrijwillige terugkeer en we
steunen Oekraïne bij de wederopbouw. Ten tweede voorkomen we uitvoeringsproblemen
in migratieketen door te kijken naar verlengd legaal verblijf en voorzieningen. Ten
derde bieden we perspectief aan de samenleving, gemeenten en ontheemden voor een langere
periode dan dat de RTB steeds voor 1 jaar geeft. Het kabinet zet erop in om deze doelstellingen
in lijn met de Raadsaanbeveling voor een gecoördineerde aanpak van de overgang uit
de tijdelijke bescherming te realiseren.
In de voorliggende Verzamelbrief informeer ik uw Kamer over de nadere uitwerking van
dit langetermijnbeleid. Hiermee geef ik opvolging aan de toezegging tijdens het Commissiedebat
Oekraïne in maart 2025 van de toenmalige Minister van Asiel en Migratie. Ik ga daarbij
in op het aan terugkeer ondersteunend verblijfsrecht, in de vorm van een transitiedocument,
aan de ontheemden voor de periode na de RTB, inclusief de rechten, plichten en voorzieningen
die daaraan verbonden zijn. Daarnaast wordt gekeken hoe met de toeleiding naar andere
legale tijdelijke verblijfsstatussen de groep die aanspraak op het transitiedocument
maakt zo beperkt mogelijk kan blijven. Daarnaast beschrijf ik hoe het terugkeerbeleid
voor ontheemden uit Oekraïne wordt geregeld. De brief bevat een appreciatie van het
SEO-rapport over de economische bijdrage van ontheemden uit Oekraïne in Nederland,
het WODC-rapport «Meer dan een dak» en de meest recente rapportage van Instituut Clingendael.
EU- gecoördineerde Exit-strategie uit de tijdelijke bescherming (raadsaanbevelingen)
In juni 2025 heeft de Europese Commissie een Raadsaanbeveling voor een gecoördineerde
aanpak van de overgang uit de tijdelijke bescherming gepresenteerd.3 De Raadsaanbeveling bevat vier punten. Ten eerste is opgenomen te werken aan een
transitie van tijdelijke bescherming naar andere legale statussen (bestaand of nieuw
voor deze doelgroep). Daarnaast gaat de Raadsaanbeveling in op het ondersteunen van
terugkeer van ontheemden naar en re-integratie in Oekraïne, informatieverstrekking
en verbetering van de onderlinge coördinatie tussen lidstaten en Oekraïne.4 Over de Raadsaanbeveling is op 16 september jl. politieke overeenstemming bereikt
op EU-niveau. Lidstaten zijn zelf verantwoordelijk voor de opvolging, onder coördinatie
van de Europese Commissie en de Raad van de EU. Het nationale langetermijnbeleid,
dat hieronder is toegelicht, sluit aan bij de kaderstellende Raadsaanbeveling en beantwoordt
daarmee ook motie Podt van 4 september jl.5
Relevant voor de beoogde duur van het transitiedocument zijn hier de eerste en de
vierde aanbeveling, die respectievelijk betrekking hebben op het verblijfsrecht na
de RTB (een bestaande vergunning of een nieuwe) en coördinatie in de EU om al te grote
verschillen te voorkomen. Sommige EU-lidstaten werken al aan de transitie naar reguliere
verblijfsstatussen. Zij hanteren hierbij verschillende voorwaarden voor toegang tot
de verblijfsstatus en bijbehorende rechten en plichten (bijvoorbeeld de duur van de
verblijfsstatus, variërend van 1–3 jaar tot maximaal 5 jaar). Onze keuze voor drie
jaar is gebaseerd op een goede balans tussen de uitvoerbaarheid en het in lijn brengen
met de beoogde termijn voor de asielstatus van 3 jaar. Het uitgeven van een vergunning
voor 1 jaar zou bij verlenging opnieuw een werklast bij de IND neerleggen. In het
rapport van Clingendael worden ontwikkelingen op dit punt nader beschreven.
