Schriftelijke vragen : Het bericht 'Opnieuw wordt een Leidse bewindvoerder ontslagen in alle zaken: 'Hij dacht makkelijk geld te kunnen verdienen''
Vragen van het lid Biekman (D66) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het bericht «Opnieuw wordt een Leidse bewindvoerder ontslagen in alle zaken: «Hij dacht makkelijk geld te kunnen verdienen»» (ingezonden 18 september 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht dat een bewindvoerderskantoor in de regio Leiden door
de kantonrechter in alle 146 zaken is ontslagen en dat dit het derde grootschalige
ontslag van een bewindvoerderskantoor in die regio binnen een jaar is?1
Vraag 2
Deelt u de opvatting dat het volstrekt onacceptabel is dat kwetsbare gedupeerden in
zulke onzekerheid worden gestort?
Vraag 3
Hoe beoordeelt u dat de betrokken bestuurder in 2025 bij een eerder kantoor al in
alle zaken was ontslagen, vervolgens een tweede kantoor kon blijven voeren en ruim
een jaar later opnieuw in alle zaken is ontslagen?
Vraag 4
Klopt het dat het Besluit kwaliteitseisen curatoren, beschermingsbewindvoerders en
mentoren geen grondslag biedt om een bestuurder te weigeren die eerder in alle zaken
is ontslagen? Wordt naast de benoembaarheid van het kantoor gekeken naar de bestuurder,
opdat ontslagen bestuurders niet zonder meer een nieuw kantoor kunnen oprichten? Zo
nee, zou dit bijdragen aan het voorkomen van dergelijke casussen?
Vraag 5
Klopt het dat in de brief van 16 april 2025 niet wordt ingegaan op het voorstel uit
de initiatiefnota van voormalig Tweede Kamerlid Kat, dat een ontslagen bewindvoerder
niet langer benoembaar is en dat er een openbaar register komt waarin schorsingen,
waarschuwingen, ontslagen en de overige functies van een bewindvoerder zichtbaar zijn?
Wat is uw standpunt hierover, mede gelet op het feit dat cliënten van het betrokken
kantoor moesten terugvallen op een recensieplatform om elkaar te waarschuwen?2 3
Vraag 6
Heeft het kantoor in 2024 en 2025 de jaarlijkse toets van het Landelijk Kwaliteitsbureau
CBM en de verplichte accountantscontrole doorlopen en zijn daarbij signalen naar voren
gekomen, gelet op het feit dat volgens de kantonrechter de rekeningen en verantwoordingen
van het kantoor structureel niet op tijd en incompleet werden ingediend? Hoe verhoudt
dit zich tot de constatering in de beslisnota bij de brief van 16 april 2025 dat de
accountantscontrole volgens het Landelijk Kwaliteitsbureau CBM niet naar behoren werkt?
Wat is de stand van zaken van de daarin aangekondigde verbetering van de accountantscontrole
en de kwaliteitseisen?4
Vraag 7
Welke mogelijkheden hebben cliënten en gemeenten om dubbel geïnde bedragen terug te
vorderen en wie draagt het verlies als terugbetaling uitblijft? Hoe kijkt u in deze
context aan tegen het voorstel in de bovengenoemde initiatiefnota van voormalig lid
Kat rondom de aansprakelijkheidsprocedure?
Vraag 8
Welke juridische belemmeringen bestaan er voor het vroegtijdig delen van klachten
en meldingen met de gemeente en andere relevante partijen, gelet op het feit dat de
gemeente Leiden aangeeft eerder op de hoogte gesteld te willen worden van klachten
en meldingen bij de rechtbank? Bent u bereid te onderzoeken hoe deze belemmeringen
kunnen worden weggenomen en de samenwerking tussen kantoren, gemeente en rechtbank
verder kan worden bevorderd?
Vraag 9
Hoe is het gesteld met de algemene beschikbaarheid van bewindvoerders, gelet op het
feit dat na ontslag van een bewindvoerder een nieuwe bewindvoerder moet worden aangesteld?
Heeft u signalen dat het op nationaal dan wel regionaal niveau het uitdagend kan zijn
om bewindvoerders te vinden?
Vraag 10
Wat is de stand van zaken rond de uitvoering van de motie van de leden Van Kent en
Kat over onderzoeken of er voor het toezicht op bewindvoerders toereikende financiering,
capaciteit en middelen zijn?5
Vraag 11
Gelet op het feit dat zowel het nu ontslagen kantoor als een eerder ontslagen kantoor
in 2021 een overeenkomst tekende met de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude
en Oegstgeest, ziet u mogelijkheden om de doeltreffendheid van kwaliteitsborgingsconvenanten
verder te verbeteren, bijvoorbeeld door samenwerkingsafspraken landelijk uniformer
vorm te geven?
Vraag 12
Welke aanvullende stappen gaat u nemen of verkennen om de kwaliteit bij bewindvoerders
beter te borgen?
Vraag 13
Hoe kijkt u aan tegen de oproep van branchevereniging Aegis om strengere eisen te
stellen aan het toelaten van bewindvoerders? Welke mogelijkheden ziet u bijvoorbeeld
om praktijkervaring te vereisen bij een gevestigd bewindvoeringskantoor voordat een
bewindvoerder zelfstandig aan de slag kan? Welke mogelijkheden ziet u in collegiaal
toezicht, zodat niet alle druk van aanvullend toezicht bij rechtbanken wordt gelegd?6
Vraag 14
Hoe kijkt u aan tegen de aanbevelingen van branchevereniging NVVK om de kwaliteit
beter te borgen, bijvoorbeeld door een uniforme werkwijze van rechtbanken te bevorderen,
het Landelijk Kwaliteitsbureau CBM wettelijk beter uit te rusten en strenger te controlen
op het vierogenprincipe?7
Indieners
-
Gericht aan
K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid -
Gericht aan
J.A. Vijlbrief, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid -
Indiener
Anouschka Biekman, Kamerlid