Brief regering : Verslag van de Raad Algemene Zaken van 19 november 2019
21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken
Nr. 2092
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 25 november 2019
Hierbij bied ik u het verslag aan van de Raad Algemene Zaken van 19 november 2019.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
S.A. Blok
VERSLAG RAAD ALGEMENE ZAKEN 19 NOVEMBER 2019
Meerjarig Financieel Kader 2021–27 (MFK)
De Raad is enkel ingegaan op het proces van de MFK onderhandelingen, op basis van
het werkprogramma van het Finse voorzitterschap richting de Europese Raad (ER) op
12–13 december as. Het voorzitterschap heeft aangegeven dat de presentatie van een
nieuwe «negotiation box» (NB) inclusief cijfers eind november verwacht kan worden.
Dit voorstel zal vervolgens besproken worden in de RAZ en de ER van december. Lidstaten
hebben geen interventies gepleegd.
Tevens wees het voorzitterschap op de informele ontbijtsessie met leden van het Europees
Parlement (EP) voorafgaand aan de bespreking in de RAZ. Tijdens de korte sessie heeft
het voorzitterschap een procedurele toelichting gegeven. Het belang van de samenwerking
met het EP werd ook onderstreept, vanwege zijn rol in het goedkeuringsproces van het
MFK-akkoord. Het EP houdt vast aan een hoger ambitie niveau voor het MFK-plafond en
de wens voor nieuwe eigen middelen.
De inzet van het kabinet is gericht op een modern en financieel houdbaar MFK dat de
lasten eerlijk verdeelt. De kabinetsappreciatie van de Commissievoorstellen (Kamerstuk
21 501-20, nrs. 1349 en 1379) en de relevante BNC-fiches vormden de basis voor de Nederlandse inbreng. De kwaliteit
van het akkoord staat daarbij boven de snelheid van het onderhandelingsproces. Wanneer
de nieuwe versie van de «negotiation box» beschikbaar is zal het kabinet Uw Kamer
hiervan een appreciatie toezenden.
Voorbereiding Europese Raad 12–13 december
De Raad Algemene Zaken sprak over de agenda van de Europese Raad van 12–13 december.
Daarop staat onder anderen een discussie over de EU lange termijn strategie voor klimaat,
een bespreking van de onderhandelingen over het Meerjarig Financieel Kader, en overige
punten waaronder buitenlandbeleid. Deze agenda kon op instemming rekenen van de lidstaten.
Een grote groep lidstaten, waaronder Nederland, steunde het bereiken van een akkoord
op de klimaatneutraliteitsdoelstelling in 2050. Een aantal lidstaten wees daarbij
op het belang van een inclusieve transitie, waarbij geen enkele lidstaat mag achterblijven.
Meerdere lidstaten wezen in het verlengde daarvan op het verband tussen de klimaatafspraken
en de onderhandelingen over het MFK. Verscheidene lidstaten wezen op het belang van
een goede voorbereiding van de volgende EU-AU top. Ook riep een lidstaat op tot het
houden van een Eurotop.
Institutionele samenwerking en meerjarige planning
Tijdens een lunchbespreking besprak de Raad de institutionele samenwerking in de komende
legislatuur en de wetgevende plannen voor dezelfde periode. Nederland heeft hierbij
verwezen naar uitkomsten van de Nederlandse burgerconsultaties 2018. Hieruit bleek
dat het Nederlands publiek de speerpunten van de Commissie steunt. Daarbij gaf Nederland
ook aan dat het Nederlandse publiek vooral concrete resultaten verwacht van de Europese
samenwerking. Een aantal landen bracht het belang van het versterken van de interne
markt op. Andere lidstaten benadrukten het belang van het verder ontwikkelen van de
sociale pijler. Tot slot kwam het idee voor een congres over de toekomst van Europa
kort aan de orde.
