Overig : Verslag van de tweede plenaire zitting 2026 van de Benelux Interparlementaire Assemblee
36 287 Parlementaire Vergadering van de Benelux Interparlementaire Assemblee
K/ Nr. 13
VERSLAG VAN DE TWEEDE PLENAIRE ZITTING 2026
Vastgesteld 3 juli 2026
1. Inleiding
Op 12 en 13 juni 2026 kwam het Benelux Parlement bijeen in de Luxemburgse hoofdstad.
Zo’n 25 parlementsleden uit de drie Benelux-landen namen deel evenals leden van de
Baltische Assemblee en de Noordse Raad. Vanuit Nederland namen tien Kamerleden deel,
te weten de Eerste Kamerleden Van Wijk (BBB), Van Ballekom (VVD), Bovens (CDA), Van Hattem (PVV), Van Kesteren (PVV), Janssen (SP), Talsma (delegatieleider, ChristenUnie) en Van der Goot (OPNL) en de Tweede Kamerleden Schoonis (D66) en Bühler (CDA). Het themadebat op vrijdag 12 juni stond in het teken van innovatief ondernemerschap,
intellectueel eigendom en ondersteuning van startups in de Benelux. Bij de opening
benadrukte Francine Closener, voorzitter van het Benelux Parlement (Luxemburg), dat
intellectueel eigendom essentieel is voor economische zelfstandigheid en meer omvat
dan een technische of juridische kwestie. De aanbeveling van rapporteur Judith Bühler
over de Einstein Telescoop werd aangenomen. Aria Petridis, secretaris-generaal van
de Benelux Unie legde namens het Comité van Ministers drie antwoorden op aanbevelingen
voor, over energietransitie, grensoverschrijdende pensioenen en grensoverschrijdend
telewerken. Op zaterdag 13 juni brachten de leden een bezoek aan twee innovatieve
startups in Luxemburg AM 4 AM en aan Luxuav.
2. Nederlandse interventies in plenaire debatten
De plenaire zitting van vrijdagmiddag 12 juni werd geopend met het themadebat over
innovatief ondernemerschap en intellectueel eigendom in de Benelux. Als voorzitter
van de Commissie Justitie en Veiligheid opende Janssen de vergadering. Rapporteur
Bluge leidde het thema in. Zij stelde dat hoewel innovatie essentieel is voor de economische
toekomst en strategische autonomie van Europa en de Benelux, de echte uitdaging niet
ligt in het creëren van innovaties, wel in het omzetten ervan in groeiende, internationaal
concurrerende bedrijven. Een toegankelijk en efficiënt systeem voor de bescherming
van innovaties helpt startups en kmo’s om te groeien, investeringen aan te trekken
en internationaal actief te worden, aldus Bluge. «Innovatie beperkt zich niet tot
technologisch onderzoek of het aanvragen van patenten; ze berust ook op het vermogen
om nieuwe bedrijfsmodellen te ontwikkelen, concrete toepassingen te creëren en ondernemingen
succesvol naar de markt te begeleiden,» sprak zij. Tijdens het eerste blok over het
ondersteunen van innovatie in de Benelux wezen de heer Thom Theves, secretaris-generaal
van het Ministerie van Economie, Kleine en Middelgrote Ondernemingen, Energie en Toerisme
uit Luxemburg en de heer Emmanuel Pieters, Directeur-generaal a.i. bij de FOD Economie
van België op de Benelux als succesvol voorbeeld van grensoverschrijdende samenwerking,
met het gezamenlijke systeem voor intellectueel eigendom als concreet bewijs. «Intellectueel
eigendom is bij uitstek een domein waarin de Benelux zich heeft onderscheiden. Het
Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom fungeert al meer dan 55 jaar als gemeenschappelijk
bureau voor de registratie van merken en modellen in onze drie landen. Dat is een
groot succes van de regionale integratie,» sprak Theves. Pieters gaf dat aan de Benelux
beschikt over alle troeven om uit te groeien tot een echt laboratorium voor innovatie
en actief bij te dragen aan de Europese technologische soevereiniteit. De heer Abdessalam
Es-Saghir sprak namens het Nederland Ministerie van Economische Zaken over de taak
van de overheid, die niet alleen gericht is op het ontwikkelen van ideeën, maar vooral
op het creëren van de voorwaarden waardoor die ideeën kunnen uitgroeien tot economische
en maatschappelijke waarde. «Om innovatie te laten renderen, moeten we talent, financiering
en groeikansen beter organiseren zodat kennis kan uitgroeien tot sterke Europese bedrijven,»
sprak hij. Ook Liesje Schreinmacher plaatsvervangend secretaris-generaal bij de Benelux
Unie pleitte voor minder administratieve barrières en betere toegang tot financiering
voor innovatieve bedrijven.
