Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Ellian over het bericht 'Merz bij bezoek Syrische president: '80 procent van Syriërs zal terugkeren
Vragen van het lid Ellian (VVD) aan de Minister van Asiel en Migratie over het bericht «Merz bij bezoek Syrische president: «80 procent van Syriërs zal terugkeren»» (ingezonden 1 april 2026).
Antwoord van Minister Van den Brink (Asiel en Migratie) (ontvangen 16 juni 2026)Zie
ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1711
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Merz bij bezoek Syrische president: «80 procent van
Syriërs zal terugkeren»»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoeveel Syrische asielzoekers en statushouders verbleven op 1 maart 2026 in Nederland?
Antwoord 2
Het totaal aantal Syrische asielzoekers per 1 april is 17.310.
Het totaal aantal Syrische statushouders per 1 april is 76.200.
Vraag 3
Hoeveel Syrische statushouders hadden op 1 maart 2026 een verblijfsvergunning asiel
voor bepaalde tijd?
Antwoord 3
Het gaat om 70.840 personen, per 1 april 2026.
Vraag 4
Hoeveel Syrische statushouders hadden op 1 maart 2026 een verblijfsvergunning asiel
voor onbepaalde tijd?
Antwoord 4
Dit betreft 5.360 personen per 1 april 20262.
Vraag 5
Wat is op dit moment het beleid ten aanzien van openstaande asielaanvragen van Syriërs?
Hoe zorgt u ervoor dat deze aanvragen zoveel mogelijk worden afgewezen?
Antwoord 5
Een asielaanvraag wordt op basis van de individuele merites van de zaak beoordeeld.
In het geval van Syrië wordt daarbij gebruik gemaakt van het landgebonden asielbeleid.
Landgebonden asielbeleid komt zorgvuldig tot stand op basis van actuele, feitelijke
informatie over een land van herkomst. Op 22 april jl. heb ik uw Kamer geïnformeerd
over enkele wijzigingen in het landenbeleid Syrië. Voor heel Syrië blijft de laagste
gradatie van artikel 15c aangewezen. Voor druzen heb ik een risicoprofiel aangewezen,
naast de al aangewezen risicoprofielen voor LHBTIQ+ en alawieten. Het algemene uitgangspunt
dat in Syrië in het algemeen geen sprake is van een binnenlands beschermingsalternatief,
is komen te vervallen.
Vraag 6
Bent u op dit moment actief bezig met het herbeoordelen en intrekken van al afgegeven
asielvergunningen aan Syriërs? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Ook in bovengenoemde brief van 22 april jl. en bijbehorende nota ga ik daarop in.
Daar verwijs ik dan ook naar.
De inzet van dit kabinet blijft, in lijn met de keuze van mijn voorganger, om over
te gaan tot het herbeoordelen van al afgegeven verblijfsvergunningen zodra dat kan,
waarbij ik rekening houd met de uitvoerbaarheid en juridische houdbaarheid. Uit de
EU Kwalificatierichtlijn en de vanaf 12 juni in werking tredende Kwalificatieverordening
en jurisprudentie van het EU Hof van Justitie volgt dat de internationale beschermingsstatus
enkel mag worden verleend aan en voortgezet bij personen die aan de voorwaarden voor
internationale bescherming voldoen. Aan de herbeoordelingen van een verblijfsstatus
worden echter andere juridische voorwaarden gesteld dan de voorwaarden die gelden
voor de beoordeling van asielaanvragen. Uit art. 11 en art. 16 van de Kwalificatierichtlijn,
geïmplementeerd in artikel 3.37g Voorschrift Vreemdelingen, volgt dat bij veranderde
omstandigheden in het land van herkomst beoordeeld wordt of de wijziging van de omstandigheden
een voldoende ingrijpend en niet-voorbijgaand karakter heeft om de gegronde vrees
voor vervolging dan wel het reële risico op ernstige schade weg te nemen.
Uit het algemeen ambtsbericht van januari 2026 blijkt dat de positieve ontwikkelingen
die reeds werden ingezet inzake de ruimte om kritiek te leveren op de overgangsregering
zich door bleven zetten. In algemene zin komt een beeld naar voren uit het ambtsbericht
van een mensenrechtensituatie die, met name in het controlegebied van de overgangsregering,
voldoende ingrijpend verbeterd lijkt te zijn ten opzichte van de situatie ten tijde
van het Assad-regime. Tegelijkertijd wijzen de geweldsuitbarstingen in de kuststreek
in maart 2025 en in Suweida gedurende de verslagperiode van het ambtsbericht van januari
2026, op een gepolariseerde samenleving waar nog veel spanning heerst. Ook de recente
ontwikkelingen in het noordoosten van het land wijzen op een situatie die nog niet
aangemerkt kan worden als «van niet-voorbijgaande aard». Aangezien op basis van de
landeninformatie niet kan worden geconcludeerd dat de veranderde omstandigheden in
het land van herkomst een niet-voorbijgaand karakter hebben, is herbeoordeling conform
de voorwaarden van het Unierecht thans niet aan de orde.
Bij een volgend ambtsbericht zal opnieuw worden bezien of dit wel het geval is. Ik
heb de Minister van Buitenlandse Zaken verzocht om in Q4 een nieuw ambtsbericht te
publiceren, mits de zorgvuldigheid van het onderzoek dit tijdpad toelaat.
Vraag 7 en 8
Bent u op dit moment actief bezig met het vrijwillig en gedwongen terugsturen van
Syriërs die zijn afgewezen of waarvan de verblijfsvergunning is ingetrokken? Zo nee,
waarom niet?
Hoeveel Syriërs zijn tot dusver in 2026 teruggekeerd? Hoeveel van deze Syriërs zijn
vrijwillig teruggekeerd, en hoe vaak is er sprake geweest van gedwongen terugkeer?
