Plenair verslag Tweede Kamer, 10e vergadering
Dinsdag 10 oktober 2017

  • Begin
    14:00 uur
  • Sluiting
    15:41 uur
  • Status
    Gecorrigeerd

Opening

Voorzitter: Arib

Aanwezig zijn 146 leden der Kamer, te weten:

Van Aalst, Agema, Amhaouch, Arib, Arissen, Van Ark, Asscher, Azarkan, Azmani, Baudet, Becker, Beckerman, Beertema, Belhaj, Van den Berg, Bergkamp, Bisschop, Van den Bosch, Martin Bosma, Bosman, Bouali, Van Brenk, Ten Broeke, Bruins, Bruins Slot, Buitenweg, Van Dam, Dekker, Diertens, Tony van Dijck, Gijs van Dijk, Jasper van Dijk, Dijkgraaf, Dijkhoff, Dijksma, Pia Dijkstra, Remco Dijkstra, Dik-Faber, Diks, Van Eijs, El Yassini, Ellemeet, Van Engelshoven, Fritsma, Futselaar, Gerbrands, Geurts, De Graaf, Grashoff, Graus, De Groot, Groothuizen, Van Haersma Buma, Harbers, Pieter Heerma, Helder, Van Helvert, Hermans, Hiddema, Hijink, Van den Hul, Jetten, De Jong, Karabulut, Keijzer, Van Kent, Klaver, Knops, Koerhuis, Kooiman, Koolmees, Koopmans, Kops, Kröger, Krol, Kuik, Kuiken, Kuzu, Kwint, Laçin, Van der Lee, Leijten, Van der Linde, Lodders, Madlener, Maeijer, Marijnissen, Markuszower, Von Martels, Van Meenen, Middendorp, Van der Molen, Agnes Mulder, Anne Mulder, Edgar Mulder, Nijboer, Nijkerken-de Haan, Van Nispen, Van Ojik, Omtzigt, Van Oosten, Ouwehand, Özdil, Öztürk, Özütok, Paternotte, Pechtold, Peters, Popken, Van Raak, Van Raan, Raemakers, Roemer, Rog, Ronnes, Van Rooijen, De Roon, Arno Rutte, Mark Rutte, Sazias, Schouten, Segers, Sjoerdsma, Van der Staaij, Tellegen, Thieme, Van Tongeren, Van Toorenburg, Van Veldhoven, Verhoeven, Visser, Voordewind, Voortman, Aukje de Vries, Wassenberg, Van Weerdenburg, Westerveld, Weverling, Van Weyenberg, Wiersma, Wilders, Wörsdörfer, Van 't Wout, Yeşilgöz-Zegerius, Ziengs en Zijlstra,

en de heer Kamp, minister van Economische Zaken, de heer Plasterk, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en mevrouw Schippers, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

De voorzitter:
Ik heet de mensen op de publieke tribune van harte welkom.

Vragenuur

Vragenuur

Aan de orde is het mondelinge vragenuur, overeenkomstig artikel 136 van het Reglement van Orde.


Vragen Agema

Vragen van het lid Agema aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het bericht dat de onderhandelingen over het levensreddende weesgeneesmiddel Orkambi voor 750 taaislijmziektepatiëntjes opnieuw is geklapt.

De voorzitter:
Aan de orde zijn de mondelinge vragen. We beginnen met de vraag van mevrouw Agema namens de PVV aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, die ik ook van harte welkom heet. Het woord is aan mevrouw Agema.

Mevrouw Agema (PVV):
Voorzitter. Terwijl iedereen op dit moment druk bezig is met het lezen van het regeerakkoord en het voorbereiden van reacties daarop staan wij hier vanwege het verdrietige feit dat de onderhandelingen over het weesgeneesmiddel Orkambi vorige week zijn afgebroken. Orkambi is een spectaculair geneesmiddel voor kinderen en jongeren die lijden aan cystic fibrosis, taaislijmziekte. Het zorgt ervoor dat het gendefect daadwerkelijk wordt opgeheven. Dat is zo spectaculair dat kinderen en jongeren in Duitsland, Ierland, Denemarken, Luxemburg, Oostenrijk en Amerika dat geneesmiddel krijgen. Behalve in ons land, want de minister heeft de onderhandelingen opnieuw afgebroken.

En dat terwijl dit middel, dat de levens van deze jonge mensen spectaculair verbetert, in december 2015 al is toegelaten. Dus al bijna twee jaar krijgen deze zieke patiënten dit middel niet. Voor 800 jongeren is dit middel een zegen in een heel moeilijk leven, waarbij de longen altijd haperen.

Wij kunnen hier met onze pet niet bij en wij vragen de minister hierbij dan ook om uitleg. Waarom zijn de onderhandelingen met haar over het middel Orkambi opnieuw stukgelopen?

De voorzitter:
Het woord is aan de minister.

Minister Schippers:
Voorzitter. Taaislijmziekte is een verschrikkelijke rotziekte. Steeds moeilijker ademhalen, steeds benauwder, problemen met je darmen, niet goed groeien, weten dat je nooit beter wordt. Echt verschrikkelijk. Het geeft een gevoel van machteloosheid. Het is een slopende ziekte.

Overigens is Orkambi een geneesmiddel dat is geregistreerd voor boven de 12 jaar. Maar als een farmaceutisch bedrijf dan een medicijn in handen heeft dat verlichting geeft, dan wil je natuurlijk maar één ding: hier met dat medicijn. Patiënten willen dat, u wilt dat en ik wil dat. Vertex heeft zo'n medicijn. Dit geeft Vertex een enorme machtspositie. Het geeft dat bedrijf de mogelijkheid om een torenhoge prijs te vragen voor dat medicijn. Een prijs waarvan wij niet mogen weten of die in verhouding staat tot de ontwikkelkosten.

Dat geld wordt niet aan mij gevraagd. Nee, dat wordt aan de samenleving gevraagd, aan u en aan alle premiebetalers. We betalen de zorg samen. Ik zou niets liever willen dan dit medicijn beschikbaar stellen aan onze patiënten. Natuurlijk willen we dat allemaal, maar tegen welke prijs? Laten we ons chanteren?

Wat betekent dit eigenlijk voor de toekomst, nu er steeds meer nieuwe geneesmiddelen op de markt komen tegen exorbitante bedragen? Die bedragen worden niet gevraagd omdat het moet, maar gewoon omdat het kan, omdat er geen alternatief en geen concurrent is. Zijn wij bereid die bedragen op tafel te leggen en ten koste van welke andere zorg gaat het dan? Het is vreselijk dat wij onszelf deze vragen moeten stellen.

Voorzitter. Ik kan u vertellen, ik lig daar letterlijk wakker van. Het besluit om Orkambi niet op te nemen in het basispakket is niet zomaar genomen. Het Zorginstituut Nederland heeft goed onderzocht wat de meerwaarde van Orkambi is. Zij oordeelt dat de resultaten betrekkelijk bescheiden zijn tegen veel te hoge kosten.

Voorzitter. Ik vind het verschrikkelijk dat we er niet uitkomen en ik begrijp dan ook heel goed dat patiënten boos zijn, dat ouders van patiënten boos zijn. Ik ben zelf ook boos, omdat dit onmogelijke dilemma er niet zou hoeven zijn als deze fabrikant zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid zou nemen. Het is ook niet zo dat alle landen Orkambi zomaar vergoeden. Om precies te zijn, Orkambi wordt vergoed in zeven Europese landen. En al die andere Europese landen zitten met precies dezelfde dilemma's en in precies dezelfde onderhandelingen als wij. Al die collega-instituten van het Zorginstituut Nederland hebben gelijke oordelen over de werkzaamheid en de prijs van Orkambi.

Mevrouw Agema (PVV):
Het verschil met die andere landen is alleen dat de kinderen en jongeren nu eerst het middel krijgen en de ministers daarna een robbertje gaan vechten met de fabrikant. Maar in ons land krijgen kinderen al bijna twee jaar het medicijn niet. Ik ken deze kinderen al heel lang, voorzitter. In 2014 was ik op een bijeenkomst. Toen was er alleen nog maar hoop. Uit die hoop is een concreet middel gekomen dat levens redt en dan zegt de minister: ik wil het wel vergoeden, maar dat kan niet, want de prijs is te hoog. Nee, voorzitter, deze minister wil niet vergoeden, deze minister wil een politiek punt maken over de rug van doodzieke kinderen. De minister zei vorige week of de week ervoor dat ze bij wijze van spreken al met haar tasje bij de bushalte stond te wachten op de bus. Ik zou tegen de minister willen zeggen: hol terug naar het ministerie en zet het recht! Zorg ervoor dat deze kinderen eerst het medicijn krijgen. Het is een beslag van 60 tot 80 miljoen euro, terwijl er volgend jaar weer 37.000 asielzoekers binnenkomen en alles gratis krijgen, gratis zorg en noem maar op. Dat gaat miljarden kosten. Maar deze 800 kinderen kunnen een leven krijgen, gaan studeren. Ze hoeven dan niet meer in het ziekenhuis te liggen in een cabine en hoeven niet meer niet met hun vriendjes en vriendinnetjes om te gaan omdat ze elkaar kunnen besmetten.

Voorzitter. Ik zeg tegen de minister: hol terug naar het ministerie en zet dit recht. Ga eerst vergoeden en laat uw opvolger een robbertje vechten met de fabrikant.

Minister Schippers:
Voorzitter, het is niet zo dat patiënten buiten de zeven landen waar het wordt vergoed, toegang hebben tot Orkambi. Dat is onjuist. Wat ook onjuist is, is dat het over heel jonge kinderen gaat, want het geneesmiddel is geregistreerd voor boven de 12. Daarbij wil ik zeggen dat ik het echt onbegrijpelijk vind dat mij de maat wordt genomen omdat wij het geneesmiddel niet vergoeden en dat ik hier met geen woord iets hoor over een fabrikant die exorbitante prijzen vraagt waarvan niet alleen het Zorginstituut, maar ook collega-instituten over heel Europa — verdorie: over de wereld! — zeggen dat deze prijs niet in verhouding staat tot de ontwikkelkosten. Het staat niet in verhouding tot wat die fabrikant er gewoon al mee verdient. Dan kunt u zeggen dat het aan mij ligt en dat ik de keuze heb. Nee, de fabrikant heeft een keuze. Die verkoopt geen koekjes, die verkoopt medicijnen. Het is niet de enige fabrikant die medicijnen verkoopt. Ik kan u vertellen dat er medicijnen in de pijplijn zitten waarbij het niet zoals hier om kwaliteit van leven gaat, maar waarbij het over leven en dood gaat, waarvoor ook zulke hoge prijzen worden gevraagd. Dit gaat niet het laatste debat worden. Er komt een reeks aan medicijnen achteraan waarbij we voor hetzelfde dilemma zullen staan. Betalen wij wat een fabrikant vraagt? Dan moeten we dat doen, maar dan gaat het ons allemaal zo veel geld kosten dat het onhoudbaar is. Of zeggen we: nee, we hebben een systeem waarin we een Zorginstituut hebben dat onderzoekt wat de therapeutische meerwaarde is en wat dit geneesmiddel doet voor de patiënt? Doet het een beetje? Doet het heel veel? Is het levensreddend of niet? De prijs is afhankelijk van die therapeutische meerwaarde. Dus hoe meer het medicijn doet voor een patiënt, hoe hoger de prijs kan zijn die wij als samenleving voor zo'n geneesmiddel opbrengen. Ik vind het echt te populistisch om hier te zeggen dat ik persoonlijk deze kinderen — mensen van boven de 12; ook erg — in de kou zou laten staan, terwijl wij er afgelopen zomer alles aan hebben gedaan om met deze fabrikant tot een vergelijk te komen. We hebben het Zorginstituut opnieuw aan het werk gezet. We hebben gekeken naar een organoïdetest en wat het zou betekenen als dit zou werken. We hebben alles uit de kast getrokken, maar wij kunnen nou eenmaal niet datgene wat monopolisten — want er is geen enkele concurrentie — aan ons vragen, automatisch overmaken op hun bankrekening.

