Schriftelijke vragen : De aanschaf van Israëlische scherfvesten met Chinese componenten en de aankoop van Chinese 3D printers
Vragen van de leden Jagtenberg en Belhirch (beiden D66) aan de Minister van Defensie en de Staatssecretaris van Defensie over de aanschaf van Israëlische scherfvesten met Chinese componenten en de aankoop van Chinese 3D printers (ingezonden 13 juli 2026).
Vraag 1
Klopt het dat u van plan bent scherfvesten van Chinees-Israëlische makelij te kopen?
Zo ja, kunt u schetsen hoe u tot deze keuze bent gekomen en hoeveel geld hiermee gemoeid
is?
Vraag 2
Deelt u de opvatting dat de Nederlandse krijgsmacht in een tijd van toenemende geopolitieke
spanningen zo min mogelijk afhankelijk moet zijn van landen waarmee Nederland strategische
belangenconflicten kan hebben? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Hoe verhoudt de keuze voor scherfwerende platen met Chinese componenten zich tot de
ambitie van het kabinet om strategische afhankelijkheden in vitale sectoren, waaronder
defensie, terug te dringen?
Vraag 4
Waarom is in deze aanbesteding of contractuele afspraak niet uitgesloten dat onderdelen
of grondstoffen afkomstig zijn uit China, gezien de toenemende aandacht voor economische
veiligheid en strategische afhankelijkheden? Kan de Minister aangeven welke risicoanalyse
is gemaakt ten aanzien van de afhankelijkheid van Chinese grondstoffen en productieketens
voor deze essentiële beschermingsmiddelen?
Vraag 5
Kan de Minister toelichten in hoeverre bij de inkoop van defensiematerieel niet alleen
wordt gekeken naar het eindproduct, maar ook naar de herkomst van kritieke halffabricaten
en grondstoffen binnen de toeleveringsketen? Welke maatregelen neemt de Minister om
te voorkomen dat strategische afhankelijkheden van landen als China via de achterdeur
in NAVO-toeleveringsketens terechtkomen?
Vraag 6
Hoe wordt er in het algemeen toezicht gehouden op afhankelijkheden binnen de toeleveringsketens
van landen als China bij de inkoop van defensiematerieel? Heeft de Minister overzicht
van de afhankelijkheden in de toeleveringsketens van Defensiematerieel? Zo nee, is
de Minister voornemens dit overzicht te maken, zodat ook een afbouwpad kan worden
gedefinieerd?
Vraag 7
Is de Minister bereid om bij toekomstige defensieaankopen een expliciete toets uit
te voeren op strategische afhankelijkheden, waaronder de herkomst van kritieke grondstoffen
en onderdelen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 8
Welke Nederlandse en Europese alternatieven voor deze scherfvesten zijn onderzocht
voordat Defensie besloot gebruik te maken van deze leverancier? En waarom is er uiteindelijk
niet gekozen voor een leverancier uit Nederland of Europa, terwijl volgens de Nederlandse
Industrie voor Defensie en Veiligheid (NIDV) Nederlandse bedrijven beschikken over
vergelijkbare capaciteiten?
Vraag 9
Kan de Minister aangeven welke criteria bij deze aanschaf de doorslag hebben gegeven?
In welke mate waren daarbij prijs, leveringszekerheid, strategische autonomie, Europese
samenwerking en de positie van de Nederlandse defensie-industrie meegewogen? Deelt
de Minister de mening dat bij defensieaankopen niet uitsluitend naar de aanschafprijs
moet worden gekeken, maar ook naar de bredere economische en strategische effecten,
zoals behoud van kennis, productiecapaciteit en werkgelegenheid in Nederland en Europa?
Vraag 10
Hoe beoordeelt de Minister de kritiek van de NIDV dat het kabinet enerzijds inzet
op meer productie in Nederland en Europa, maar anderzijds bij eigen inkoop onvoldoende
rekening houdt met de positie van de Nederlandse defensie-industrie?
Vraag 11
Erkent de Minister dat strategische autonomie niet alleen gaat over militaire capaciteit,
maar ook over het beschikken over eigen industriële en technologische kennis? En erkent
zij dat aankopen als aangehaald in deze set vragen niet in lijn zijn met de ambities
uit de Defensienota 2026 en de Defensie Strategie voor Industrie en Innovatie?
Vraag 12
Kan de Minister aangeven welk aandeel van de Nederlandse defensie-uitgaven momenteel
terechtkomt bij Nederlandse en Europese bedrijven en welk aandeel bij leveranciers
van buiten de Europese Unie?
Vraag 13
Hoe voorkomt de Minister dat Nederland door afzonderlijke nationale aankopen juist
de Europese defensiesamenwerking en de ontwikkeling van een sterke Europese defensie-industrie
belemmert?
Vraag 14
Is de Minister bereid deze specifieke aanschaf opnieuw te beoordelen vanuit het uitgangspunt
van strategische autonomie en Europese samenwerking? Zo nee, waarom niet?
Vraag 15
Is er bij deze aankoop rekening gehouden met het feit dat scherfvesten goed moeten
aansluiten op het vrouwenlichaam? Zo nee, ziet de Minister ook de kans om met regionale
samenwerking meer maatwerk toe te passen?
Vraag 16
Overwegende dat Defensie gaat werken met Chinese 3D-printers, kan de Minister toelichten
welke cybersecurity- en contra-inlichtingenrisico’s zijn onderzocht voordat is besloten
om 3D-printers van een Chinese fabrikant in gebruik te nemen voor het produceren van
onderdelen voor de Nederlandse krijgsmacht?
Vraag 17
Hoe waarborgt de Minister dat digitale ontwerpen, technische tekeningen en andere
gevoelige informatie over defensiematerieel niet toegankelijk kunnen worden voor buitenlandse
partijen, waaronder partijen die onder invloed van de Chinese overheid kunnen staan?
Vraag 18
Zijn er Europese alternatieven overwogen? Zo ja, welke en waarom zijn deze afgevallen?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 19
Deelt de Minister de opvatting dat strategische technologieën zoals industriële 3D-printcapaciteiten
voor defensietoepassingen onderdeel zouden moeten zijn van een Nederlandse of Europese
technologische basis? Zo ja, welke stappen zet het kabinet om de ontwikkeling en inzet
van Europese alternatieven te stimuleren?
Vraag 20
Overwegende dat de Verenigde Staten het gebruik van 3D-printers van strategische concurrenten
zoals China voor militaire toepassingen aan banden hebben gelegd vanwege mogelijke
veiligheidsrisico’s, kan de Minister toelichten waarom Nederland tot een andere risico-inschatting
komt en welke afwegingen maken dat deze technologie hier wel wordt toegelaten binnen
de krijgsmacht?
Indieners
-
Gericht aan
D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie -
Gericht aan
D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie -
Indiener
Michelle Jagtenberg, Kamerlid -
Medeindiener
Fatimazhra Belhirch, Kamerlid