Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Moinat over het bericht dat meldingen van kindermishandeling te traag worden afgehandeld door Veilig Thuis
Vragen van het lid Moinat (Groep Markuszower) aan de Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport over het bericht dat meldingen van kindermishandeling te traag worden afgehandeld door Veilig Thuis (ingezonden 20 mei 2026).
Antwoord van Minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) (ontvangen 1 juli 2026)
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 2214.
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Niemand weet hoe vaak het misgaat» over de trage afhandeling
van meldingen van kindermishandeling door Veilig Thuis en wat is uw reactie op de
zorgen van jeugdrechtadvocaten dat ernstige zaken te lang blijven liggen?1
Antwoord 1
Ja ik ben bekend met dit artikel.
Vraag 2
Klopt het dat meldingen van ernstige kindermishandeling regelmatig langer openstaan
dan de wettelijke termijn van tien weken en hoeveel meldingen staan momenteel langer
open dan wettelijk toegestaan?
Antwoord 2
Allereerst is het belangrijk om te noemen dat Veilig Thuis bij elke melding die binnenkomt
altijd direct een triage uitvoert op basis van de beschikbare informatie, of een VT
nu wachtlijsten heeft of niet. Als uit de triage komt dat er sprake is van directe
ernstige onveiligheid wordt er altijd meteen gehandeld.
Na die triage heeft Veilig Thuis 5 werkdagen voor de uitgebreide veiligheidsbeoordeling.
Hiervoor gaat Veilig Thuis contact leggen met de betrokkenen (zowel het gezin als
betrokken instanties). Als uit de Veiligheidsbeoordeling komt dat er vervolg onderzoek
nodig is, heeft Veilig Thuis 10 weken om de dienst »Onderzoek en Vervolg» uit te voeren
en af te ronden.
Het klopt dat vrijwel alle Veilig Thuis organisaties te maken hebben met wachtlijsten.
Dit betekent dat de Veiligheidsbeoordeling niet binnen 5 dagen is afgerond en/of dat
de dienst Onderzoek en Vervolg niet tijdig is gestart en/of afgerond.
De betekenis van het niet halen van de wettelijke termijn kan heel erg verschillen.
Dit is niet zo uit de cijfers te halen. Zo kan het zijn dat zaken langer moeten wachten
totdat er een medewerker beschikbaar is om het onderzoek uit te voeren. Ook kan het
zijn dat het onderzoek wel is afgerond, maar dat de geadviseerde vervolghulp niet
direct beschikbaar is, waardoor de melding nog niet wordt afgesloten en overgedragen.
Of het kan zijn dat een casus zo complex is, dat het om verschillende redenen niet
lukt binnen 10 weken het onderzoek af te ronden. In de laatste 2 gevallen wordt er
ondanks dat de termijnen niet worden gehaald, wel zicht gehouden op onveiligheid en
kan er ook al inzet zijn gericht op het opheffen van onveiligheid.
Vraag 3
Hoeveel meldingen van vermoedens van ernstige kindermishandeling of huiselijk geweld
zijn de afgelopen vijf jaar niet tijdig opgepakt en hoeveel kinderen zijn in diezelfde
periode ernstig mishandeld of overleden terwijl er al signalen bekend waren bij hulpinstanties?
Antwoord 3
Er wordt niet landelijk bijgehouden hoeveel meldingen niet tijdig zijn opgepakt. Het
verschilt per Veilig Thuis organisatie hoe wordt geregistreerd op het halen van termijnen,
dit is afhankelijk van de manier van aanbesteden door de gemeenten en de afspraken
over de verantwoording van de desbetreffende Veilig Thuis aan die gemeente. En zoals
bij de vorige vraag al aangegeven, is er ook een groot verschil tussen wat het niet
tijdig oppakken van een melding betekent.
Veilig Thuis probeert zo veel mogelijk zicht op de veiligheid te houden, ook als een
melding nog niet is opgepakt vanwege wachtlijsten. De Inspectie Gezondheidszorg en
Jeugd monitort de uitvoering van de wettelijke taken bij de individuele Veilig Thuis
organisaties, waaronder de termijnen. De IGJ spreekt hier de individuele VT’s op aan
en publiceert over landelijke trends wanneer zij dat op basis van de bevindingen wenselijk
en/of noodzakelijk vindt.