Mevrouw Agema (PVV):
De minister neemt het woord populist in de mond, terwijl ze hier zelf een politiek punt staat te maken over de rug van doodzieke kinderen. Inderdaad, kinderen, want met cystic fibrosis word je geboren. Je wordt geboren met die longen vol met slijm. Niet naar school kunnen, niet buiten kunnen spelen. Inderdaad hebben we het nu nog over toelating vanaf 12 jaar, maar op zeer korte termijn wordt het een toelating vanaf 6 jaar. Dan gaat het wel degelijk om heel jonge kinderen die straks wel naar school kunnen, en dan houdt deze minister de hand op de knip voor 60 tot 80 miljoen. Daarvan zouden 800 kinderen in ons land een leven kunnen krijgen. Maar nee, voorzitter, hier moet een politiek punt worden gemaakt. Ik roep de minister nogmaals op: ga terug naar het ministerie, zet het recht en laat uw opvolger vechten met de fabrikant over de prijs. Want wij weten allemaal de prijs niet. Als de minister meer weet over de prijs, moet zij dat met de Kamer delen. Wij weten allemaal dat Duitsland al voor een veel lagere prijs dan Nederland het middel krijgt. Met het Zorginstituut heb ik ook nog wel een appeltje te schillen. Als een bureaucraat achter een bureau daar zegt "dat middel is te duur" ... dat kan toch niet? Waarom zet hij daar de kosten voor al die ziekenhuisopnames niet tegenover, of dat die kinderen geen leven hebben? Waarom zitten wij in een situatie dat een bureaucraat bij het Zorginstituut bepaalt dat kinderen een middel niet krijgen dat de arts noodzakelijk vindt? Het gaat om een middel dat bewezen effectief is. Het is niet alleen bewezen effectief, maar spectaculair effectief. Het neemt het gendefect weg. Het is geen symptoombestrijder. Dit is waar ouders en kinderen zo lang op gehoopt hebben. Het is al beschikbaar sinds december 2015. Al bijna twee jaar wordt er gerekt.

Minister Schippers:
Niets is gemakkelijker voor mij dan om te tekenen bij het kruisje. U weet namelijk helemaal niet voor welk bedrag ik teken. Niets is makkelijker dan om te denken: ik ga in mijn laatste weken dit dilemma uit de weg en ik teken gewoon bij het kruisje. Dat doe ik niet, omdat ik het juist in het belang vind van deze patiënten en andere patiënten die daarna komen, dat wij het betaalbaar houden. En ja, ik kan u inzicht geven in mijn laatste bod, want het is niet geaccepteerd. Dat is ook zo iets: dat wij alleen maar deals kunnen sluiten waarbij wij ervoor moeten tekenen van de fabrikant dat wij er niet over spreken.

Wat was nu het laatste bod? Daar kan ik het volgende over zeggen. Zorginstituut Nederland had in zijn advies aan mij aangegeven dat de prijs met 82% zou moeten dalen om daadwerkelijk in verhouding te zijn met de therapeutische meerwaarde van dit geneesmiddel, wat men als beperkt beschouwt. Mijn laatste bod is gebaseerd op een aantal patiënten. Als alle 750 patiënten het middel zouden krijgen, zouden wij bereid zijn om 46 miljoen per jaar te betalen, dat wil zeggen een prijskorting van 63%. Dan zou het middel wel bij al die patiënten moeten werken. Je kunt je afvragen of dat waarschijnlijk is, want het middel heeft bijwerkingen en wij weten al dat het bij sommige patiënten niet gaat werken. Wij hebben gezegd dat bij lagere patiëntenaantallen ook lagere kortingspercentages werden geaccepteerd. Wij hebben bijvoorbeeld bij 444 patiënten een kortingspercentage van 54% geaccepteerd. Als de organoïdetest van het Hubrecht Instituut beschikbaar zou komen, heb ik daarvoor 10% bonus in het vooruitzicht gesteld, terwijl de fabrikant hieraan geen euro heeft hoeven bij te dragen of te investeren.

Dan het bredere plaatje. Als mijn aanbod was geaccepteerd, zou Orkambi, waarvan Zorginstituut Nederland heeft geconcludeerd dat het betrekkelijk bescheiden effecten heeft, in de top 20 duurste geneesmiddelen staan, met 750 patiënten. Voor andere geneesmiddelen in de top 20 qua geld gaat het soms om duizenden patiënten. Ons bod kent een bandbreedte tussen de 34 en 46 miljoen euro, afhankelijk van het aantal patiënten. Dat betekent voor de fabrikant alleen voor de Nederlandse markt een vast inkomen van 34 tot 46 miljoen euro. Als je dat extrapoleert naar alle landen, moet je kijken wat de opbrengst is voor zo'n fabrikant. Blijkbaar is die opbrengst voor deze fabrikant nog steeds niet genoeg.

De voorzitter:
Mevrouw Agema, een heel korte vraag.

Mevrouw Agema (PVV):
Ik neem aanstoot aan één feitelijk punt, namelijk dat de minister steeds herhaalt dat er sprake is van een zeer gering effect volgens het Zorginstituut Nederland. Dat gaat niet over de werking van het middel, maar over de kosten van het middel. Ik wil expliciet rechtgezet hebben dat het middel het gendefect wegneemt en een spectaculair resultaat heeft.

Minister Schippers:
Letterlijk geciteerd heeft het Zorginstituut geconcludeerd dat het een bescheiden effect heeft.

Mevrouw Agema (PVV):
Financieel!

Minister Schippers:
Niet financieel. Financieel heeft het een enorme impact. Als ik meteen bij het kruisje had getekend, wat u zou willen, had ik €170.000 per patiënt betaald en 125 miljoen per jaar. Tekenen bij het kruisje? dan kom je dus nooit meer in een positie dat je die medicijnen betaalbaar maakt.

De heer Arno Rutte (VVD):
Ik denk dat wij hier Kamerbreed de diepe teleurstelling delen voor de patiënten met CF, omdat de onderhandelingen tot tweemaal toe zijn geklapt en dit middel nu niet beschikbaar komt. Als ik de bedragen hoor die de minister bereid was te betalen, tot 46 miljoen euro, dan wijs ik erop dat de topman van Vertex alleen al een topsalaris heeft gehad van 45 miljoen euro. Dat was dat hele budget. Het is inmiddels verlaagd naar 17 miljoen euro. Laat ik als liberaal nog een keer zeggen dat ik het werkelijk schaamteloos vind dat dit soort bedragen alleen al aan salaris verdwijnen, waarvan graag akte.

Ik heb ook een vraag. De patiëntenvereniging is heel begrijpelijk zeer teleurgesteld, maar zegt wel dat in de meting van de effectiviteit te veel wordt gekeken naar de longfunctie en te weinig naar het herstellende effect van dit middel. Kan de minister even inzoomen op de manier waarop de effectiviteit wordt gewogen door het Zorginstituut?

Minister Schippers:
Het Zorginstituut meet de effectiviteit op basis van de data die hun ter beschikking staan. Zij hebben die meting op mijn verzoek overgedaan, want ik hoopte maar dat die beter zou worden. Ik hoopte ook dat als wij die organoïdetest zouden hebben, het steeds beter zou worden. Dat is ontzettend tegengevallen. Ik ben politicus. Ik moet vertrouwen op het Zorginstituut Nederland, waar onze deskundigen onderzoek naar kosteneffectiviteit en therapeutische meerwaarde doen. Ik zou ernstig aan het twijfelen slaan als andere landen tot totaal andere conclusies waren gekomen, maar dat is niet zo. Al hun collega-instituten hebben vergelijkbare analyses gedaan. Ik heb het er dus mee te doen, hoe graag ik ook zou willen dat het anders zou uitpakken.

Mevrouw Kooiman (SP):
Ik vind het wel mooi. Ik hoor hier twee VVD'ers roepen dat gemeenschapsgeld naar de gemeenschap hoort te gaan en dat we deze patiënten moeten helpen. Ik hoor de minister ook zeggen dat het eigenlijk boeven zijn, omdat ze geld in hun eigen zakken steken in plaats van hun maatschappelijke plicht te pakken om patiënten daadwerkelijk te helpen. Kunnen we elkaar helpen? Kan de minister in ieder geval inzicht geven in hoe die onderhandelingen zijn gegaan en hoeveel winst Vertex maakt over de ruggen van deze patiënten? Kan zij haar collega's in Europa oproepen om hetzelfde te doen?

Minister Schippers:
Er is helemaal geen sprake van een markt. Er is een monopolist. Er is één fabrikant die het heeft. Daar moet je maatregelen tegen nemen. Het is niet voor niks dat ik zo'n internationale agenda heb. Ik heb er in de afgelopen jaren veel tijd aan besteed om landen met mij mee te krijgen. Laten we samen onderhandelen. Laten we naar elkaar toe transparant zijn: wat betaal jij en wat betaal jij? Maar het is niet alleen dat. Laten we eens kijken naar het patentsysteem in Europa, waarbij weesgeneesmiddelen soms meer dan twintig jaar het alleenrecht krijgen en geen enkele fabrikant er een geneesmiddel bij kan maken waardoor je concurrentie krijgt. Dat gebeurt gelukkig nu, maar dat gaat traag. Heel veel landen denken daar anders over, ofwel omdat die industrieën bij hen binnen de grenzen staan, ofwel omdat zij een andere afweging maken. Maar het groeit wel. Steeds meer fabrikanten en steeds meer landen zien dat dit een onhoudbare situatie is. Natuurlijk is het beleid altijd geweest dat van iedere euro zo veel mogelijk naar zorg moet gaan wanneer dat kan. De overheid is nu afhankelijk van een particuliere monopolist, niet eens in Nederland maar vaak in de Verenigde Staten of het Verenigd Koninkrijk. Ik knok er echt al jaren voor dat wij die machtsbalans eens anders maken, zodat wij als overheden wat sterker staan.

Wat de openbaarheid betreft, heb ik u mijn laatste bod gegeven. Ik weet niet wat de ontwikkelkosten zijn. Wist ik het maar. Ik kan het niet afdwingen. Vertex zit in de Verenigde Staten. Ik weet niet wat zij precies aan ontwikkelkosten en andere kosten hebben. Dat inzicht zou ik nu juist krijgen. Krijg ik dat inzicht van de fabrikant, zwart-op-wit controleerbaar, en blijkt daaruit dat het geneesmiddel heel erg in balans is, dan wordt het anders. Dan kun je zeggen: oké, het was heel erg duur om het te ontwikkelen. Maar ja, als ik nu kijk naar wat er niet alleen verdiend wordt, maar ook wat er voor omzetten gedraaid worden, dan kunnen we allemaal op onze vingers natellen dat daar veel lucht tussen zit of dat geld verdwijnt waar we dat liever niet zouden zien.