Transitiedocument
In de aanloop naar het voorstel dat nu voorligt zijn verschillende scenario’s ontwikkeld
en onderzocht op beleidsmatige wenselijkheid, juridische houdbaarheid, financiële
consequenties en impact op de uitvoering. Zonder ingreep zal de IND alle onderliggende
asielaanvragen in behandeling moeten nemen, dit kan tot tien jaar in beslag nemen.
Daarnaast wordt COA dan officieel verantwoordelijk voor de opvang van deze nieuwe
groep asielzoekers.
Naar de huidige inzichten draagt het transitiedocument het meest bij aan de doelstellingen
vrijwillige terugkeer op termijn mogelijk maken en participatie en zelfredzaamheid
bevorderen. Die inzichten kunnen in de loop van de tijd veranderen. De geopolitieke
situatie is onzeker en een groeiend deel van de groep draagt ook steeds meer bij aan
de Nederlandse economie (zie ook de appreciatie van het SEO-onderzoek6). Parallel aan de verdere uitwerking van het transitiedocument bestudeert het kabinet
de implicaties van deze factoren van invloed en informeert het uw Kamer hierover te
gelegener tijd.
De tijdelijke bescherming op grond van de Europese RTB loopt af in maart 2027. Om
rechtmatig verblijf daarna te borgen, is een in tijd afgebakend transitiedocument
uitgewerkt. Het betreft een driejarige tijdelijke reguliere verblijfsvergunning die
ruimte biedt aan de ontheemden om zich voor te bereiden op terugkeer naar Oekraïne.
Aan het transitiedocument is een geheel aan rechten, plichten en voorzieningen verbonden.
De inzet hiervan is om het voorzieningenniveau voor ontheemden gedurende hun verblijf
in Nederland te normaliseren, dat wil zeggen zoveel mogelijk in lijn te brengen met dat van andere ingezetenen.
Zo kunnen ontheemden participeren in de samenleving en, zolang zij in Nederland verblijven,
actief bijdragen aan de maatschappij. De inzet is gericht op zo groot mogelijke arbeidsparticipatie
(61% van de volwassenen werkt nu al) en onderwijsdeelname voor wie dat kan. Voor arbeidsparticipatie
geldt: bij voorkeur in kraptesectoren en sectoren die relevant zijn voor de wederopbouw
van Oekraïne.
Aan de huidige tijdelijke bescherming op grond van de RTB ligt een asielaanvraag ten
grondslag7. Het aflopen van de tijdelijke bescherming onder de RTB in maart 2027 activeert deze
asielaanvraag en zo ontstaat een situatie waarin alle op dat moment in Nederland verblijvende
ontheemden (naar verwachting ca. 150.000) instromen in de asielketen. Bij het niet
invoeren van het transitiedocument leidt dit tot een niet te dragen en structurele
overbelasting van de IND, het COA, de rechtspraak en andere betrokken organisaties
binnen de migratieketen8.
Om de regie in eigen land te behouden en te voorkomen dat de uitvoering vastloopt
wanneer de activatie van de RTB afloopt, zal de IND het transitiedocument ambtshalve
verlenen aan ontheemden, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
1. Alleen wie voor een bepaalde datum tijdelijke bescherming in Nederland genoot, komt
in aanmerking9;
2. De ontheemde doorloopt met succes de openbare-ordecheck;
3. De ontheemde trekt de lopende asielaanvraag in.
Normalisering rechtspositie ontheemden
Het aan het transitiedocument gekoppelde pakket van rechten, plichten en voorzieningen
is erop gericht dat ontheemden zoveel mogelijk meedoen en bijdragen aan de Nederlandse
samenleving. Met het oog op terugkeer zijn de ontheemden uitgesloten van de inburgeringsplicht.
