Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Ellian over het bericht 'Ook drugscrimineel Lile H. in Roermond ontsnapt tijdens ziekenhuisbezoek'
Vragen van het lid Ellian (VVD) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over het bericht «Ook drugscrimineel Lile H. in Roermond ontsnapt tijdens ziekenhuisbezoek» (ingezonden 27 maart 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Van Bruggen (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 24 april
2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1657.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Ook drugscrimineel Lile H. in Roermond ontsnapt tijdens
ziekenhuisbezoek»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Wat is volgens u de verklaring voor deze ernstige ontsnappingsincidenten in korte
tijd?
Antwoord 2
De twee genoemde incidenten waarbij gedetineerden zich tijdens het vervoer door de
Dienst Vervoer en Ondersteuning (DV&O) van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI)
naar een ziekenhuis aan het toezicht hebben onttrokken, zijn twee op zichzelf staande
incidenten. Beide incidenten worden door DJI op dit moment nader onderzocht.
Vraag 3
Klopt het dat sinds de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) uitspraak
van 7 januari 2022 ongeboeid vervoer bij de Dienst Vervoer en Ondersteuning (DV&O)
het uitgangspunt is?2
Antwoord 3
Naar aanleiding van meerdere uitspraken waaronder de genoemde uitspraak van de Raad
voor Sanctietoepassing en Jeugdbescherming (RSJ), wordt een justitiabele tijdens het
vervoer in beginsel niet geboeid. Indien de DV&O op basis van een risicoanalyse voorafgaand
aan het vervoer de inschatting maakt dat geboeid vervoer noodzakelijk is wordt tot
boeien overgaan. Ook kan dit tijdens het vervoer worden besloten als de justitiabele
zich dusdanig gedraagt dat de inzet van handboeien of andere geweldsmiddelen noodzakelijk
wordt geacht. Voor de risicoanalyse die voorafgaand aan het vervoer plaatsvindt, wordt
gebruik gemaakt van informatie van de locatie waar de justitiabelen zich bevindt,
van ketenpartners en van informatie die bekend is bij de DV&O, bijvoorbeeld naar aanleiding
van een eerder vervoer.
DJI beziet momenteel of het uitgangspunt ten aanzien van de inzet van handboeien tijdens
het vervoer aangepast dient te worden van een nee tenzij noodzakelijk, naar een ja
tenzij niet noodzakelijk. Voor de zomer van 2026 zal duidelijk zijn of het uitgangspunt
aangepast dient te worden. Indien dat het geval is zal de geweldsinstructie Penitentiaire
Inrichtingen hierop aangepast worden en voorgelegd worden aan de RSJ voor advies.
Vraag 4
Waarom is er in november 2025 voor gekozen om niet langer het hoofd van DV&O, maar
de directeur van een inrichting verantwoordelijk te laten zijn voor het toezicht tijdens
vervoer en tijdens medisch bezoek?
Antwoord 4
Met het aanpassen van de Regeling vervoer Justitiabelen in november 20253 heeft er in de praktijk geen wijziging in de bevoegdheden van de directeur van de
inrichting of de directeur DV&O plaats gevonden. Wel zijn deze bevoegdheden in de
betreffende regeling verduidelijkt. In de wetssystematiek kennen we alleen het handelen
namens de directeur van de inrichting en namens de Minister (voor enkele specifieke
taken). In de Penitentiaire beginselenwet is opgenomen dat de directeur van de inrichting
zorgdraagt voor de overbrenging van de gedetineerde naar een ziekenhuis of andere
instelling voor een medische behandeling.4 Dit impliceert dat de directeur van de inrichting verantwoordelijk is voor de beslissing
over aanwezigheid van beveiligers bij het bezoek. Op grond van artikel 19 van de Regeling
vervoer justitiabelen is de directeur DV&O namens de directeur van de inrichting bevoegd.
Daarmee is de directeur DV&O verantwoordelijk voor de belangenafweging en beslissing
of beveiligers al dan niet in de behandel- of spreekkamer aanwezig zijn tijdens de
behandeling van een justitiabele door een arts buiten de inrichting.
Vraag 5
Hoeveel onttrekkingen en pogingen daartoe zijn er geweest per maand tijdens vervoer
in 2024, 2025 en 2026 met daarbij een onderscheid tussen (pogingen tot) onttrekkingen
tijdens geboeid en ongeboeid vervoer?
Antwoord 5
In 2024 zijn er 5 (pogingen tot) onttrekking geweest. 2 daarvan betreffen daadwerkelijke
onttrekkingen.
In 2025 zijn er 7 (pogingen tot) onttrekking geweest. 4 daarvan betreffen daadwerkelijke
onttrekkingen.
In 2026 zijn er 3 (pogingen tot) onttrekking geweest tot en met 15 april 2026. 2 daarvan
betreffen daadwerkelijke onttrekkingen.