Mevrouw Bergkamp (D66):
Dank u wel, voorzitter. Dit is een heftig verhaal en een duivels dilemma voor deze minister. Ik ben er heel erg blij mee dat ze de strijd heeft gevoerd en dat ze daar ook enige transparantie in heeft, maar het is natuurlijk voor de mensen die het betreft vreselijk. Volgens mij — de heer Rutte zei dat ook — delen we dat allemaal. Ik wil nog één vraag stellen aan de minister om er zeker van te zijn dat we alles hebben gedaan op dit dossier onder haar bewindsvoering, zodat we daar achteraf in elk geval geen discussie meer over hebben. Ik snap dat de minister zegt dat ze vertrouwen heeft in het Zorginstituut. Ik vind dat we dat ook moeten hebben. Het is te makkelijk om te zeggen dat ze het verkeerd hebben gedaan. Aan de andere kant zien we dat er zes landen zijn — bijna zeven, want Frankrijk heeft een speciale regeling — die het medicijn wel toegankelijk hebben gemaakt. Ze hebben een afweging gemaakt. Ze hebben aannames gedaan over de effectiviteit van het geneesmiddel en over de prijs. Is de minister bereid om met die landen nog één keer in conclaaf te gaan om te checken of de aannames die wij in Nederland hebben gedaan kloppen of dat er toch ook nog ontwikkeling in zou kunnen zitten?

Minister Schippers:
Ik heb dat al gedaan en ik weet dat onze aannames kloppen met die van hun instituten. Maar Duitsland laat, als er geen alternatief geneesmiddel is, automatisch een geneesmiddel toe, ongeacht de kosten. Dat betekent dat daar het geneesmiddel gewoon betaald wordt, omdat dat in het systeem zit. Die betalen dus gewoon die torenhoge bedragen. In sommige landen heb je zo'n systeem waarin het automatisch gaat en in andere landen hebben ze een advies gekregen. Kijk naar België, waar we samen mee onderhandeld hebben. Die kwamen zelfs hoger uit qua korting die wij moesten afdwingen. Ik heb wel gezegd — dat wil ik ook hier zeggen — dat als de fabrikant ergens zegt dat hij toch nog een beweging kan maken of dat hij wel die transparantie kan bieden, hij altijd welkom is op het ministerie. Dan gaan wij direct weer om de tafel zitten. Maar als jij niet met je prijs wilt zakken en je krijgt zulke gegarandeerde inkomsten, want Orkambi slik je voor het hele leven ...

Er komt overigens binnen een jaar waarschijnlijk nog een sterk verbeterde versie overheen, maar dat terzijde. Als de fabrikant zich bedenkt of denkt dat hij iets nieuws heeft, is hij altijd van harte welkom.

De voorzitter:
Tweede aanvullende vraag, mevrouw Bergkamp.

Mevrouw Bergkamp (D66):
Klopt, voorzitter. Dank u wel. Mijn vraag aan de minister was eigenlijk: hoe nu verder, kijkend naar deze patiënten? Ik ben blij dat de minister toch ook aangeeft dat er misschien een mogelijkheid is van een ander geneesmiddel, want mijn vraag aan haar zou zijn: hoe nu verder? Wat kunnen wij nog doen als Kamer en wat kan de opvolger daarin nog doen? Kan zij iets meer zeggen over het eventuele nieuwe geneesmiddel dat mogelijk effectiever is?

Minister Schippers:
Het nieuwe geneesmiddel. Er is een fabrikant die ook aan een geneesmiddel werkt. Dat zal langzamer gaan. Het nieuwe geneesmiddel dat er het dichtste bij zit, is van dezelfde fabrikant. Dus daar komen weer dezelfde gesprekken naar boven. De verwachting is alleen — dat weten we allemaal nog niet — dat de resultaten daarvan therapeutisch gezien groter zijn. Maar dat is allemaal in de toekomst kijken. Nu zitten we gewoon in de situatie dat we een fabrikant hebben die gewoon ongelofelijk veel geld verdient met een geneesmiddel waar geen alternatief voor is en dat we dat al dan niet met zijn allen betalen.

De heer Nijboer (PvdA):
Voorzitter. Het is heel begrijpelijk dat de emoties hier hoog oplopen, in de eerste plaats natuurlijk bij patiënten. Je zal maar afhankelijk zijn van zo'n medicijn en het nu niet krijgen, terwijl het wel werkt. Ik sta dus helemaal achter de emoties van mevrouw Agema, die begrijp ik helemaal. Maar ik sta ook achter de minister, want die farmaceuten misdragen zich gewoon over de rug van patiënten. Dat zie je hier in de praktijk. Dat ben ik met de minister eens. Tegelijkertijd ben ik het met mevrouw Agema eens dat we eigenlijk niet zouden moeten opgeven omwille van die patiënten, dus ik vraag de minister of zij bereid is om toch nog een uiterste poging te doen. Het is wel wat anders dan de aankoop van een huis, hè? Daar kom je niet uit, de prijs is niet goed en dan zeg je: ik had het zo graag gewild, maar nu wil ik het niet. Het gaat om een medicijn dat mensen nodig hebben. Is de minister bereid om alle mogelijkheden aan te grijpen om er toch nog uit te komen en inderdaad niet tegen woekerwinsten, maar wel op een manier waarop de patiënten de medicijnen krijgen die zij moeten hebben?

Minister Schippers:
Dat heb ik gedaan. Ik heb er nog wel even over gedaan, want voor de zomer heb ik deze onderhandelingen hervat. Ik heb dat gedaan. Als je kijkt naar wat het Zorginstituut Nederland heeft geadviseerd wat rationeel zou zijn, zie je dat ik veel verder ben gegaan. Zij adviseerden mij een verlaging van de prijs met 82% voor iedere patiënt, vanaf patiënt nummer 1. Ik zit, als ik iets over de helft van de patiënten zit, op de helft van de prijs. Dat is echt een substantieel verschil. Daar zou je me ook op kunnen aanspreken: wat heeft het voor zin om het Zorginstituut adviezen te laten geven als je ze niet helemaal volgt? Juist uit compassie met de patiënten ben ik zo ver gegaan. Met die laatste stap die wij hebben gezet en die moeilijk was, hebben wij echt gedacht de fabrikant zo'n mooi aanbod te hebben gedaan dat ze niet zouden kunnen weigeren. Toch doen ze dat. Wat u dus zou moeten vragen is: fabrikant, waarom bedenk je je niet, want je maakt geen koekjes en je maakt geen televisies, je maakt medicijnen voor doodzieke mensen; besef dat en probeer je daar ook naar te gedragen.

De voorzitter:
De heer Nijboer, tweede aanvullende vraag.

De heer Nijboer (PvdA):
Dat ben ik zeer met de minister eens. Ik heb het schofterig gedrag genoemd. Dit is maar weer een uitwerking en een voorbeeld ervan. Er zijn er vele van helaas. Tegelijkertijd zijn er nu patiënten die hun medicijnen niet krijgen. Dus als het antwoord van de minister is "we komen er niet uit, we willen ze niet belonen", ben ik dat met haar eens. Maar zijn er dan alternatieven? Er zijn ook mensen die hebben gezegd: deel dwanglicenties uit. Er zijn apothekers die hebben gezegd: we maken zelf die medicijnen wel. Zijn er alternatieven als een fabrikant zich zo misdraagt om toch die medicijnen bij de patiënt te krijgen en om inderdaad de farmaceuten die zich misdragen, niet te belonen? Ik prijs de minister ervoor dat ze dat niet wil doen. Dat ben ik zeer met haar eens.

Minister Schippers:
Ik ben het helemaal eens met de PvdA-fractie dat wij moeten zoeken naar alternatieven. Het kan niet zo zijn dat de overheid zich gegijzeld voelt. Dat is geen gezonde situatie. Dat is uit balans. Allebei de manieren gaan ten koste van patiënten: als ik teken, gaat dat ten koste van patiënten en als ik niet teken, gaat dat ook ten koste van patiënten. Dat is de reden waarom ik hier echt letterlijk wakker van lig. Daarom vind ik ook dat we echt, als prioriteit, moeten zoeken naar oplossingen voor hoe we dit beter kunnen doen, internationaal en nationaal. Vandaag doe ik weer een beroep op de fabrikant: het is een hoop geld dat hier gegarandeerd ieder jaar door u verdiend kan worden; denk nog eens na in het belang van deze patiënten om hun toch toegang te geven en toch met ons deze deal te sluiten.

Mevrouw Keijzer (CDA):
Het stemde verdrietig toen ik gistermiddag het bericht hoorde dat de onderhandelingen mislukt waren. Het stemt verdrietig voor de patiënten en voor hun familie, maar het maakt tegelijkertijd ook heel boos. Ik kan mij de boosheid van de minister, zoals zij die hier vandaag etaleert richting deze farmaceut, goed voorstellen. Daarom heb ik de volgende vraag. Tijdens de hoorzitting heb ik aan een patentdeskundige gevraagd hoe je een dwanglicentie op kan leggen aan een farmaceut. Daarmee doorbreek je de monopoliepositie van een farmaceut. Is de minister bereid om de analyse die deze deskundige neerlegde over hoe je dat kunt doen, eens goed te lezen en dan de Kamer te informeren of ze dat onderschrijft en wil gaan gebruiken? Ik ben ook wel heel erg benieuwd wat de reactie was van de farmaceut op het redelijke voorstel dat de minister gedaan heeft, want wat hier absoluut duidelijk wordt vandaag: hier is een farmaceut die over de rug van heel zieke mensen misbruik maakt van een monopoliepositie.

Minister Schippers:
Het eerste punt zeg ik toe. Zeker zal er worden gekeken naar alle mogelijkheden, waaronder die u net noemt, de dwanglicentie, hoe de overheid zich hier beter tegen kan wapenen. Wij doen die zoektocht en die zullen we niet staken. We gaan ermee door. Dat kan ik u dus toezeggen. Wat het tweede punt betreft: de fabrikant — dat zie je ook in de media — wijst naar de overheid en zegt dat wij hiermee de patiënten de toegang tot het geneesmiddel ontzeggen. Dan zeg ik: wij zijn bereid om heel veel geld te betalen, 46 miljoen. Dat is een bandbreedte, want afhankelijk van het aantal patiënten. Het gaat met name over de mindere korting. Met name zaten de knelpunten bij de lagere aantallen patiënten. Daardoor vind ik dat je wel iets van een fabrikant mag vragen die zo overtuigd is van zijn eigen product en die zo veel geld aangeboden krijgt, in tegenstelling tot wat mij geadviseerd is. Dan mag je van die fabrikant vragen om dat daadwerkelijk te pakken, zeker als je ziet wat hij daar internationaal aan verdient. Als je dat bij elkaar optelt, kom je echt op heel grote bedragen uit.

Mevrouw Gerbrands (PVV):
Het zal niemand hier verbazen dat de fabrikant uiteraard meeluistert. De minister staat enorm te foeteren op die fabrikant en wij zijn de laatsten die het voor de fabrikant opnemen. Maar hoe kan het dat wij nu het bericht krijgen dat Vertex het aanbod met de bandbreedte van tussen de 35 en 43 miljoen heeft geaccepteerd? En hoe kan het dat er dan toch geen akkoord is?

Minister Schippers:
Als dat het geval is, dan hebben wij met elkaar heel veel bereikt. Als deze bandbreedte op basis van de patiëntenaantallen die ik u heb gegeven, geaccepteerd wordt door de fabrikant, dan hebben wij met elkaar een feestje te vieren. Dan zal ik vannacht een stuk lekkerder slapen, want dan is dat aanbod bij dezen geregeld.

Mevrouw Gerbrands (PVV):
Nou kijk, dan hebben wij toch een leuk vragenuurtje gehad met leuke resultaten. Dan stel ik voor dat de minister met haar plastic tasje teruggaat naar het ministerie, direct gaat bellen, aftikt en de handtekening zet. Dan kunnen al die kinderen weer fijn ademhalen en de minister rustig slapen.

