Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Straatman over het bericht 'COA mag pendelbus asielboot niet stopzetten en gaat in gesprek met gemeente over toekomst'
Vragen van het lid Straatman (CDA) aan de Minister van Asiel en Migratie over het bericht «COA mag pendelbus asielboot niet stopzetten en gaat in gesprek met gemeente over toekomst» (ingezonden 21 april 2026).
Antwoord van Minister Van den Brink (Asiel en Migratie) (ontvangen 29 juni 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1901.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «COA mag pendelbus asielboot niet stopzetten en gaat
in gesprek met gemeente over toekomst»?1
Antwoord 1
Ja
Vraag 2, 3 en 4
Klopt het dat er op dit moment nog een pendelbus rijdt van en naar de asielopvanglocatie
MS Galaxy en dat deze vanaf mei wordt geschrapt?
Klopt het dat de pendelbus oorspronkelijk was bedoeld voor naar school gaande kinderen,
maar dat deze doelgroep inmiddels niet meer woont op het asielschip?
Kunt u inzichtelijk maken in welke mate momenteel gebruik wordt gemaakt van de pendelbus?
Antwoord 2, 3 en 4
Na gesprekken tussen het COA en de gemeente heeft het COA in april 2026 besloten om
de pendelbus langs de lopende afspraken uit de bestuursovereenkomst in te blijven
zetten ter bevordering van de bereikbaarheid van de locatie. Alle bewoners van de
locatie kunnen hier gebruik van maken en zijn hierover geïnformeerd. Het gebruik van
de bus is conform de gemaakte afspraken altijd mogelijk geweest voor de gehele groep
bewoners. Onder de gebruikers bevonden zich ook schoolgaande kinderen. Deze doelgroep
woont inmiddels niet meer op het asielschip. Het COA houdt centraal geen registratie
bij van het aantal bewoners dat gebruik maakt van de pendelbus. Operationeel wordt
echter gemonitord en geëvalueerd of de pendelbus aansluit bij een behoefte van de
bewoners en of deze nodig is voor de bereikbaarheid van de COA locatie. Hieruit blijkt
dat de pendelbus op dit moment nodig is.
Vraag 5
Hoe is de financiering van de pendelbus opgebouwd en hoeveel kost deze bus per maand?
Betaalt het Rijk mee aan deze pendelbus?
Antwoord 5
De inzet van de pendelbus is onderdeel van gemaakte afspraken tussen het COA en de
gemeente rondom opvang van bewoners op de boot. Het COA zet publieke middelen zo doelmatig
en efficiënt in als mogelijk is. Juist ter bevordering daarvan worden onderliggende
financiële afspraken niet geopenbaard. De pendelbus wordt gefinancierd uit het COA-kader
voortkomend uit de rijksbegroting.
Vraag 6
Kunt u aangeven wat het standpunt van de gemeente Amsterdam betekent voor de (toekomst
van de) opvangplekken op de opvanglocatie, nu de gemeente tegen het Centraal Orgaan
opvang asielzoekers (COA) heeft gezegd dat de pendelbus behouden moet blijven?
Antwoord 6
Zoals aangegeven is de pendelbus onderdeel van de bestuursovereenkomst met het COA
en zijn het COA en de gemeente gekomen tot een passende oplossing. Op operationeel
niveau evalueren het COA en de gemeente periodiek of de inzet van de pendelbus in
een behoefte voorziet en of deze noodzakelijk is voor de bereikbaarheid van de COA
locatie.
Vraag 7
Kunt u uiteenzetten welke juridische verplichtingen bestaan om de bereikbaarheid van
een opvanglocatie te borgen en in hoeverre die verplichtingen noodzakelijkerwijs neerkomen
op een aparte pendelbus in plaats van regulier Openbaar Vervoer (OV) of andere voorzieningen?
Antwoord 7
Er bestaat geen expliciete wettelijke norm die de bereikbaarheid van opvanglocaties
met ov en/of alternatief vervoer vastlegt. Goede bereikbaarheid is echter wel onderdeel
van het COA plan van eisen. In de praktijk wordt dit geborgd via de lokale vergunningverlening
en het omgevingsrecht aangevuld met bestuurlijke afspraken tussen gemeente, vervoerder
en COA. De kern is dat bewoners en bezoekers de locatie redelijkerwijs moeten kunnen
bereiken.
Vraag 8
Bent u het eens met de stelling dat alleen in uitzonderlijke gevallen pendelbussen
ingezet moeten worden en dat zoveel als mogelijk voor asielzoekers dezelfde voorzieningen
moeten gelden als voor Nederlanders?
Antwoord 8
Het heeft de voorkeur dat asielopvang voldoende bereikbaar is zonder inzet van een
pendelbus. Het is echter van primair belang dat opvang kan worden geboden aan iedereen
die daar recht op heeft. De inzet van noodopvang zoals de Galaxy in Amsterdam, in
dit geval inclusief afspraken over bereikbaarheid en mobiliteit, is daarom voorlopig
noodzakelijk vanwege de grote druk op de asielopvang. Het inzetten van een pendelbus
is echter ook bij dit soort noodopvang geen standaardpraktijk. Alleen wanneer de bereikbaarheidssituatie
geen andere mogelijkheden biedt wordt deze optie overwogen.
Ondertekenaars
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.