Wat we wel weten is dat in de periode 2019–2025 gemiddeld tussen de 40–60% van de
gevallen een veiligheidsbeoordeling niet tijdig is afgerond. Ook weten we dat gedurende
de periode 2019–2025 het tijdig afronden van onderzoeken een structureel knelpunt
is geweest binnen Veilig Thuis. Inspectierapporten laten zien dat geen enkele Veilig
Thuis-organisatie alle onderzoeken binnen de wettelijke termijn afrondde en dat in
2024 slechts 2 van de 25 organisaties erin slaagden ten minste 80% van de onderzoeken
tijdig af te ronden.
Bij de incidenten met dodelijke afloop of van ernstige mishandeling die we in beeld
hebben is altijd gecontroleerd of wachtlijsten een rol hebben gespeeld. Bij de bij
ons bekende casussen was er geen sprake van invloed vanuit wachtlijstproblematiek.
Daarbij is het goed om nogmaals te benadrukken dat bij elke melding bij Veilig Thuis
er wel direct een risico inschatting wordt gemaakt. Indien daaruit komt dat er sprake
is van vermoedens van acute of ernstige onveiligheid, Veilig Thuis direct handelt.
Vraag 4
Deelt u de mening dat het onacceptabel is dat kinderen mogelijk maandenlang in een
onveilige thuissituatie blijven terwijl instanties al meldingen en signalen hebben
ontvangen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Het is absoluut onwenselijk dat meldingen van onveilige situaties van kinderen, maar
ook van volwassenen, niet direct worden opgepakt,. De cijfers bij antwoord 3 laten
een structureel probleem zien dat niemand wil. Daarom probeer ik ook echt, samen met
het Landelijk Netwerk Veilig Thuis, de VNG en ook bijvoorbeeld de Inspectie Gezondheidszorg
en Jeugd, alles te doen wat we kunnen om de wachtlijsten op te heffen en in de toekomst
te voorkomen.
Vraag 5
Hoe verklaart u dat ernstige zaken volgens deskundigen «ondersneeuwen» door de grote
hoeveelheid meldingen en is er volgens u sprake van personeelstekorten, bureaucratie,
falende coördinatie of onvoldoende deskundigheid binnen Veilig Thuis?
Antwoord 5
Er is een verscheidenheid aan oorzaken waarom de keten vastloopt en de werklast voor
Veilig Thuis veelal groter is dan Veilig Thuis aankan. Een al jaren toenemend aantal
meldingen is hier een belangrijke oorzaak, maar ook personeelstekorten, wachtlijsten
bij hulpverlening en inefficiënte werkprocessen spelen zeker een rol.
Vraag 6
Hoeveel fte is er de afgelopen vijf jaar bij Veilig Thuis bijgekomen, hoeveel vacatures
staan momenteel open en acht u de huidige capaciteit voldoende om kinderen tijdig
te beschermen?
Antwoord 6
De 25 Veilig Thuis organisaties zijn onafhankelijk van elkaar georganiseerde organisaties.
Er is daardoor geen landelijk overzicht van de ontwikkeling van het aantal fte of
het aantal openstaande vacatures bij de afzonderlijke Veilig Thuis-organisaties. Werving,
instroom en uitstroom van medewerkers worden regionaal georganiseerd en geregistreerd.
Landelijk herkennen wij wel dat er sprake is van een krappe arbeidsmarkt.
De vraag of de huidige capaciteit voldoende is om kinderen tijdig te beschermen laat
zich niet beantwoorden aan de hand van het aantal medewerkers of vacatures. Veilig
Thuis-organisaties beoordelen meldingen op basis van urgentie van veiligheidsrisico's.
Meldingen waarbij sprake is van acute onveiligheid worden met voorrang opgepakt. Capaciteitsvraagstukken
mogen nooit ten koste gaan van de veiligheid van kinderen en gezinnen. Juist daarom
richten Veilig Thuis-organisaties hun beschikbare capaciteit primair op situaties
waarin de veiligheidsrisico's het grootst zijn. Tegelijkertijd vraagt de toenemende
druk aandacht voor capaciteit, financiering, samenwerking en de beschikbaarheid van
passende vervolghulp. De uitdaging zit daarbij niet alleen in de beschikbaarheid van
Veilig Thuis-professionals, maar ook in de beschikbaarheid van passende ondersteuning
en hulp in de vervolgstappen na een veiligheidsbeoordeling.
Vraag 7
Hoe vaak heeft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) de afgelopen vijf jaar
ingegrepen, waarschuwingen afgegeven of onderzoeken ingesteld naar Veilig Thuis-organisaties
wegens tekortschietende uitvoering?
Antwoord 7
De Inspectie heeft de laatste vijf jaar meerdere onderzoeken ingesteld naar het functioneren
van Veilig Thuis. Een opsomming van een aantal relevante publicaties uit de afgelopen
is hieronder te vinden.
