Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Zweden krijgt omstreden wet voor snellere uitzetting overlastgevende migranten’
Vragen van het lid Lammers (Groep Markuszower) aan de Minister van Asiel en Migratie over het bericht «Zweden krijgt omstreden wet voor snellere uitzetting overlastgevende migranten» (ingezonden 17 juni 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht dat het Zweedse parlement op maandag 15 juni 2026 heeft
ingestemd met de zogenoemde «goed-gedragwet», op grond waarvan autoriteiten verblijfsvergunningen
kunnen intrekken wegens wangedrag?1
Vraag 2
Bent u het eens met de stelling dat dit een goed en voorbeeldwaardig voorstel is?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Deelt u de opvatting dat vreemdelingen die zich misdragen, schulden veroorzaken, zwart
werken, belasting ontduiken of banden onderhouden met extremistische organisaties
hun verblijfsrecht in geen geval mogen behouden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4
Kunt u exact uiteenzetten op welke punten deze Zweedse wet verder gaat dan de huidige
Nederlandse wet- en regelgeving en daarbij per onderdeel aangeven waarom Nederland
op dit punt achterblijft?
Vraag 5
Kunt u aangeven waarom landen als België, Duitsland en Zweden veel verdergaande maatregelen
kunnen nemen, terwijl de partijleider van het CDA, de heer Bontebal, stelt: «Je kunt
niet veel meer doen dan wij als Nederland nu hebben gedaan»?
Vraag 6
Kunt u aangeven hoeveel vreemdelingen in Nederland onder een regeling naar Zweeds
voorbeeld zouden vallen, uitgesplitst naar lopende vergunningsaanvragen en reeds verleende
verblijfsvergunningen?
Vraag 7
Indien exacte cijfers ontbreken, kunt u dan een onderbouwde inschatting geven en toelichten
waarom deze cijfers niet beschikbaar zijn?
Vraag 8
Welke reden heeft u om een vergelijkbaar wetsvoorstel niet op de kortst mogelijke
termijn naar de Kamer te sturen?
Indieners
-
Gericht aan
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie -
Indiener
Annelotte Lammers, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.