Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Boon over de gevolgen van verkorte militaire opleidingen voor de veiligheid van militairen naar aanleiding van het rapport Oefenen in balans van de Onderzoeksraad voor Veiligheid
Vragen van het lid Boon (PVV) aan de Minister van Defensie over de gevolgen van verkorte militaire opleidingen voor de veiligheid van militairen naar aanleiding van het rapport Oefenen in balans van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (ingezonden 2 juli 2026).
Antwoord van Minister Yeşilgöz-Zegerius (Defensie) en de Staatssecretaris van Defensie
(ontvangen 8 september 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026,
nr. 2898.
Vraag 1
Hoe beoordeelt u de conclusie van de Onderzoeksraad voor Veiligheid dat de verkorting
van opleidingen heeft geleid tot een beperktere ervaringsopbouw van militairen, waardoor
relatief jonge en onervaren militairen sneller onder verzwarende oorlogsnabootsende
omstandigheden moeten oefenen terwijl zij daarvoor nog onvoldoende ervaring hebben
opgebouwd, met als gevolg dat de veiligheid tijdens oefeningen onder druk komt te
staan?1
Antwoord 1
Allereerst willen we benoemen dat de twee dodelijke ongevallen tijdens militaire oefeningen
in 2025 ons diep hebben geraakt. Elk slachtoffer is er één teveel. Defensie blijft
er alles aan doen om ongevallen te voorkomen.
Onze beoordeling van de conclusies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid uit het rapport
«Oefenen in balans» en de maatregelen die hieruit volgen hebben wij, zoals toegezegd,
verwoord in de beleidsreactie op dit rapport. Deze reactie hebben wij gelijktijdig
met de antwoorden op deze vragen aan uw Kamer verzonden.
Vraag 2
Op welke wijze zijn de gevolgen van het verkorten van de Algemene Militaire Opleiding
van 18 naar 10 weken voor de veiligheid, inzetbaarheid en ervaringsopbouw van militairen
vooraf beoordeeld? Kunt u de onderliggende risico- of veiligheidsanalyses met de Kamer
delen? Indien dergelijke analyses niet zijn uitgevoerd, waarom niet?2
Antwoord 2
Wij beantwoorden deze vraag in samenloop met vraag 4.
Vraag 3
Bent u bereid de verkorting van de Algemene Militaire Opleiding te heroverwegen of
op te schorten totdat objectief is vastgesteld dat deze geen afbreuk doet aan de veiligheid,
inzetbaarheid en ervaringsopbouw van militairen? Zo nee, hoe rechtvaardigt u dan dat
Defensie vasthoudt aan deze verkorting, terwijl de Onderzoeksraad voor Veiligheid
concludeert dat de beperkte ervaringsopbouw de veiligheid tijdens oefeningen onder
druk zet en ook vanuit de praktijk is gewaarschuwd voor de gevolgen van de verkorte
opleiding?
Antwoord 3
Zie het antwoord op vraag 1.
Vraag 4
Welke initiële opleidingen, functieopleidingen of andere militaire opleidingen zijn
in de afgelopen vijf jaar eveneens verkort? Kunt u per opleiding aangeven met hoeveel
weken of dagen de opleidingsduur is verkort, wat daarvan de reden was, welke gevolgen
vooraf zijn voorzien voor de kwaliteit van de opleiding, de ervaringsopbouw en de
veiligheid van militairen, en de onderliggende risico- of veiligheidsanalyses met
de Kamer delen? Indien dergelijke analyses niet zijn uitgevoerd, waarom niet?
Antwoord 4
Het opleidingslandschap in Defensie is voortdurend in beweging. Nieuwe opleidingen
worden ontwikkeld, verouderde of overbodige opleidingen worden gestopt. Mede als gevolg
van evaluaties worden opleidingen aangepast. Naast aanpassingen op de inhoud van een
opleiding kan dit ook gevolgen hebben voor de duur van de opleiding. Defensie houdt
geen centrale database van alle opleidingen bij. Defensie kent veel opleidingen, zo
kent alleen het Commando Landstrijdkrachten (CLAS) al meer dan 1300 verschillende
opleidingen. Het is daarom niet mogelijk exact aan te geven welke opleidingen de afgelopen
vijf jaar zijn verkort en wat hiervan de achterliggende redenen en gevolgen waren.
Wel kunnen wij in algemene zin toelichten hoe opleidingen worden ontwikkeld en aangepast.
Nieuwe opleidingen worden via een eenduidig opgedragen systematiek ontwikkeld en uitgevoerd,
waarbij voor elke opleiding eerst vastgesteld wordt wat het doel van de opleiding
is, welke eisen daarbij behaald moeten worden en hoe de kwaliteit en veiligheid van
de opleiding geborgd wordt. Door ontwikkelingen als de groeiopgave, nieuwe instroomsporen,
nieuwe wapensystemen, lessen uit Oekraïne en de focus op hoofdtaak 1 worden opleidingen
voortdurend aangepast. Bij wijzigingen van opleidingen voert Defensie een analyse
uit op de impact van de wijziging van een opleiding. Hierbij wordt ook gekeken naar
kwaliteits- en veiligheidsaspecten.
De aanpassingen aan opleidingen kunnen leiden tot een verkorting, maar ook een verandering
of verlenging van de opleiding. Wij zetten erop in dat de mensen minder tijd doorbrengen
in het opleidingsinstituut en meer tijd in de praktijk doorbrengen bij een eenheid.
Een voorbeeld hiervan is de aanpassing van een tweetal initiële opleidingen binnen
CLAS. Zo is voor de Algemene Militaire Opleiding (AMO – 18 weken, bedoeld voor manschappen)
een volledig nieuwe Basisopleiding Koninklijke Landmacht (BOKL – 10 weken) in de plaats
gekomen. Daarnaast is de Initiële Vorming Onderofficieren (IVO) in hoge mate modulair
gemaakt, waardoor de duur verschilt van 2 tot 42 weken afhankelijk van de loopbaan,
kennis en ervaring van de leerling. Beide aanpassingen maken niet alleen meer instroom
mogelijk, maar faciliteren ook meer diverse instroomsporen.
Vraag 5
Deelt u de opvatting dat het realiseren van de personeelsgroei bij Defensie nooit
belangrijker mag zijn dan het opleiden van goed voorbereide, ervaren en veilig inzetbare
militairen? Zo ja, welke concrete aanvullende maatregelen gaat u, naast de aanbevelingen
van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, nemen om de kwaliteit van de opleidingen, de
ervaringsopbouw en de veiligheid van nieuwe militairen structureel te versterken?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
Zie het antwoord op vraag 1.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie -
Mede ondertekenaar
D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie