Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Stoffer en Dobbe over de voorgenomen sluiting van de Nederlandse ambassade in Juba Zuid-Soedan
Vragen van de leden Stoffer (SGP) en Dobbe (SP) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over de voorgenomen sluiting van de Nederlandse ambassade in Juba, Zuid-Soedan (ingezonden 30 maart 2026).
Antwoord van Minister Berendsen (Buitenlandse Zaken), mede namens de Minister van
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (ontvangen 13 juli 2026). Zie ook
Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1715.
Vraag 1
Bent u bekend met de brief van de Dutch Relief Alliance (DRA) van 2 maart 2026 over
de voorgenomen sluiting van de Nederlandse ambassade in Juba?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Kunt u inhoudelijk reageren op de zorgen en argumenten die in deze brief worden genoemd,
in het bijzonder ten aanzien van humanitaire toegang, diplomatieke aanwezigheid en
veiligheid van hulpverleners?
Antwoord 2
Wij snappen de zorgen omtrent het voornemen tot sluiten van de Nederlandse ambassade
in Juba. Het betreft hier een besluit van het kabinet Schoof om de ambassade in Juba
te sluiten, omdat de Rijksoverheid een aanzienlijke bezuinigingsopdracht moet invullen.
Over de wijze waarop Nederland zijn diplomatieke relatie met Zuid-Soedan verder invult,
wordt u in de Memorie van Toelichting van de BZ ontwerpbegroting 2027 geïnformeerd.
Vraag 3
Deelt u de analyse dat Zuid-Soedan structureel te maken heeft met samenlopende crises
– waaronder gewapend conflict, klimaatgerelateerde overstromingen, regionale instabiliteit
en grootschalige vluchtelingenstromen uit Soedan – en dat juist in een dergelijke
context fysieke diplomatieke aanwezigheid essentieel is voor effectieve hulp en vroegtijdige
signalering? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Wij zien in het fragiele Zuid-Soedan helaas een combinatie van een intern conflict
met oplaaiend geweld, de impact van klimaatextremen, instabiliteit in de regio en
de instroom van vluchtelingen en terugkeerders uit Soedan. Nederland blijft zich onverminderd
inzetten voor mensen in nood en de veiligheid van hulpverleners in Zuid-Soedan. In
hoeverre en op welke wijze Nederland zijn diplomatieke betrokkenheid vervolgt, wordt
in de BZ ontwerpbegroting 2027 verder toegelicht.
Vraag 4
Welke concrete, zwaarwegende argumenten liggen ten grondslag aan het voornemen om
de ambassade in Juba te sluiten, en hoe zijn deze argumenten afgewogen tegen de uitzonderlijk
kwetsbare situatie in Zuid-Soedan, waar naar schatting circa 10 miljoen mensen humanitaire
hulp nodig hebben?
Antwoord 4
Het vorige kabinet heeft besloten om vanwege de bezuinigingen op de Rijksoverheid,
de ambassade in Zuid Soedan te sluiten. Met Prinsjesdag wordt in Memorie van Toelichting
van de BZ begroting 2027 nader ingegaan op welke wijze Nederland zijn diplomatieke
betrokkenheid in Juba voortzet.
Vraag 5
Welke alternatieven voor volledige sluiting zijn onderzocht, zoals behoud van een
afgeslankte post of versterkte regionale ondersteuning, en waarom zijn deze opties
wel of niet haalbaar geacht?
Antwoord 5
Het kabinet onderzoekt op welke wijze Nederland haar betrokkenheid in Zuid-Soedan
wil voortzetten. In de Memorie van Toelichting van de BZ begroting 2027, die op Prinsjesdag
verschijnt, wordt nader toegelicht hoe de intensiveringen en taakstellingen binnen
het postennet nader vorm gegeven worden.
Vraag 6
Kunt u toelichten hoe de voorgenomen sluiting zich verhoudt tot de investering van
35 miljoen euro voor het wereldwijde Nederlandse ambassadenetwerk vanaf 2027, terwijl
de jaarlijkse kosten van de ambassade in Juba circa 4 miljoen euro bedragen? Acht
u deze bezuiniging proportioneel in het licht van de Nederlandse belangen in Zuid-Soedan
en de uitgesproken ambities in het coalitieakkoord over het vergroten van perspectief
van de meest kwetsbare doelgroepen in fragiele regio’s?
Antwoord 6
De voorgenomen investeringen, zoals opgenomen in het coalitieakkoord kabinet Jetten,
zijn bedoeld om de ambities uit het akkoord uit te voeren. Daarbij worden ook onze
belangen in Zuid-Soedan gewogen. Nadere uitwerking van de invulling van deze taakstelling
in combinatie met de intensivering op het postennet, volgt in de Memorie van Toelichting
van de ontwerpbegroting 2027 van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
Vraag 7
Bent u bereid om, mede gezien het lopende adviestraject van de Adviesraad Internationale
Vraagstukken (AIV) over het Nederlandse postennetwerk, definitieve besluiten over
sluiting van de ambassade in Juba aan te houden totdat dit advies is verschenen? Zo
nee, waarom niet, en op welke gronden acht u vooruitlopen op dit advies gerechtvaardigd?
Antwoord 7
Zoals eerder toegelicht wordt in de BZ begroting 2027 een nadere toelichting gegeven
over de wijze waarop de investeringen en taakstellingen in het postennet uitgewerkt
gaan worden. Indien het AIV advies voor deze tijd klaar is, betrekken we de uitkomsten
bij onze afwegingen. De adviezen kunnen op een later moment ook betrokken worden bij
de nadere uitwerking van de plannen.
Vraag 8
Deelt u de zorg dat sluiting van de Nederlandse ambassade in Juba het signaal afgeeft
dat Nederland zijn betrokkenheid bij een van de meest kwetsbare landen ter wereld
vermindert, en dat dit ruimte kan laten voor andere internationale actoren die minder
prioriteit geven aan mensenrechten en multilateralisme? Hoe weegt u de geopolitieke
effecten van sluiting van de post in Juba?
Antwoord 8
Het kabinet onderzoekt op welke wijze Nederland haar betrokkenheid in Zuid-Soedan
wil voortzetten. In de Memorie van Toelichting van de BZ begroting 2027, wordt nader
toegelicht hoe de intensiveringen en taakstellingen binnen het postennet nader vorm
gegeven worden.
Vraag 9
Kunt u bovenstaande vragen elk afzonderlijk beantwoorden?
Antwoord 9
Ja.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken -
Mede namens
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.