Schriftelijke vragen : De beantwoording op 24 april van schriftelijke vragen over het bericht ‘Gebruik van de C7NLD door het Russische Vrijwilligerskorps’
Vragen van het lid Dobbe (SP) aan de Ministers van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en van Buitenlandse Zaken over de beantwoording op 24 april van schriftelijke vragen over het bericht «Gebruik van de C7NLD door het Russische Vrijwilligerskorps» (ingezonden 27 mei 2026).
Vraag 1
Welke stappen heeft u ondernomen om, ondanks de complexe situatie waar u naar verwijst
in uw beantwoording op 24 april, te verifiëren of de berichtgeving van Left Laser1, 2 klopt dat Nederlandse wapens in handen van een Russische extreemrechtse militie terecht
zijn gekomen? Kunt u specifiek aangeven wat u hebt gedaan en wanneer u dat heeft gedaan
om te achterhalen of de berichtgeving klopt?
Vraag 2
Bent u bereid om nader te onderzoeken of de berichtgeving van Left Laser klopt dat
Nederlandse wapens in handen van een Russische extreemrechtse militie terecht zijn
gekomen of nog steeds komen? Graag een toelichting.
Vraag 3
Heeft u redenen om aan te nemen dat de berichtgeving van Left Laser niet zou kloppen?
Zo ja, hoe weerlegt u de bewijsvoering binnen die berichtgeving van Left Laser dat
Nederlandse wapens in handen komen van in ieder geval een Russische extreemrechtse
militie? Graag een toelichting.
Vraag 4
Op basis van de berichtgeving en geleverde bewijzen door Left Laser, deelt u de mening
dat er in ieder geval een risico bestaat dat Nederlandse wapens terechtkomen bij het
Russische Vrijwilligerskorps? Zo niet, kunt u dat onderbouwen? Zo wel, deelt u de
mening dat er geen risico mag bestaan dat Nederlandse wapens in handen komen van extreemrechtse
milities? Hoe verhoudt zich dit blootgelegde risico tot de Nederlandse wapenexportcriteria?
Vraag 5
Indien u de berichtgeving van Left Laser niet kunt ontkrachten, waarom schrijft u
dan in de antwoorden van 24 april: «het kabinet heeft geen eigenstandige informatie
dat Oekraïne deze voorwaarden schendt», aangezien dit impliceert dat u over voldoende
informatie beschikt om vast te stellen dat Oekraïne de voorwaarden niet schendt? Op
basis van welke informatie baseert u dit?
Vraag 6
Kunt u inzage geven in de toetsing van het EU Gemeenschappelijk Standpunt inzake wapenexportcontrole
(2008/944/GBVB), zoals deze is opgenomen in de uitvoervergunning, van de leveringen
die mogelijk in handen zijn gevallen van het Russische Vrijwilligerscorps?
Vraag 7
Hoe verhoudt zich het gebruik van Nederlandse wapens door het Russische Vrijwilligerskorps
tot de eindgebruikersverklaring ondertekend door de Oekraïense autoriteiten waarin
zij verklaren de enige gebruiker van de goederen te zijn en deze enkel ten behoeve
van zelfverdediging in te zetten?
Vraag 8
Hoe wordt het gebruik van Nederlandse wapens die worden geleverd aan Oekraïne überhaupt
door Nederland gecontroleerd?
Vraag 9
Hoe onderzoekt en controleert u signalen van oneigenlijk gebruik van geleverde Nederlandse
militaire goederen aan Oekraïne?
Vraag 10
In de antwoorden van 24 april werd de volgende vraag niet beantwoord: «Aangezien u
als antwoord aan Left Laser schrijft «Voor de rest is het aan Oekraïne hoe militair
gezien het voormalige Nederlandse materieel wordt ingezet en bij welke eenheden»,
vallen hier wat u betreft ook militaire organisaties onder die los staan van het Oekraïense
leger?» Kunt u deze vraag alsnog expliciet beantwoorden?
Vraag 11
In de antwoorden van 24 april werd de volgende vraag niet beantwoord: «Bent u bereid
de Oekraïense regering te verzoeken Nederlandse wapens niet langer aan eenheden te
verschaffen die niet tot het Oekraïense leger behoren en te vragen deze wapens af
te nemen van het Russische vrijwilligerskorps? Zo nee, waarom niet?» Kunt u deze vragen
alsnog expliciet beantwoorden?
Vraag 12
Hoe neemt u verantwoordelijkheid voor het mogelijk bewapenen van het Russische Vrijwilligerskorps
in Oekraïne met Nederlandse wapens?
Vraag 13
Hoe neemt u verantwoordelijkheid voor het ontwapenen van het Russische Vrijwilligerskorps
in Oekraïne?
Vraag 14
Deelt u de mening van Lars Gerdes, vicedirecteur van Frontex, dat er «grote kans»
is op wapensmokkel en dat dit een veiligheidsprobleem voor Europa en de rest van de
wereld kan worden3? Zo ja, wat gaat u doen om dit te voorkomen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 15
Wat doet u om te borgen dat door Nederland geleverde wapens niet terecht komen in
wapensmokkelnetwerken?
Vraag 16
Bent u bereid deze vragen afzonderlijk van elkaar te beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking -
Gericht aan
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken -
Indiener
Sarah Dobbe, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.