Schriftelijke vragen : Het bericht dat huizen en auto’s van voorstanders van een azc in Engelen en Bokhoven zijn beklad
Vragen van het lid El Abassi (DENK) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over het bericht dat huizen en auto’s van voorstanders van een azc in Engelen en Bokhoven zijn beklad (ingezonden 29 juli 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Huizen en auto’s beklad van voorstanders azc: «Dit
gaat alle perken te buiten»» van het AD d.d. 26 juli 2026?1
Vraag 2
Uit de berichtgeving blijkt dat in Engelen en Bokhoven zeker tien woningen en voertuigen
zijn beklad met leuzen en scheldwoorden. Daarbij lijkt de aanval zich specifiek te
richten op inwoners die zich hebben uitgesproken voor de komst van een asielzoekerscentrum
of hebben opgeroepen tot een genuanceerd maatschappelijk debat. Hoe beoordeelt u deze
intimiderende, doelgerichte aanval op inwoners die gebruik hebben gemaakt van hun
recht op vrije meningsuiting en deelname aan het debat?
Vraag 3
Deelt u de opvatting dat het doelgericht bekladden van woningen, auto’s en andere
eigendommen van inwoners vanwege hun opvatting over asielopvang niet kan worden afgedaan
als gewone vernieling, maar tevens moet worden gezien als ernstige intimidatie die
raakt aan de persoonlijke veiligheid? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4
Uit de berichtgeving blijkt eveneens dat op gevels, ruiten en schuttingen vrouwonvriendelijke
en ontmenselijkende scheldwoorden als «stinkteef», «hoer» en «slet» zijn aangebracht,
en dat de burgemeester aangeeft dat de bekladdingen opvallend vaak tegen vrouwen lijken
te zijn gericht. Hoe beoordeelt u dit seksistische en vrouwonvriendelijke karakter
van de aanvallen?
Vraag 5
Bent u bereid deze zaak te bezien in het licht van de aanpak van geweld tegen vrouwen
en femicide? Zo nee, waarom niet?
Vraag 6
In hoeverre wordt daadwerkelijk onderzocht of sprake is van vrouwenhaat, gendergerelateerde
intimidatie of seksistische motieven en worden deze motieven geregistreerd en meegewogen
bij de beoordeling? Zo nee, waarom niet, gelet op de overduidelijk vrouwonvriendelijke
en ontmenselijkende bewoordingen die zijn gebruikt?
Vraag 7
Uit de berichtgeving blijkt dat de daders mogelijk gebruik hebben gemaakt van een
adressenlijst van inwoners die hebben opgeroepen tot ten minste een normaal dialoog
over het asielvraagstuk. Klopt dit en zo ja, wat houdt deze adressenlijst precies
in, wie heeft deze opgesteld of verspreid, met welk doel is deze lijst (aanvankelijk)
aangemaakt en hoe zijn de daders daaraan gekomen? Is de lijst bijvoorbeeld afkomstig
uit gemeentelijke inspraakprocedures, bijeenkomsten, petities, sociale media, buurtgroepen,
appgroepen of andere openbare dan wel besloten bronnen?
Vraag 8
Welke maatregelen neemt u samen met gemeenten, politie en Openbaar Ministerie, om
te voorkomen dat inwoners die deelnemen aan inspraakavonden of lokale debatten over
asielopvang vervolgens via adresgegevens of herkenbare persoonsgegevens doelwit worden
van intimidatie, bedreiging of vernieling?
Vraag 9
Deelt u de opvatting dat wanneer inwoners, hun woningen en andere eigendommen doelgericht
en zeer persoonlijk worden beklad en aangevallen vanwege hun opvatting over een azc,
dit niet enkel als vernieling en bedreiging moet worden onderzocht, maar ook als politieke
intimidatie die erop gericht is mensen angst aan te jagen en het democratische debat
met ondemocratische middelen te beïnvloeden, en daarmee raakt aan het terroristisch
oogmerk zoals vastgelegd in Artikel 83a van het Wetboek van Strafrecht? Zo nee, waarom
niet?2 3 4
Vraag 10
Indien in dit onderzoek niet wordt uitgegaan van een mogelijk terroristisch oogmerk,
welke feiten en omstandigheden zijn volgens u dan nodig om daar wel toe over te gaan
bij politiek gemotiveerde intimidatie, bedreiging, vernieling of geweld rond de komst
van asielzoekerscentra?
Vraag 11
Welke maatregelen neemt u om te voorkomen dat vrouwen, voorstanders van opvang en
inwoners uit het zogenoemde stille midden zich terugtrekken uit het lokale democratische
debat uit angst voor intimidatie, bekladding, bedreiging of geweld?
Vraag 12
Bent u bereid de Kamer zo spoedig mogelijk te informeren over de voortgang van het
onderzoek, de herkomst van de mogelijk gebruikte adressenlijst, de strafrechtelijke
kwalificatie van de feiten, de beoordeling van een mogelijk terroristisch oogmerk,
de rol van vrouwenhaat en de maatregelen ter bescherming en ondersteuning van de slachtoffers?
Indieners
-
Gericht aan
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Ismail el Abassi, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.