Schriftelijke vragen : Het uitblijven van een volledige strafrechtelijke afhandeling van de bestorming van de Utrechtse gemeenteraad
Vragen van het lid Schilder (Groep Markuszower) aan de Ministers van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het uitblijven van een volledige strafrechtelijke afhandeling van de bestorming van de Utrechtse gemeenteraad (ingezonden 4 augustus 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Aangifte Utrechts raadslid Yvonne Hessel tegen
XR-/Palliebestormers stadhuis verdwenen»?1
Vraag 2
Deelt u de mening dat het binnendringen van een gemeenteraad, het verstoren van een
raadsvergadering en het intimideren van gekozen volksvertegenwoordigers een frontale
aanval vormen op onze democratische rechtsorde en daarom keihard en maximaal moeten
worden aangepakt? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Hoe kan het dat ruim een jaar na de bestorming van de Utrechtse gemeenteraad, terwijl
de gebeurtenissen volledig op beeld zijn vastgelegd en de identiteit van meerdere
betrokkenen bekend is, nog altijd geen volledige strafrechtelijke afhandeling heeft
plaatsgevonden?
Vraag 4
Hoe beoordeelt u het feit dat de burgemeester van Utrecht geen aangifte heeft gedaan
van de ordeverstoring in de raadszaal zelf, de betrokken actievoerders publiekelijk
voor de camera van RTV Utrecht in bescherming nam en later samen optrok met de organisator
van het protest? Deelt u de mening dat hierdoor de burgemeester de ernst van deze
aanval op de democratie enorm heeft gebagatelliseerd en dat dit een enorm dieptepunt
is voor onze democratie?
Vraag 5
Klopt het dat raadslid Yvonne Hessel wél aangifte heeft gedaan van de ordeverstoring
in de raadszaal, dat de politie deze aangifte heeft onderzocht en vervolgens heeft
doorgestuurd naar het Openbaar Ministerie, terwijl het Openbaar Ministerie later heeft
aangegeven deze aangifte niet te hebben ontvangen? Hoe kan een aangifte in een zaak
van deze ernst in hemelsnaam verdwijnen? Bent u hierover al in gesprek geweest met
het Openbaar Ministerie? Zo ja, wat is daarbij besproken?
Vraag 6
Heeft de burgemeester van Utrecht vóór, tijdens of na de aangifte op enig moment contact
gehad met het Openbaar Ministerie over de strafrechtelijke afhandeling van deze zaak?
Zo ja, wanneer, met wie en wat is daarbij concreet besproken?
Vraag 7
Bent u bereid volledig en onafhankelijk te laten onderzoeken hoe deze aangifte heeft
kunnen verdwijnen, wie daarvoor verantwoordelijk is, of daarbij fouten, nalatigheid,
beïnvloeding of belemmering een rol hebben gespeeld en welke consequenties hieraan
verbonden worden en de Kamer hierover zo spoedig mogelijk te informeren? Zo nee, waarom
niet?
. Deelt u de mening dat burgemeesters bij strafbare feiten die worden gepleegd tijdens
een gemeenteraadsvergadering altijd aangifte behoren te doen om de lokale democratie
te beschermen? Bent u bereid hierover landelijke afspraken of een richtlijn op te
stellen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 9
Waarom heeft het Openbaar Ministerie niet uit eigen beweging strafrechtelijk opgetreden
tegen de personen die de Utrechtse gemeenteraad hebben bestormd en de vergadering
hebben verstoord, terwijl deze gebeurtenissen uitgebreid op beeld zijn vastgelegd
en publiekelijk bekend waren? Hoe rijmt u dit met de taak van het Openbaar Ministerie
om strafbare feiten op te sporen en te vervolgen?
Vraag 10
Acht u het aanvaardbaar dat personen die een democratisch gekozen gemeenteraad hebben
bestormd, de vergadering hebben verstoord en hiermee de democratie frontaal hebben
aangevallen mogelijk geheel of gedeeltelijk buiten vervolging blijven? Zo nee, bent
u bereid alles in het werk te stellen om ervoor te zorgen dat de verantwoordelijken
alsnog zo spoedig mogelijk strafrechtelijk worden vervolgd met maximale strafeisen?
Vraag 11
Indien uit onderzoek blijkt dat de burgemeester van Utrecht op welke wijze dan ook
betrokken is geweest bij het verdwijnen van de aangifte of het frustreren van de strafrechtelijke
afhandeling van deze aanval op de lokale democratie, deelt u dan de mening dat zij
per direct niet langer houdbaar is als burgemeester en dat niet alleen een procedure
tot schorsing en ontslag onmiddellijk in gang moet worden gezet, maar ook strafrechtelijke
vervolging? Zo nee, waarom niet?
Indieners
-
Gericht aan
P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties -
Gericht aan
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Shanna Schilder, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.