Minister Schippers:
Ik heb hier een beetje moeite mee, want ik laat mij niet in de schoenen schuiven dat ik kinderen belet om adem te halen. Ten eerste is dit middel geregistreerd voor boven de 12 jaar. Ik begrijp dat het emotioneel enorm helpt als je kinderen erbij haalt, maar het gaat over boven de 12 jaar. Ten tweede hebben wij dit aanbod gedaan. Dat heb ik hier in de Kamer gezegd. De Kamer moet je goed informeren. Dit is het aanbod dat wij hebben gedaan. U zegt dat de fabrikant dat accepteert. Ik laat de mensen straks bellen en dan hebben wij het geregeld. Maar ik vrees ervoor vanwege het gesprek dat ik persoonlijk heb gevoerd. Ik heb het niet door mijn mensen laten afdoen; ik heb persoonlijk het gesprek gevoerd. Er is drie keer geschorst, of twee keer. Er is alsmaar gebeld, maar helaas, ze pakten het niet. En als ze het pakken, dan kom ik meteen, aan het eind van de middag met een briefje naar u toe met daarop: geregeld.

De voorzitter:
Dank u wel.


Vragen Van Oosten

Vragen van het lid Van Oosten aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, bij afwezigheid van de minister van Veiligheid en Justitie, over het bericht "Nieuw wapen tegen fraude stuit op privacybezwaren".

De voorzitter:
Dan gaan wij nu naar de vraag van de heer Van Oosten namens de VVD aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die ik welkom heet. Het woord is aan de heer Van Oosten.

De heer Van Oosten (VVD):
Voorzitter, dank u wel. Gisteren heeft het congres Misdaad zonder bloed plaatsgevonden, mede geïnitieerd door de Fraudehelpdesk. Er zijn schattingen, zo lees ik althans terug, dat er jaarlijks voor miljarden euro's wordt gefraudeerd op allerlei manieren. Er zou worden gesjoemeld met creditcards, verzekeringen en spooknota's. Er is sprake van acquisitiefraude, datingfraude; noem het allemaal maar op.

In navolging van de situatie in Engeland willen bedrijven in Nederland afkomstig uit verschillende sectoren de handen ineenslaan in een zogeheten "crosssectorale benadering" om informatie over wangedrag en fraudeurs uit te kunnen wisselen. Dat zijn bedrijven bijvoorbeeld afkomstig uit de telefonie en de energiesector. Het zijn webshops, banken et cetera. Signalen uit interne controlesystemen worden dan uitgewisseld. Die zouden dan voor elkaar beschikbaar komen, zodat fraudeurs liefst tijdig kunnen worden geïdentificeerd en fraude kan worden voorkomen. Naar verluidt zou dat systeem in Engeland al veel schade en leed hebben voorkomen.

Maar de reden waarom ik hier sta, is dat realisering lastig lijkt, omdat de Autoriteit Persoonsgegevens dwarsligt. Grote juridische bezwaren zouden kleven aan het uitwisselen van gegevens. Die bezwaren zouden in de richting van de privacy neigen. Ik vraag mij af waar ik dan aan moet denken, want om zomaar even een zinnetje uit het regeerakkoord te citeren: privacy lijkt mij bedoeld voor burgers onderling, maar in ieder geval niet om criminelen bescherming te bieden. Dat lijkt hier wel het geval.

Ik zou die bedrijven graag in de gelegenheid willen stellen om die schade te voorkomen en die crosssectorale benadering vorm te kunnen geven. Gelukkig, heb ik begrepen, ziet de minister die noodzaak in, maar dan wil ik nu concreet weten van de minister welke actie wij kunnen verwachten in de richting van de Autoriteit Persoonsgegevens, zodat de autoriteit werkelijk wordt verleid om die stappen te nemen?

De voorzitter:
Het woord is aan de minister.

Minister Plasterk:
Dank u wel, voorzitter. Ik vervang overigens mijn collega Blok van V en J, die de portefeuilleverantwoordelijkheid heeft voor dit belangrijke onderwerp. Fraude is een ernstige vorm van criminaliteit die inderdaad miljarden kost. Dat geld wordt uiteindelijk door anderen opgebracht, waarschijnlijk door andere consumenten. Daarnaast geeft het ook andere vormen van schade, zoals emotionele schade. Het heeft prioriteit om het aan te pakken. Dat is voor een deel de verantwoordelijkheid van de private sector, maar mijn collega van V en J steunt dat ook vanuit de publieke kant. Bijvoorbeeld het initiatief van de organisatie SafeCin om te komen tot een fraude-infodesk, net zoals die bestaat in Engeland, is interessant. Dat wordt in een pilot onderzocht, met steun van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Dat klinkt veelbelovend voor de fraudebestrijding, maar er zal inderdaad goed gekeken moeten worden naar de juridische kaders waarbinnen dat nu gebeurt. Mijn indruk op dit moment is dat de juridische kaders in Engeland net wat anders zijn. Laat ik een voorbeeld noemen. Als bol.com een lijst van fraudeurs heeft, mag het die van de Autoriteit Persoonsgegevens niet delen met Wehkamp, omdat dat een andere sector is volgens de Autoriteit. Dat is zomaar een voorbeeld.

Ik kan toezeggen dat in ieder geval mijn collega in zijn hoedanigheid van minister van V en J het gesprek met SafeCin zal aangaan om te kijken wat er kan gebeuren binnen de bestaande kaders en of er aanleiding is om een gesprek aan te gaan met de Autoriteit Persoonsgegevens om nog eens af te tasten of het inderdaad de bedoeling is dat Wehkamp en bol.com onderling niet mogen uitwisselen omdat het verschillende sectoren zijn, waar precies de wettelijke grenzen liggen, ook in de rechtsvorming, en of het allemaal binnen het huidige wettelijke kader kan of dat er aanleiding is om het wettelijke kader aan te passen. Maar dan spreek je natuurlijk over een andere tijdschaal.

De heer Van Oosten (VVD):
Het is natuurlijk goed om met SafeCin om de tafel te gaan zitten. Ik moedig de minister of zijn collega natuurlijk ook van harte aan dat te gaan doen. Maar ik vind het eigenlijk nog veel belangrijker dat de minister een beetje verantwoordelijkheid pakt om gewoon met de Autoriteit zelf in gesprek te gaan. Ik vraag per slot van rekening niet om een overheid die het allemaal organiseert, ik vraag hier om ruimte voor bedrijven om op basis van eigen initiatief fraude te kunnen bestrijden. Inderdaad is het huidige systeem zo vormgegeven dat je dan toestemming van de Autoriteit nodig hebt. Ik krijg nu signalen dat het ongelofelijk lastig is om de Autoriteit überhaupt ertoe te bewegen om hier enigszins goedgezind naar te kijken, terwijl het wel schade kan voorkomen. Ik zou dat verzoek specifiek bij de minister willen neerleggen.

Ik vraag de minister ook of hij bereid is om nader te bestuderen hoe men dat precies in Engeland heeft vormgegeven. Als ik lees dat men daar 40% tot 50% van de fraude weet te voorkomen — geen idee of het klopt, maar ik lees dat zo terug — denk ik: laten we dat als de wiedeweerga in Nederland invoeren. Stel dat de schattingen van miljarden euro schade kloppen. Als je die deelt door twee, moet je eens kijken wat we overhouden. Alstublieft, laten we aan de slag gaan! Kan de minister dat dus onderzoeken en ons daarover nader informeren?

Minister Plasterk:
Dat onderzoeken en nader informeren kan ik zonder meer toezeggen. Mijn informatie op dit moment is dat het wettelijk kader in Engeland anders is. Overigens zitten daar beleidskeuzes onder. De Autoriteit Persoonsgegevens werkt immers binnen een wettelijk kader en dat brengt met zich mee dat het niet zo is dat je, als je bij de aanschaf van boeken hebt gefraudeerd, niet meer bij je bankrekening kan. De sectoren zijn om die reden gescheiden. Moet je dat handhaven of niet? Dat is wellicht een keuze. Maar ik denk dat we het stap voor stap moeten doen. Ik zeg toe dat mijn collega in gesprek zal gaan met de organisatie zelf om te kijken waar de bottleneck zit. Als daar op basis van het gesprek aanleiding toe is, zal hij vervolgens in gesprek gaan met de Autoriteit Persoonsgegevens. Als de conclusie van de collega van V en J is dat er binnen het huidige wettelijke kader onvoldoende fraudebestrijding mogelijk is, komt er wellicht een moment om het wettelijke kader aan te passen.

De heer Van Oosten (VVD):
Op dat laatste punt nog een korte opmerking. Dank voor de toezegging van de minister. Als de minister van Veiligheid en Justitie tot de conclusie komt dat het wettelijke kader ontoereikend is voor de Autoriteit om te kunnen handelen, hoor ik dat inderdaad graag met de grootst mogelijke voortvarendheid, want dan kunnen wij als Kamer aan de slag. Die fraudeurs gunnen wij de winst natuurlijk niet en wij kunnen niet accepteren dat bedrijven in dit land miljarden euro's mislopen, dus moeten wij aan de slag. Ik wacht dit punt met belangstelling af. Ik hoop dat dit met enige vaart richting de Kamer kan komen.

Minister Plasterk:
Ik zeg dat toe. Ik voeg er wel aan toe dat uw Kamer hecht aan de bescherming van persoonsgegevens, dus dat het wettelijk kader er uiteindelijk ook niet helemaal voor niks is. Dat kader is ook door de Tweede Kamer geschapen. Daarbinnen zal gewerkt moeten worden, tenzij een andere keuze wordt gemaakt. Maar nogmaals, dat lijken mij twee stappen van hier. Ik heb de toezegging nu gedaan.

De voorzitter:
Dank u wel, meneer Van Oosten. Mevrouw Buitenweg, GroenLinks.

Mevrouw Buitenweg (GroenLinks):
De heer Van Oosten zei wel heel makkelijk dat de Autoriteit Persoonsgegevens dwarslag. Wat dat betreft dank aan de minister. Het zou namelijk ook goed kunnen zijn dat de Autoriteit Persoonsgegevens gewoon de wet handhaaft die wij met elkaar hebben afgesproken; eerlijk gezegd denk ik dat dit het geval is. Ik ben erg blij met de toezegging dat er meer informatie komt, want ik meen dat als er een procedure is voor mensen om hun gegevens gecorrigeerd te krijgen en dergelijke, het de boel kan vergemakkelijken om alsnog wel informatie te delen. Het is in ieder geval van belang dat fouten goed rechtgezet moeten kunnen worden. In dit geval ontbreekt het daaraan. Als ook daarover meer informatie kan worden verstrekt in de brief, dan is het helder waar precies het probleem ligt. Dan kunnen we ook kijken of we ermee aan de slag willen en, zo ja, wat we precies gaan doen.

Minister Plasterk:
Ik weet niet of het probleem daar ligt, maar we kunnen in ieder geval trachten om dit op te helderen. Ik zeg toe dat er in de brief aandacht aan besteed wordt.

