Inbreng verslag schriftelijk overleg : Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over de geannoteerde agenda van de formele JBZ-Raad, 1-2 oktober 2026
2026D46633 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
De vaste commissie voor Justitie en Veiligheid heeft een aantal vragen en opmerkingen
voorgelegd over de volgende brieven:
• Geannoteerde agenda van de formele JBZ-Raad, 1–2 oktober 2026 (2026Z19433);
• Antwoorden op vragen commissie over o.a. de geannoteerde agenda van de informele JBZ-Raad
van 16 en 17 juli 2026 (algemeen deel) (Kamerstuk 32 317, nr. 1019)
• Verslag JBZ-Raad 16–17 juli 2026 en tweede kwartaaloverzicht wetgevende voorstellen
(Kamerstuk 32 317, nr. 1023);
• Fiche: Wijziging Verordening gegevensbescherming voor Europese instellingen (EUVG)
(Kamerstuk 22 112, nr. 4420);
• Fiche: Herziening van de richtlijn betreffende het Europees onderzoeksbevel in strafzaken
(Kamerstuk 22 112, nr. 4419).
Bij brief van ... heeft de Minister van Justitie en Veiligheid de vragen en gemaakte
opmerkingen beantwoord. Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.
De voorzitter van de commissie,
Eerdmans
Adjunct-griffier van de commissie,
Nouse
Inhoudsopgave
I
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
II
Reactie van de Minister
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de geannoteerde
agenda van de JBZ-Raad van 1–2 oktober 2026 en de geagendeerde BNC-fiches. Deze leden
stellen nog enkele vragen over de geannoteerde agenda en de twee BNC-fiches.
Implementatie strategisch kader van de EU inzake drugs: drugsgerelateerde intimidatie
De leden van de VVD-fractie lezen dat de Minister tijdens de JBZ-Raad ervaringen zal
delen en zal oproepen tot voortzetting van nauwe EU-samenwerking op het gebied van
drugsgerelateerde intimidatie. Kan de Minister concreet aangeven welke Nederlandse
ervaringen en lessen hij zal inbrengen?
De leden van de VVD-fractie constateren dat het uitwisselen van ervaringen met betrekking
tot de aanpak van georganiseerde misdaad nuttig kan zijn. Dat neemt niet weg dat daarnaast
ook concrete Europese maatregelen nodig zijn die verder gaan dan het uitwisselen van
ervaringen. Is de Minister bereid zich bij de JBZ-Raad in te zetten voor strengere
Europese regels tegen het ronselen van minderjarigen voor criminele netwerken? Is
de Minister voorts bereid zich in te zetten voor strengere handhaving richting online
platforms waar geweldsopdrachten worden uitgezet? En hoe zit het met de gezamenlijke
Europese aanpak van zware explosieven en illegaal vuurwerk die veelvuldig door criminelen
worden gebruikt? Kan de Minister daar de laatste stand van zaken geven?
De leden van de VVD-fractie vragen of de Minister bereid is, net als tijdens de informele
JBZ-Raad in juli, te pleiten voor een Commissievoorstel om sancties op te leggen aan
derde landen die niet meewerken aan de aanpak van de georganiseerde misdaad, zoals
Sierra Leone. Welke drukmiddelen acht de Minister het meest effectief in EU-verband
en wanneer kunnen die worden ingezet?
Europees Openbaar Ministerie (EOM)
De leden van de VVD-fractie lezen dat de JBZ-Raad wordt bijgepraat over de laatste
ontwikkelingen binnen het EOM. In juli heeft de Minister aangegeven dat de evaluatie
van de EOM-verordening medio juli zou verschijnen. Is die evaluatie inmiddels verschenen?
Wanneer ontvangt de Kamer de kabinetsappreciatie? Het BNC-fiche over de Wijziging
Verordening gegevensbescherming voor Europese instellingen (EUVG) stelt dat het voorstel
vooruitloopt op de herziening van de EOM-verordening. Kan de Minister bevestigen dat
daarmee geen onomkeerbare stappen worden gezet richting uitbreiding van het mandaat
van het EOM zolang de Kamer daar niet vooraf over wordt geconsulteerd?
Herziening van de Eurojust-verordening
De leden van de VVD-fractie constateren dat de JBZ-Raad spreekt over de herziening
van de Eurojust-verordening. Welke onderdelen van het voorstel voor de herziening
van de Eurojust-verordening heeft voor de Minister de hoogste prioriteit in de onderhandelingen?