Het kabinet is voornemens om (onder meer) de volgende maatregelen te treffen en ze
daarom nader uit te werken De toegang tot en vergoeding van medische zorg, die momenteel
wordt geregeld via de Regeling Medische zorg Oekraïense ontheemden (RMO), wordt overgeheveld
naar het reguliere zorgstelsel. Dit houdt in dat ontheemden zich moeten verzekeren
en een zorgpremie gaan betalen. Met het transitiedocument krijgen ontheemden toegang
tot het vervolgonderwijs (mbo, hbo en wo) en betalen per 1 september 2027 het wettelijk
collegegeld. Voor instellingen betekent dit dat zij bekostiging krijgen voor deze
studenten, waar dat eerder niet zo was. Dit betekent concreet dat de specifieke Oekraïne-regelingen
die tijdens de crisissituatie zijn ingericht worden afgebouwd.
De huidige vergunning loopt af op 4 maart 2027. Daartoe zijn er op dat moment voor
de ontheemden transitiedocumenten nodig. Het streven is om alle ontheemden die daarop
aanspraak maken zo snel mogelijk het transitiedocument te verstrekken. We werken aan
transitiepaden om dat goed te kunnen uitvoeren.
In de periode tot 4 maart 2027 zet het kabinet in op het zo goed mogelijk voorbereiden
en waar mogelijk reeds uitvoeren van deze transitie met de medeoverheden en de uitvoeringsorganisaties.
Dat betekent enerzijds het technisch en procedureel voorbereiden op de transitie en
anderzijds het verkleinen van de groep die aanspraak moet maken op sociale voorzieningen.
Hierbij verkennen we in samenwerking met onze partners, met name de medeoverheden,
hoe we een zo kort mogelijk route naar normalisering kunnen uitstippelen. In dit proces
zit nog een aantal onzekerheden en risico’s. Daarbij valt met name te denken aan de
kosten en de uitvoerbaarheid. Het streven is om uw Kamer voor de voorjaarbesluitvorming
van 2026 te informeren over het ontwerp, de inhoud van het pakket, het tempo, de kosten
en de uitvoerbaarheid van de onderscheiden transitiepaden op de verschillende domeinen
in hun onderlinge samenhang en u te voorzien van een weging over de haalbaarheid.
Hierna volgt een beschrijving van de drie meest omvangrijke deeltransities met de
meeste impact op de uitvoeringspraktijk van medeoverheden en andere partijen zoals
zorgverzekeraars en woningcorporaties.
Sociaal domein
De huidige arbeidsparticipatie van ontheemden uit Oekraïne is met 61% relatief hoog.
Door het beschikbaar stellen van extra middelen voor arbeidsparticipatie, gericht
op passend en duurzaam werk, kan de participatiegraad voor afloop van de RTB mogelijk
nog verder stijgen. De financiële besluitvorming hiervoor loopt mee in het reguliere
proces van de voorjaarsbesluitvorming.
Ondanks deze inspanningen zal een significant deel van de ontheemden vanaf de verstrekking
van het transitiedocument aanspraak kunnen maken op een (gedeeltelijke) bijstandsuitkering.
Het kabinet zet via arbeidstoeleiding alles op alles om deze groep zo klein mogelijk te maken. Daar zijn we sinds
de komst van de ontheemden al mee begonnen. De bijstandsaanvragen van deze groep zullen
net als alle andere aanvragen grondig en op gezinsniveau worden beoordeeld, zodat
alleen degenen die aan de voorwaarden voldoen een bijstandsuitkering zullen ontvangen.
Door de verwachte grootte van deze groep en de grondigheid van de beoordeling van
de aanvraag is gefaseerde transitie naar de Participatiewet noodzakelijk om het behapbaar
te maken voor de uitvoering. Door de omvang van deze klus kan het risico ontstaan
dat er tijdelijk geen vangnet is voor deze groep. Om dit te voorkomen zijn wijzigingen
in wet- en regelgeving noodzakelijk.
In samenwerking met gemeenten, VNG en overige betrokken partijen wordt gekeken naar
mogelijkheden om de transitie van de leefgeldregeling naar de arbeidsmarkt of de Participatiewet zo snel mogelijk en gedegen te
laten verlopen. Hier worden diverse opties voor uitwerkt. Deze worden betrokken bij
de financiële besluitvorming in het voorjaar. De financiële besluitvorming in het
voorjaar is hierin voor gemeenten van cruciaal belang.