Evaluatie van de jaarlijkse rechtsstatelijkheidsdialoog
De bespreking in de Raad Algemene Zaken startte met een openbare gedachtewisseling
met de directeur van het EU-Grondrechtenagentschap (FRA) waarbij hij inging op de
versterking van de Rule of Law. Zes lidstaten, waaronder Nederland, en de Commissie,
mengden zich actief in de discussie. Zij ondersteunden het werk van het FRA, omdat
dit bijdraagt aan een het versterken van rechtsstatelijke waarborgen in de Unie. Deze
lidstaten grepen deze publieke gedachtewisseling ook aan om hun steun uit te spreken
voor de conclusies die het voorzitterschap had voorbereid over de evaluatie van de
rechtsstatelijkheidsdialoog. Vervolgens werd in een besloten bespreking verder gesproken
over deze conclusies. De rechtsstatelijkheidsdialoog werd in december 2014 onder Italiaans
Voorzitterschap in het leven geroepen, mede op aandringen van Nederland. Bij de eerste
evaluatie in 2016 werd afgesproken de dialoog in 2019 wederom te evalueren. Er bleek
tijdens de bespreking geen consensus te zijn over de concept-raadsconclusies. Deze
gaan uit van een omvorming van de dialoog van de tot nu toe gebruikelijke thematische
discussies naar een «stock taking» exercitie op basis van de jaarlijks te verschijnen
Commissierapporten die zullen worden gepubliceerd in het kader van de toetsingscyclus
voor de rechtsstaat die de Commissie in haar recente mededeling van 17 juli aankondigde.
De Commissie benadrukte dat deze conclusies een evenwichtige en constructieve reactie
vormen op de Commissie-mededeling en gaf aan dat zij voornemens is volgend jaar herfst
het eerste «Rule of Law» rapport uit te brengen. Twee lidstaten konden deze raadsconclusies
niet steunen waardoor het voorzitterschap voorzitterschapsconclusies aangenomen heeft
die gesteund worden door 26 van de lidstaten, waaronder Nederland. Nederland heeft
zich tijdens de bespreking opnieuw uitgesproken voor een versterking van het rechtsstatelijkheidsinstrumentarium
van de Unie. Dit vanwege het fundamentele belang van een goed functionerende rechtsstaat,
maar ook vanwege de noodzaak hiervan voor de goede werking van de Europese samenwerking
op terreinen als de interne markt en justitie. Nederland heeft daarom de voorstellen
van het Voorzitterschap om de jaarlijkse dialoog om te vormen tot een jaarlijkse bespreking
op basis van de Commissierapporten actief gesteund. Ook heeft Nederland steun uitgesproken
voor een voortzetting van het werk aan het door België en Duitsland, in samenwerking
met Nederland, voorgestelde peer review mechanisme.
Uitbreiding
Op verzoek van een aantal lidstaten sprak de Raad over uitbreiding. EU-lidstaten herbevestigden
het EU-perspectief van de Westelijke Balkan-landen en riepen deze landen op de hervormingen
onverkort voort te zetten. Daarnaast was er ruime steun van EU lidstaten, waaronder
van Nederland, voor een oproep aan de Commissie om voorstellen uit te werken voor
de herziening van de uitbreidingsmethodologie. De nieuwe Commissie zal begin volgend
jaar ideeën hieromtrent presenteren. Nederland heeft hierbij aangegeven dat rechtsstaatshervormingen
een meer centrale plaats dienen in te nemen in de onderhandelingen en dat voortgang
in het uitbreidingsproces afhankelijk moet worden van de geboekte voortgang op rechtsstaatsterrein.
Nederland heeft gepleit voor het faseren en omkeerbaar maken van het proces om dit
te bewerkstelligen.
Een groot aantal lidstaten herhaalde tevens het streven om spoedig de toetredingsonderhandelingen
met Noord-Macedonië en Albanië te starten. Een aantal lidstaten, waaronder Nederland,
heeft in dit verband het belang van verdere hervormingen onderstreept en aangegeven
dat voorafgaand aan een volgende bespreking door de Raad van de aanbevelingen van
de Commissie over het starten van de onderhandelingen met Albanië en Noord-Macedonië
nadere rapportage van de Commissie nodig is over de geboekte voortgang in deze landen
sinds het rapport van de Commissie van mei jl.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.A. Blok, minister van Buitenlandse Zaken