Voorstel van wet : Voorstel van wet
36 993 Wijziging van de Wet op het specifiek cultuurbeleid in verband met aanpassing subsidietermijn naar acht jaar
ARTIKEL I. WIJZIGING WET OP HET SPECIFIEK CULTUURBELEID
ARTIKEL II. INWERKINGTREDING
Nr. 2
VOORSTEL VAN WET
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de bepalingen met betrekking
tot subsidies ten behoeve van cultuuruitingen te wijzigen om de subsidietermijn aan
te passen van vier naar acht jaar;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen
overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden
en verstaan bij deze:
ARTIKEL I. WIJZIGING WET OP HET SPECIFIEK CULTUURBELEID
A
In artikel 3, eerste lid, wordt «vier jaar» vervangen voor «acht jaar».
B
Artikel 4a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt »vier jaar» vervangen door «acht jaar» en «vier kalenderjaren»
door «acht kalenderjaren».
2. In het derde lid wordt «vier jaar» vervangen door «acht jaar».
3. In het vierde lid wordt «vier jaar» vervangen door «acht jaar».
C
In artikel 4c wordt «vier kalenderjaren» telkens vervangen door «acht kalenderjaren».
D
In artikel 5, tweede lid, wordt «4 jaren» vervangen door «acht jaar».
E
In artikel 8, vierde lid, wordt «vier jaren» vervangen door «acht jaar».
F
Na artikel 12 wordt een nieuw artikel ingevoegd dat luidt:
Artikel 13
Ten aanzien van de subsidies die vóór de inwerkingtreding van de wet tot wijziging
van de Wet op het specifiek cultuurbeleid in verband met aanpassing subsidietermijn
naar acht jaar (Stb. 20xx, xxx) op grond van artikel 4a zijn verstrekt voor de kalenderjaren
2025 tot en met 2028, blijven artikel 4a en de daarop berustende ministeriële regeling
van toepassing, zoals zij luidden op het moment direct voorafgaand aan de inwerkingtreding
van die wet.
ARTIKEL II. INWERKINGTREDING
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering
de hand zullen houden.
Gegeven
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.