Zorg
De overgang van circa 150.000 ontheemden van de Regeling Medische zorg voor Oekraïense
ontheemden (RMO) naar de Zorgverzekeringswet (Zvw) en Wet langdurige zorg (Wlz) is
een domeinoverschrijdend vraagstuk, waar veel partijen bij betrokken zijn. Met name
de overgang van de RMO naar de Zvw is een intensief proces. Dit vergt actieve inzet
van AenM gelet op haar huidige zorgplicht, zorgverzekeraars gelet op hun toekomstige
zorgplicht en VWS als stelselverantwoordelijke voor de Zvw/Wlz, naast betrokkenheid
van SZW gelet op verwevenheid met, en volgordelijkheid ten aanzien van de instroom
in het socialezekerheidsstelsel.
Met deze transitie zijn risico’s gemoeid die thans nog niet in beeld zijn, bijvoorbeeld
met betrekking tot kosten en uitvoerbaarheid. In samenwerking met zorgverzekeraars,
gemeenten en andere betrokken partijen wordt gekeken naar de juridische kaders, mogelijkheden
en risico’s, inclusief mitigerende maatregelen, van deze transitie n. Daarbij zal
aandacht uitgaan naar de financiële inzet die deze transitie vergt. Hoe dan ook mogen
risico’s niet worden afgewenteld op verzekerden, zorgverzekeraars, zorgaanbieders
en patiënten. Ook voor deze middelen geldt dat de financiële besluitvorming hierover
plaatsvindt in het voorjaar.
Wonen
Circa drie kwart van de ontheemden verblijft nu in gemeentelijke opvang, waarvoor
zij afhankelijk van hun inkomen een eigen bijdrage betalen. Bij het normaliseren van
de rechtspositie hoort ook, dat zo snel mogelijk een einde komt aan deze overheidsopvang.
Het kabinet werkt aan een aanpak voor de overgang van opvang naar huisvesting. Deze
aanpak zal in samenwerking met gemeenten en woningcorporaties worden uitgewerkt. Hierbij
wordt in ieder geval bezien welke opvanglocaties geschikt zijn voor transformatie
naar reguliere huisvesting en welke praktische en juridische mogelijkheden er zijn
om andere locaties zo veel mogelijk te benutten, zodat de gemeentelijke opvang kan
worden afgebouwd. Na het vertrek van de ontheemden komen deze eenheden zo veel mogelijk
ter beschikking voor andere doelgroepen, zoals studenten, spoedzoekers of anderen.
Daarnaast is het doel een groot deel van de huidige lokaties waarin ontheemden maar
ook statushouders verblijven, onder te brengen in de reguliere huisvestingsvoorraad,
uiteraard met behoud van basisvereisten. De wijze waarop wordt momenteel juridisch
en uitvoerings technisch uitgezocht.
Om gemeenten te ondersteunen bij het realiseren van eenheden voor deze groep, heeft
het kabinet een doelgroepflexibele opvangregeling inhoudelijk uitgewerkt en afgerond
in afstemming met de VNG. In de afstemming met de VNG zijn de punten uit de uitvoeringsscan
waar mogelijk verwerkt en hebben we afgesproken de uitvoering van de regeling te monitoren
en na een jaar te evalueren. Het doel van het kabinet is om de lokale overheden langjarig
voor de duur van vijf jaar beter in staat te stellen opvang voor de diverse doelgroepen
te realiseren. Deze regeling vervangt onder andere de Bekostigingsregeling opvang
ontheemden Oekraïne. Hierbij worden de gemeentelijke locaties onafhankelijk van de
daarin verblijvende doelgroepen gefinancierd (te weten ontheemden, statushouders in
doorstroomlocaties en/of asielzoekers). Dit biedt flexibiliteit aan gemeenten om te
bepalen voor welke doelgroepen zij een locatie inrichten en leidt tot duurzamere locaties
en zekerheid bij gemeenten voor investeringen. Daarnaast worden de mogelijkheden verkend
om deze plekken waar mogelijk om te zetten naar huisvesting. De beoogde inwerkingtreding
van de regeling is 1 mei as aansluitend aan en onder voorbehoud van de definitieve
financiële besluitvorming over de regeling bij Voorjaarsnota 2026, zodat gemeenten
in staat zijn om de regeling adequaat te kunnen uitvoeren. Tot de inwerkingtreding
lopen de huidige bestaande regelingen nog door.