De heer Van Dam (CDA):
Al was het maar ter ondersteuning van de vragensteller. Als wij in regels hebben vastgelegd dat bepaalde dingen wel en bepaalde dingen niet mogen, kunnen wij niet van de Autoriteit Persoonsgegevens verlangen dat zij een ander advies geeft, hoezeer ik het toejuich dat uw collega daarover in contact treedt. Waar ik zo langzamerhand een beetje moeite mee heb, is de houding die de Autoriteit daarbij aanneemt. Ik heb nog eens de pagina met haar missie, visie en kernwaarden uitgedraaid. Die gaan natuurlijk heel erg om het beschermen van het grondrecht privacy, maar hier staat toch ook als een van haar activiteiten dat de Autoriteit op de hoogte is van de dilemma's die in de samenleving spelen op het gebied van de privacy. Al te vaak worden wij geconfronteerd met alleen de toezichthoudende rol van de Autoriteit. Ik vraag de minister om de Autoriteit ook nog eens te wijzen op haar adviserende rol. Anders gaan een heleboel mensen afscheid nemen van de rol die de Autoriteit in de komende AVG speelt.

Minister Plasterk:
Dat zeg ik toe.

De voorzitter:
Dank u wel. Dat was een kort antwoord.


Vragen Amhaouch

Vragen van het lid Amhaouch aan de minister van Economische Zaken, bij afwezigheid van de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, over het bericht "VS wil importheffing op vliegtuigen Bombardier verhogen naar 300%".

De voorzitter:
Ik heet de minister van Economische Zaken van harte welkom in vak-K.

De heer Amhaouch (CDA):
Voorzitter. Op 7 oktober lazen we op NU.nl dat het Amerikaanse ministerie van Handel importheffingen flink heeft verhoogd, namelijk naar 300% voor de Canadese vliegtuigfabrikant Bombardier. Bombardier is toevallig de oud-leverancier van de Nederlandse dubbeldekkers, zeg ik voor de mensen die daar geïnteresseerd in zijn. Je zou zeggen: wat hebben wij daarmee te maken? Maar indirect is hier wel een Europees land mee geraakt, namelijk Noord-Ierland, dat onderdelen levert. Daar raakt het ongeveer 4.500 mensen. Het is dus al in Europa aangekomen. Dit Amerikaanse besluit laat zien dat protectionistisch beleid van de VS via andere landen Europa kan treffen. Het toont hoe kwetsbaar Europese werkgelegenheid kan zijn. De gevolgen van dit besluit zijn nu voor de Britten, aangezien er 4.500 banen op de tocht staan. Wellicht zijn de volgende keer de gevolgen voor Nederland of voor andere landen waar wij goed mee samenwerken of waar wij toeleverancier voor zijn. Daarom heb ik in eerste instantie een drietal vragen aan de minister.

Zijn er signalen voor meer van dit soort maatregelen uit de VS? Kan de minister aangeven of uitzoeken of de motivatie van de VS gebaseerd is op feiten? Belangrijk hierbij is of de staatssteun en de verdachtmakingen van de VS op reële gronden, onderzoek of een uitspraak van de rechter zijn gebaseerd. Het kan niet zo zijn dat, zoals wij dat in Nederland weleens zeggen, vanuit de heup wordt geschoten. Kan een maatregel als deze worden aangevochten bij een bepaald gerechtshof, wellicht de Wereldbank of ISDS?

De voorzitter:
Het woord is aan de minister.

Minister Kamp:
Dank u wel, mevrouw de voorzitter. De heer Amhaouch brengt een terecht punt onder de aandacht van de Kamer. Het is nogal wat dat Amerika, dat zich in de wereld wat betreft handel toch altijd redelijk gedragen heeft, nu toch het beleid aan het veranderen is, op een manier die wel zorgelijk is. De heer Amhaouch zei terecht dat het in eerste instantie Canada aangaat, maar dat het via Noord-Ierland toch ook de Europese Unie bereikt. Hij vroeg zich af of er meer van dit soort signalen zijn. Die zijn er inderdaad. In het jaar 2016 heeft Amerika alleen al richting de EU-landen een stuk of drie van dit soort maatregelen genomen of voorgenomen en dit jaar zijn het er al acht. Dat is dus inderdaad een toename.

De heer Amhaouch vroeg zich af of dit is gebaseerd op feiten. Dat is de vraag waar het om gaat. Je mag volgens het WTO-verdrag, het wereldhandelsverdrag, wel antidumpingmaatregelen en antisubsidiemaatregelen nemen, maar dat mag je alleen maar doen als je aangetoond hebt dat er sprake is van illegale subsidie en dumpingactiviteiten. Bovendien moet je dan aantonen dat de bedrijven in jouw land daar schade van ondervinden. Als je dat gedaan hebt, dan mag het. Heb je dat niet kunnen aantonen, dan mag het niet.

De heer Amhaouch vroeg of dit aangevochten kan worden door de landen die op deze manier "bedreigd" worden door Amerika. Dat kan. Je kunt een bezwaarprocedure starten bij de WTO, wat Canada ook overweegt. De heer Amhaouch sprak over twee maatregelen. Op 26 september hebben de Amerikanen die Bombardiervliegtuigen een antisubsidieheffing opgelegd en op 5 oktober hebben ze een antidumpingmaatregel opgelegd. Ze moeten vóór 19 december besluiten of ze dit doorzetten en daar echt een zaak van maken. Daarna kan Canada in bezwaar gaan bij de WTO. De Europese Commissie heeft al gezegd dat ze dit van nabij volgt en dat ze van plan is om samen met Canada op te trekken.

De heer Amhaouch (CDA):
Het is goed om te horen dat de minister hier kort op zit en dat hij de problematiek erkent. Ik denk dat het een goede ontwikkeling is dat de Europese Unie erop zit door ook naar de motivatie te kijken, want we hebben een probleem, of we nu linksom gaan of rechtsom. Of Amerika hanteert geen criteria; dan is het gebaseerd op drijfzand en hebben wij als Europa een probleem. Of Canada levert veel staatssteun; in dat geval hebben we in de toekomst een probleem met Canada, maar daar ga ik vooralsnog niet van uit.

Voorzitter. Ik heb een aanvullende vraag. Wat die criteria betreft zou het goed zijn als de Europese Unie kan toetsen of ook de VS concrete, strikte criteria hanteren over de verhogingen van die importheffingen. Maar ook heel belangrijk is de vraag of de VS bijvoorbeeld ook al hebben gedreigd met importheffingen voor Airbus — in Europa hebben we de vliegtuigbouwer Airbus, waarvan bijvoorbeeld ook een tiental Nederlandse bedrijven toeleverancier is — of dat die heffingen al zijn opgelegd.

Voorzitter. Tot zover mijn tweede termijn.

Minister Kamp:
Voorzitter. De heer Amhaouch vraagt naar criteria. De criteria die Amerika intern hanteert, zijn minder relevant. Het gaat erom dat in het wereldhandelsverdrag bepaald is dat je niet met dit soort maatregelen mag komen als je niet kunt aantonen dat er inderdaad sprake is van illegale subsidie en dumping. Bovendien moet je aantonen dat jouw bedrijven daarvan het slachtoffer zijn. Dat zal Amerika dus moeten aantonen. Op zichzelf vind ik het wel interessant wat Amerika intern doet voordat het zo'n zaak begint. Ik zal eens kijken of daar überhaupt wel criteria zijn. Op dit moment heb ik niet de indruk dat dit zo is. Er is een aantal zaken gestart. Er is weliswaar aangekondigd dat met die zaken wordt begonnen, maar ik heb nog niet gezien dat dit hard gemaakt wordt. Mij lijkt dus dat ze in Amerika nog een beetje aan het zoeken zijn, maar ik heb daar minder belangstelling voor. Het gaat erom dat er een internationaal verdrag is gesloten dat ook is ondertekend door Amerika. Daar hebben ze zich aan te houden. Mochten ze dat niet doen, dan zijn er mogelijkheden om daar tegenin te gaan.

De heer Amhaouch vraagt naar Airbus. Ik heb op dit moment niet de informatie dat dit zou spelen. Mocht dat veranderen, dan zal ik de Kamer, en daarmee de heer Amhaouch, informeren.

De heer Amhaouch (CDA):
Nogmaals dank voor de beantwoording en voor het antwoord dat de Europese Unie en de minister er kort op zitten.

Mevrouw Becker (VVD):
De VVD maakt zich ook al wat langer zorgen over de protectionistische houding van Amerika, onder leiding van president Trump. Eerder hebben wij ook vragen gesteld aan minister Ploumen over het effect daarvan voor de Nederlandse staalindustrie. Trump heeft een onderzoek aangekondigd met de vraag of hij de staalindustrie als nationaal veiligheidsissue zou kunnen aanmerken en of hij daarmee hoge heffingen zou kunnen opleggen. Dat zou Tata Steel in Nederland kunnen raken. 10% van de productie van Tata Steel in IJmuiden gaat naar de VS. Ik ben benieuwd of de minister daar wat meer over kan zeggen. Is er inmiddels duidelijkheid over dat Amerikaanse onderzoek en de inzet van minister Ploumen richting de VS en de EU in dezen?

Minister Kamp:
Ik denk dat het terecht is dat mevrouw Becker hierover begint, want voor Tata is de Amerikaanse markt belangrijk. Een substantieel deel van de productie van Tata gaat naar Amerika toe. Het is dus goed om dat in de gaten te houden. Mevrouw Ploumen, die ik op dit moment vervang vanwege haar verblijf in het buitenland, heeft daar met de Amerikaanse staatssecretaris voor Handel, Wilbur Ross, over gesproken. Wij kunnen in ieder geval vaststellen dat dit nu, in oktober, nog niet tot iets heeft geleid, terwijl Amerika, Trump, in juli begon met het opperen hiervan als zijnde iets waar hij mee bezig was. Op dit moment is er dus nog niets concreets waar we ons tegen kunnen verzetten. We hebben het signaal heel goed begrepen. De eerste gesprekken zijn hierover geweest. We houden het in de gaten. Zoals ik zojuist tegen de heer Amhaouch zei, zijn Airbus en Tata relevante dingen. Ik zal dan ook niet aarzelen om de Kamer te informeren als er op dit punt belangrijke ontwikkelingen zijn.

De voorzitter:
Dank u wel. Daarmee zijn we aan het eind gekomen van het mondelinge vragenuur.

De vergadering wordt van 14.50 uur tot 15.01 uur geschorst.

Mededelingen

Mededelingen

Mededelingen

De voorzitter:
Ik deel aan de Kamer mee dat er geen afmeldingen zijn.

Deze mededeling wordt voor kennisgeving aangenomen.

Regeling van werkzaamheden (stemmingen)

Regeling van werkzaamheden (stemmingen)

Regeling van werkzaamheden (stemmingen)

De voorzitter:
Voordat we gaan stemmen, geef ik het woord aan mevrouw Van Brenk namens 50PLUS.

Mevrouw Van Brenk (50PLUS):
Voorzitter. Ik zou graag voor de stemmingen nog even mijn motie op stuk nr. 595 (26448) willen aanhouden.

De voorzitter:
Op verzoek van mevrouw Van Brenk stel ik voor haar motie (26448, nr. 595) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:
Dan gaan we nu stemmen.