Antwoord 7 en 8
Reeds direct na de val van het Assad-regime meldden zich Syriërs bij de Dienst Terugkeer
en Vertrek voor ondersteuning bij terugkeer naar Syrië. De DTenV heeft deze ondersteuning
ook direct geboden. In de eerste maanden ging het daarbij met name om het organiseren
van de daadwerkelijke terugkeer door het boeken en financieren van vliegtickets en
ondersteuning bij het verkrijgen van vervangende reisdocumenten. Naar aanleiding van
de informatie in het ambtsbericht van vorig jaar konden Syriërs ook weer gebruik maken
van de reguliere herintegratieondersteuning. Sinds de val van Assad zijn inmiddels
meer dan 1400 personen3 vrijwillig teruggekeerd naar Syrië. Onder de personen die vrijwillig zijn teruggekeerd
zitten zowel personen die nog in afwachting zijn van een beslissing op hun asielaanvraag,
personen zonder verblijfsrecht en personen in bezit van een vergunning voor (on)bepaalde
tijd. Gedwongen terugkeer heeft nog niet plaatsgevonden. Wel blijven we in gesprek
met de Syrische autoriteiten over het mogelijk maken van terugkeer, zowel gedwongen
als vrijwillig. Nederland heeft hier in Damascus reeds op politiek en hoogambtelijk
niveau gesprekken over gevoerd met de Syrische autoriteiten. Daarnaast draagt Nederland
bij aan het verbeteren van sociaaleconomische omstandigheden en de veiligheidssituatie
in Syrië zodat Syriërs die terugkeren ook duurzaam kunnen re-integreren.
Tijdens het IMRF heeft Nederland samen met Syrië een bijeenkomst georganiseerd over
de vraag hoe terugkeer de wederopbouw kan ondersteunen en hoe reconstructie-inspanningen
op hun beurt duurzame terugkeer mogelijk maken. De komende tijd zal de dialoog met
Syrië worden voortgezet om samen tot concrete mogelijkheden voor samenwerking te komen.
Vraag 9 en 10
Deelt u de mening dat, in navolging van de uitspraken van de Duitse bondskanselier
Friedrich Merz, het herbeoordelen van afgegeven verblijfsvergunningen van Syriërs
moet worden geïntensiveerd? Zo nee, waarom niet?
Deelt u de mening dat, in navolging van de uitspraken van Merz, hierbij versneld moet
worden gewerkt aan de terugkeer van overlastgevende en criminele Syriërs, en van Syriërs
die niet goed zijn geïntegreerd? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 9 en 10
Bij mijn brief d.d. 22 april 2026 heb ik uw Kamer geïnformeerd over het landenbeleid
Syrië. In deze brief heb ik u laten weten dat het de inzet van het Kabinet is om tot
herbeoordelen over te gaan zodra dat kan maar dat dit op dit moment nog niet aan de
orde is. Ik heb de Minister van Buitenlandse Zaken verzocht opnieuw onderzoek te verrichten
naar de situatie in Syrië en daarover eind dit jaar een nieuw ambtsbericht te publiceren.
Aan de hand van dit ambtsbericht zal worden bezien of de situatie in Syrië dermate
is ontwikkeld dat er tot herbeoordelen overgegaan kan worden.
Nederland onderschrijft het door Duitsland benoemde belang van terugkeer van Syriërs.
Daarbij ziet Nederland dat het investeren in wederopbouw een positieve bijdrage kan
leveren aan (vrijwillige) terugkeer. Verder onderkent Nederland, net als Duitsland,
dat de terugkeer van Syriërs een gunstige invloed kan hebben op het realiseren van
wederopbouw. Het kabinet zet daarom in op het vrijwillig laten terugkeren van grote
aantallen Syriërs, zoals ook nader toegelicht in mijn brief aan uw Kamer van 24 april
jl4.
Overlastgevend gedrag van asielzoekers is per definitie onaanvaardbaar. Daarom geven
we in algemene zin ook prioriteit aan overlastgevers in het terugkeerproces. Nederland
zet in dat verband ook in op terugkeer van vertrekplichtige Syrische vreemdelingen.
Vraag 11
Onderschrijft u ook de doelstelling om binnen 3 jaar 80% van de Syrische vluchtelingen
vrijwillig of gedwongen te laten terugkeren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 11
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 10, zet het kabinet in op het laten vertrekken
van zoveel mogelijk Syriërs. Het hanteert daarbij geen streefgetallen of -percentages.
Vraag 12 en 13
Bent u bereid om vrijwillige terugkeer van Syrische statushouders met een verblijfsvergunning
voor onbepaalde tijd zoveel mogelijk te stimuleren? Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid om te onderzoeken of het Nederlandse bedrijfsleven een rol kan spelen
bij de wederopbouw van Syrië, waarbij dit beleid gekoppeld kan worden aan het terug
laten keren van Syrische vakkrachten die bij de wederopbouw kunnen helpen? Zo nee,
waarom niet?
Antwoord 12 en 13
Zoals aangegeven in het antwoord op de vragen 7 en 8 zijn er reeds mogelijkheden voor
ondersteuning bij vrijwillige terugkeer naar Syrië. Deze ondersteuning staat ook open
voor personen met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd.
Samen met Buitenlandse Zaken, andere EU-lidstaten en internationale organisaties wordt
gekeken hoe Syrië verder kan worden ondersteund bij de wederopbouw. Daarin zal ook
nadrukkelijk de mogelijkheid van het bedrijfsleven in Nederland en de EU worden meegenomen
alsmede de inzet van de Syrische diaspora.
Ondertekenaars
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.