Gezien de grote rol die gemeenten bij deze transitie hebben en de impact die dat in
gemeenschappen en in de uitvoering heeft, ben ik voornemens bestuurlijke afspraken
te maken om dit in goede banen te leiden.
Terugkeer
Het kabinet ontwikkelt terugkeerbeleid om de vrijwillige terugkeer van ontheemden
uit Oekraïne wanneer dit kan te ondersteunen. Over de hoofdlijnen van het terugkeerbeleid
is uw Kamer eerder geïnformeerd.10 In aanvulling hierop wil ik uw Kamer informeren over een nadere uitwerking van de
terugkeerondersteuning die sindsdien heeft plaatsgevonden.
Terugkeer is in lijn met de wens van de Oekraïense overheid en belangrijk voor wederopbouw
van het land.11 Naast het regelen van praktische zaken voor terugkeer, zoals de juiste documentatie,
is een vorm van mogelijke financiële ondersteuning zoals voorkomend onderdeel van
het terugkeerprogramma. Om voorbereid te zijn op het moment dat grootschalige terugkeer
mogelijk wordt is het behulpzaam om bruggen te slaan tussen ontheemden uit Oekraïne
in Nederland en Oekraïne. Door middel van partnerschappen tussen Nederlandse gemeenten
en Oekraïense gemeenten wordt lokaal ingezet op ondersteuning van deze bruggen en
daarmee terugkeer in de vorm van noodzakelijke capaciteitsopbouw op het terrein van
huisvesting, arbeid etc. Hiervoor wordt een pilotproject gestart met VNG International
en de VNG waarin een aantal Nederlandse gemeenten wordt gekoppeld aan gemeenten in
Oekraïne.
Kosten (terugkeer & verblijf)
Terugkeer
Een effectief terugkeerbeleid brengt kosten met zich mee. Hoewel veel ontheemden uit
Oekraïne zelfredzaam zijn, vraagt terugkeer van deze grote groep ontheemden om actieve
ondersteuning. Indachtig de instroom uit Oekraïne en het feit dat 48% van de doelgroep
twijfelt over terugkeer en hier ondersteuning bij nodig heeft, gaan we uit van circa
40.000 potentiële deelnemers aan het terugkeerprogramma. De informatievoorziening
over terugkeer, de oriëntatie op terugkeer en de ontvangst in Oekraïne moet toegankelijk
zijn voor de hele groep ontheemden uit Oekraïne in Nederland.
Transitiedocument
Met het ontvangen van het transitiedocument per 4 maart 2027 verkrijgen ontheemden
uit Oekraïne toegang tot de reguliere voorzieningen voor maximaal drie jaar. Door
in te zetten op zelfredzaamheid (waaronder zelf huisvesting regelen) en participatie,
is het aannemelijk dat de kosten voor deze groep in de pas gaan lopen met die van
andere ingezetenen van Nederland.
Deze oplossing leidt naar verwachting tot minder uitgaven dan het alternatieve scenario
waarin de ontheemden asiel zouden aanvragen en leidt naar verwachting ook tot minder
uitgaven dan het huidige regime onder de RTB. De kosten nemen daarbij ook nog eens
af door de jaren heen, omdat ontheemden steeds meer en steeds beter dan meedoen.
In de komende periode wordt, op basis van uitvoeringstoetsen bij decentrale overheden
en uitvoeringsorganisaties van het Rijk, tot in meer detail uitgewerkt welke financiële
gevolgen de implementatie van deze transitie precies met zich meebrengt per departement
en uitvoeringsorganisatie.