Stemmingen

Stemmingen


Stemmingen moties Luchtvaart

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het VAO Luchtvaart,

te weten:

  • de motie-Graus over niet gebruikte slots opnieuw in de verdeelpool stoppen (31936, nr. 400);
  • de motie-Van Raan c.s. over niet uitbreiden van Schiphol en afzien van de opening van Lelystad Airport in 2019 (31936, nr. 402);
  • de motie-Van Raan/Arissen over diervriendelijke oplossingen voor het terugdringen van de ganzenpopulaties rond luchthavens (31936, nr. 403);
  • de motie-Van Raan/Arissen over invoering van een vliegtaks en heffing van accijns op kerosine (31936, nr. 404);
  • de motie-Kröger c.s. over het afronden van de belangenafweging rond de herindeling van het Nederlandse luchtruim (31936, nr. 405);
  • de motie-Kröger c.s. over de gevolgen van de aansluitroutes laten toetsen (31936, nr. 406);
  • de motie-Visser c.s. over het monitoren van hinder door luchthaven Lelystad (31936, nr. 407);
  • de motie-Visser c.s. over eenduidige afbakening van de selectiviteitssegmenten op Schiphol (31936, nr. 408);
  • de motie-Kuiken over borging van de inspraak en betrokkenheid van omwonenden van Lelystad Airport (31936, nr. 409);
  • de motie-Bruins c.s. over het voorkomen van kruisend vliegverkeer (31936, nr. 411);
  • de motie-Van Helvert c.s. over voorkomen dat de capaciteit op Lelystad beschikbaar komt voor bestemmingen en/of luchtvaartmaatschappijen die niet zijn verplaatst van Schiphol naar Lelystad (31936, nr. 412);
  • de motie-Van Helvert c.s. over aanvullende ruimte voor vrachtvluchten op andere vliegvelden (31936, nr. 413);
  • de motie-Laçin over het per direct stopzetten van de verdere ontwikkelingen rondom luchthaven Lelystad (31936, nr. 414);
  • de motie-Laçin over het toewijzen van ruimte aan de all-cargovrachtvliegtuigen (31936, nr. 415);
  • de motie-Laçin over het meenemen van de B++ routevariant in het besluitvormingsproces (31936, nr. 416);
  • de motie-Jetten c.s. over het zo snel mogelijk uitvoeren van de luchtruimherindeling (31936, nr. 417);
  • de motie-Jetten c.s. over duidelijkheid over de vastgestelde MER in relatie tot de tijdelijke aansluitroutes (31936, nr. 418);
  • de motie-Graus c.s. over het voortbestaan van vliegveld Teuge (31936, nr. 419).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

De voorzitter:
Op verzoek van mevrouw Kröger stel ik voor haar motie (31936, nr. 406) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

In stemming komt de motie-Graus (31936, nr. 400).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van 50PLUS, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Van Raan c.s. (31936, nr. 402).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Van Raan/Arissen (31936, nr. 403).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66, de ChristenUnie en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Van Raan/Arissen (31936, nr. 404).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK en 50PLUS voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Kröger c.s. (31936, nr. 405).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS en de SGP voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Visser c.s. (31936, nr. 407).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de fractie van de PvdD ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Visser c.s. (31936, nr. 408).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de fractie van de PvdD ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Kuiken (31936, nr. 409).

De voorzitter:
Ik constateer dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-Bruins c.s. (31936, nr. 411).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Van Helvert c.s. (31936, nr. 412).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de fractie van de PvdD ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Van Helvert c.s. (31936, nr. 413).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Laçin (31936, nr. 414).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Laçin (31936, nr. 415).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, de SGP en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Laçin (31936, nr. 416).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, DENK, 50PLUS en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Jetten c.s. (31936, nr. 417).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de fractie van de PvdD ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Jetten c.s. (31936, nr. 418).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de fractie van de PVV ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Graus c.s. (31936, nr. 419).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.


Stemmingen moties Uitspraak rechter over luchtkwaliteit in Nederland

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het dertigledendebat over de uitspraak van de rechter over de luchtkwaliteit in Nederland,

te weten:

  • de motie-Van Raan/Kröger over niet in hoger beroep gaan tegen het vonnis Milieudefensie tegen de Staat (30175, nr. 258);
  • de motie-Van Raan/Kröger over tijdelijke milieuzones in steden (30175, nr. 259);
  • de motie-Van Raan over terugdraaien van de verhoging van de maximumsnelheid (30175, nr. 260);
  • de motie-Kröger c.s. over inventariseren van locaties met een significante kans op overschrijding van de luchtkwaliteitsnormen (30175, nr. 261);
  • de motie-Kröger/Van Raan over hoge concentraties luchtvervuiling op boerenbedrijven/woonhuizen (30175, nr. 262);
  • de motie-Futselaar over een overzicht van ontwikkelingen rond locaties met overschrijdingen (30175, nr. 263).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

De voorzitter:
Op verzoek van mevrouw Kröger stel ik voor haar motie (30175, nr. 261) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:
De motie-Van Raan/Kröger (30175, nr. 258) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering het ingestelde hoger beroep in de zaak Milieudefensie tegen de Staat in te trekken,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 265, was nr. 258 (30175).

De motie-Van Raan/Kröger (30175, nr. 259) is in die zin gewijzigd dat zij thans is ondertekend door het lid Van Raan, en luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat D66 in zijn verkiezingsprogramma stelt dat milieuzones een tijdelijke oplossing zijn om uitstoot te beperken;

verzoekt de regering — waar relevant — zorg te dragen voor het instellen van tijdelijke milieuzones,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 266, was nr. 259 (30175).

De motie-Van Raan (30175, nr. 260) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de ChristenUnie in haar verkiezingsprogramma stelt dat "120 km/u hard zat is",

verzoekt de regering de verhoging van de maximumsnelheid naar 130 km/u terug te draaien,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 267, was nr. 260 (30175).

Ik stel vast dat wij nu over deze gewijzigde moties kunnen stemmen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Van Raan/Kröger (30175, nr. 265, was nr. 258).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en 50PLUS voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Van Raan (30175, nr. 266, was nr. 259).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van GroenLinks en de PvdD voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Van Raan (30175, nr. 267, was nr. 260).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks en de PvdD voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Kröger/Van Raan (30175, nr. 262).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Futselaar (30175, nr. 263).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.


Stemming motie Rapport CPB over gevolgen opkoopbeleid Europese Centrale Bank

Aan de orde is de stemming over een motie, ingediend bij het dertigledendebat over het rapport van het CPB over de gevolgen van het opkoopbeleid van de Europese Centrale Bank,

te weten:

  • de motie-Leijten over alternatieven voor de kwantitatieve verruiming door de ECB (21501-07, nr. 1463).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

In stemming komt de motie-Leijten (21501-07, nr. 1463).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdD, DENK, 50PLUS en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.


Stemming Pseudonimiseren persoonsgebonden nummer onderwijsdeelnemer

Aan de orde is de stemming in verband met het wetsvoorstel Wijziging van diverse onderwijswetten in verband met het pseudonimiseren van het persoonsgebonden nummer van een onderwijsdeelnemer ten behoeve van het bieden van voorzieningen in het kader van het onderwijs en de begeleiding van onderwijsdeelnemers (34741).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

In stemming komt het wetsvoorstel.

De voorzitter:
Ik constateer dat dit wetsvoorstel met algemene stemmen is aangenomen.

De bij het wetsvoorstel ingediende moties zijn overgenomen. Dan gaan we door naar het volgende punt.


Stemmingen moties Dwangmaatregelen en inzet politie in ggz

Aan de orde is de stemming over een motie, ingediend bij het dertigledendebat over dwangmaatregelen en de inzet van politie in de ggz,

te weten:

  • de motie-Diertens/Van Dam over de risico's van het gebruik van het stroomstootwapen op verwarde personen (29628, nr. 736).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

In stemming komt de motie-Diertens/Van Dam (29628, nr. 736).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.


Stemming brief EU-voorstellen inzake interoperabiliteit

Aan de orde is de stemming in verband met de brief van de vaste commissie voor Europese Zaken over de beëindiging van het parlementair behandelvoorbehoud bij de EU-voorstellen inzake interoperabiliteit COM (2017) 344 en 352 (34754, nr. 6).

De voorzitter:
Ik stel voor conform het advies van de vaste commissie voor Europese Zaken te besluiten, onder de aantekening dat de fracties van de PVV en Forum voor Democratie geacht wensen te worden tegen het voorstel te hebben gestemd.

Daartoe wordt besloten.


Stemmingen moties Landbouw- en Visserijraad 9 en 10 oktober 2017

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het VAO Landbouw- en Visserijraad d.d. 9 en 10 oktober 2017,

te weten:

  • de motie-Ouwehand c.s. over niet instemmen met langer dan drie jaar verlengen van de toelating van glyfosaat (21501-32, nr. 1050);
  • de motie-Grashoff c.s. over de huidige uitzondering voor sportvelden laten eindigen per 1 januari 2020 (21501-32, nr. 1051);
  • de motie-Grashoff c.s. over een Europees verbod op het professioneel gebruik van glyfosaat op verhardingen (21501-32, nr. 1052);
  • de motie-Futselaar/Ouwehand over uitstel van het besluit over hernieuwde toelating van glyfosaat (21501-32, nr. 1043);
  • de motie-Dik-Faber/De Groot over nieuwe wetenschappelijke inzichten over glyfosaat (21501-32, nr. 1053).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

De voorzitter:
Ik geef gelegenheid tot het afleggen van een stemverklaring vooraf.

Ik geef het woord aan de heer Grashoff.

Er mag niet gebeld worden in de plenaire zaal.

De heer Grashoff (GroenLinks):
Voorzitter. Namens de fracties van SP, Partij van de Arbeid, Partij voor de Dieren, PVV en GroenLinks wil ik de volgende stemverklaring afleggen. Glyfosaat is het meest gebruikte landbouwgif ter wereld. Binnen de EU wordt thans een voorstel besproken over een hernieuwde toelating van deze stof voor tien jaar. De Nederlandse regering wil dit voorstel steunen, terwijl de stof zeer schadelijk is voor onze natuurwaardes, zoals bijen, vlinders, hommels en bodemleven, onze drinkwaterbronnen worden bedreigd en door het IARC ook als mogelijk kankerverwekkend wordt geclassificeerd. Thans ligt voor de motie-Dik-Faber/De Groot op stuk nr. 1053, die de facto instemt met verlenging van de toelating voor tien jaar. Dat deze motie vraagt om herbeoordeling als nieuw wetenschappelijk onderzoek daar aanleiding toe geeft, is een miskenning van alle onderzoek dat er al ligt en de al lang bekende schadelijke effecten van glyfosaat voor mens, dier en plant.

Ook is de motie misleidend, want een eenmaal toegekende toelating voor tien jaar kan niet zomaar tussentijds worden ingetrokken. Deze motie wekt de schijn dat de indieners zich de zorgen van miljoenen mensen over onze gezondheid en onze natuurwaarden aantrekken, maar stemt intussen gewoon in met nog eens tien jaar vrij baan voor het gebruik van dit gif.

Daarom zullen de fracties van SP, Partij van de Arbeid, Partij voor de Dieren, PVV en GroenLinks tegen deze motie stemmen.

De voorzitter:
Dank u wel.

In stemming komt de motie-Ouwehand c.s. (21501-32, nr. 1050).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Grashoff c.s. (21501-32, nr. 1051).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK en 50PLUS voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Grashoff c.s. (21501-32, nr. 1052).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS en D66 voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Futselaar/Ouwehand (21501-32, nr. 1043).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK en 50PLUS voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Dik-Faber/De Groot (21501-32, nr. 1053).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van DENK, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.


Stemmingen moties Digitalisering infrastructuur

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het dertigledendebat over digitalisering van de infrastructuur,

te weten:

  • de motie-Van der Lee over het instellen van een digitale onderraad (26643, nr. 492);
  • de motie-Hijink over hacktests op IoT-apparatuur (26643, nr. 493).

(Zie vergadering van 4 oktober 2017.)

De voorzitter:
De motie-Hijink (26643, nr. 493) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat kwetsbaarheden in apparatuur die verbonden zijn met het internet tot grote schade kunnen leiden voor particulieren en de samenleving;

overwegende dat de Kamer eerder de regering heeft verzocht om aanvullende maatregelen te onderzoeken om Internet of Things (IoT)-apparatuur beter te beveiligen;

verzoekt de regering — in samenwerking met het bedrijfsleven, cybersecurityexperts en hackers — hacktests te laten uitvoeren op IoT-apparatuur,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 494, was nr. 493 (26643).

