Schriftelijke vragen : De mogelijke gezondheidsrisico’s voor omwonenden van Chemelot
Vragen van de leden Huidekooper en Vervuurt (beiden D66) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat en de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de mogelijke gezondheidsrisico’s voor omwonenden van Chemelot (ingezonden 7 oktober 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de uitzending van Argos «Chemelot: de schoorsteen moet roken» over de uitstoot van schadelijke stoffen door Chemelot en de mogelijke gezondheidsrisico's
voor omwonenden?1
Vraag 2
Klopt het dat van slechts een beperkt aantal zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) metingen
in de leefomgeving beschikbaar zijn en dat deze metingen bovendien maar op één locatie
plaatsvinden? Acht u de huidige meetinfrastructuur toereikend om een representatief
beeld te krijgen van de werkelijke blootstelling van omwonenden?
Vraag 3
Hoeveel door Chemelot uitgestoten ZZS worden op dit moment níét structureel gemeten
in de leefomgeving? Bent u bereid ervoor te zorgen dat er op meerdere locaties en
op een breder pallet aan ZZS wordt gemeten?
Vraag 4
Hoe controleren de Inspectie Leefomgeving & Transport (ILT) en Regionale Uitvoeringsdienst
(RUD) of de gerapporteerde uitstoot van Chemelot overeenkomt met de daadwerkelijke
uitstoot uit de installaties op het Chemelot-terrein? Ziet u aanleiding om meer direct
bij de bron te meten?
Vraag 5
Klopt het dat het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) waarschuwt
voor een mogelijk verhoogd gezondheidsrisico door de combinatie van verschillende
ZZS, ook wanneer deze stoffen afzonderlijk onder de wettelijke normen blijven? Wat
betekent deze conclusie volgens u voor de risico’s die omwonenden lopen?
Vraag 6
Hoe wordt op dit moment bij vergunningverlening rond Chemelot rekening gehouden met
de gecombineerde uitstoot van verschillende ZZS?
Vraag 7
Welke mogelijkheden heeft de provincie Limburg volgens u om uit voorzorg vergunningen
aan te scherpen of aanvullende eisen te stellen vanwege mogelijke risico’s van de
gecombineerde uitstoot van ZZS?
Vraag 8
Welke mogelijkheden heeft het Rijk vanuit zijn stelselverantwoordelijkheid voor de
leefomgeving en volksgezondheid om ervoor te zorgen dat bij de vergunningverlening
rond Chemelot voldoende rekening wordt gehouden met deze gecombineerde uitstoot? En
welke verantwoordelijkheid ziet u hierin voor uzelf?
Vraag 9
Hoe beoordeelt u de verschillende opvattingen van het RIVM en de provincie Limburg
over de betekenis van de mogelijke risico’s van gecombineerde blootstelling? Deelt
u de opvatting dat juist meer metingen nodig zijn om duidelijkheid te krijgen over
de daadwerkelijke risico’s voor omwonenden?
Vraag 10
Hoe wordt bij besluitvorming over Chemelot de economische betekenis van het industriecomplex
afgewogen tegen de bescherming van milieu en de gezondheid van omwonenden? Hoe wordt
daarbij geborgd dat economische belangen niet ten koste gaan van de gezondheid van
omwonenden?
Vraag 11
Kunt u verklaren waarom rond bijvoorbeeld Tata Steel uitgebreid gezondheidsonderzoek
plaatsvindt, terwijl het RIVM ook rond Chemelot constateert dat belangrijke kennis
ontbreekt en aanvullend onderzoek en metingen adviseert?
Vraag 12
Hoe zorgt u ervoor dat de gezondheid van omwonenden van grote industriële complexen
in alle regio’s van Nederland voldoende aandacht krijgt en dat Limburg hierin niet
achterblijft?
Vraag 13
Bent u bereid om samen met de provincie Limburg, het RIVM en de RUD Zuid-Limburg tot
een plan van aanpak te komen voor aanvullende metingen en vervolgonderzoek rond Chemelot,
en dit plan per Kamerbrief aan de Kamer te sturen? Zo nee, waarom niet?
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Dion Huidekooper, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Marc Vervuurt, Tweede Kamerlid