Het niet invoeren van het transitiedocument betekent dat alle asielaanvragen van de
ontheemden in behandeling moeten worden genomen. Dit zou in ieder geval leiden tot
extra kosten voor de opvang van ontheemden. Dit geldt ook voor 25% van de ontheemden
dat momenteel in de particuliere opvang verblijft en dat in het kader van de asielprocedure
gedurende een langere periode door het COA opgevangen moet worden. Tevens leidt dit
tot een zware belasting van uitvoeringsorganisaties die verantwoordelijk zijn voor
de voortzetting van de reeds geboden opvang en voorzieningen onder de RTB. Dit acht
ik ook niet wenselijk.
Budgettaire besluitvorming volgt op een regulier moment, in dit geval de voorjaarsnota
2026 (of de formatie). Het is evenwel belangrijk dat de IND en andere uitvoerders
voorbereiding kunnen treffen. Met de uitvoeringstoetsen in beeld bezien we met een
integraal beeld en in de grote plaat welke wijze van dekking redelijkerwijs het meest
passend is gezien de budgettaire opgave.
Informatievoorziening naar ontheemden, medeoverheden en de samenleving (terugkeer
& verblijf)
Om ontheemden, medeoverheden en de samenleving te informeren is een communicatiestrategie
uitgewerkt die uitgaat van één consistente en herkenbare boodschap in alle communicatie-uitingen.
Vanuit die basis wordt helder en toegankelijk gecommuniceerd over het terugkeerbeleid
en het transitiedocument. We werken daarbij met een gefaseerde aanpak met ruimte voor
interactie en feedback. Medeoverheden worden gelijkwaardig betrokken en ondersteund,
gezien hun sleutelrol in uitvoering en het bereiken van ontheemden. Ook stakeholders,
waaronder maatschappelijke organisaties en sleutelfiguren uit de Oekraïense gemeenschap,
worden actief betrokken.
SEO-rapport «Economische bijdrage van ontheemden uit Oekraïne in Nederland»
Als onderdeel van de verkenning die het kabinet uitvoert naar de periode na afloop
van de RTB, heeft het Ministerie van AenM aan onderzoeksbureau SEO Economisch Onderzoek
gevraagd een inventarisatie te doen van de economische bijdrage van ontheemden uit
Oekraïne in Nederland. Het rapport laat de huidige situatie en de toekomstige economische
bijdrage bij verschillende vormen van verblijf ten aanzien van duur van verblijfsrecht
en voorzieningen zien.
Uit de analyse blijkt dat circa 70% van de ruim 120.000 ontheemden in Nederland tot
de beroepsbevolking behoort, waarvan 64% ook daadwerkelijk werkt. Zij zijn vooral
werkzaam in handel, horeca en via uitzendwerk. Hun bijdrage aan het nationaal inkomen
wordt voor 2024 geschat op 3,5 mld. euro (0,36%).
De studie laat zien dat meer zekerheid over verblijfsrecht de arbeidsparticipatie
en economische bijdrage vergroot. Scenario’s met tijdelijke vergunningen van meerdere
jaren leiden tot hogere participatie en opbrengst, terwijl jaarlijkse verlenging juist
een remmend effect heeft. Daarnaast spelen taalvaardigheid en de mismatch tussen arbeidsmarkt
en opleiding/ervaring een rol als belemmering. De bevindingen bevestigen het belang
van de ingezette lijn rond de tijdelijke transitievergunning en bieden aanknopingspunten
voor beleid dat inzet op zelfredzaamheid en participatie. Voor de uitgebreide analyse
verwijs ik u naar het bijgevoegde rapport van SEO.