• In 2019 verscheen al een rapport op over de zorgelijke situatie van kinderen in de
jeugdbeschermingsketen, waaronder ook Veilig Thuis. Zie hiervoor het rapport Kwetsbare
kinderen onvoldoende beschermd.
• In 2022 hebben de inspecties in een signaalbrief opgeroepen om te komen tot (crisis)beleid
dat leidt tot adequate bescherming van kinderen die ernstig in hun ontwikkeling worden
bedreigd.
• In de signalen Jeugdbeschermingsketen hebben de inspecties in 2022, 2023 en 2024 zorgen geuit over VT als onderdeel van toezicht op de jeugdbeschermingsketen.
• In 2024 heeft de inspectie thematisch toezicht uitgevoerd bij Veilig Thuis organisaties. Hierin constateert de IGJ dat het de Veilig Thuis-organisaties nog steeds nauwelijks
lukt om de taken waar wettelijke termijnen voor zijn vastgesteld tijdig uit te voeren.
Dit blijkt uit een toezicht bij 3 Veilig Thuis-organisaties, en een uitvraag onder
alle 25 Veilig Thuis-organisaties over hoeveel wachtenden er zijn en hoelang zij moeten
wachten.
• In januari 2025 is het rapport naar aanleiding van de calamiteit in Vlaardingen gepubliceerd. Hier was ook een Veilig Thuis-organisatie bij betrokken.
• Afzonderlijke Veilig Thuis organisaties ontvingen rapportages als er signalen of meldingen
bij de IGJ bekend waren van tekortkomingen die risico’s met zich meebrengen. Een voorbeeld
hiervan is het toezicht bij Veilig Thuis Haaglanden dat in februari 2026 is gepubliceerd.
De IGJ vraagt bij geconstateerde tekortkomingen vrijwel altijd een verbeterplan op
en controleert, bijvoorbeeld door een nieuw inspectiebezoek af te leggen, of de verbetermaatregelen
zijn doorgevoerd en tot de gewenste resultaten hebben geleid. De IGJ ziet dat de wachtlijsten
de afgelopen jaren niet zijn opgelost of verminderd. De IGJ heeft in 20241 alle Veilig Thuis-organisaties de opdracht gegeven zorg te dragen dat er altijd zicht
op de veiligheid is van de kinderen en gezinnen die moeten wachten op Veilig Thuis
als zij dit binnen hun organisatie (nog) niet hebben geregeld en monitort deze plannen.
Ook bespreekt de IGJ haar zorgen met de Veilig Thuis-organisaties, gemeenten, het
Landelijk Netwerk Veilig Thuis, Jeugdzorg Nederland, VWS, JenV en de VNG. Hierbij
maakt de IGJ ook bespreekbaar waar ze ruimte ziet voor verbeteringen bij de specifieke
Veilig Thuis organisaties en waar het vooral gaat om knelpunten in de hele keten.
Vraag 8
Hoe wordt momenteel gecontroleerd of meldingen daadwerkelijk leiden tot snelle en
adequate actie om kinderen direct in veiligheid te brengen en klopt het dat ouders
of betrokkenen soms niet of onvoldoende worden geïnformeerd over meldingen en de voortgang
van onderzoeken?
Antwoord 8
Zoals in het antwoord op 7 is opgenomen, constateert de IGJ in het toezicht bij Veilig
Thuis dat de wachtlijsten de afgelopen jaren niet zijn opgelost of verminderd. De
inspectie kan geen algemene uitspraak doen dat ouders of betrokkenen soms niet of
onvoldoende worden geïnformeerd over de meldingen en de voortgang van onderzoeken.
Als een melding of onderzoek op een wachtlijst komt dan kan het zijn dat ouders of
betrokkenen een periode niets horen van Veilig Thuis. De IGJ vraagt in het rapport
uit 2024 aandacht voor de gevolgen van het lange wachten voor gezinnen, kinderen,
huishoudens en melders. De IGJ heeft in 20242 alle Veilig Thuis-organisaties de opdracht gegeven zorg te dragen dat er altijd zicht
op de veiligheid is van de kinderen en gezinnen die moeten wachten op Veilig Thuis
als zij dit binnen hun organisatie (nog) niet hebben geregeld.
Ook bespreekt de inspectie haar zorgen met de Veilig Thuis-organisaties, gemeenten,
het LNVT, JZNL, VWS, JenV en de VNG.
