Schriftelijke vragen : Buitenproportionele eisen voor vrijwilligers in de traditionele scheepvaart
Vragen van het lid Boelsma-Hoekstra (CDA) aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat over buitenproportionele eisen voor vrijwilligers in de traditionele scheepvaart (ingezonden 17 april 2026).
Vraag 1
Kunt u, in aanvulling op uw eerdere beantwoording van schriftelijke vragen op hetzelfde
onderwerp, een nadere duiding geven van de kosten die gepaard gaan met de vereiste
van het bezig van het kwalificatiecertificaat schipper? Kunt u in ieder geval ingaan
op welke kosten gepaard gaan met een verplichte tweejaarlijkse medische keuring?1
Vraag 2
Kunt u aangeven welke punten in de genoemde gesprekken met de vertegenwoordiging van
de Enterse Zompen en het praambedrijf in Leeuwarden naar voren gebracht zijn, en hoe
hier vervolgens opvolging aan gegeven is?
Vraag 3
Klopt het dat in de Richtlijn (EU) 2017/2397 is bepaald dat lidstaten personen die
uitsluitend actief zijn op nationale binnenwateren, die niet in verbinding staan met
het vaarwegennet van een andere lidstaat, kunnen vrijstellen van de in de richtlijn
opgenomen verplichtingen? Kunt u aangeven of is overwogen om van deze mogelijkheid
gebruik te maken? En indien ja, waarom hier niet toe besloten is?
Vraag 4
Klopt het dat binnen dezelfde richtlijn de mogelijkheid wordt geboden om een kwalificatiecertificaat
af te geven onder afwijkende voorwaarden, mits daarmee een afdoende veiligheidsniveau
wordt gewaarborgd? Kunt u aangeven of is overwogen om van deze mogelijkheid gebruik
te maken? En indien ja, waarom hier niet toe besloten is?
Vraag 5
Bent u het ermee eens dat met een combinatie van een Klein Vaarbewijs en een intern
verzwaarde praktijkopleiding een passend veiligheidsniveau gewaarborgd kan worden?
Indieners
-
Gericht aan
V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Luciënne Boelsma-Hoekstra, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.