WODC-rapport «Meer dan een dak»
Op 25 september heeft het WODC het rapport «Meer dan een dak» gepubliceerd. Dit rapport
is een verdiepende studie in het kader van het Longitudinaal Onderzoek Cohort Oekraïense
Vluchtelingen (LOCOV). Het doel van het LOCOV is om meer inzicht te verkrijgen in
de maatschappelijke positieverwerving van Oekraïense vluchtelingen in de eerste jaren
na aankomst in Nederland, verschillen met andere vluchtelingengroepen, en factoren
die de positieverwerving belemmeren dan wel bevorderen. In november 2024 verscheen
eerder een beschrijvende studie «Tijdelijk thuis» in het kader van het LOCOV.12
Het onderzoek «Meer dan een dak» gaat in op de positie van ontheemden op de arbeidsmarkt,
mentale gezondheid, sociale insluiting en de verblijf- en terugkeerintenties. Het
onderzoek probeert verschillen op deze thema’s te verklaren en stelt de wijze waarop
een ontheemde wordt opgevangen centraal. Het effect van de opvang op de verschillende
genoemde thema’s varieert. Anders dan door de onderzoekers wordt verwacht, zijn ontheemden
in gastgezinnen bijvoorbeeld minder vaak aan het werk dan ontheemden in de GOO, tegelijkertijd
dragen privacy en ondersteuning (zowel bij gastgezinnen als bepaalde type gemeentelijke
opvang) in positieve zin bij aan de mentale gezondheid van ontheemden. Voor gastgezinnen
geldt eveneens dat kenmerken die daar vaak voorkomen, zoals het contact met Nederlanders,
meer eigen voorzieningen en minder kans op discriminatie, een positief effect hebben
op de sociale insluiting van ontheemden, maar dat dit ook geldt voor gemeentelijke
opvanglocaties met die kenmerken. De opvangsituatie blijkt geen effect te hebben op
verblijfsintenties, wel spelen andere factoren zoals de veiligheid in de regio van
herkomst, sociale insluiting en persoonlijke omstandigheden een rol bij de verblijfsintenties
van ontheemden.
Het LOCOV biedt, juist vanwege de unieke positie van de groep ontheemden uit Oekraïne,
waardevol inzicht in zowel de positie van ontheemden als verschillen met andere groepen
vluchtelingen. Inzichten uit dit rapport en het LOCOV-project ten aanzien van de ontheemden
uit Oekraïne vormen een waardevolle bron van informatie bij de beleidsvorming rond
deze groep, zowel gedurende de looptijd van de RTB als het beleid op de lange termijn.
Dit najaar vindt de dataverzameling voor de tweede wave van het onderzoek plaats.
Dat betekent dat naar verwachting voor de zomer van 2026 een beschrijvende studie
op basis van de tweede wave gepubliceerd zal worden. Vanzelfsprekend zal ik uw Kamer
hierover blijven informeren.
Rapport instituut Clingendael «Geen weg terug? Oekraïense ontheemden tussen hoop en
realiteit»
Op 7 november 2025 heeft instituut Clingendael het rapport «Geen weg terug? Oekraïense
ontheemden tussen hoop en realiteit» gepubliceerd. Dit onderzoeksrapport betreft een
rapportage in een reeks onderzoeken naar de beschermingsopdracht van Nederland ten
aanzien van ontheemden uit Oekraïne. In deze reeks onderzoekt Clingendael de ontwikkelingen
op het gebied van migratie-intenties en terugkeermogelijkheden naar Oekraïne, doormigratie
binnen de Europese Unie en vestiging in en terugkeer vanuit Nederland. Voor het rapport
verwijs ik u naar het bijgevoegde rapport van Clingendael.
Naar verwachting volgt de volgende publicatie van Clingendael ten aanzien van de ontheemden
uit Oekraïne aan het begin van 2026.
Tot slot
Ik vertrouw erop uw Kamer inzicht te hebben gegeven in de aanpak op de langere termijn.
Een aanpak die aansluit op de afspraken die we in EU verband over de exit-strategie
uit de tijdelijke bescherming hebben gemaakt. En vooral een aanpak die het bereiken
van de doelstellingen van het langetermijnbeleid mogelijk maakt. Ik ben voornemens
uw Kamer rond de jaarwisseling te informeren over de voortgang.
De Minister voor Asiel en Migratie, M.C.G. Keijzer
Indieners
-
Indiener
M.C.G. Keijzer, minister voor Asiel en Migratie