Schriftelijke vragen : Strafvermindering voor ernstige misdadigers vanwege te lange strafprocedures
Vragen van het lid Struijs (50PLUS) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over strafvermindering voor ernstige misdadigers vanwege te lange strafprocedures (ingezonden 6 juli 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het artikel van RTL Nieuws van 3 juli 2026: «Rechtssysteem
loopt vast, moordenaars en verkrachters krijgen lagere straffen»?1
Vraag 2
Wat is uw reactie op de constatering dat in honderden zaken rond zware misdrijven,
waaronder moord, doodslag en verkrachting, strafvermindering is toegepast omdat de
strafprocedure te lang duurde?
Vraag 3
Wat is volgens u de impact hiervan op de rechtsstaat?
Vraag 4
Hoe beoordeelt u dat volgens RTL Nieuws in 2008 in 8 procent van de gepubliceerde
vonnissen sprake was van overschrijding van de redelijke termijn, terwijl dit in de
eerste helft van 2026 is opgelopen tot 25 procent?
Vraag 5
Kunt u in kaart brengen hoe vaak in de afgelopen vijf jaar strafvermindering is toegepast
vanwege overschrijding van de redelijke termijn, en om wat voor soort misdrijven dit
gaat?
Vraag 6
Hoe beoordeelt u de gevolgen voor de slachtoffers en nabestaanden in zaken waarin
de dader strafvermindering opgelegd krijgt?
Vraag 7
Wordt strafvermindering als gevolg van te lange doorlooptijden expliciet meegenomen
in het deltaplan voor de strafrechtketen?
Vraag 8
Zo ja, bent u bereid om maatregelen hiertegen niet pas in het deltaplan van volgend
jaar op te nemen, maar nog vóór het einde van dit jaar met concrete voorstellen te
komen?
Vraag 9
Bent u bereid de Kamer jaarlijks te informeren over de ontwikkeling van doorlooptijden
van rechtszaken en het aantal zaken waarin strafvermindering wordt toegepast vanwege
overschrijding van de redelijke termijn?
Indieners
-
Gericht aan
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Jan Struijs, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.