Vraag 9
Bent u bereid onafhankelijk onderzoek te laten uitvoeren naar de structurele problemen
binnen Veilig Thuis en de samenwerking tussen Veilig Thuis, jeugdzorg, gemeenten,
politie en andere instanties?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 9
Het is nodig om goed beeld te hebben van structurele problemen binnen Veilig Thuis
en de samenwerking tussen Veilig Thuis en andere organisaties. En daarbij is vooral
dat laatste heel belangrijk: de problemen bij Veilig Thuis staan niet op zichzelf.
Veilig Thuis is een onderdeel van een keten waar het aan alle kanten piept en kraakt.
We zijn daar op verschillende manieren al mee bezig, waarbij het vooral belangrijk
is om de inzichten ook te kunnen vertalen naar verbeteringen en de trajecten goed
op elkaar aan te laten sluiten.
– In het Toekomstscenario Jeugd en gezinsbescherming werken we aan een vernieuwd stelsel
van kind- en gezinsbescherming. Onderdeel daarvan zijn sterke lokale teams die ook
op veiligheid acteren en daarnaast regionale veiligheidsteams met functionaliteiten
van Veilig Thuis, Gecertificeerde Instellingen en de Raad voor de Kinderbescherming.
Centraal staat hierbij hoe de keten als geheel goed werkt en gezinnen eerder en beter
passende hulp en ondersteuning krijgen om onveiligheid zo vroeg mogelijk te signaleren
en opheffen.
– De komst van de Nationaal Coördinator Geweld Tegen Vrouwen moet bijdragen aan een
meer integrale aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld en kindermishandeling.
In een nationaal actieplan moeten alle acties die bijdragen aan het versterken van
de aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld samen komen.
– Vervolg op het houdbaarheidsonderzoek van de Wmo: de wettelijke basis van Veilig Thuis
ligt in de Wmo. In het kader van het houdbaarheidsonderzoek Wmo naar de noodzakelijke
aanpassingen voor de basisvereisten voor de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling.
Door meer basisvereisten wettelijk vast te leggen, willen we bijdragen aan een meer
eenduidige lokale inrichting. Samen met Het Landelijk Netwerk Veilig Thuis, de VNG,
het Ministerie van JenV en ook de Inspectie Gezondheidszorg Jeugd onderzoeken we hoe
we de wettelijke basis kunnen aanpassen, welke kwaliteitseisen nodig zijn en hoe we
daarmee ook kunnen zorgen voor meer uniformiteit
In het hier en nu zijn we samen met het Landelijk Netwerk Veilig Thuis, de VNG en
het Ministerie van Justitie en Veiligheid continu aan het kijken welke knelpunten
door de Veilig Thuis organisaties, ketenpartners en vooral de professionals, omstanders
en betrokkenen zelf worden ervaren en wat daar in het hier en nu in verbeterd kan
worden. Bijvoorbeeld in de aanpak van wachtlijsten wordt ingezet op in op het verbeteren
van de werkprocessen zoals bijvoorbeeld het werken met doorbraakteams die alleen bezig
zijn met het oppakken van nieuwe meldingen. Ook zet Veilig Thuis in op digitalisering
en het gebruik van AI waar dat kan, het uitbreiden van de chatfunctie naar 24 uur
per dag en 7 dagen per week, het verbeteren van samenwerkingsafspraken met de netwerkorganisaties
en het werven van nieuwe medewerkers. Daarnaast probeert Veilig Thuis signalen eerder
op te vangen door meer aanwezig te zijn op vindplekken (zoals scholen, huisartsenpraktijken,
buurtcentra) zodat professionals direct ondersteund kunnen worden. Ook is de afgelopen
jaren gezorgd voor versterking van de advies- en ondersteuningsfunctie om vroegtijdig
hulp te kunnen bieden. We zien dit ook terug in de cijfers: er is de afgelopen jaren
een sterke stijging van het aantal adviesvragen bij Veilig Thuis.
Vraag 10
Welke concrete maatregelen, extra middelen, bevoegdheden of wetswijzigingen gaat u
nemen om ervoor te zorgen dat ernstige meldingen direct prioriteit krijgen en te voorkomen
dat kinderen opnieuw slachtoffer worden van langdurige mishandeling door falend toezicht?
Vraag 10
Zoals hierboven al aangegeven zijn we op verschillende manieren aan het kijken hoe
we zowel in het hier en nu als in de toekomst de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling
kunnen verbeteren. We kijken naar zowel de mogelijkheden op maatregelen, middelen,
bevoegdheden en wetswijzigingen. Deze trajecten vragen helaas wel tijd, maar ik doe
al het mogelijke om dit zo snel mogelijk te realiseren.
Ondertekenaars
W.R.C. Sterk, minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.