In het tweede blok spraken experts over het belang van betere ondersteuning van startups
in de Benelux. Namens de Europese Commissie pleitte Amaryllis Verhoeven voor het creëren
van «EU Inc» ofwel het «28e regime» voor de Benelux. Dit is een recentelijk gepresenteerd pan-Europees vennootschapsrechtelijk
kader waarmee startups en scale-ups zich in 48 uur kunnen registeren om in alle 27
EU-lidstaten onder één geharmoniseerde set regels te opereren. Oprichters kunnen hiermee
grensoverschrijdend werken zonder te maken te hebben met 27 verschillende juridische
en administratieve systemen. Het plan moet nog worden goedgekeurd. Mario Grotz, CEO
van Luxinnovation (Luxemburg) merkte op dat als we innovatie willen creëren we het
absoluut moeten hebben van startups. «We moeten investeren in startups, ecosystemen
scheppen in de EU, talenten aantrekken en goede voorwaarden creëren.» Op de vraag
van Ton van Kesteren hoe private investeerders meer risico kunnen opnemen in de financiering
van innovatie, antwoordde Grotz dat de overheid vooral een faciliterende rol heeft,
private investeringen moet aanmoedigen via publiek-private partnerschappen, maar niet
de plaats van private investeerders moet innemen.
Het derde blok ging over het intellectueel eigendom als motor van innovatie. Als eerste
kwam de heer Hugues Derème, directeur-generaal van het Benelux-Bureau voor de Intellectuele
Eigendom (BOIP) aan het woord die de nauwe samenhang tussen innovatie, ondernemerschap
en intellectueel eigendom benadrukte. Volgens hem beschikt de Benelux over een groot
onbenut potentieel, omdat slechts een beperkte minderheid van de ondernemingen gebruikmaakt
van geregistreerde intellectuele eigendomsrechten, «Intellectueel eigendom is niet
louter een juridisch instrument is, maar een strategische hefboom om innovatie om
te zetten in economische waarde en concurrentiekracht,» aldus Derème. Daarbij wees
hij op onderzoek waaruit blijkt dat ondernemingen met geregistreerde intellectuele
eigendomsrechten gemiddeld beter presteren. Verder prees hij het Benelux-systeem voor
intellectueel eigendom als een succesvol voorbeeld van grensoverschrijdende samenwerking.
Tot slot deed Derème de oproep om intellectueel eigendom sterker te integreren in
innovatie-, onderwijs- en ondernemerschapsbeleid en het Benelux-model verder uit te
bouwen als motor voor economische groei en concurrentievermogen.
Maxime Delmée, CEO en oprichter van AM 4 AM, een Luxemburgs technologiebedrijf gespecialiseerd
in materialen voor 3D-metaalprinten, lichtte toe hoe intellectueel eigendom een cruciale
rol speelde in de ontwikkeling van zijn onderneming. Hij illustreerde hoe zijn idee
ontstond tijdens academisch onderzoek en vervolgens werd omgezet in een innovatie
via een patentaanvraag in 2019, gevolgd door de registratie van een merk. «Dit intellectueel
eigendom bood niet alleen juridische bescherming, maar vooral geloofwaardigheid, vertrouwen
en toegang tot financiering,» aldus Delmée. Hij benadrukte dat zijn bedrijf kon groeien
dankzij grensoverschrijdende samenwerking tussen België en Luxemburg, zowel op het
vlak van onderzoek, financiering als technologische ontwikkeling. Delméé wees erop
dat de Benelux een unieke en complementaire industriële en wetenschappelijke keten
bezit in de sector van additive manufacturing, met sterke spelers in Nederland, België
en Luxemburg. Tot slot pleitte hij voor verdere versterking van deze samenwerking
om de concurrentiekracht en technologische soevereiniteit van de regio te vergroten,
en stelde hij dat intellectueel eigendom daarbij een essentiële en faciliterende rol
speelt.
Prof. Lodewijk Van Dycke van de KU Leuven betoogde dat het huidige octrooisysteem
vooral grote ondernemingen bevoordeelt en het MKB onvoldoende ondersteunt. «Het octrooisysteem
in zijn huidige vorm draagt onvoldoende bij aan de groei en financiering van MKB-ondernemingen
en in bepaalde gevallen verzwakt het zelfs hun concurrentiepositie,» sprak hij. Hij
onderbouwde dat met drie hoofdstellingen. Ten eerste stelde hij dat banken en investeerders
octrooien nauwelijks gebruiken als betrouwbare factor bij de financiering van MKB-bedrijven,
waardoor het systeem zijn economische hefboomfunctie niet vervult. Ten tweede merkt
hij op dat het huidige octrooisysteem vooral grote ondernemingen bevoordeelt, die
door hun uitgebreide octrooiprofielen kleinere spelers kunnen blokkeren. En ten derde
betoogde hij dat Europa, als achtervolgende economische regio, het octrooisysteem
anders moet durven benaderen dan gevestigde technologische leiders zoals de VS of
China. In plaats van steeds strengere bescherming te creëren, moet Europa volgens
hem meer ruimte laten voor toegang tot technologie en inhaalbewegingen door innovatieve
bedrijven. Van Dycke pleitte daarom voor hervormingen die financiering, transparantie
en toegang tot technologie voor kleinere innovatieve bedrijven verbeteren. Van Ballekom
stelde dat het merken- en intellectuele eigendomssysteem goed werkt, waarde creëert
en ondernemerschap stimuleert, maar vroeg waarom de aanbevelingen van het Benelux
Parlement niet zijn opgevolgd en pleitte voor hernieuwd onderzoek. Jan Schoonis wees
op de Europese kapitaalmarktfragmentatie en dat door de verschillende nationale regels
het voor scale-ups lastig is om financiering te vinden en door te groeien. Delmée
benadrukte dat een goed functionerende kapitaalmarkt een fundamentele pijler is voor
ondernemerschap en groei van bedrijven.