Welke onderdelen vindt de Minister onwenselijk? Deze leden vragen ook of de Minister
kan toelichten welke concrete problemen er worden opgelost met een management board
bij Eurojust. Ook vragen zij hoe de Minister voorkomt dat een eventueel management
board leidt tot extra bureaucratie. En blijft Nederland hier toch voor pleiten ondanks
dat een aantal lidstaten heeft uitgesproken hier geen voorstander van te zijn?
De leden van de VVD-fractie vragen voorts of er voldoende middelen en personeel zijn
als het mandaat van Eurojust wordt uitgebreid naar cybercrime.
Bescherming van maatschappelijk middenveld en journalisten
De leden van de VVD-fractie steunen de inzet van de Minister ten aanzien van de bescherming
van journalisten. Persvrijheid en veiligheid van journalisten is essentieel. Nederland
heeft op 1 januari 2024 doxing strafbaar gesteld. Is de Minister bereid tijdens de
JBZ-Raad naar voren te brengen dat een grensoverschrijdende aanpak van doxing gewenst
is, nu journalisten ook vaker vanuit het buitenland worden bedreigd? Is de Minister
bereid om in de JBZ-Raad alle lidstaten aan te sporen doxing strafbaar te stellen?
BNC-fiche EUVG
De leden van de VVD-fractie lezen dat het toezicht van de European Data Protection
Supervisor (EDPS) wordt uitgebreid naar alle operationele gegevens van Europol, Eurojust,
Frontex en het EOM. Hoe voorkomt de Minister dat het toezicht de operaties van deze
organisaties gaat belemmeren? Deze leden vragen voorts of het na de voorziene wijziging
makkelijker of juist moeilijker wordt voor Europol, Eurojust, Frontex en het EOM om
gegevens uit te wisselen met relevante landen zoals in Latijns-Amerika. Klopt het
dat alleen met toestemming van Nederland straks gegevens uit Nederland worden doorgegeven?
BNC-fiche Europees Onderzoeksbevel (EOB)
De leden van de VVD-fractie hebben met instemming gelezen dat het voorstel grotendeels
aansluit bij het eerder ingediende non-paper van Nederland, Duitsland en Frankrijk.
Kan de Minister aangeven hoeveel tijd een genotificeerde lidstaat krijgt om bezwaar
te maken? En wat gebeurt er met gegevens die al zijn verkregen voordat een bezwaar
binnenkomt? Is de Minister bereid zich ervoor in te zetten dat die gegevens bruikbaar
blijven als bewijs?
De leden van de VVD-fractie vragen of de Minister kan toelichten hoe de nieuwe regeling
van artikel 21 zich verhoudt tot het gebruik van grote gedeelde datasets, zoals EncroChat
en Sky ECC, in andere onderzoeken. Maakt de regeling dat gebruik makkelijker, of komen
er juist extra toestemmingsprocedures bij? Welke gevolgen heeft het EncroChat-arrest
van het Hof van Justitie voor de uitleg van de nieuwe regels over telecommunicatie
en notificatie?
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de geannoteerde
agenda van de bijeenkomst van de Raad van Justitie en Binnenlandse zaken op 1 en 2 oktober
2026 en stellen hierover enkele vragen aan de Minister.
De leden van de CDA-fractie vragen of de Minister kan ingaan op recente ontwikkelingen
rondom het dossier inzake de verordening Child Sexual Abuse Material (CSAM). Verwacht
de Minister dat hierover ook wordt gesproken tijdens de aankomende JBZ-Raad? Daarnaast
vragen deze leden of de Minister kan reageren op het principeakkoord dat kort voor
de zomer is bereikt.
De leden van de CDA-fractie lezen dat de Minister voorstander is van versterking van
de governancestructuur bij Eurojust en zich bereid heeft verklaard een discussie over
de voor- en nadelen van de mogelijke introductie van een management board te voeren.
Bij een eerste bespreking is echter gebleken dat alle lidstaten die zich uit hebben
gesproken geen voorstander zijn van de oprichting van een management board. Kan de
Minister nader toelichten waarom veel lidstaten niet enthousiast zijn en aangeven
wat het standpunt van het kabinet gaat zijn in een mogelijke discussie hierover? Heeft
het College van Eurojust zich hier ook over uitgesproken?
De leden van de CDA-fractie vragen of de Minister al een kabinetspositie heeft ingenomen
wat betreft het herzieningsvoorstel voor de Eurojust-verordening.
II Reactie van de Minister
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
B.J. Eerdmans, voorzitter van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid -
Mede ondertekenaar
L.L. Nouse, adjunct-griffier