Ik stel vast dat wij hier nu over kunnen stemmen.

In stemming komt de motie-Van der Lee (26643, nr. 492).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Hijink (26643, nr. 494, was nr. 493).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66, de SGP, het CDA, de ChristenUnie en de PVV voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.


Stemmingen moties SUWI-onderwerpen

Aan de orde is de stemming over een motie, ingediend bij het VAO SUWI-onderwerpen,

te weten:

  • de motie-Van Kent/Jasper van Dijk over het uiterlijk in 2018 repareren van de verlaging van de tegemoetkoming arbeidsongeschikten (26448, nr. 596).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

In stemming komt de motie-Van Kent/Jasper van Dijk (26448, nr. 596).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.


Stemmingen moties Cliëntenstops in de wijkverpleging

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het dertigledendebat over cliëntenstops in de wijkverpleging,

te weten:

  • de motie-Ellemeet over andere bekostigingsmodellen voor wijkverpleging (29689, nr. 869);
  • de motie-Arno Rutte over het onder de aandacht brengen van de onafhankelijke geschillencommissie zorgcontractering (29689, nr. 870).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

In stemming komt de motie-Ellemeet (29689, nr. 869).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66, de SGP, het CDA, de ChristenUnie en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Arno Rutte (29689, nr. 870).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie en de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Voorzitter. U noemde onze fractie, maar wij zijn tegen.

De voorzitter:
Dank u wel.


Stemmingen moties Import van aardgas

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het dertigledendebat over de import van aardgas,

te weten:

  • de motie-Wassenberg over de uitspraak dat gas geen plek hoort te hebben in de eenentwintigste eeuw (29023, nr. 219);
  • de motie-Van Tongeren over geen proefboringen en winning van gas bij Schiermonnikoog (29023, nr. 220);
  • de motie-Van Tongeren over het doen van investeringen overeenkomstig het advies van De Nederlandsche Bank (29023, nr. 221);
  • de motie-Beckerman over een afbouwplan voor de winning van gas in Nederland (29023, nr. 222).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

De voorzitter:
Op verzoek van mevrouw Van Tongeren stel ik voor haar motie (29023, nr. 220) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:
De motie-Wassenberg (29023, nr. 219) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de hoeveelheid aardgas in de grond eindig is, zowel in Nederland als daarbuiten;

constaterende dat aardgas een buitengewoon krachtig broeikasgas is, véél sterker dan CO2;

constaterende dat de gaswinning grote problemen veroorzaakt in
winningsgebieden, zoals in Groningen;

spreekt uit dat aardgas een brandstof uit vorige eeuwen is die geen plek hoort te hebben in de eenentwintigste eeuw,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 223, was nr. 219 (29023).

Ik stel vast dat wij hier nu over kunnen stemmen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Wassenberg (29023, nr. 223, was nr. 219).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks en de PvdD voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Van Tongeren (29023, nr. 221).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de PvdA, GroenLinks en de PvdD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Beckerman (29023, nr. 222).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD en 50PLUS voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.


Stemmingen moties Rapport Eerlijk delen van Rathenau Instituut

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het dertigledendebat over het rapport Eerlijk delen van het Rathenau Instituut,

te weten:

  • de motie-Hijink over de juridische status van deeleconomieplatforms (33009, nr. 44);
  • de motie-Van der Lee over het gebruik van convenanten in de deeleconomie (33009, nr. 45).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

In stemming komt de motie-Hijink (33009, nr. 44).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Van der Lee (33009, nr. 45).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, DENK, 50PLUS, D66 en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.


Stemmingen Bekostiging passend onderwijs en invoering lerarenregister

Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het wetsvoorstel Wijziging van enige onderwijswetten in verband met het aanbrengen van enkele aanpassingen met beperkte beleidsmatige gevolgen en enkele technische wijzigingen met betrekking tot onder andere de bekostiging van passend onderwijs en de invoering van het lerarenregister (34732).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

In stemming komt het amendement-Bisschop/Kwint (stuk nr. 9, I).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, de PvdD, DENK, 50PLUS, de SGP, de PVV en FvD voor dit amendement hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat het is verworpen.

Ik stel vast dat door de verwerping van dit amendement de overige op stuk nr. 9 voorkomende amendementen als verworpen kunnen worden beschouwd.

In stemming komt het amendement-Bisschop/Kwint (stuk nr. 8, I).

De voorzitter:
Ik constateer dat dit amendement met algemene stemmen is aangenomen.

Ik stel vast dat door de aanneming van dit amendement het andere op stuk nr. 8 voorkomende amendementen als aangenomen kan worden beschouwd.

In stemming komt het wetsvoorstel, zoals op onderdelen gewijzigd door de aanneming van de amendementen-Bisschop/Kwint (, I en II).

De voorzitter:
Ik constateer dat dit wetsvoorstel met algemene stemmen is aangenomen.


Stemmingen moties Gebruik van hoogwerkers bij asbestsanering

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het VSO aangescherpte regels voor gebruik van hoogwerkers bij asbestsanering,

te weten:

  • de motie-Von Martels/Remco Dijkstra over in gesprek gaan met de asbestsaneringssector (25883, nr. 307);
  • de motie-Bisschop c.s. over veilig gebruik van werkbakken aan hijskranen (25883, nr. 308);
  • de motie-Laçin over overleg met de sector over knelpunten (25883, nr. 309);
  • de motie-Laçin over het informeren van de Kamer over het gebruik van subsidieregelingen (25883, nr. 310).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

De voorzitter:
Op verzoek van de heer Laçin stel ik voor zijn moties (25883, nrs. 309 en 310) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

In stemming komt de motie-Von Martels/Remco Dijkstra (25883, nr. 307).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdD, DENK, 50PLUS, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

De heer Kuzu (DENK):
Wij willen geacht worden tegen de motie op stuk nr. 307 te hebben gestemd.

De voorzitter:
Dan zal van deze opmerking aantekening worden gemaakt in de Handelingen.

In stemming komt de motie-Bisschop c.s. (25883, nr. 308).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de PvdA, 50PLUS, de VVD, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.


Stemmingen moties Financiering van moskeeën

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het dertigledendebat over de financiering van moskeeën,

te weten:

  • de motie-De Graaf/Wilders over het sluiten van alle moskeeën in Nederland (29614, nr. 63);
  • de motie-Jasper van Dijk over een overzicht van geldstromen van de Golfstaten naar Nederlandse religieuze organisaties (29614, nr. 64).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

De voorzitter:
De motie-Jasper van Dijk (29614, nr. 64) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat er zicht is op de financiering van islamitische organisaties vanuit Koeweit, maar dat er nog geen volledige openheid is over de financiering vanuit andere Golfstaten;

verzoekt de regering een overzicht te verstrekken van geldstromen vanuit de Golfstaten naar Nederlandse religieuze organisaties,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 65, was nr. 64 (29614).

Ik stel vast dat wij hier nu over kunnen stemmen.

In stemming komt de motie-De Graaf/Wilders (29614, nr. 63).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fractie van de PVV voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

Ik zag even een afwijkende stem bij 50PLUS!

In stemming komt de gewijzigde motie-Jasper van Dijk (29614, nr. 65, was nr. 64).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, 50PLUS, D66, de SGP, het CDA, de ChristenUnie, de PVV en FvD voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.


Stemmingen motie Wapenexportbeleid

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het VAO Wapenexportbeleid,

te weten:

  • de motie-Karabulut over het opschorten van de export van militair materieel naar Turkije (22054, nr. 288);
  • de motie-Kuzu over de noodzaak van een wapenembargo tegen Myanmar (22054, nr. ().

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

De voorzitter:
De fractie van de PVV wordt aantekening verleend tegen de overgenomen motie op stuk nr. 290 te zijn.

In stemming komt de motie-Karabulut (22054, nr. 288).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD, de PVV en FvD voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.


Stemmingen moties Suriname

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het VAO Suriname,

te weten:

  • de motie-Kuzu over formeel en onomwonden excuses aanbieden voor ons slavernijverleden (20361, nr. 174);
  • de motie-Kuzu over dekking voor de derde Twinningfaciliteit Suriname-Nederland (20361, nr. 175);
  • de motie-Kuzu over de onrechtvaardige uitwerking van het AOW-gat voor Surinaamse Nederlanders (20361, nr. 176);
  • de motie-Kuzu over opschorten van de 100%-controle op vluchten vanuit het Caribisch gebied en Suriname (20361, nr. 177);
  • de motie-Kuzu over een voorstel voor een Nederlandse versie van de wet van Taubira (20361, nr. 178).

(Zie vergadering van 5 oktober 2017.)

In stemming komt de motie-Kuzu (20361, nr. 174).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Kuzu (20361, nr. 175).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Kuzu (20361, nr. 176).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, DENK en 50PLUS voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Kuzu (20361, nr. 177).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Kuzu (20361, nr. 178).

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van de SP, GroenLinks, de PvdD en DENK voor deze motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

Daarmee zijn wij gekomen aan het einde van de stemmingen.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Mededelingen

Mededelingen

Mededelingen

De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Ik dacht: wat een enorme belangstelling voor de regeling van werkzaamheden op de publieke tribune. Maar ik begrijp dat de deuren dicht zijn, dus niemand kan weglopen. Maar de regeling is ook heel leuk, hoor.

Op de tafel van de Griffier ligt een lijst van ingekomen stukken. Op die lijst staan voorstellen voor de behandeling van deze stukken. Als voor het einde van de vergadering daartegen geen bezwaar is gemaakt, neem ik aan dat daarmee wordt ingestemd.

Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:
Op verzoek van de aanvragers stel ik voor de volgende dertigledendebatten van de agenda af te voeren:

  • over de door Nederland gestelde ambitie om in 2025 koploper proefdiervrij onderzoek te zijn;
  • over het verlies van 2.000 banen bij Tata Steel;
  • over de inname van water door drinkwaterbedrijven.

Ik stel voor aanstaande donderdag een debat te voeren over het eindverslag van de informateur, daarbij spreektijden te hanteren van vijf minuten per fractie en voor wat betreft de sprekersvolgorde de fractiegrootte te hanteren.

De heer Wilders.

De heer Wilders (PVV):
Voorzitter. Ik vind het geen goed idee om zo lang te wachten om zo'n verschrikkelijk rapport, regeerakkoord, met elkaar te bespreken. Dan zien we vanavond al die vier zachte eitjes op televisie hun verhaal voorlezen. Dat zou ik niet graag willen. Mijn voorstel zou zijn om vandaag, vanavond daarover te debatteren. Ik zou dat voorstel graag in stemming willen brengen.

De voorzitter:
Ik ga eerst kijken hoe anderen daarover denken.

De heer Öztürk (DENK):
Voorzitter. Wij zijn het niet vaak eens met de heer Wilders, maar op dit punt heeft hij gelijk. Laten we de discussie niet in de media, maar in deze arena voeren. Laten we vanavond en als dat niet kan morgen het debat hier voeren.

De heer Martin Bosma (PVV):
Dank voor je steun, vriend!

De heer Öztürk (DENK):
Altijd!

(Hilariteit)

De voorzitter:
Nou, altijd! Ik zie de heer Harbers.

De heer Harbers (VVD):
Voorzitter, de VVD steunt uw voorstel om dit debat donderdag te houden.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):
Voorzitter. Het is misschien goed om iedereen die leespauze echt te gunnen en het debat donderdag te houden.