3. Overige
Tijdens de plenaire vergadering op 12 juni 2026 lichtte Judith Bühler, als een van
de vier rapporteurs, de aanbeveling over de Einstein Telescoop toe, ’s werelds meest
geavanceerde ondergrondse observatorium voor zwaartekrachtsgolven die onderzoekers
in staat om botsende zwarte gaten te observeren en terug te kijken tot aan de oerknal.
Volgens haar biedt het project in de Euregio Maas-Rijn de Benelux een unieke kans
om internationaal een voortrekkersrol te spelen, innovatie te stimuleren en economische
kansen te creëren. Daarnaast geldt de samenwerking tussen kennisinstellingen, bedrijven
en overheden als een sterk voorbeeld van grensoverschrijdende samenwerking. De aanbeveling
roept op tot blijvende politieke en diplomatieke steun voor dit project. De leden
van het Benelux Parlement namen de aanbeveling unaniem aan.
Namens de Commissie Financiën en Mobiliteit van het Benelux Parlement bracht Katrien
van Riet verslag uit over de behandeling van een verzoek van de Belgische Kamer van
Volksvertegenwoordigers betreffende een voorstel om de Benelux- en Europese kapitaalmarkt
verder te integreren en de beleggerscultuur te versterken. Het was de eerste keer
dat een dergelijk verzoek van een van de nationale parlementen aan het Benelux Parlement
werd gericht. Van Riet gaf aan dat tijdens de hoorzittingen en gedachtewisselingen
met experts het belang werd benadrukt van een beter geïntegreerde kapitaalmarkt voor
economische groei, innovatie en investeringen. De Benelux werd daarbij gezien als
een geschikte proeftuin voor verdere Europese integratie. De voorstellen betroffen
onder meer harmonisatie van regelgeving, gezamenlijke financiële instrumenten en het
wegnemen van fiscale belemmeringen. Van Riet gaf aan dat de deskundigen het weliswaar
eens waren over het belang van sterkere samenwerking, maar er ook werd gewaarschuwd
voor te veel centralisatie, extra risico’s voor de publieke sector en de noodzaak
van transparantie en duidelijke verantwoordelijkheden. Daarnaast werd benadrukt dat
fiscale vereenvoudiging en betere financiële educatie nodig zijn om meer burgers aan
het beleggen te krijgen.
Hendrik-Jan Talsma deed verslag over de toekenning van de BeNeLux Europe Award door
de Stichting BeNeLux-Universitair Centrum (BUC) aan het Benelux Parlement op 8 mei
jl. Hij citeerde de lofrede die was uitgesproken voor Minister Verlinden en het Benelux-Parlement
waarin hun bijdrage aan de samenwerking tussen België, Nederland en Luxemburg, met
name op het gebied van veiligheid, justitie, politie en de interne markt werd geprezen.
Als afsluiting overhandigde Talsma namens de gevolmachtigde Minister van Sint-Maarten
een boek met de hartelijke groeten uit het Caribische deel van het Koninkrijk aan
het Benelux Parlement.
Ariadne Petridis, secretaris-generaal van de Benelux Unie legde namens het Comité
van Ministers drie antwoorden op aanbevelingen voor, over energietransitie, grensoverschrijdende
pensioenen en grensoverschrijdend telewerken en antwoorden op vragen Patrick Prévôt
over territoriale beperkingen. Verder meldde Petridis dat Ierland een aanvraag heeft
ingediend om toe te treden tot het multilaterale verdrag over automatische erkenning
van diploma’s hoger onderwijs. Tot slot is het jaarrapport 2025 van de Unie beschikbaar
en zij riep de parlementsleden op om de Benelux-dag op 5 september actief te promoten
in hun parlementen.
Bovens informeerde de leden over de naamswijziging van zijn politieke fractie in Christelijke
fractie met regionalisten en democratische bondgenoten.
Op zaterdag 13 juni 2026 brachten de leden een bezoek aan Technoport Luxemburg, een
centrum voor innovatieve startups. Na een gesprek met Maxime Delmee, de CEO van AM4AM,
een innovatief bedrijf dat gespecialiseerd is in metaalpoeders voor 3D-printen, kregen
zij een rondleiding door het bedrijf. Ook brachten de leden een bezoek aan LUXUAV,
een innovatief bedrijf gespecialiseerd in het ontwerpen en produceren van multifunctionele
drones en defensietechnologie en kregen van de CEO Nicolas Zharov een rondleiding
door het bedrijf.
De voorzitter van de delegatie, Talsma
De griffier van de delegatie, Bakker-de Jong
Ondertekenaars
F. Bakker-de Jong, griffier