Bij alle pogingen tot onttrekkingen was er sprake van ongeboeid vervoer.
Vraag 6
Waarom wordt, gelet op het bepaalde in artikel 10 Geweldsinstructie Penitentiaire
Inrichtingen, niet als uitgangspunt genomen dat gedetineerden geboeid vervoerd worden?
Antwoord 6
Zoals bij vraag 3 is aangegeven beziet DJI momenteel of het uitgangspunt aangepast
dient te worden.
Vraag 7
Bent u bereid om per omgaande te realiseren dat geboeid vervoer wederom het uitgangspunt
wordt? Zo nee, waarom bent u dan niet bereid om risico’s voor de samenleving en de
medewerkers van DV&O te beperken?
Antwoord 7
Zoals bij de beantwoording van vraag zes is aangegeven beziet DJI momenteel of het
uitgangspunt ten aanzien van de inzet van handboeien aangepast dient te worden. Vooruitlopend
hierop zal het uitgangspunt niet worden aangepast. Reden hiervoor is dat hiervoor
regelgeving aangepast dient te worden. Daarnaast heeft het aanpassen van het uitgangspunt
naast de impact die dit heeft op de justitiabelen, ook impact op de medewerkers en
dient daarom voorgelegd dient te worden aan de Ondernemingsraad.
Wel wordt vooruitlopend op de aanpassing van het uitgangspunt bekeken of en hoe de
bestaande juridische ruimte benut kan worden zodat eerder tot het gebruik van handboeien
kan worden overgegaan. De uitkomsten van de in vraag 2 genoemde onderzoeken worden
hierin meegenomen.
Vraag 8
Wat vindt u ervan dat gedetineerden sinds november 2025 zonder enige vorm van toezicht
contact kunnen hebben tijdens een medisch bezoek?
Antwoord 8
De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) heeft in diverse uitspraken
geoordeeld dat de bepaling waarin stond dat een medisch onderzoek altijd in het bijzijn
van de transportbegeleider plaatsvindt zich niet verhoudt tot het beginsel van de
geheimhoudingsplicht van de arts dat in diverse (internationale) regelgeving is vastgelegd.
Deze uitspraken hebben tot wijziging van artikel 19 van de Regeling vervoer justitiabelen
geleid. Volgens de beroepscommissie dient het uitgangspunt bij een bezoek van een
justitiabele aan een arts te zijn dat er geen toezichthoudend personeel aanwezig is
in de behandel- of spreekkamer. Op dit uitgangspunt wordt slechts een uitzondering
gemaakt indien de aanwezigheid van personeel in de behandel- of spreekkamer uit veiligheidsoverwegingen
strikt noodzakelijk is. De aanwezigheid van toezichthoudend personeel wordt bepaald
op basis van een zelfstandige belangenafweging tussen enerzijds het individuele belang
van de justitiabele bij raadpleging van/behandeling door een arts zonder dat daarbij
toezichthoudend personeel aanwezig is en anderzijds het algemene belang van handhaving
van de orde en veiligheid dan wel van een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming.
In het kader van deze belangenafweging maakt DV&O vooraf een risicoprofiel van de
justitiabele ten behoeve van de veiligheid.
Vraag 9
Wat gaat u doen om ervoor te zorgen dat voortgezet crimineel handelen tijdens medische
bezoeken niet kan plaatsvinden?
Antwoord 9
Zoals bij de beantwoording van vraag acht is aangegeven, kan toezichthoudend personeel
aanwezig zijn in de behandel- of spreekkamer indien dit vanuit veiligheidsoverwegingen
strikt noodzakelijk is. Het risico op voortgezet crimineel handelen vanuit de justitiabelen,
maakt onderdeel uit van het risicoprofiel dat wordt opgemaakt ten behoeve van de belangenafweging.
Vraag 10
Wanneer wordt eindelijk het wetsvoorstel strafbaarstelling zelfbevrijding en onttrekking
aan elektronisch toezicht naar de Raad van State gestuurd?
Antwoord 10
Er wordt gewerkt aan een wetsvoorstel dat strekt tot het strafbaar stellen van zelfbevrijding
uit een penitentiaire inrichting, tbs-kliniek en justitiële jeugdinrichting. Daarnaast
voorziet het wetsvoorstel in een strafbaarstelling van het onttrekken aan elektronisch
toezicht (de enkelband) in het Wetboek van Strafrecht. Op 19 september van 2025 is
het wetsvoorstel in consultatie gegeven. De consultatieadviezen en uitvoeringstoetsen
worden momenteel verwerkt. Na deze verwerking kan de volgende stap in het wetgevingsproces
worden gezet, dat wil zeggen het vragen van advies aan Raad van State voor advies.
Ik verwacht uw Kamer hier voor de zomer van 2026 over te informeren.
Ondertekenaars
K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.