Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Aantal Nederlandse muziekstudenten op conservatoria fors gedaald’
Vragen van het lid Tijmstra (CDA) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht «Aantal Nederlandse muziekstudenten op conservatoria fors gedaald» (ingezonden 21 juli 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht dat het aantal Nederlandse studenten op de conservatoria
de afgelopen jaren fors is afgenomen en wat is uw reactie op deze ontwikkeling?1
Vraag 2
Is het aandeel Nederlandse studenten alleen in relatieve zin of ook in absolute zin
gedaald en zo ja, met hoeveel en wat zijn hiervan volgens u de oorzaken?
Vraag 3
Deelt u de zorg dat de afnemende instroom van Nederlandse studenten aan conservatoria
mede het gevolg is van een afgenomen aanbod van toegankelijk en betaalbaar buitenschools
muziekonderwijs in gemeenten, onder meer door het verdwijnen van muziekscholen? Zo
nee, waarom niet?
Vraag 4
Onderschrijft u dat cultuureducatie en muziekonderwijs bijdragen aan de brede ontwikkeling
van kinderen, onder meer op het gebied van concentratie, taalontwikkeling, sociale
vaardigheden, creativiteit en welzijn en welke plaats geeft het kabinet deze maatschappelijke
waarde in het cultuur- en onderwijsbeleid?
Vraag 5
Heeft het kabinet inzicht in de verschillen tussen gemeenten en regio’s in de beschikbaarheid,
bereikbaarheid en betaalbaarheid van muziekonderwijs en cultuureducatie voor kinderen
en in de gevolgen van gemeentelijke bezuinigingen en beleidskeuzes?
Vraag 6
Deelt u de opvatting dat de mogelijkheid om een instrument te leren bespelen niet
afhankelijk mag zijn van de gemeente waarin een kind woont? Zo ja, welke rol ziet
u voor het Rijk om deze verschillen te verkleinen?
Vraag 7
Hoe kijkt u naar de rol van muziekscholen en Lokaal Muziekles, waar muzikaal talent
begint, als onderdeel van het culturele ecosysteem van Nederland en welke rol ziet
u hierin voor het kabinet?
Vraag 8
In hoeverre verwacht u dat het eerder ingezette beleid voor de versterking van amateurkunst,
bijvoorbeeld via de Regeling Versterking landelijke infrastructuur amateurkunst, voldoende
effect heeft om de beschikbaarheid en toegankelijkheid van muziekonderwijs en cultuureducatie
voor kinderen te verbeteren?
Vraag 9
Welke gevolgen verwacht u van de afnemende instroom van Nederlandse conservatoriumstudenten
voor de toekomstige beschikbaarheid van professionele musici, muziekdocenten en orkestleden?
Vraag 10
Vindt u dat Nederland een verantwoordelijkheid heeft om te zorgen voor een duurzame
voedingsbodem voor eigen muzikaal talent? Zo ja, hoe geeft u daar invulling aan samen
met provincies en gemeenten?
Vraag 11
Kunt u uiteenzetten hoe het kabinet uitvoering geeft aan het voornemen uit het coalitieakkoord
om extra aandacht te hebben voor talentontwikkeling, muziekscholen en landelijke dekking
van cultuurvoorzieningen?
Indieners
-
Gericht aan
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Indiener
Eveline Tijmstra, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.