Mevrouw Keijzer (CDA):
Voorzitter. Hetzelfde vanuit de CDA-fractie.

De heer Voordewind (ChristenUnie):
Ik sluit mij aan bij de heer Harbers.

Mevrouw Leijten (SP):
Voorzitter. Wij willen hier zeker spreken over het regeerakkoord, maar ik moet u heel eerlijk zeggen dat ik ook nog niet alles heb gelezen. Vanavond komt voor ons dus echt te vroeg.

De heer Nijboer (PvdA):
Voorzitter. Het is een wat gekke gewoonte, maar meestal lees ik eerst alle stukken en spreken we er in de fractie ook nog over. Dus wel snel een debat, maar vanavond is echt te vroeg.

De heer Van der Staaij (SGP):
Voorzitter. De SGP-fractie steunt ook uw voorstel om het donderdag te doen. Zo krijgen we ook meer een gelijk speelveld met alle partijen. Een aantal partijen hebben alle stukken al heel goed gelezen en een aantal partijen moeten nu de tijd nemen. Dat kunnen we juist bewaken door het debat wat later te houden.

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):
Voorzitter. Ook GroenLinks steunt het voorstel van de Kamervoorzitter om donderdag dit debat te doen, nadat we de stukken echt goed bestudeerd hebben en intern hebben kunnen overleggen.

De voorzitter:
Ik zie dat er geen meerderheid is voor het houden van een debat, maar u houdt vast aan de stemmingen? Dan gaan we stemmen.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Stemmingen

Stemmingen


Stemming voorstel de heer Wilders

Aan de orde is de stemming over het voorstel van de heer Wilders om vanavond een debat te houden over het eindverslag van de informateur.

De voorzitter:
De heer Wilders heeft gevraagd om zijn voorstel in stemming te brengen. Niet hoofdelijk, dus we gaan dat fractiegewijs doen. Het gaat om het voorstel van de heer Wilders om vanavond het debat te houden over het eindverslag van de informateur.

In stemming komt het voorstel van de heer Wilders.

De voorzitter:
Ik constateer dat de leden van de fracties van DENK en de PVV voor dit voorstel hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat het is verworpen.

De voorzitter:
Mijnheer Wilders.

De heer Wilders (PVV):
Voorzitter, dat is erg teleurstellend. Maar dat wordt misschien een beetje gecompenseerd — staat u mij toe dat ik u daarmee feliciteer — door het feit dat u jarig bent.

(Geroffel op de bankjes)

De voorzitter:
Ach ... Dank u wel. Daar raak ik helemaal verlegen van. Goed, we gaan verder met de regeling van werkzaamheden.

Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:
Op verzoek van een aantal leden stel ik voor de volgende door hen ingediende moties opnieuw aan te houden: 30169-62; 34674-15; 28286-876; 27625-390.

Ik stel voor de volgende stukken van de stand van werkzaamheden af te voeren: 21501-07-1458; 26234-201; 22112-2363; 22112-2382; 22112-2377; 21501-07-1459; 21501-03-107; 29023-218; 32752-49; 34270-28.

Dat gaan we niet elke week doen hè, die felicitaties?

Dan gaan we nu naar de verzoeken van leden. Ik stel voor om toe te voegen aan de agenda, het VAO Milieuraad van 13 oktober 2017 met als eerste spreker het lid Kröger namens GroenLinks. U krijgt het woord, mevrouw Kröger.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):
Voorzitter. Gezien het feit dat de Milieuraad deze week is, zou ik willen verzoeken om het VAO nog deze week in te plannen.

De voorzitter:
Daar gaan we rekening mee houden. Dank u wel.

Ik stel voor om voorts toe te voegen aan de agenda, het VAO Handels- en investeringsbevordering en RBZ/Handel met als eerste spreker het lid Amhaouch namens het CDA.

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:
Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Kröger namens GroenLinks.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):
Voorzitter. Ons verzoek is om het dertigledendebat over belastingvoordelen en subsidies voor de fossiele industrie dat voor vanmiddag gepland staat om te zetten in een debat te houden met de nieuwe bewindspersoon die ook coördinerend is op klimaatbeleid.

De voorzitter:
Een meerderheidsdebat?

Mevrouw Kröger (GroenLinks):
Ja.

De voorzitter:
Wie kan ik hierover het woord geven? Ik begin met mevrouw Agnes Mulder van het CDA.

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):
Steun voor dit voorstel.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):
Steun.

De heer Wassenberg (PvdD):
De Partij voor de Dieren steunt dit voorstel ook.

Mevrouw Beckerman (SP):
Steun.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Steun van de ChristenUnie.

De heer Van Aalst (PVV):
Geen steun, voorzitter.

De heer Remco Dijkstra (VVD):
Steun van de VVD.

De heer Nijboer (PvdA):
Steun.

De heer Öztürk (DENK):
Steun van DENK.

De voorzitter:
U heeft een meerderheid, mevrouw Kröger. Dus dan zullen we daar op een ander moment rekening mee houden en het dan op de agenda zetten. Dank u wel.

Dan ga ik nu naar mevrouw Ellemeet namens GroenLinks.

Mevrouw Ellemeet (GroenLinks):
Dank u wel, voorzitter. Er is vorige week een belangrijk rapport verschenen van het landelijke Schakelteam voor personen met verward gedrag. Uit dat rapport blijkt dat de urgentie nog nooit zo hoog is geweest voor het leveren van goede zorg voor deze groep kwetsbare mensen. Ik wil graag om een debat vragen met de nieuwe bewindspersonen van VWS en Veiligheid en Justitie.

De voorzitter:
Wie hierover? Mevrouw Kuik, CDA.

Mevrouw Kuik (CDA):
Voorzitter, dank. Ik wil voorstellen om dit bij het AO te voegen.

Mevrouw Gerbrands (PVV):
Wel steun voor een brief, maar geen steun voor een debat. Het kan bij het AO over de ggz.

De heer Nijboer (PvdA):
Steun voor het verzoek.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Het is belangrijk om hier een keer over te debatteren, maar dan wil ik er eerst graag een brief over ontvangen en wat mij betreft komt het dan aan de orde in een algemeen overleg.

Mevrouw Kooiman (SP):
Dit staat al tijden op de agenda om een keertje goed besproken te worden, dus het lijkt me dat wij dit kunnen steunen.

Mevrouw Diertens (D66):
Wij willen graag eerst een brief en wij steunen, zoals eerdere sprekers, een AO over dit onderwerp, want dit is ontzettend belangrijk.

Mevrouw Sazias (50PLUS):
Wij zijn bang dat als we het in het AO doen het onderwerp een beetje ondersneeuwt, dus steun voor dit debat.

De heer Öztürk (DENK):
Daar zijn wij het mee eens.

De heer El Yassini (VVD):
Voorzitter, ik denk dat we het inderdaad het beste in een AO kunnen vormgeven en dan daarover spreken. Geen steun dus voor een debat, maar wel steun voor de brief.

Mevrouw Ellemeet (GroenLinks):
Voorzitter, als ik goed geteld heb, heb ik wel de steun van meer dan 30 leden, dus ik stel voor om hierover een dertigledendebat te houden.

De voorzitter:
Ja, we zullen dit dertigledendebat toevoegen aan de lijst. Verder stel ik voor het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Het woord is aan de heer Peters namens het CDA.

De heer Peters (CDA):
Dank u wel, voorzitter. De Landelijke Vereniging van Vrijgevestigde Psychologen geeft in een persbericht van 5 oktober aan dat veel psychologen en psychotherapeuten de jeugd-ggz gaan verlaten. Als oorzaken noemt de LVVP onder andere een labyrint van administratieve lasten en ingewikkelde aanbestedingsprocedures. En tegelijkertijd constateert de LVVP dat steeds meer ouders zelf dan maar de zorg voor hun kind betalen. Het CDA wil geen tweedeling in de zorg, en geen ingewikkelde procedures en overbodige administratieve lasten. Wij willen daarover graag met de staatssecretaris, met de nieuwe bewindspersoon, in debat.

De heer El Yassini (VVD):
Het is belangrijk om die knelpunten in ieder geval op te zoeken en op te lossen. Mijn voorstel zou eigenlijk zijn om eerst om een brief te vragen van de nieuwe bewindspersoon. Daarna kunnen we dit onderwerp te zijner tijd ook bij het WGO Jeugd inplannen, dat we al hebben staan.

Mevrouw Westerveld (GroenLinks):
Voorzitter, ik was wat verbaasd omdat het CDA vorige week nog een verzoek van ons om hier een debat over te voeren heeft tegengehouden. Maar ik vind dit positief, want volgens mij is het hoog tijd om te praten over de problematieken in de jeugdzorg. Dus steun van GroenLinks voor dit debat.

Mevrouw Gerbrands (PVV):
Steun voor een brief van de nieuwe bewindspersoon. Laten we het daarna betrekken bij het wetgevingsoverleg.

De voorzitter:
Dus geen steun.

Mevrouw Kooiman (SP):
Ik sluit mij graag aan bij de woorden van GroenLinks. Dan wil ik eigenlijk wel graag een debat vóór het wetgevingsoverleg. Want het is belangrijk dat we dit snel bespreken.

Mevrouw Sazias (50PLUS):
Steun voor het debat.

De heer Raemakers (D66):
De jeugd-ggz is een heel belangrijk onderwerp. We hebben dat ook opgenomen in het regeerakkoord. Mij maakt het niet zoveel uit hoe het besproken wordt, als het maar besproken wordt. Het kan bij het WGO gebeuren, maar als de heer Peters dat graag in een debat wil doen, dan kunnen we dat ook steunen. Ik vind het dus allebei oké.

De voorzitter:
Dus u steunt het verzoek. Oké.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Voorzitter, steun voor een brief. Onze voorkeur gaat ernaar uit om het bij het WGO Jeugd te betrekken.

De heer Nijboer (PvdA):
Steun voor het debat.

De voorzitter:
U heeft een meerderheid, mijnheer Peters, voor het houden van een meerderheidsdebat hierover. Daar zullen we dus rekening mee houden. Verder stel ik voor om het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Het woord is aan mevrouw Van Tongeren namens GroenLinks.

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):
Voorzitter. Ik zou willen voorstellen om het voor deze week ingeplande dertigledendebat over de schadeafwikkeling bij de gaswinning, het schadeprotocol, met de nieuwe minister te doen, en dus om te zetten in een meerderheidsdebat.

De heer Bosman (VVD):
Dat is een goed idee, voorzitter. Steun van de VVD.

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):
Steun vanuit het CDA.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):
Voorzitter, ook steun vanuit D66. Het kan ook zijn dat er op termijn nog andere onderwerpen komen die we daarbij kunnen betrekken. Gewoon een goed debat over Groningen, dus steun voor zo'n meerderheidsdebat.

De heer Nijboer (PvdA):
Nou voorzitter, het regeerakkoord geeft aanleiding om hier goed over te debatteren, want het stelt stevig teleur. Dus voluit steun van de PvdA-fractie.

De heer Wassenberg (PvdD):
Ook steun van de Partij voor de Dieren.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Steun van de ChristenUnie.

Mevrouw Beckerman (SP):
Steun van de SP.

De heer Graus (PVV):
Steun van de PVV.

De voorzitter:
U heeft een meerderheid, mevrouw Van Tongeren. Wij zullen daar rekening mee houden. Dank u wel. Dat betekent ook dat dit debat van de agenda wordt afgevoerd.

Hiermee zijn we aan het eind gekomen van de regeling van werkzaamheden, en ook van de vergadering.

Sluiting

Sluiting 15.41 uur.